Zoekresultaten 12671-12680 van de 48123 resultaten
-
ECLI:NL:TNORARL:2021:38 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/372913 / KL RK 20-80 C/05/372916 / KL RK 20-81
- Datum publicatie: 13-09-2021
- Datum uitspraak: 27-01-2021
- ECLI:NL:TNORARL:2021:38
Klagers (vader en één van zijn zonen) dienen een klacht in tegen de (kandidaat-)notaris die op het sterfbed van de zoon c.q broer van klagers (hierna: erflater) een testament ten gunste van de samenwoonrelatie van erflater en hun gezamenlijke en eerdere eigen kinderen heeft gepasseerd. Klager-zoon is volgens de kamer niet-ontvankelijk in zijn klacht omdat hij geen redelijk belang bij indiening van de klacht aannemelijk heeft gemaakt. Klager-vader heeft wel een redelijk belang want hij woont op basis van een vruchtgebruikregeling in een woning die tot de nalatenschap van erflater behoort. De klachten van klager-vader worden echter ongegrond verklaard. Onder meer omdat niet is komen vast te staan dat de (kandidaat-)notaris bij het voorbereiden en passeren van dit sterfbed-testament zou hebben gehandeld in strijd met de zorgvuldigheid/het Stappenplan. Ook de verdere verwijten die klager de (kandidaat-)notaris maakt zijn feitelijk niet komen vast te staan en/of treffen geen doel.
-
ECLI:NL:TNORARL:2021:39 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/385479 / KL RK 21-43
- Datum publicatie: 13-09-2021
- Datum uitspraak: 02-08-2021
- ECLI:NL:TNORARL:2021:39
Klacht met betrekking tot een door de notaris gemaakte fout in een hypotheekakte. De klacht van klager ziet op de informatieplicht van de notaris voorafgaand aan het passeren, de gemaakte fout in de akte, de pogingen tot herstel van de fout door de notaris en de houding van de notaris bij de afwikkeling van de door klager gestelde schade. De kamer heeft de klacht gedeeltelijk gegrond verklaard en aan de notaris een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TNORARL:2021:40 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/385121 / KL RK 21-35
- Datum publicatie: 13-09-2021
- Datum uitspraak: 27-07-2021
- ECLI:NL:TNORARL:2021:40
Klacht over de beoordeling van de wilsbekwaamheid van een testateur kort voorafgaand en ten tijde van het passeren van zijn testament. De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard. De kamer heeft overwogen dat de door klagers aangehaalde omstandigheden niet zonder meer meebrengen dat vader niet in staat was zijn wil te bepalen. Wel gaven zij aanleiding om de wilsbekwaamheid nader te onderzoeken. Hoewel het vanwege de aanwezige indicatoren (gezondheidstoestand vader; ingrijpende afwijking van het eerdere concept) voor de hand had gelegen dat de notaris bewust de stappen uit het Stappenplan zou hebben gevolgd en haar bevindingen in het dossier zou hebben vastgelegd, heeft de notaris dat niet gedaan, zo heeft zij zelf ter zitting verklaard. Uit het verweerschrift van de notaris en hetgeen zij ter zitting verder naar voren heeft gebracht, is het de kamer echter wel gebleken dat de notaris in concreto verschillende stappen uit het Stappenplan heeft toegepast, op basis waarvan de notaris zich een oordeel heeft kunnen vormen over de wilsbekwaamheid van vader. De kamer heeft verder overwogen dat de notaris tijdens haar besprekingen met vader tot de conclusie is gekomen dat hij bekwaam was om zijn wil te bepalen. Het was in eerste instantie aan de notaris om vast te stellen of vader voldoende bekwaam was om de inhoud van de akte te begrijpen. Er was bij de notaris geen sprake van twijfel over de wilsbekwaamheid van vader. Dat de notaris tot een andere conclusie had moeten komen, is niet of onvoldoende gebleken. De notaris heeft meermaals uitgebreid en ook onder vier ogen met vader gesproken waarbij vader duidelijk kon uitleggen wat zijn wens was en wat zijn beweegredenen hiervoor waren. Naar het oordeel van de kamer heeft de notaris niet onzorgvuldig gehandeld. De notaris kon en mocht in de gegeven omstandigheden concluderen dat vader wilsbekwaam was om zijn testament op te maken
-
ECLI:NL:TNORARL:2021:41 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/384293 / KL RK 21-31
- Datum publicatie: 13-09-2021
- Datum uitspraak: 27-07-2021
- ECLI:NL:TNORARL:2021:41
De kamer heeft de klacht gedeeltelijk gegrond verklaard voor zover deze ziet op het niet tijdig verstrekken van een conceptakte van levering en een concept nota van afrekening. Deze zijn pas twee dagen voor passeren aan klager verstrekt. Naar aanleiding van de concepten maakte klager bezwaar tegen de door de kopers gewenste contractsovername. Ook maakte klager bezwaar tegen de door de VvE gevorderde achterstand. Doordat de concepten pas zeer laat aan klager zijn verstrekt, heeft de notaris zelf de situatie laten ontstaan waarin er maar weinig tijd was voor overleg en de situatie al snel dreigde te escaleren. De e-mail van de notaris aan klager kan door de toonzetting van de notaris in combinatie met de door de notaris gecreëerde tijdsdruk, door de concepten zeer laat gereed te hebben, voor ontoelaatbare druk bij klager hebben gezorgd om van zijn bezwaren af te zien en de akte van levering alsnog te passeren. De kamer acht dit tuchtrechtelijk verwijtbaar en heeft de notaris een waarschuwing opgelegd.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2021:90 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2188/004A
- Datum publicatie: 13-09-2021
- Datum uitspraak: 13-09-2021
- ECLI:NL:TGZRAMS:2021:90
Patiënte is overleden aan een tumor in het oog te hebben. Verweerder, oogarts, wordt verweten dat hij na het overlijden afgifte van het medisch dossier heeft getraineerd. Verweerder voert verweer.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2021:91 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2197-A2021/004B
- Datum publicatie: 13-09-2021
- Datum uitspraak: 13-09-2021
- ECLI:NL:TGZRAMS:2021:91
Aan oogarts wordt verweten de oogklachten van patiënte niet serieus te hebben genomen, Patiënte bleek een tumor in het oog te hebben, als gevolg waarvan zij uiteindelijk is overleden.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2021:158 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2021.034
- Datum publicatie: 10-09-2021
- Datum uitspraak: 10-09-2021
- ECLI:NL:TGZCTG:2021:158
Klacht tegen psychiater. Volgens klaagster is zij als gevolg van de psychiatrische herbeoordeling (second opinion van verweerder en een collega-psychiater onterecht aangemerkt met een paranoïde waanstoornis ‘leidend tot disfunctioneel gedrag’, een en ander met haar ondercuratelestelling tot gevolg. Klaagster verzoekt een einde te maken aan deze volgens haar verzonnen geestelijke stoornis. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster bij voorzittersbeslissing kennelijk niet-ontvankelijk verklaard in haar klacht. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klaagster ontvankelijk, doet de zaak zelf af en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2021:92 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3120
- Datum publicatie: 10-09-2021
- Datum uitspraak: 10-09-2021
- ECLI:NL:TGZRAMS:2021:92
Klager verwijt tandarts dat hij hem op een onrespectvolle en dreigende manier heeft bejegend, dat hij hem geen gelegenheid heeft gegeven om tijdens de periodieke reiniging te spoelen en hem geen financiële vergoeding heeft gegeven voor het voortijdig afbreken van de behandeling. Verweerder heeft een andere lezing van wat er gebeurd is. Volgens hem heeft klager tijdens de behandeling meerdere malen getracht zijn hand te grijpen en was verder gaan niet verantwoord, omdat dit een gevaarlijke situatie opleverde. Stellingen van klager zijn niet komen vast te staan. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2021:159 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2021.035
- Datum publicatie: 10-09-2021
- Datum uitspraak: 10-09-2021
- ECLI:NL:TGZCTG:2021:159
Klacht tegen psychiater. Volgens klaagster is zij als gevolg van de psychiatrische herbeoordeling (second opinion) van de psychiater en een collega van de psychiater onterecht aangemerkt met een paranoïde waanstoornis ‘leidend tot disfunctioneel gedrag’, een en ander met haar ondercuratelestelling tot gevolg. Klaagster verzoekt een einde te maken aan deze volgens haar verzonnen geestelijke stoornis. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster bij voorzittersbeslissing kennelijk niet-ontvankelijk verklaard in haar klacht. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klaagster ontvankelijk, doet de zaak zelf af en verklaart de klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2021:93 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/2286-A2021/036
- Datum publicatie: 10-09-2021
- Datum uitspraak: 10-09-2021
- ECLI:NL:TGZRAMS:2021:93
Klaagster verwijt verweerster, tandarts, haar kaak te hebben gebroken bij het trekken van een kies. Dat de kaak gebroken is destijds, is echter niet komen vast te staan. Verder verwijt klaagster verweerster dat zij een declaratie heeft gestuurd voor een prothese, terwijl enkel haar eigen brugprothese is aangepast, alsmede dat ze onvoldoende geïnformeerd is over de behandeling en de risico's. Het college overweegt dat verweerster juist heeft gedeclareerd en dat het verweerster niet in gebreke is gebleven wat betreft de informatievoorziening. Klacht kennelijk ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1267
- Pagina: 1268
- Pagina: 1269
- ...
- Pagina: 4813
- Volgende pagina zoekresultaten