Zoekresultaten 14451-14460 van de 47329 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:71 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 19-548/DB/ZWB
- Datum publicatie: 25-09-2020
- Datum uitspraak: 21-09-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:71
Te weinig concrete feiten en omstandigheden die de conclusie rechtvaardigen dat verweerder in en buiten rechte feitelijke informatie heeft verstrekt waarvan hij wist dat die onjuist was. Voorzitter heeft de juiste maatstaf toegepast en de door de voorzitter gegeven motivering kan de beslissing dragen. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2020:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2019/413
- Datum publicatie: 25-09-2020
- Datum uitspraak: 25-09-2020
- ECLI:NL:TGZRAMS:2020:117
Klager dient een klacht in tegen een chirurg, onder meer inhoudende dat hij na een operatie onvoldoende beeldvormend heeft ingezet tijdens de follow up van klager en voorafgaand aan een tweede operatie ten onrechte geen radiotherapie heeft ingezet. Verweerder voert verweer. Ongegrond
-
ECLI:NL:TNORARL:2020:23 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/363178 KL RK 19-161
- Datum publicatie: 24-09-2020
- Datum uitspraak: 29-06-2020
- ECLI:NL:TNORARL:2020:23
Onder de gegeven omstandigheden heeft de notaris onvoldoende onderzoek gedaan naar de reikwijdte van de door hem te verzorgen eigendomsoverdracht en hypotheekdoorhaling. De notaris had op dit punt meer alert moeten zijn en niet zonder meer genoegen mogen nemen met de onduidelijke rechtstoestand van het over te dragen/overgedragen registergoed. Daartegenover staat de omstandigheid dat de notaris begrijpelijkerwijs erop vertrouwde dat partijen - omdat ze wel vaker zaken met elkaar deden - een en ander wel onderling zouden regelen. De kamer ziet daarom al met al geen aanleiding om een maatregel op te leggen.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:67 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-305/DB/LI/D
- Datum publicatie: 23-09-2020
- Datum uitspraak: 21-09-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:67
Advocaat volhardt, ondanks eerdere uitspraken van de tuchtrechter, waarbij aan die advocaat tuchtrechtelijke maatregelen zijn opgelegd vanwege zijn opstelling jegens de deken, in zijn weigerachtige houding jegens de deken. Voor zover dit gedrag, zoals namens die advocaat naar voren is gebracht, al gelegen is in zijn gezondheidstoestand (hiervan is geen enkel bewijs aan de raad overgelegd) maakt dit het oordeel van de raad niet anders. Van een behoorlijk advocaat mag worden verwacht dat hij reageert op verzoeken van de deken om informatie en dat hij voor zover hij daartoe op grond van medische redenen niet in staat is, voor adequate vervanging zorgdraagt. Gegrond, schorsing twee weken, kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:68 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-302/DB/LI
- Datum publicatie: 23-09-2020
- Datum uitspraak: 21-09-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:68
Advocaat heeft een fatale termijn laten verstrijken en is tekortgeschoten in zijn informatieplicht jegens klager, bij de overdracht van het dossier en tijdens de procedure van de behandeling van de klachten van en aansprakelijkstelling door klager. Verweerder heeft klager gedurende de behandeling van de zaak, maar ook in de periode daarna langdurig in het ongewisse gelaten, en is bij herhaling niet ingegaan op verzoeken van (de opvolgend) advocaat van klager. Sprake van eerdere tuchtrechtelijke veroordelingen. Gegrond: schorsing van vier weken, tuchtrechtelijke veroordeling .
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:65 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-049/DB/LI
- Datum publicatie: 23-09-2020
- Datum uitspraak: 07-09-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:65
Het recht om een klacht in te dienen is een persoonlijk recht waarvoor geen toestemming van een bewindvoerder is vereist. De zoon van klaagster heeft een machtiging van klaagster overgelegd waaruit blijkt dat hij gemachtigd is om klaagster te vertegenwoordigen in een klachtprocedure bij de raad van discipline. Advocaat heeft de belangen van klaagster naar behoren behartigd. Voor zover de klacht betrekking heeft op de behartiging van de belangen van de kinderen is deze niet-ontvankelijk nu de klacht niet mede namens de kinderen van klaagster is ingediend. Niet gebleken dat klaagster onbekwaam is en een dergelijke machtiging niet zou kunnen verlenen. Ged. niet-ontvankelijk, gedeeltelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2020:66 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 20-294/DB/ZWB
- Datum publicatie: 23-09-2020
- Datum uitspraak: 07-09-2020
- ECLI:NL:TADRSHE:2020:66
Advocaten hebben in hun hoedanigheid van curatoren in een faillissement een klacht tegen de advocaat van de gefailleerde ingediend. De stelling van de curatoren dat de onjuiste mededelingen en het voeren van kansloze procedures door de beklaagde advocaat hebben geleid tot nadelige financiële gevolgen hebben gehad voor de schuldeisers in het faillissement van S is door klagers niet met concrete feiten onderbouwd. Dat had wel op hun weg gelegen. De enkele stelling van klagers dat zij (door de procedure in hoger beroep) pas later hebben kunnen ingrijpen, is daartoe onvoldoende. Immers, totdat klagers tot curator in het faillissement van S werden benoemd, moet de bewindvoerder geacht worden te zijn opgekomen voor de belangen van deze schuldeisers. Klagers stellen weliswaar dat hen als curator meer middelen ter beschikking staan dan de bewindvoerder, maar zij hebben ook deze stelling op geen enkele manier nader toegelicht en onderbouwd. Klacht niet-ontvankelijk
-
ECLI:NL:TAHVD:2020:194 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 190315
- Datum publicatie: 22-09-2020
- Datum uitspraak: 21-09-2020
- ECLI:NL:TAHVD:2020:194
Klacht over advocaat van de wederpartij. Bekrachtiging van de beslissing van de raad. Niet valt in te zien dat en waarom de advocaat van klager de wederpartij niet had kunnen herinneren aan de eerder toegezonden brief en, in ieder geval na het uitbrengen van de dagvaarding, zelf actie had kunnen ondernemen om te komen tot een minnelijke regeling. Het had op de weg van de advocaat van klager gelegen om de wederpartij te verzoeken duidelijkheid te verschaffen en daarbij desgewenst een voorzet te geven voor een minnelijke regeling. De discussie over de geschilpunten tussen partijen maakte onderdeel uit van de civiele procedure en had daar beslecht moeten worden/is daar beslecht geworden. Bovendien is, hoewel verweerder wellicht zijn verweren en standpunten minder gekleurd en meer nauwkeurig had kunnen presenteren, niet gebleken dat hij willens en wetens de rechtbank onjuist heeft geïnformeerd of dat hij de rechtbank onjuist heeft voorgelicht. Verweerder heeft weliswaar de grenzen van de hem toekomende ruime mate van vrijheid om de belangen van zijn cliënten te behartigen opgezocht althans benaderd, maar niet is komen vast te staan dat verweerder deze grenzen heeft overschreden.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2020:197 Raad van Discipline Amsterdam 20-080/A/A
- Datum publicatie: 22-09-2020
- Datum uitspraak: 14-09-2020
- ECLI:NL:TADRAMS:2020:197
Ongegronde klacht over de advocaat van de wederpartij. Het merendeel van de door klager genoemde uitspraken die volgens hem onjuist zijn, zijn gedaan in het kader van de inhoudelijke standpuntbepaling van de vrouw in het geschil met (de vennootschap van) klager. Het is niet aan de tuchtrechter om daar een inhoudelijk oordeel over te geven. Dat oordeel is voorbehouden aan de civiele rechter, die dat inmiddels heeft gedaan. Dat verweerder in de akte en/of in de pleitnota inhoudelijke stellingen heeft geponeerd die bij voorbaat kennelijk onjuist zijn, is niet gebleken. Het ter discussie stellen van de academische titels die klager voert was functioneel voor de zaak die verweerder bepleitte. Bovendien heeft verweerder de nodige distantie betracht. Ook de beschuldiging van fysieke mishandeling was functioneel voor de zaak die verweerder bepleitte en dus niet onnodig grievend.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2020:113 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2019/402
- Datum publicatie: 22-09-2020
- Datum uitspraak: 22-09-2020
- ECLI:NL:TGZRAMS:2020:113
Klager verwijt de tandarts dat hij aan klager heeft aangeraden implantaten te nemen zonder dat klager vooraf goed was geïnformeerd over de risico's daarvan - te meer gelet op de zeldzame medische aandoening van klager. Binnen twee jaar na plaatsing van de implantaten zijn deze verloren gegaan. Verweerder betreurt dit maar betwist dat er een relatie bestaat tussen het verlies van de implantaten en de medische aandoening van klager. Om die reden is klager ook niet van tevoren hieromtrent geïnformeerd. Er was volgens verweerder bij klager geen sprake van een goede mondhygiëne. Ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1445
- Pagina: 1446
- Pagina: 1447
- ...
- Pagina: 4733
- Volgende pagina zoekresultaten