Zoekresultaten 14301-14350 van de 47460 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:236 Raad van Discipline Amsterdam 20-267/A/NH

    Verzet. Geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de beslissing van de voorzitter. Juiste toetsingsmaatstaf toegepast. Geen nieuwe gezichtspunten. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:43 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/21

    Klachtambtenaarzaak. Dierenarts wordt verweten met betrekking tot het afleveren van antibiotica op een varkenvermeerderingsbedrijf niet te hebben gehandeld conform de vigerende wet- en regelgeving en de zorgvuldige beroepsuitoefening. Gegrond. Volgt voorwaardelijke geldboete van € 1.000.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:37 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/61

    Dierenarts wordt verweten bij de partus van een hond onvoldoende begeleiding te hebben geboden. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:237 Raad van Discipline Amsterdam 20-269/A/NH

    Verzet. Geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de beslissing van de voorzitter. Juiste toetsingsmaatstaf toegepast. Geen nieuwe gezichtspunten. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:44 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/51

    Dierenarts wordt verweten met betrekking tot een uitgevoerde castratie bij een hond en daarna opgetreden complicaties nalatig te hebben gehandeld. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:38 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/62

    Dierenarts wordt verweten met betrekking een zieke hond onvoldoende onderzoek te hebben gedaan naar specifieke symptomen als donkerrood gekleurde urine en koorts en een onjuiste diagnose te hebben gesteld. Gegrond, waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:238 Raad van Discipline Amsterdam 20-694/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat in verband met beëindiging werkzaamheden in beide onderdelen kennelijk ongegrond. Niet gebleken van procedurele schade voor klaagster als gevolg van de beslissing van verweerster om haar bemoeienissen te beëindigen. Het enkele feit dat verweerster voorwaarden heeft gesteld om de zaak aan te nemen, betekent niet dat verweerster daardoor beperkt zou zijn in haar mogelijkheid om zich daarna alsnog terug te trekken.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:45 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/1

    Klachtambtenaarzaak. Dierenarts wordt verweten ten aanzien van een kalf en een rund ten onrechte te hebben geconcludeerd dat ze voor noodslachting in aanmerking kwamen en de zogeheten ‘verklaring voor noodslachting’ onjuist en onzorgvuldig te hebben opgemaakt. Klacht ten aanzien van het kalf wordt niet ontvankelijk verklaard. Klacht ten aanzien van het rund gegrond, zonder oplegging van een maatregel.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:39 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/66

    Dierenarts wordt verweten dat hij een maag- en darmoperatie bij een hond onjuist c.q. onzorgvuldig heeft uitgevoerd, dat hij in de nazorg tekort is geschoten en ook anderszins veterinair onjuist en/of nalatig heeft gehandeld. Deels gegrond, berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:239 Raad van Discipline Amsterdam 20-698/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2020:174 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2019.250

    .

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:46 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/44

    Dierenarts wordt verweten tijdens een intakegesprek en ook nadien met betrekking tot een uit het buitenland (St. Maarten) afkomstige hond niet te hebben aangeboden de hond middels een bloedonderzoek op eventueel aanwezige (teken)infecties te controleren, met als gevolg dat een tekeninfectie, Erlichia, niet is onderkend en niet tijdig is behandeld. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:91 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-704/DB/LI

    Advocaat in hoedanigheid van bemiddelaar. Klachten over optreden in december 2014 niet-ontvankelijk. Klacht voor het overige onvoldoende onderbouwd dan wel feitelijk onjuist. Klacht ged. niet-ontv. /ged. kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:40 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/82

    Dierenarts wordt verweten tijdens de operatie van een hond te hebben nagelaten de maag vast te zetten en omtrent die keuze geen consistente verklaring te hebben gegeven, alsmede dat hij eerst na lang aandringen een operatieverslag ter beschikking heeft gesteld. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:34 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/14

    Dierenartsen wordt verweten dat ten aanzien van een kat, die met klachten in het keelgebied kampte, te laat de juiste medicatie is toegepast. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2020:175 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2019.251

    .

  • ECLI:NL:TDIVTC:2020:47 Veterinair Tuchtcollege 's-Gravenhage 2019/22

    Twee dierenartsen wordt verweten dat zij tekort zijn geschoten in de verleende zorg met betrekking tot een hond die was aangereden. De klacht slaagt voor zover deze betrekking heeft op de behandeling van een ontwricht botje in de rechter achterpoot. Beide dierenartsen wordt een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:240 Raad van Discipline Amsterdam 20-705/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat-wederpartij kennelijk ongegrond. Verweerder heeft de komst van de heer H naar de bespreking/bezichtiging op 9 juli 2019 aangekondigd, evenals zijn expertise (constructeur). Dat de heer H vervolgens zijn eigen bevindingen (al dan niet naar aanleiding van de bespreking/bezichtiging van 9 juli 2019) op papier heeft gezet valt verweerder niet tuchtrechtelijk te verwijten. Dat verweerder deze bevindingen vervolgens met de door de rechtbank genoemde deskundige heeft gedeeld acht de voorzitter evenmin tuchtrechtelijk verwijtbaar.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2020:195 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2019.314

    Klager verwijt de aangeklaagde neuroloog: 1. dat hij in zijn brief aan klagers huisarts ten onrechte heeft vermeld dat er sprake was van een herseninfarct. Klager heeft geen herseninfarct gehad, zo heeft de neuroloog van een ander ziekenhuis bij brief verklaard; 2. dat hij op een bepaalde datum, ondanks het verzoek van klagers huisarts tot een second-opinion onderzoek, geen nieuwe MRI-scan heeft gekregen. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2020:145 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/140

    Klaagster dient een klacht in tegen een tandarts, onder meer met het verwijt dat de tandarts onkundig is en onwelwillend is, klaagsters privacy heeeft geschonden, haar onheus heeft bejegend en vanaf het eerste behandelcontact geld heeft laten prevaleren boven klaagsters gezondheid. De tandarts voert verweer. Deels gegrond, beripsing

  • ECLI:NL:TGZCTG:2020:196 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.056

    Klacht tegen psychiater. De Inspectie heeft een klacht ingediend tegen een psychiater met een eigen kinder- en jeugdpsychiatriepraktijk en daarnaast als psychiater werkzaam is bij een justitiële jeugdinrichting. Na een melding over het medicatievoorschrijfbeleid van de psychiater heeft de Inspectie onderzoek gedaan naar het professionele handelen van de psychiater. De Inspectie heeft de psychiater vervolgens een aanwijzing opgelegd. Gedurende de periode van aanwijzing heeft de psychiater zijn praktijk afgebouwd en zijn werkzaamheden bij de jeugdinrichting gestaakt. De klacht gaat over het medicatiebeleid, over het verrichten van onvoldoende en onvolledig psychiatrisch onderzoek en diagnostiek en de dossierplicht. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht gegrond verklaard, zonder een maatregel op te leggen. De Inspectie is in beroep gekomen tegen het achterwege laten van een maatregel. Het Centraal Tuchtcollege legt alsnog als maatregel op een ontzegging van het recht om opnieuw ingeschreven.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2020:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 089/2019

    - Klacht tegen verpleegkundige gegrond. Gecompliceerde bevalling, baby overleden. Tijdens de dienst van beklaagde voortdurend slecht CTG. Na 22.00 uur verdere verslechtering die ingrijpen noodzakelijk maakte. Van een specialistisch verpleegkundige met de kennis en ervaring van beklaagde had verwacht mogen worden dat zij na 22.00 uur opnieuw aandacht had gevraagd bij de gynaecoloog of de arts assistent. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2020:197 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.069

    Klacht tegen internist. De klacht betreft de behandeling van de inmiddels overleden echtgenoot en vader van klagers. Bij patiënt was maagkanker geconstateerd. Verweerder wordt als supervisor verweten dat a) is nagelaten een goede differentiaaldiagnose op te stellen en uit te werken, b) is nagelaten lichamelijk onderzoek door verweerder als supervisor zelf te laten verrichten, c) onvoldoende is gelet op de laboratoriumuitslagen en de gebruikte medicatie, en d) onvoldoende is geluisterd naar de klachten van de patiënt, te weten buikpijn. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in alle onderdelen gegrond verklaard en aan de arts de maatregel van berisping opgelegd. De arts heeft beroep ingesteld tegen deze uitspraak. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de uitspraak en verklaart alle klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2020:54 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 2017

    “Klacht tegen gz-psycholoog, klachtonderdeel over bejegening ongegrond, klachtonderdeel over behandeling minderjarige zonder toestemming van klager als mede gezagdragende ouder gegrond, verweerder heeft in strijd gehandeld met de regels rond het verkrijgen van toestemming, berisping.”

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2020:120 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 255/2019

    Klacht tegen psychotherapeut ongegrond. Niet gebleken dat beklaagde ene diagnose heeft gesteld. Verdere persoonlijke betrokkenheid van beklaagde is niet gebleken. Ondanks herhaald verzoek is patiëntendossier bij de instelling niet in de procedure ingebracht. Dit kan niet aan klager en beklaagde worden tegengeworpen.

  • ECLI:NL:TACAKN:2020:65 Accountantskamer Zwolle 20/416 Wtra AK

    Een accountant wordt verweten dat hij de opdracht om de jaarrekening van klagers samen te stellen op oneigenlijke gronden zou hebben teruggegeven. Dit verwijt treft geen doel. Omdat duidelijk was dat klagers niet wilden instemmen met de door de accountant voorgestelde aanpassingen in de jaarcijfers van klagers, bestond voor de accountant een deugdelijke grond om de opdracht terug te geven. Daarbij heeft de accountant ook voldoende zorgvuldig gehandeld. Het verwijt dat de accountant klagers ten onrechte niet heeft geadviseerd om hun organisatiestructuur aan te passen in verband met de groei van hun onderneming faalt ook. Gelet op de aard en de omvang van de aan de accountant verstrekte opdracht mocht ongevraagde advisering vanuit de accountant zelf niet worden verwacht. Wel kan de accountant worden verweten dat in de jaarrekeningen 2015, 2016 en 2017 van klagers geen wettelijke reserves zijn aangehouden in verband met activering van immateriële vaste activa. De klacht is daarom gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2020:55 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 19106a

    “Klacht tegen gz-psycholoog, klachtonderdelen over inzage in dossier en beëindiging behandelrelatie door verweerder ongegrond, klachtonderdeel over tekortschieten in taak als hoofdbehandelaar gegrond, verweerder heeft onvoldoende invulling gegeven aan zijn regiefunctie, berisping.”

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:90 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-159/DB/LI

    Klager heeft ook in verzet niet aannemelijk gemaakt dat er sprake is van omstandigheden op grond waarvan hij zich niet binnen de in artikel 46 g lid sub a bedoelde termijn tot de deken heeft kunnen wenden. Voorzitter heeft de klacht op juiste gronden niet-ontvankelijk verklaard. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2020:193 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2019.312

    Klager verwijt de aangeklaagde neuroloog dat hij in zijn verslag naar aanleiding van een MRI-scan ten onrechte heeft vermeld dat er sprake is van een herseninfarct. Klager heeft geen herseninfarct gehad zo heeft een neuroloog van een ander ziekenhuis bij brief aan de huisarts van klager verklaard. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2020:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 19106b

    “Klacht tegen psychotherapeut, klachtonderdelen over inzage in dossier en beëindiging behandelrelatie door verweerder ongegrond, klachtonderdeel over tekortschieten in taak als hoofdbehandelaar gegrond, verweerder heeft onvoldoende invulling gegeven aan zijn regiefunctie, berisping.”

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2020:143 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/122

    Klaagster dient een klacht in tegen een tandarts met het verwijt dat hij een ingreep (het trekken van twee verstandskiezen) heeft verricht die niet medisch gezien noodzakelijk was, bij de ingreep gebruik heeft gemaakt van oud beeldmateriaal, zodat hij niet kon weten of de kiezen eruit moesten of niet en dat zij van tevoren niet op de risico's is geweest. De tandarts voert verweer. Gegrond, berisping

  • ECLI:NL:TGZCTG:2020:194 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2019.313

    Klager verwijt de aangeklaagde radioloog 1. dat hij in zijn verslag van een bepaalde datum naar aanleiding van een MRI-scan ten onrechte heeft vermeld dat er sprake was van een herseninfarct. Klager heeft geen herseninfarct gehad, zo heeft de neuroloog van een ander ziekenhuis bij brief aan de huisarts van klager verklaard; 2. ook heeft de radioloog niet gereageerd op twee brieven van klagers psychiater om aan klager de foto aan te wijzen waarop het (bloedbaantje met het) bloedpropje te zien zou zijn. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2020:144 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/128

    Klager verwijt de tandarts dat hij 1) heeft gemeld dat klager niet meer welkom was op de praktijk en klager onheus heeft bejegend, 2) klager te veel laat betalen, 3) weigert een kopie van het dossier aan klager te verstrekken en te weinig dan wel onjuiste informatie verstrekt, 4) niet op juiste wijze reageert op de klacht van klager. Verweerder heeft verweer gevoerd. Deels gegrond, berisping

  • ECLI:NL:TNORSHE:2020:24 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/10

    Klaagster verwijt de notaris (kort gezegd) dat hij bij de financiële afwikkeling van de overdracht van de woning onzorgvuldig en partijdig heeft gehandeld en misbruik heeft gemaakt van de vervelende situatie waarin klaagster door de ex-echtgenoot was terechtgekomen. De klacht wordt door de kamer gedeeltelijk gegrond verklaard. Zo oordeelt de kamer dat de notaris een aantal posten ten onrechte bij klaagster in rekening heeft gebracht en dat de notaris een aantal posten zonder toestemming van klaagster in mindering heeft gebracht op de verkoopopbrengst van de woning. Verder heeft de notaris klaagster vooraf niet geïnformeerd over zijn uurtarief, heeft hij klaagster geen kostenindicatie verstrekt en heeft hij zonder rechtsgrond een bedrag in depot gehouden. De notaris heeft hiermee tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Aan hem wordt de maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2020:21 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/13

    Klager verwijt de notaris (kort gezegd) dat hij bij de afwikkeling van de overdracht van het registergoed onzorgvuldig en partijdig heeft gehandeld. De klacht valt uiteen in verschillende onderdelen. De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard. De kamer is van oordeel dat de notaris klager tijdig een concept van de akte van levering heeft toegezonden. Verder heeft de kamer overwogen dat het enkele feit dat een concept-akte eventuele onjuistheden bevat, niet met zich brengt dat een notaris tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Een concept-akte is immers niet voor niets een “concept”, wat betekent dat dit naar aanleiding van vragen en opmerkingen van de partijen in de (uiteindelijke) akte nog kan worden aangepast. Dit laatste is op verzoek van klager ook gebeurd. Ten slotte is de kamer niet gebleken dat de notaris ongeoorloofde druk zou hebben uitgeoefend op klager en de echtgenote om mee te werken aan de levering.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2020:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/11

    De klacht van het BFT valt uiteen in de volgende twee klachtonderdelen. 1. De notaris heeft acht appartementen in eigendom die hij verhuurt aan derden. Daarmee overtreedt de notaris het verbod om te handelen en te beleggen in registergoederen, zoals vastgelegd in artikel 17 lid 3 Wna. 2. De notaris heeft bedoelde acht appartementen deels gefinancierd met (externe hypothecaire) geldleningen. Daarmee overtreedt hij het verbod om leningen aan te gaan, zoals vastgelegd in artikel 23 lid 2 aanhef en sub a Wna. Ten aanzien van klachtonderdeel 1 is de kamer in het licht van de in de beslissing genoemde omstandigheden van oordeel dat de belegging in de appartementen past in een vermogensopbouw voor de oude dag en dat deze belegging voor de persoonlijke doeleinden van de notaris is toegestaan. Niet valt in te zien dat de onpartijdigheid of onafhankelijkheid van de notaris wordt of kan worden beïnvloed. Het BFT heeft daar ook geen concrete argumenten voor aangedragen. Gelet op het gemotiveerde verweer van de notaris heeft het BFT ook onvoldoende aanknopingspunten aangedragen ter onderbouwing van haar stelling dat de eer of het aanzien van het notarisambt wordt of kan worden geschaad, zodat de kamer hieraan voorbij gaat. Aangezien de kamer van oordeel is dat de notaris niet in strijd heeft gehandeld met artikel 17 lid 3 Wna, wordt klachtonderdeel 1 ongegrond verklaard. Ten aanzien van klachtonderdeel 2 is de kamer van oordeel dat de notaris de leningen in verband met de aankoop van de appartementen eveneens voor persoonlijke doeleinden is aangegaan. Aangezien de kamer van oordeel is dat de notaris niet in strijd heeft gehandeld met artikel 23 lid 2 aanhef en sub a Wna, wordt ook klachtonderdeel 2 ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2020:23 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2019/60

    Klaagster verwijt de notaris dat hij onzorgvuldig en partijdig heeft gehandeld. De klacht valt (kort gezegd) uiteen in de volgende twee klachtonderdelen. 1. De notaris heeft in strijd met de depotovereenkomst van 2 mei 2017 de helft van het depotbedrag aan de ex-echtgenoot uitgekeerd. 2. Nadat de notaris aan klaagster liet weten dat hij zijn verzekeraar had ingeschakeld, heeft de notaris niets meer van zich laten horen. Pas toen klaagster weer contact opnam met de notaris heeft hij te kennen gegeven dat de verzekeraar aansprakelijkheid had afgewezen. Ten aanzien van klachtonderdeel 1 heeft de kamer overwogen dat vaststaat dat de notaris en klaagster ieder een andere uitleg geven aan artikel 3 van de depotovereenkomst. Het is echter niet aan de kamer om te beoordelen welke interpretatie van deze bepaling juist is. Het oordeel hierover is voorbehouden aan de civiele rechter. Het gaat in deze tuchtprocedure om de vraag of de notaris - door in de gegeven omstandigheden over te gaan tot uitbetaling van de helft van het depotbedrag aan de ex-echtgenoot - heeft gehandeld in strijd met de door hem als behoorlijk handelend notaris te betrachten zorg. De kamer is van oordeel dat deze vraag bevestigend moet worden beantwoord. De notaris was bekend met de door klaagster gegeven uitleg aan artikel 3 van de depotovereenkomst en met haar verzoek om ook de reactie van haar advocaat af te wachten. Zonder tegemoet te komen aan dit verzoek en zonder klaagster dus in de gelegenheid te stellen haar standpunt door een advocaat te laten toelichten, is de notaris op basis van de verklaring van de advocaat van de ex-echtgenoot binnen een paar dagen na zijn op 9 augustus 2019 kenbaar gemaakte voornemen daartoe tot uitkering van de depotgelden overgegaan. Daarmee is klaagster ten onrechte de mogelijkheid ontnomen om rechtsmaatregelen te treffen tegen de voorgenomen uitbetaling. Ten aanzien van klachtonderdeel 2 heeft de kamer overwogen dat het de notaris vrij staat om deze kwestie over te laten aan de verzekeraar. Echter, wanneer de notaris daartoe overgaat zonder aan klaagster de contactgegevens van zijn verzekeraar te verstrekken, ligt het op de weg van de notaris aan klaagster tijdig de nodige informatie te verstrekken over de verdere afhandeling door de verzekeraar. Dat heeft de notaris niet (eerder dan in dupliek) gedaan. Door klaagster in het ongewisse te laten en niet tijdig en voldoende te informeren handelt de notaris tuchtrechtelijk verwijtbaar. De kamer heeft de klacht gegrond verklaard en aan de notaris de maatregel van waarschuwing opgelegd

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:133 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-181

    Klacht over advocaat wederpartij. De betreffende uitlatingen van verweerder dienden ter duiding van de omstandigheden en waren in die zin functioneel voor de onderbouwing van de stellingen van verweerder over de huuropzegging. Hoewel het de voorkeur had verdiend als verweerder de opmerkingen zakelijker had geformuleerd, zijn ze niet tuchtrechtelijk verwijtbaar grievend. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2020:213 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190118H

    Herzieningsverzoek afgewezen. Geen schending fundamentele rechtsbeginselen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:140 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-416

    Verzetbeslissing. De raad is van oordeel dat de voorzitter bij de beoordeling de juiste maatstaf heeft toegepast en rekening heeft gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:134 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-270

    Verzetbeslissing. Klager heeft het verzet te laat – niet binnen dertig dagen na verzending van het afschrift van de voorzittersbeslissing – ingediend. Deze termijnoverschrijding is niet verschoonbaar. Verzet niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TAHVD:2020:214 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190158

    Dat verweerder niet bereid was de zaak op basis van een toevoeging te doen, had uitdrukkelijker en beter met klager moeten worden besproken en vastgelegd. Verweerder had zich ook van een akkoordverklaring van klager moeten voorzien. Voorts is eenmalig een excessief bedrag gedeclareerd voor het wegbrengen van een processtuk en heeft verweerder ten onrechte tariefsverhogingen niet met klager gecommuniceerd. Verweerder heeft zich ten onrechte op een retentierecht beroepen. De klachtonderdelen die erop zien dat verweerder klager had moeten meedelen dat zijn medewerkster student-stagiaire was, verklaart het hof – anders dan de raad – ongegrond, omdat de medewerkster wel was afgestudeerd. Per saldo verklaart het hof van de 21 klachtonderdelen er 9 gegrond, waarvan één gedeeltelijk en de overige ongegrond en legt een waarschuwing op (bij de raad was het een berisping).

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:128 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-926

    De raad is van oordeel dat de door klaagster aangevoerde verzetgronden niet slagen; de voorzitter heeft bij de beoordeling de juiste maatstaf toegepast en heeft rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Hij heeft de klacht dus terecht en op juiste gronden kennelijk ongegrond bevonden. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:141 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-431

    Verzetbeslissing. Geen aanleiding om aan de juistheid van de voorzittersbeslissing te twijfelen. Juiste maatstaf toegepast en rekening gehouden met alle relevante omstandigheden van het geval. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:135 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-294

    Verzetbeslissing. De raad is van oordeel dat de voorzitter bij de beoordeling de juiste maatstaf heeft toegepast en rekening heeft gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Verzet is ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2020:215 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190297

    Hof bekrachtigt gedeeltelijke gegrondverklaring van klacht tegen advocaat wederpartij, maar wijzigt de maatregel van een berisping in een waarschuwing. Mede gelet op de tussen partijen lopende schikkingsonderhandelingen had verweerster de advocaat van de wederpartij direct op de hoogte moeten stellen nadat zij vernam dat van haar kantoor (door haar secretaresse) een door haar cliënt tegen klaagster geformuleerde integriteitsklacht per fax was verzonden.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:129 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-518

    Verzetbeslissing. Verzetgronden slagen niet. Vragen over de vertegenwoordiging van de gemeenteraad en het bestaan van een advocaat-cliënt-relatie tussen de gemeenteraad en verweerders zijn voorbehouden aan de bestuursrechter. Een advocaat wordt op zijn woord geloofd als hij zich in een procedure namens een partij als gemachtigde stelt. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2020:89 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-001/DB/ZWB

    Klacht tegen eigen advocaat over de kwaliteit van het gegeven advies en de dienstverlening. Klacht deels niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de artikel 46g lid 1 sub a Advocatenwet genoemde termijn. Voor het overige ongegrond. Dat verweerster klager heeft bijgestaan in een kansloze beslagzaak en kwalitatief geen goed werk heeft geleverd is niet gebleken, noch dat zij excessief heeft gedeclareerd. Dat verweerster de kantonrechter en deken bewust onjuist heeft geïnformeerd is evenmin gebleken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:142 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-432

    Raadsbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Op grond van de dossierstukken is niet gebleken dat verweerder klaagster slecht heeft behandeld. Na weigering van verweerder om een stuitingsbrief te sturen, had klaagster voldoende tijd om daar een andere advocaat te benaderen en dit heeft klaagster ook gedaan. Klaagster is via de door haar voor akkoord ondertekende opdrachtbevestigingen geïnformeerd over het door verweerder en zijn kantoorgenoot gehanteerde uurtarief. Klacht in alle onderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2020:136 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 19-303

    Verzet tegen voorzittersbeslissing; niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.