Zoekresultaten 12541-12550 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:90 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 150/2020

    Klager werd verdacht van rijden onder invloed. Beklaagde heeft in dit kader onder supervisie van de keurende psychiater (eveneens aangeklaagd) de amnese zelfstandig afgenomen en heeft lichamelijk onderzoek verricht. Naar aanleiding van dit onderzoek werd geconcludeerd dat klager niet rijbevoegd was. Het rijbewijs werd volgens door het CBR ongeldig verklaard.Klager heeft vervolgens een tuchtklacht ingediend tegen beklaagde en de keuringsarts die hem heeft gekeurd. Alle klachtonderdelen zijn destijds door het RTG Zwolle en het CTG ongegrond verklaard.Klager is daarnaast in bezwaar en beroep gegaan bij het CBR. Deze procedures zijn ongegrond verklaard. Hierna is klager in hoger beroep gegaan bij de ABRvS. De ABRvS heeft het hoger beroep gegrond verklaard. Op grond van deze uitspraak moest het CBR een nieuw besluit op bezwaar nemen ten aanzien van de beslissing het rijbewijs van klager ongeldig te verklaren. Het CBR heeft hiervoor nieuwe informatie gevraagd aan beklaagde die deze informatie (samen met de keurend psychiater) heeft gegeven in een brief.Mede op basis van deze informatie heeft het CBR het rijbewijs van klager wederom ongeldig verklaard.In de onderhavige procedure beklaagt klager zich over hetgeen beklaagde in de brief heeft verklaard en staat eveneens de vraag centraal of klager ontvankelijk is in zijn klacht.Klager is ontvankelijk en de klacht wordt getoetst aan de tweede tuchtnorm, die van artikel47, eerste lid, aanhef en onder b wet BIG.Klager is voorts ontvankelijk in zijn klacht, voor zover de klacht zich richt tegen de inhoud van de brief. Voor zover de klacht zich richt tegen de uitvoering van het onderzoek en de totstandkoming van het keuringsonderzoek is klager niet-ontvankelijk op grond van het “ne bis in idem-beginsel”.De klacht wordt ongegrond verklaard voor zover gericht tegen de (inhoud) van de verklaring en klager wordt voor het overige niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:223 Raad van Discipline Amsterdam 21-613/A/A

    Deels gegronde klacht over de eigen advocaat. Het valt verweerster tuchtrechtelijk te verwijten dat zij hetgeen zij met klager heeft besproken niet schriftelijk heeft vastgelegd, waardoor daarover bij klager misverstand heeft kunnen ontstaan. In de gegeven omstandigheden ziet de raad af van het opleggen van een maatregel.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:91 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 151/2020

    Klager werd verdacht van rijden onder invloed. Beklaagde heeft klager in dit kader psychiatrisch onderzoek verricht bij klager en geconcludeerd dat hij niet rijbevoegd was. Het rijbewijs werd volgens door het CBR ongeldig verklaard. Klager heeft vervolgens een tuchtklacht ingediend tegen beklaagde en de keuringsarts die hem heeft gekeurd. Alle klachtonderdelen zijn destijds door het RTG Zwolle en het CTG ongegrond verklaard.Klager is daarnaast in bezwaar en beroep gegaan bij het CBR. Deze procedures zijn ongegrond verklaard. Hierna is klager in hoger beroep gegaan bij de ABRvS. De ABRvS heeft het hoger beroep gegrond verklaard. Op grond van deze uitspraak moest het CBR een nieuw besluit op bezwaar nemen ten aanzien van de beslissing het rijbewijs van klager ongeldig te verklaren. Het CBR heeft hiervoor nieuwe informatie gevraagd aan beklaagde die deze informatie (samen met de keuringsarts) heeft gegeven in een brief.Mede op basis van deze informatie heeft het CBR het rijbewijs van klager wederom ongeldig verklaard.In de onderhavige procedure beklaagt klager zich over hetgeen beklaagde in de brief heeft verklaard en staat eveneens de vraag centraal of klager ontvankelijk is in zijn klacht.Klager is ontvankelijk en de klacht wordt getoetst aan de tweede tuchtnorm, die van artikel47, eerste lid, aanhef en onder b wet BIG.Klager is voorts ontvankelijk in zijn klacht, voor zover de klacht zich richt tegen de inhoud van de brief. Voor zover de klacht zich richt tegen de uitvoering van het onderzoek en de totstandkoming van het keuringsonderzoek is klager niet-ontvankelijk op grond van het “ne bis in idem-beginsel”.De klacht wordt ongegrond verklaard voor zover gericht tegen de (inhoud) van de verklaring en klager wordt voor het overige niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:224 Raad van Discipline Amsterdam 21-118/A/A

    Ongegrond verzet

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:218 Raad van Discipline Amsterdam 21-737/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht van een voormalig advocaat over de deken in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:92 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/0023

    Klacht tegen psychotherapeut. Klaagster is samen met haar – inmiddels – ex-echtgenoot onder behandeling geweest bij de psychotherapeut. De behandeling bestond uit partnerrelatietherapie. De psychotherapeut gaf de ex-echtgenoot ook individuele therapie. Op een bepaald moment heeft klaagster aangifte wegens mishandeling gedaan tegen haar toenmalige echtgenoot en een melding bij Veilig Thuis. De psychotherapeut is gehoord in het kader van de aangifte en de melding. Klaagster verwijt de psychotherapeut onder meer – samengevat – dat hij zonder haar toestemming negatieve uitlatingen over haar heeft gedaan en dat hij de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling niet heeft gevolgd door niet zelf al eerder een melding bij Veilig Thuis te doen. De klacht is gedeeltelijk gegrond. De psychotherapeut krijgt hiervoor een waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:225 Raad van Discipline Amsterdam 21-428/A/NH

    Klacht over de advocaat van de wederpartij deels niet-ontvankelijk vanwege tijdsverloop en deels ongegrond. Niet gebleken dat verweerster niet de-escalerend is opgetreden en verweerster heeft zich niet onnodig grievend over klager uitgelaten.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:219 Raad van Discipline Amsterdam 21-174/A/A

    Klacht tegen advocaat van de wederpartij is ongegrond. Dat verweerster een foto in procedure heeft gebracht waarop de minderjarige dochter van klager staat en dat zij niet heeft gecontroleerd of een medische rapportage naar de advocaat van klager is gestuurd, is ongelukkig/enigszins onzorgvuldig, maar onvoldoende zwaarwegend om verweerster daarvan een tuchtrechtelijk verwijt te maken.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:93 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 215/2020

    Klaagster was in behandeling bij beklaagde in verband met lage rug-/bilklachten. Klaagster verwijt de fysiotherapeut dat hij niet tijdig heeft ingezien dat zij een hernia had. Het college oordeelt dat de fysiotherapeut niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2021:220 Raad van Discipline Amsterdam 21-452/A/A

    Ongegrond verzet