Zoekresultaten 22641-22650 van de 47606 resultaten

  • ECLI:NL:TNORAMS:2017:34 Kamer voor het notariaat Amsterdam 624818 / NT 17-20 B en 624819 / NT 17-21 B

    Indien de klacht wordt ingediend na verloop van drie jaren na de dag waarop de klager kennis heeft kunnen nemen of redelijkerwijs kennis heeft kunnen nemen van het handelen of nalaten van de notaris waarop de klacht betrekking heeft, wordt de klacht door de voorzitter niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing tot niet-ontvankelijkverklaring blijft achterwege indien de gevolgen van het handelen of nalaten redelijkerwijs pas nadien bekend zijn geworden. In dat geval verloopt de termijn voor het indienen van een klacht een jaar na de datum waarop de gevolgen redelijkerwijs als bekend geworden zijn aan te merken. Klaagster was bij het passeren van de akte van levering van 2 oktober 2007 aanwezig en heeft de akte van 2 oktober 2007 zelf ondertekend. De notaris heeft onweersproken gesteld dat hij deze akte vervolgens aan klaagster heeft toegestuurd. In het slot van deze akte is vermeld dat klaagster en de verkoper hebben verklaard van de inhoud van de akte te hebben kennisgenomen en met de beperkte voorlezing van de akte in te stemmen. In de leveringsakte van 2 oktober 2007 zelf wordt verwezen naar de akte wijziging splitsing in appartementsrechten van 30 september 2005 (pag. 7) en de akte tot levering houdende kwijting voor de betaling van de koopprijs van 5 april 2007 (pag. 2). Feiten of omstandigheden waaruit zou volgen dat klaagster niet redelijkerwijs kennis heeft kunnen nemen van de inhoud van deze akte(n) zijn niet aannemelijk geworden. Onder deze omstandigheden komt klaagster derhalve geen beroep toe op de uitzonderingsclausule van artikel 99 lid 15 Wna en heeft de voorzitter terecht overwogen dat klaagster niet-ontvankelijk is.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:201 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-514/DB/ZWB

    Verweerder liet zijn cliënt processtukken opstellen en diende deze, na deze slechts taalkundig te hebben gecorrigeerd, in. Verweerder diende daarnaast onhoudbare vorderingen in en verscheen niet ter zitting, maar liet zijn cliënt zelf het woord voeren. Verweerder heeft daardoor in strijd met gedragsregel 1 en 9 gehandeld. verweerder hield onvoldoende rekening met de belangen van klaagster en heeft haar, door kansloze verzoeken en ongefilterde processtukken in te dienen, nodeloos op kosten gejaagd. Klacht (deels) gegrond. Berisping en kostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 16233

    Klager niet-ontvankelijk voor zover over de klachten in eerdere tuchtzaak is beslist. Voor het overige ongegrond. Internist hoefde niet te (laten) onderzoeken of sprake was van DPD-deficiency bij voorschrijven capecitabine. Voldoende informatie over deze medicatie verstrekt.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2017:175 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 077/2017

    Klacht tegen gezondheidszorgpsycholoog. Meerdere klachtonderdelen, waaronder een klachtonderdeel over het afgeven van een verklaring met betrekking tot de kinderen van klager en zijn ex-echtgenote. Verweerster moet duidelijk zijn geweest dat klager niet akkoord zou zijn met het afgeven van een verklaring door verweerster over de kinderen of hemzelf. Door –desondanks- aan de advocaat van de moeder over het welzijn (en het nut van de behandeling) van de kinderen te verstrekken, die bovendien tot stand was genomen op basis van onvolledige/subjectieve informatie, heeft verweerster de grenzen van een redelijk bekwame beroepsuitoefening overschreden. Dit klachtonderdeel is gegrond. Volgt waarschuwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2017:211 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170225-W

    Wraking afgewezen. Uit het enkele feit dat tegen verweerster in een andere zaak door verzoekster een wrakingsverzoek is ingediend kan niet worden afgeleid dat zij in deze zaak niet onpartijdig of vooringenomen zou oordelen. De wrakingsverzoeken tegen de wrakingskamer worden buiten behandeling gesteld omdat niet voldaan is aan de eis dat het verzoek wordt gedaan zodra de feiten of omstandigheden aan verzoeker bekend zijn geworden (artikel 513 lid 1 Sv). Een volgend verzoek tot wraking behoeft niet in behandeling te worden genomen.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2017:176 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 319/2016

    Klacht tegen psychiater van ex-partner. Schending beroepsgeheim? Klager, geen patiënt van verweerder, verwijt de psychiater dat hij de brieven die hij aan de psychiater heeft geschreven aan zijn ex-partner heeft gegeven. Klager niet ontvankelijk in zijn klacht.

  • ECLI:NL:TAHVD:2017:212 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170006-W

    Wrakingsverzoek. Afgewezen. Uit de omstandigheid dat de behandelend kamer zich niet voor de zitting heeft uitgelaten over de toelaatbaarheid van de brief van de deken kan geen vooringenomenheid worden afgeleid. Het wrakingsverzoek tegen de wrakingskamer is buiten behandeling gesteld.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:121 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/140T

    Klaagster is ontevreden over orthodontische behandeling in praktijk van verweerder (tandarts). Volgens klaagster duurde de behandeling te lang, is er geen aandacht besteed aan haar pijnklachten, verliepen de afspraken rommelig en is de toestand van haar gebit verslechterd. Verweerder heeft volgens klaagster ook ten onrechte aan haar medegedeeld dat zij was uitbehandeld. Verweerder voert verweer. Gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:230 Raad van Discipline Amsterdam 17-566/A/A/D

    Dekenbezwaar gegrond. Bezwaar betreft het op ongeoorloofde wijze in ontvangst nemen en doorbetalen van contante gelden, het verrekenen van kosten met derdengelden zonder schriftelijke instemming van cliënt en het niet meewerken aan het dekenonderzoek. Schrapping.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2017:154 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-051

    Ongegronde klacht tegen een tandarts. De behandeling van element 46 en element 26 van het gebit van klaagster was op dat moment aangewezen en passend. Dat klaagster pijnklachten heeft gehouden betekent niet dat de tandarts bij zijn behandeling een fout heeft gemaakt, bij een juist uitgevoerde wortelkanaalbehandeling kan een patiënt pijn houden. Ook het afbreken van de kies moet worden geacht samen te hangen met het, op verzoek van klaagster, niet plaatsen van de kroon. Het College is niet bevoegd tot het toekennen van enige vorm van schadevergoeding of financiële compensatie. Klacht afgewezen.