Zoekresultaten 20721-20730 van de 46772 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:92 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.356

    Klacht tegen kinderarts die melding heeft gedaan over zoon klaagster bij Veilig Thuis. Volgens klaagster is niet gehandeld conform stap 1 van de meldcode van de KNMG en is onvoldoende onderzoek gedaan voordat tot melding is overgegaan. Volgens klaagster is er bij haar zoon geen sprake van toegebracht letsel, maar van letsel dat al bij de geboorde is ontstaan. Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep en is van oordeel dat voldoende onderzoek is gedaan voordat tot melding is overgegaan.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:86 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.342

    Klacht tegen chirurg. De klacht heeft betrekking op de inmiddels overleden echtgenote van klager (hierna: patiënte). Bij patiënte is anuskanker geconstateerd. Na het aanleggen van een stoma en behandeling met chemo- en radiotherapie leek sprake van complete remissie. Vervolgens heeft patiënte toch verschillende klachten ontwikkeld. De chirurg heeft op enig moment een operatieve drainage verricht onder spinaal anesthesie. Drie maanden nadien is patiënte overleden. Klager verwijt de chirurg onder meer dat hij patiënte heeft geopereerd in bestraald gebied en dat hij haar heeft geopereerd zonder met haar en klager te overleggen en zonder haar of klager op de gevolgen te wijzen. Het Regionaal Tuchtcollege acht de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat de chirurg niet heeft voldaan aan de op hem rustende dossierplicht als bedoeld in artikel 7:454 BW, acht de klacht in zoverre gegrond en legt de maatregel van waarschuwing op.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:39 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 16-1149/DB/LI 17-043/DB/LI

    De termijn waarbinnen het griffierecht dient te worden betaald betreft geen fatale termijn, in die zin dat overschrijding van deze termijn tot niet-ontvankelijkheid leidt. Ook de omstandigheid dat klager op een eerdere intrekking van de klacht bij de deken is teruggekomen en alsnog om doorzending van de klacht heeft gevraagd leidt niet tot niet-ontvankelijkheid van de klacht. Enkel een klacht waarop door de tuchtrechter is beslist kan niet voor een tweede maal aan de tuchtrechter worden voorgelegd. Klacht is voor zover deze betrekking heeft op feiten die meer dan drie jaar voor indiening van de klacht hebben plaatsgevonden niet-ontvankelijk. Aan klager is tijdig aangekondigd dat hij tijdens een hoorzitting door de beklaagde advocaat zou worden bijgestaan, waarop door klager niet is gereageerd. Ondermaatse rechtsbijstand tijdens de hoorzitting is niet komen vast te staan. Klacht gedeeltelijk niet-ontvankelijk, gedeeltelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:93 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.357

    Klacht tegen kinderarts die door een collega-kinderarts als aandachtsfunctionaris kindermishandeling is geconsulteerd over een melding bij Veilig Thuis. De collega-kinderarts heeft uiteindelijk een melding gedaan over de zoon van klaagster. Volgens klaagster is niet gehandeld conform stap 1 van de meldcode van de KNMG en is onvoldoende onderzoek gedaan voordat tot melding is overgegaan. Volgens klaagster is er bij haar zoon geen sprake van toegebracht letsel, maar van letsel dat al bij de geboorde is ontstaan. Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep en is van oordeel dat voldoende onderzoek is gedaan voordat tot melding is overgegaan.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:87 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.363

    Anders dan klagers betogen is in beroep niet gebleken dat aan betrokkene bij zijn ziekenhuisopname andere medicatie werd verstrekt dan bij zijn ontslag. Verwerpt beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:94 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.411

    Klacht tegen psychiater. Tijdens haar verblijf in een TBS-kliniek heeft er een incident plaatsgevonden tussen klaagster en een mede-patiënt. Klaagster verwijt verweerder dat hij daar, als directeur behandelzaken, niet adequaat op heeft gereageerd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster niet in haar klacht ontvangen nu er geen sprake was van handelen of nalaten dat betrekking heeft op de individuele gezondheidszorg. Het Centraal Tuchtcollege oordeelt anders en ontvangt klaagster in haar klacht maar acht die ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:88 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.399

    Het enkele feit dat een beklaagde arts en een lid van het Regionaal Tuchtcollege ongeveer in dezelfde tijd aan dezelfde faculteit hebben gestudeerd, vormt onvoldoende grond voor het bestaan van de schijn van partijdigheid. Het is gebruikelijk dat de ontslagbrief (mede) wordt ondertekend door de laatst aanwezige supervisor, ook als deze niet de gehele opnameperiode verantwoordelijk was voor de patiënt. Verwerpt beroep.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2018:40 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-588/DB/OB

    Niet is gebleken dat verweerster haar cliënten en / of derden heeft aangezet tot antedateren, verdraaien, vervalsen of het plegen van meineed. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:31 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170302

    Verzoek aanwijzing advocaat ex art. 13 Advocatenwet. Het beklag is ongegrond, omdat de deken niet bevoegd is om kennis te nemen van het verzoek nu de zaak waarvoor klager stelt bijstand nodig te hebben niet in zijn arrondissement zou dienen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:82 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.421

    Klaagster is bekend binnen de geestelijke gezondheidszorg. De aangeklaagde psychiater is hoofdbehandelaar van het FACT-team en supervisor van de bij de behandeling van klaagster betrokken verpleegkundigen. Klaagster heeft op enig moment aan een verpleegkundige om verlaging van de dosering van het depot gevraagd waarop een afspraak met de psychiater is gemaakt om dit te bespreken. Klaagster is zonder bericht van verhindering niet op deze, en ook niet op de volgende afspraken met de psychiater verschenen. Klaagster verwijt de psychiater dat er onjuiste medicatie aan haar wordt gegeven, dat deze niet op een goede manier wordt toegediend, dat hij klaagsters gezondheid veronachtzaamt en dat er sprake is van belangenverstrengeling. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht zonder nader onderzoek als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster.