Zoekresultaten 12561-12570 van de 48123 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:165 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-701/DB/LI

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:89 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/0001

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2021:28 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2020/27

    Klacht tegen cosmetisch arts. Klaagster onderging in 2017 een liposuctiebehandeling, uitgevoerd door beklaagde. Klaagster is ontevreden over de behandeling en het resultaat. Zij verwijt beklaagde – samengevat – dat hij zich niet heeft gehouden aan diverse afspraken die voorafgaand aan de ingreep zijn gemaakt. Zo was een collega van beklaagde actief betrokken bij de ingreep volgens klaagster, terwijl ze had afgesproken dat alleen beklaagde de ingreep en het hechten mocht uitvoeren. Voorts verwijt klaagster beklaagde dat hij onvoldoende informatie over de behandeling heeft verstrekt, onvoldoende pijnstilling heeft gegeven, geen goede nazorg heeft verleend en klaagster geen inzage heeft verleend in het volledige medisch dossier. Het college is van oordeel dat de juistheid van de verwijten niet vast is komen te staan. De klacht wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:162 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-224/DB/LI

    Raadsbeslissing. Klacht over kwaliteit dienstverlening. Verweerder heeft afspraken met klager niet schriftelijk bevestigd. Hierdoor kan achteraf niet meer worden vastgesteld welke afspraken er tussen verweerder en klager zijn gemaakt en of verweerder klager heeft geïnformeerd over de afgesproken werkzaamheden. Deze onduidelijkheid komt voor risico van verweerder. Door dit niet te doen en klager ook daarna niet schriftelijk op de hoogte te houden over de stand van zaken heeft verweerder niet alleen in strijd gehandeld met gedragsregel 16, maar ook met hetgeen in de gegeven omstandigheden van een redelijk bekwame en redelijk handelende advocaat mag worden verwacht. Geen sprake van een onredelijk honorarium. Klacht gegrond. Berisping en proceskostenveroordeling

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:163 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-893/DB/OB

    Verzetbeslissing. Verzetgronden slagen niet. Voorzitter heeft de juiste maatstaf toegepast en rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2021:164 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 21-015/DB/ZWB

    Verzetbeslissing. Verzetgronden slagen niet. Voorzitter heeft de juiste maatstaf toegepast en rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:192 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-360/AL/OV/D

    Dekenbezwaar. De raad verklaart het dekenbezwaar gegrond. Verweerder heeft niet, dan wel te laat voldaan aan een aantal verzoeken van de deken. Verweerder heeft daarmee de deken belemmerd in zijn toezichthoudende taak. De raad legt aan verweerder een waarschuwing en een voorwaardelijke geld boete op en stelt als bijzondere voorwaarde dat verweerder stukken aan de deken ter beschikking zal stellen en zal voldoen aan het verzoek van de deken met betrekking tot zijn kantoorwebsite.

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:193 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-536/AL/GLD/D

    Dekenbezwaar. De raad is van oordeel dat door een aantal privégedragingen van verweerder het vertrouwen in de advocatuur wordt geschaad en deze gedragingen voor een advocaat in het licht van zijn beroepsuitoefening absoluut ongeoorloofd moet worden geacht. Met betrekking tot de oplegging van een maatregel heeft de raad rekening gehouden met de ernst van de feiten en met een aantal persoonlijke omstandigheden. De raad legt een voorwaardelijk schorsing op voor de duur van twaalf weken en stelt als bijzondere voorwaarde dat verweerder zich niet schuldig maakt aan soortgelijke privégedragingen als in de onderhavige klachtzaak.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:212 Raad van Discipline Amsterdam 21-531/AL/NN/D

    Toewijzing van een vordering ex artikel 48e van de Advocatenwet. De raad gelast de tenuitvoerlegging van de door het Hof van Discipline bij beslissing van 21 mei 2021 aan verweerder voorwaardelijk opgelegde schorsing in de uitoefening van de praktijk voor de duur van zes weken;

  • ECLI:NL:TADRARL:2021:194 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-532/AL/NN/D

    Dekenbezwaar. In een eerder dekenbezwaar heeft het hof van discipline bij beslissing van 21 mei 2021 verweerder een voorwaardelijke schorsing van zes weken opgelegd en heeft als bijzondere voorwaarde gesteld dat verweerder gehouden is om in het lopende onderzoek van de deken volledige medewerking te verlenen en binnen twee weken na deze beslissing de deken inzage te geven in de door de deken verzochte dossiers. Het onderhavige nieuwe dekenbezwaar ziet er op dat verweerder ook na de beslissing van het hof en na een nieuw verzoek van de deken de dossiers weigert te verstrekken. De raad verklaart het dekenbezwaar gegrond en legt een (onvoorwaardelijke) schorsing voor de duur van twaalf weken op.