Zoekresultaten 1-10 van de 3821 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:19 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2828

    Klacht tegen een arbo-arts die klaagster heeft begeleid in het kader van verzuimbegeleiding. De arbo-arts werkt onder supervisie van een bedrijfsarts. Klaagster verwijt de arbo-arts in zes klachtonderdelen een onzorgvuldige handelswijze die de re-integratie onnodig heeft vertraagd, en de verhoudingen tussen klaagster en haar werkgever onnodig heeft verstoord, hetgeen niet heeft bijgedragen aan het herstelproces. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:20 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2829

    Klacht tegen een bedrijfsarts. Klaagster verwijt de bedrijfsarts dat hij als superviserend bedrijfsarts van de arbo-arts (C2025/2828) verantwoordelijk is voor de onzorgvuldige handelswijze van de arbo-arts waardoor de re-integratie onnodig is vertraagd, en de verhoudingen tussen klaagster en haar werkgever onnodig zijn verstoord, hetgeen niet heeft bijgedragen aan het herstelproces. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verklaart de klacht deels gegrond en legt de bedrijfsarts een waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2026:21 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2851

    .

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:10 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-046/DB/LI/D

    Dekenbezwaar. Verweerder heeft het onderzoek van de deken gefrustreerd door geen opvolging te geven aan diens informatieverzoeken. De raad acht dit al hoogst kwalijk, maar de wijze waarop verweerder zich in het kader van het onderzoek heeft opgesteld tegenover de deken is meer dan onbehoorlijk. Verweerder heeft geen, of in elk geval onvoldoende respect getoond richting het ambt van de deken. De raad weegt ook mee dat verweerder met zijn wrakingsverzoeken in deze procedure heeft gepoogd een voortvarende behandeling van het dekenbezwaar onmogelijk te maken. Van een integer handelend advocaat wordt anders verwacht. Daar komt bij dat verweerder het vertrouwen in de advocatuur heeft geschaad door tegenover de meervoudige kamer van het gerechtshof ongeloofwaardig te verklaren, terwijl hij onder ede stond. Verweerder heeft geen inzicht getoond in zijn laakbaar handelen. Onvoorwaardelijke schorsing van 12 weken.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:11 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-617/DB/LI

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat bij een Catshuisregeling (KOT)-procedure. De raad acht de strategie van verweerder, gelet op het karakter van de procedures rondom de Catshuisregeling en de daarbij behorende bewijslastverdeling, niet evident onnavolgbaar. Dat verweerder klaagster aan haar lot heeft overgelaten door geen werkzaamheden te verrichten in haar dossier, is voor de raad niet komen vast te staan. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:15 Raad van Discipline Amsterdam 25-848/A/NH

    Voorzittersbeslissing; klaagster heeft geen rechtstreeks belang bij haar verwijten dat verweerster optreedt voor twee partijen die onderling een tegenstrijdig belang zouden hebben en dat verweerster onvoldoende onafhankelijk van haar cliënten zou optreden. In zoverre is de klacht kennelijk niet-ontvankelijk. Voor het overige is de klacht kennelijk ongegrond. Verweerster heeft namens haar cliënten een redelijk doel nagestreefd. Van misbruik van recht is niet gebleken. Het feit dat de aanhangig gemaakte procedures kosten veroorzaken voor klaagster is inherent aan het recht dat iedereen heeft om een procedure aanhangig te maken en levert geen tuchtrechtelijk verwijt op.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:25 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8537

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klagers zijn respectievelijk echtgenoot en nicht van patiënte. Patiënte is op 84-jarige leeftijd aan de gevolgen van kanker overleden. Klagers vinden dat de huisarts patiënte passende medische zorg heeft onthouden en in de laatste fase van haar leven te weinig steun en aandacht heeft gegeven. Het college overweegt dat tussen het moment van diagnose en het overlijden van patiënte - een ruim jaar later - er zeker 30 contactmomenten zijn geweest, telefonisch, met een consult of visite. Niet duidelijk is waar en op welk moment patiënte passende zorg is onthouden. Evenmin blijkt uit het dossier dat de huisarts patiënte in de laatste fase van haar leven te weinig aandacht en steun zou hebben gegeven. Uit het dossier spreekt eerder een grote betrokkenheid van de huisarts bij de patiënte en een proactieve houding.

  • ECLI:NL:TAHVD:2026:17 Hof van Discipline 's Gravenhage 250102

    Klacht over het optreden van de advocaat wederpartij in een familierechtelijk geschil. Klaagster verwijt verweerster dat zij in processtukken willens en wetens onware mededelingen heeft gedaan over klaagster, dat verweerster zich onnodig grievend en neerbuigend over klaagster heeft uitgelaten en dat verweerster zonder toestemming beeldschermafdrukken met persoonlijke informatie heeft gedeeld met derden. Dit heeft volgens klaagster geleid tot onnodige polarisatie tussen haar en haar ex-echtgenoot. De raad van discipline heeft deze klachten ongegrond verklaard. De klacht dat verweerster rechtstreeks contact heeft opgenomen door een e-mail aan klaagster (cc) te sturen, is wel gegrond verklaard. De raad heeft hiervoor evenwel geen maatregel opgelegd. Het Hof van Discipline bekrachtigt het oordeel van de raad ten aanzien van de klachtonderdelen die de raad ongegrond heeft verklaard.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:3 Accountantskamer Zwolle 25/818 Wtra AK

    Klacht van de NBA naar aanleiding van een kantoortoetsing waarin de toetsers een B-oordeel hebben voorgesteld maar de Raad voor Toezicht tot een C-oordeel is gekomen en tot indiening van een tuchtklacht heeft besloten. De Accountantskamer is van oordeel dat het kwaliteitssysteem in opzet wel voldeed, maar niet in werking omdat betrokkene niet had vastgesteld dat de jaarrekening inmiddels gecontroleerd diende te worden en een samenstellingsverklaring heeft afgegeven bij een jaarrekening met tekortkomingen. De Accountantskamer overweegt bij de bepaling van de maatregel onder meer dat indien de Raad voor Toezicht niet van het voorstel van de toetsers was afgeweken, betrokkene een verbeterplan had mogen indienen en tegen hem geen tuchtklacht zou zijn ingediend en volstaat met een berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:16 Raad van Discipline Amsterdam 25-874/A/DH/W

    Wraking kennelijk ongegrond. De beide wrakingsgronden - zowel de voor de behandeling van de zaak gereserveerde tijd als de weigering van de nagezonden stukken - verband houden met processuele beslissingen op basis van het Landelijk Procesreglement voor klachten bij de raden van discipline.