Zoekresultaten 1361-1380 van de 48197 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:72 Hof van Discipline 's Gravenhage 250178
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 13-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:72
Bekrachtiging. Waarschuwing. Verweerder is de advocaat van klagers wederpartij in een civiele kwestie. Daarin gaat het - kort gezegd - om de vraag of de donorovereenkomst die klager en zijn wederpartij hebben gesloten op een rechtsgeldige wijze tot stand is gekomen. Op een bepaald moment heeft verweerder klager in die kwestie gedagvaard. Verweerder heeft de zaak uiteindelijk niet voor de rechter gebracht. Klager vindt dat verweerder door hem te dagvaarden, en vanwege de inhoud van de dagvaarding en de gang van zaken daarna, tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De klacht bestaat uit vijf onderdelen. De Raad van Discipline heeft de klacht op één onderdeel, ten aanzien van het rauwelijks dagvaarden van klager door verweerder, gegrond verklaard. De andere vier klachtonderdelen heeft de raad ongegrond verklaard.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:52 Raad van Discipline Amsterdam 25-519/A/A
- Datum publicatie: 13-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:52
Tussenbeslissing; verzet gegrond; zaak wordt voor nader onderzoek terugverwezen naar de deken.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8625
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 03-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:36
Klacht tegen een tandarts kennelijk ongegrond. Klager verbleef in de PI en bezocht een paar keer de tandarts. Hij verwijt de tandarts, samengevat, ernstige en aanhoudende nalatigheid in de tandheelkundige zorg. Verzoeken om hulp zouden zijn afgewezen met als argument dat klager deze zorg buiten de PI moest organiseren. Het college is van oordeel dat de tandarts niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8812
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:37
Klacht tegen een verpleegkundig specialist kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De verpleegkundig specialist werd vanaf april 2025 zijn regiebehandelaar en besloot, samen met de betrokken psychiater, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de verpleegkundig specialist, samengevat, het onvoldoende voeren van regie en onverantwoord en zonder overleg afbouwen van de medicatie. Het college is van oordeel dat de verpleegkundig specialist niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8813
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 06-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:38
Klacht tegen een psychiater kennelijk ongegrond. Klager werd verwezen naar de specialistische GGZ vanwege een hoge dosering medicatie bij ADHD en een verslavingsverleden. De psychiater werd betrokken bij het voorschrijven van zijn medicatie en besloot, samen met de betrokken verpleegkundig specialist, de medicatie af te bouwen. Klager verwijt de psychiater, samengevat, het onverantwoord afbouwen van de medicatie zonder overleg met klager, het fouten maken in correspondentie en negeren van het recht op een second opinion. Het college is van oordeel dat de psychiater zorgvuldig heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8291 en Z2025/8292
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39
Ongegronde klacht tegen een psychiater/psychotherapeut. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8293
- Datum publicatie: 12-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40
Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog over de behandeling van klager. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was als regiebehandelaar bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8205
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:47
Kennelijk ongegronde klacht tegen longarts. Geen sprake van het stellen van een diagnose zonder enig onderzoek en het college heeft niet kunnen vaststellen dat de longarts zich onprofessioneel heeft gedragen tegen de patiënt.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:42 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2879
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:42
Klacht tegen een KNO-arts. Klager verwijt de KNO-arts dat hij verwijtbaar heeft gehandeld, omdat hij bij het uitvoeren van het oortoilet bij het linkeroor van klager dit linkeroor heeft ‘stukgezogen’. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:48 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8944
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:48
Kennelijk ongegronde klacht tegen KNO-arts. Klager verwijt de arts dat zij hem heeft gediscrimineerd door hem zorg te onthouden omdat klager rookt. Ook zou zij een ongepaste opmerking hebben gemaakt. In- en uitwendige scheefstand en gezwollen slijmvliezen. Medicatie vanwege gezwollen slijmvliezen. Behandelplan primair gericht op verhelpen van de neusblokkade, met een inwendige neuscorrectie als mogelijke oplossing. Belang van stoppen met roken besproken, gelet op de mogelijkheid van complicaties. Beleid navolgbaar en in overeenstemming met de geldende richtlijnen. Ongepaste opmerking kan niet worden vastgesteld.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:43 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2936 en C2025/2978
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:43
Klaagster heeft een onderzoek ondergaan bij de psychiater naar een mogelijke autismespectrumstoornis. De psychiater heeft na twee gesprekken geconcludeerd dat bij klaagster geen sprake is van ASS, maar hooguit van een communicatiestoornis. De klacht van klaagster gaat over de bejegening en over de wijze van onderzoek. Daarnaast is klaagster van mening dat de psychiater een verkeerde diagnose heeft gesteld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht voor een deel gegrond verklaard en de psychiater daarvoor de maatregel van berisping opgelegd. De klacht is voor het overige ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege zal de klacht op twee extra onderdelen gegrond verklaren en bepalen dat kan worden volstaan met handhaven van de maatregel van berisping.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:49 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8097
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:49
Klaagster werd in het ziekenhuis opgenomen met verdenking van de ziekte GPA (granulomatose met polyangiitis), een zeldzame auto-immuunziekte. voorheen bekend als de ziekte van Wegener. Klaagster verwijt de internist dat zij geen regie heeft genomen, dat zij de diagnose GPA eerder had moeten stellen en dus ook eerder met de behandeling had moeten starten. De klacht is ongegrond. Het beleid was tijdens klaagsters eerste opname volgens de richtlijnen en er was geen aanleiding om van de richtlijnen af te wijken. Bij de tweede opname was er wellicht aanleiding om eerder met de behandeling te starten, maar bestond nog steeds geen duidelijkheid over de diagnose. De vertraging van enkele dagen in de aanvang van de behandeling door nog eens met een expertisecentrum te overleggen, is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De internist was slechts één van de vele artsen die bij klaagster aan het bed zijn geweest. Zij bepaalde niet het beleid. Het lag niet op haar weg om (eenzijdig) een diagnose te stellen en/of om een - met reden - uitgestelde behandeling te starten.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:44 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2972
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:44
Ongegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater heeft klaagster gesproken en geconcludeerd dat er bij klaagster sprake was van een manisch toestandsbeeld vermoedelijk in het kader van een bipolaire 1 stoornis, waarvoor hij medicatie heeft voorgeschreven. Klaagster verwijt de psychiater dat hij zijn conclusie op een verkeerde basis heeft getrokken en ze is het niet eens met (de dosering van) de voorgeschreven medicatie. De psychiater stelt dat hij zijn conclusie op goede gronden heeft gebaseerd en dat de medicatie bedoeld was ter voorkoming van een crisisopname. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is het hiermee eens en zal het beroep van klaagster verwerpen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:38 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2722
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:38
Klager heeft zich bij zijn werkgever ziekgemeld na een auto-ongeval. De bedrijfsarts heeft de verzuimbegeleiding van klager op zich genomen. Klager verwijt de bedrijfsarts dat zij de re-integratie van klager niet (goed) heeft begeleid, geen eigen onderzoek heeft gedaan, medische gegevens van klager met zijn werkgever heeft besproken terwijl zij daarvoor geen toestemming had gekregen, niets heeft gedaan met de bevindingen van de psycholoog van klager en de dreiging van de werkgever met een loonstop en onterecht een arbeidsconflict als oorzaak van de arbeidsongeschiktheid heeft aangemerkt. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege komt tot hetzelfde oordeel en verwerpt daarom het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:39 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2980
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:39
Ongegronde klacht tegen een huisarts. De moeder van klaagster (patiënte) was onder behandeling bij de huisarts. Patiënte was bekend met onder andere diabetes en een hoge bloeddruk. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende adequaat heeft gereageerd op de klachten van patiënte en haar onvoldoende zorg heeft verleend, waardoor zij uiteindelijk een hersenbloeding heeft gekregen. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt dat de huisarts de zorg heeft verleend die van hem verwacht mocht worden en verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen deze beslissing.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:51 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8098
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:51
Klaagster werd in het ziekenhuis opgenomen met verdenking van de ziekte GPA (granulomatose met polyangiitis), een zeldzame auto-immuunziekte, voorheen bekend als de ziekte van Wegener. Klaagster verwijt de internist dat zij geen regie heeft genomen, dat zij de diagnose GPA eerder had moeten stellen en dus ook eerder met de behandeling had moeten starten. De klacht is ongegrond. Het beleid was tijdens klaagsters eerste opname volgens de richtlijnen en er was geen aanleiding om van de richtlijnen af te wijken. Bij de tweede opname was er wellicht aanleiding om eerder met de behandeling te starten, maar bestond nog steeds geen duidelijkheid over de diagnose. De vertraging van enkele dagen in de aanvang van de behandeling door nog eens met een expertisecentrum te overleggen, is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:45 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8094
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:45
Kennelijk ongegronde klacht tegen radioloog. Klager verwijt de radioloog zonder toestemming zijn medisch dossier te hebben ingezien terwijl verweerder geen enkele rol had in de behandeling van klager. Het college oordeelt dat de radioloog op medisch-inhoudelijke gronden betrokken was bij de behandeling van klager en in dat kader het medisch dossier mocht raadplegen, de radioloog niet wist dat klager bij de klachtenfunctionaris had aangegeven dat hij niet wilde dat de radioloog zijn dossier zou inzien en de radioloog zich niet had gerealiseerd dat door hem te beoordelen thoraxfoto van degene was met wie hij een zakelijk geschil heeft.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:40 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2817
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:40
Klacht tegen een huisarts. Klager verwijt de huisarts dat hij, ondanks verzoeken van klager en ondanks duidelijke signalen omtrent zorgen over de veiligheid van klagers kind en van andere kinderen, geen melding heeft gedaan bij Veilig Thuis. Klager verwijt de huisarts verder dat hij – door in zijn verweer tegen de klacht van klager gebruik te maken van het medisch dossier van klager – de privacy van klager ernstig heeft geschonden. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8099
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:52
Klaagster werd in het ziekenhuis opgenomen met verdenking van de ziekte GPA (granulomatose met polyangiitis), een zeldzame auto-immuunziekte. voorheen bekend als de ziekte van Wegener. De nefroloog (internist, gespecialiseerd in nierziektes) heeft desgevraagd enkele malen advies gegeven aan behandelaars. Klaagster verwijt de nefroloog dat hij geen regie heeft genomen en nooit heeft gecontroleerd of zijn adviezen zijn opgevolgd. De klacht is ongegrond. De nefroloog was niet een van de behandelaars van klaagster. Een arts aan wie om advies wordt gevraagd door een collega, heeft slechts een adviserende taak. Hij stelt geen diagnose en hoeft niet na te gaan of zijn advies al dan niet door de behandelaars wordt opgevolgd. Het is aan de behandelaars om te beslissen wat zij met het verkregen advies doen.
-
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:46 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8222
- Datum publicatie: 11-03-2026
- Datum uitspraak: 11-03-2026
- ECLI:NL:TGZRSHE:2026:46
Kennelijk ongegronde klacht tegen longarts. Niet gebleken dat de longarts heeft medegedeeld dat klaagster zou komen te overlijden en afscheid moest nemen van haar kinderen. Niet toedienen ivermectine voor COVID-19 was conform richtlijnen. Geen sprake van niet serieuze of niet adequate bejegening door de longarts.