Zoekresultaten 13161-13170 van de 47477 resultaten

  • ECLI:NL:TACAKN:2021:24 Accountantskamer Zwolle 20/345 Wtra AK

    Klacht over controle jaarrekening gemeentelijk sportbedrijf. Klacht ongegrond. Niet in geschil is dat de gemeente de verplichting op zich genomen heeft om gedurende langere tijd jaarlijks een bedrag voor groot onderhoud ter beschikking te stellen. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene, gezien deze door de gemeente toegezegde subsidieverlening gedurende langere tijd , akkoord mocht gaan met het voor de voorziening groot onderhoud in de jaarrekening 2017 opgenomen bedrag. Klager heeft onvoldoende onderbouwd waarom dit bedrag, mede gezien de toezegging van de gemeente, onvoldoende zou zijn. Niet gebleken is dat de jaarrekening op dit onderdeel geen getrouw beeld gaf.

  • ECLI:NL:TACAKN:2021:25 Accountantskamer Zwolle 20/346 Wtra AK

    Klacht over controle jaarrekening gemeentelijk sportbedrijf. Klacht ongegrond. Niet in geschil is dat de gemeente de verplichting op zich genomen heeft om gedurende langere tijd jaarlijks een bedrag voor groot onderhoud ter beschikking te stellen. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene, gezien deze door de gemeente toegezegde subsidieverlening gedurende langere tijd, akkoord mocht gaan met het voor de voorziening groot onderhoud in de jaarrekening 2018 opgenomen bedrag. Klager heeft onvoldoende onderbouwd waarom dit bedrag, mede gezien de toezegging van de gemeente, onjuist zou zijn. Niet gebleken is dat de jaarrekening op dit onderdeel geen getrouw beeld gaf. Betrokkene heeft ter zitting toegelicht dat bij de controle van de jaarrekening 2018 gebleken is dat de gevolgen van de herstructurering langer zijn doorgelopen dan aanvankelijk verwacht. Als gevolg hiervan zijn in 2018 eenmalige kosten gemaakt, zoals afkoopsommen voor ontslagen medewerkers en kosten voor de inhuur van deskundigen. Deze toelichting komt de Accountantskamer niet onaannemelijk voor. Klager heeft met wat hij heeft aangevoerd niet aannemelijk gemaakt dat de stellingen van betrokkene met betrekking tot deze incidentele kosten onjuist zijn.

  • ECLI:NL:TNORARL:2020:42 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/369645 / KL RK 20-55

    De kamer is van oordeel dat de door klager aangevoerde feiten (over de waarborgsom, over het onderzoek naar de herkomst van de gelden, over het uitwerken van de koopovereenkomst, over de (on)partijdigheid van de notaris en over slordigheden in de akte) voor zover deze zijn komen vast te staan, afzonderlijk dan wel in onderlinge samenhang bezien, niet de conclusie rechtvaardigen dat de notaris bij de overdracht onzorgvuldig heeft gehandeld. De vraag of hier sprake is geweest van handelen in strijd met artikel 3:45 BW valt buiten de reikwijdte van de tuchtrechtelijke beoordeling. Dit neemt echter niet weg dat tuchtrechtelijk kan worden geoordeeld dat een notaris die zich bewust is van een dreigend faillissement zijn ministerie behoort te weigeren voor wat betreft het faciliteren van onverplichte rechtshandelingen van de partij voor wie dat faillissement dreigt. Daarvan is hier niet gebleken.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2021:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 224/2020

    Klacht tegen een medisch adviseur van een verzekeraar. De klacht is ontvankelijk. Klacht kennelijk ongegrond. Geen rapportage als bedoeld in van artikel 464 lid 2 onder b BW.

  • ECLI:NL:TNORARL:2020:38 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/365396 / KL RK 20-13

    Het is volgens het Stappenplan mogelijk dat een notaris de indicatoren van het stappenplan toepast en aan de hand daarvan tot de conclusie komt dat nader onderzoek naar de wilsbekwaamheid niet noodzakelijk is. In deze zaak is niet komen vast te staan dat de notaris onvoldoende zorgvuldig tot de conclusie is gekomen dat nader onderzoek naar de wilsbekwaamheid niet noodzakelijk zou zijn.

  • ECLI:NL:TGDKG:2021:17 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/683534 DW RK 20/200

    De gerechtsdeurwaarder heeft met het niet informeren van klager over de ontvangst van getroffen gelden in maart 2012, in strijd gehandeld met de informatieplicht. Nu thans nog steeds geen titel bestaat om de getroffen gelden af te dragen, kan de klacht dat de gerechtsdeurwaarder de getroffen gelden te lang onder zich heeft gehouden niet slagen. De gerechtsdeurwaarder heeft geen duidelijkheid verschaft over de aard en omvang van zijn werkzaamheden in het kader van de opdracht en is tevens niet duidelijk is geweest in de zakelijke condities en de kosten die aan de opdracht zijn verbonden, met als gevolg dat niet kan worden vastgesteld of de (afwikkel)kosten terecht in rekening zijn gebracht. Klacht gedeeltelijk gegrond, maatregel van waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2021:4 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2019/53

    Klaagster verwijt de notaris dat zij onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van vader toen zij zijn testament passeerde. Ook heeft de notaris volgens klaagster onvoldoende gewaarborgd dat vader zijn wil op onafhankelijke wijze - zonder beïnvloeding van derden - aan de notaris heeft kunnen overbrengen. Naar het oordeel van de kamer kon en mocht de notaris concluderen dat vader wilsbekwaam was om bij testament over zijn nalatenschap te beschikken. Daarbij neemt de kamer mede in aanmerking dat de notaris zich overeenkomstig de aanbeveling uit het Stappenplan bij haar uiteindelijke besluitvorming over de wilsbekwaamheid van vader tijdens het passeren van het testament bij hem thuis heeft laten bijstaan door twee getuigen. De notaris heeft naar het oordeel van de kamer eveneens een voldoende zorgvuldige invulling gegeven aan haar taak om te waken voor een vrije en onafhankelijke wilsvorming van vader. Dat de notaris niet op enig moment afzonderlijk met vader de relevante aspecten van zijn testament heeft besproken, maar steeds in het bijzijn van zijn echtgenote, is naar het oordeel van de kamer in de gegeven omstandigheden verantwoord geweest. De klacht wordt ongegrond verklaard

  • ECLI:NL:TGDKG:2021:18 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/679304 DW RK 20/54

    De klachten van klager dat hij geen inzage in de betalingen op de vordering heeft ontvangen, er beslagleggingen zijn aangekondigd zonder dat daadwerkelijk beslag is gelegd en er ten laste van klager beslag onder de Rabobank is gelegd (waar hij niet bankiert) zijn ongegrond verklaard. Het bij klager in rekening brengen van de kosten van de door de collega gerechtsdeurwaarder ondernomen beslagpogingen is in strijd met wet- en regelgeving en tuchtrechtelijk laakbaar. Klacht gedeeltelijk gegrond, maatregel van waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2021:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2020/249

    Verweerster is werkzaam als verpleegkundige aan huis bij de zes-jarige zoon van klager en zijn moeder. Klager en de moeder zijn gescheiden. Klager verwijt verweerster dat zij (ter zake van gerechtelijke procedures) uitspraken doet die in strijd zijn met haar beroepsethiek. Verweerster voert verweer. Gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2021:5 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2020/51

    De kamer begrijpt dat klagers de oud-notaris verwijten dat hij in zijn hoedanigheid van bewindvoerder over het vermogen van oma onzorgvuldig heeft gehandeld. Naar het oordeel van de kamer is niet voldoende gebleken dat klager bevoegd is om namens klaagster op te treden. De klacht van klaagster wordt reeds hierom niet-ontvankelijk verklaard. Hoewel klager niet rechtstreeks betrokken is geweest bij de handelwijze van de oud-notaris, is de kamer van oordeel dat hij als kleinkind en erfgenaam van oma een indirect/afgeleid belang heeft. In deze zaak heeft de oud-notaris gehandeld in hoedanigheid van bewindvoerder. Naar het oordeel van de kamer houden de gedragingen van een bewindvoerder voldoende verband met zijn voormalige hoedanigheid als notaris, zodat de oud-notaris zich tot de datum van zijn defungeren ook voor zijn handelen als bewindvoerder tuchtrechtelijk moet verantwoorden. Over de periode daarna tot aan het overlijden van oma is de oud-notaris tuchtrechtelijk niet aansprakelijk, omdat hij toen geen notaris meer was. Klager stelt slechts in algemene zin dat de oud-notaris onzorgvuldig heeft gehandeld. Hij heeft nagelaten zijn algemene stellingen voldoende te concretiseren en toe te lichten. Weliswaar heeft klager een enorme hoeveelheid bijlagen overgelegd, maar hij heeft de relevantie van de inhoud van deze bijlagen in het kader van deze tuchtklacht niet, althans onvoldoende geduid. Klager heeft geen aanknopingspunten aangereikt om tot het oordeel te kunnen komen dat de oud-notaris als bewindvoerder tot zijn defungeren tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. De klacht van klager wordt daarom ongegrond verklaard. Bij dit oordeel heeft de kamer betrokken dat door klager onweersproken is gelaten dat alle door de oud-notaris ingediende rekeningen en verantwoordingen (tot zijn defungeren) steeds door de kantonrechter zijn goedgekeurd