Zoekresultaten 10941-10950 van de 48257 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSGR:2022:74 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-218/DH/RO
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 18-05-2022
- ECLI:NL:TADRSGR:2022:74
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de eigen advocaat in een familiezaak kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2022:7 Kamer voor het notariaat Den Haag 21-32
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 13-04-2022
- ECLI:NL:TNORDHA:2022:7
Klaagster verwijt de notaris nalatigheid, onzorgvuldigheid, onnodig tijd rekken en intimidatie van haar als legitimaris bij de afwikkeling van de nalatenschap.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:61 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3023
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 23-05-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:61
Klacht tegen bedrijfsarts. Beklaagde hoefde er niet voor te zorgen dat klager niet langer in een voor hem ziekmakende omgeving hoefde te werken. Ook heeft hij zich terecht buiten het arbeidsconflict gehouden. Beklaagde heeft wel ten onrechte het arbeidsconflict en de somatische klachten (in het dossier) van elkaar gescheiden en het dossier gesloten terwijl klager nog niet volledig arbeidsgeschikt was en door hem geadviseerde maatregelen om arbeidsongeschiktheid te voorkomen nog niet waren getroffen. Overige klachtonderdelen ongegrond. Waarschuwing en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:55 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3233
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 20-05-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:55
Bij klaagster is in 2018 in beide knieën een patellofemorale prothese geplaatst. Vanwege aanhoudende klachten aan de knieën is zij door de huisarts verwezen voor een second opinion. Een collega van beklaagde heeft haar in dat kader gezien en onderzocht. Deze concludeerde dat sprake was van een vorderende artrose van beide knieën bij recent geplaatste patellofemorale prothesen. Hij achtte revisie naar een totale knieprothese onzeker qua uitkomst omdat er nog geen endstage artrose was. Hij sprak een controle af na een half jaar en daarna voor weer een jaar later. Klaagster is toen door een fellow orthopedie gezien. Anamnese, lichamelijk onderzoek en röntgenonderzoek lieten een onveranderd beeld zien ten opzichte van het eerdere röntgenonderzoek. De fellow orthopedie achtte een operatie niet geïndiceerd en stelde verwijzing voor naar een revalidatiearts, eventueel in combinatie met een evaluatie door een pijnpolikliniek. De brief aan de huisarts is mede namens beklaagde, supervisor, ondertekend. Het conservatieve beleid paste bij de bevindingen. Er was geen aanleiding (nader) onderzoek te doen. Voor nadere beeldvorming bestond dan ook geen indicatie. Dat beklaagde als supervisor akkoord is gegaan met de bevindingen en het beleid kan hem dan ook niet worden verweten.Klaagster onderbouwt voorts niet waaruit zou blijken dat beklaagde zijn collega heeft geïnstrueerd niet naar de klachten van klaagster te luisteren en het oordeel al klaar te hebben. Nu in het dossier ook geen aanknopingspunt te vinden is voor de juistheid van de stellingen van klaagster op dit punt, kan het klachtonderdeel niet slagen. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2022:75 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-219/DH/RO
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 18-05-2022
- ECLI:NL:TADRSGR:2022:75
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij in een familiezaak kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2022:8 Kamer voor het notariaat Den Haag 21-37, 21-38, 21-39
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 02-03-2022
- ECLI:NL:TNORDHA:2022:8
Wrakingsverzoek
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:62 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3561
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 17-05-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:62
Klacht tegen huisarts. Klager beklaagt zich erover dat de huisarts de ernst van zijn klachten heeft gemist waardoor klager onnodig lang geen adequaat hulp heeft ontvangen.Beklaagde is als huisarts verantwoordelijk voor het voeren van een deugdelijke praktijkorganisatie en kan tuchtrechtelijk worden aangesproken als er iets schort aan de praktijkorganisatie waaronder het mogelijk niet goed functioneren van haar assistente. Niet gebleken is dat hiervan sprake was. Hoewel de inschatting van de klachten van klager achteraf gezien niet juist was, leidt ditniet tot een tuchtrechtelijk verwijt. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2022:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3232
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 20-05-2022
- ECLI:NL:TGZRZWO:2022:56
Bij klaagster is in 2018 in beide knieën een patellofemorale prothese geplaatst. Vanwege aanhoudende klachten aan de knieën is zij door de huisarts verwezen voor een second opinion. Een collega van beklaagde heeft haar in dat kader gezien en onderzocht. Deze concludeerde dat sprake was van een vorderende artrose van beide knieën bij recent geplaatste patellofemorale prothesen. Hij achtte revisie naar een totale knieprothese onzeker qua uitkomst omdat er nog geen endstage artrose was. Hij sprak een controle af na een half jaar en daarna voor weer een jaar later. Klaagster is toen door beklaagde gezien. Anamnese, lichamelijk onderzoek en röntgenonderzoek lieten een onveranderd beeld zien ten opzichte van het eerdere röntgenonderzoek. Beklaagde achtte een operatie niet geïndiceerd en stelde verwijzing voor naar een revalidatiearts, eventueel in combinatie met een evaluatie door een pijnpolikliniek. De omstandigheid dat bij de operatie aan de linkerknie in januari 2021 de prothese los bleek te zitten betekent niet dat beklaagde kan worden verweten dat hij dit niet heeft geconstateerd dan wel hiernaar geen specifiek onderzoek heeft gedaan. Nader onderzoek naar loslating van de prothese hoefde alleen te worden gedaan als er aanwijzingen waren voor zo’n loslating. Dat was niet het geval. Beklaagde kan evenmin worden verweten dat hij niet de diagnose heeft gesteld dat een endorotatie van de prothese(n) oorzaak was van de bij klaagster na plaatsing van de prothese ontstane klachten. Een endorotatie van een patellofemorale prothese kan leiden tot klachten, maar dat hoeft niet. Gelet op de bevindingen was er evenmin aanleiding hiernaar (nader) onderzoek te doen. Beklaagde kan niet worden verweten dat hij de mogelijkheid van het (laten) maken van een CT-scan niet met klaagster heeft besproken. Gezien de bevindingen en conclusies bestond er namelijk geen indicatie voor een CT-scan. Dat beklaagde niet naar klaagster heeft geluisterd en zijn oordeel vooraf al klaar had kan dan ook niet worden vastgesteld. De omstandigheid dat beklaagde niet tot een ander beleid is gekomen dan (het conservatieve beleid van) zijn voorganger, is daarvoor in ieder geval onvoldoende. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2022:76 Raad van Discipline 's-Gravenhage 21-931/DH/DH
- Datum publicatie: 23-05-2022
- Datum uitspraak: 23-05-2022
- ECLI:NL:TADRSGR:2022:76
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TACAKN:2022:20 Accountantskamer Zwolle 21/1045 Wtra AK
- Datum publicatie: 20-05-2022
- Datum uitspraak: 20-05-2022
- ECLI:NL:TACAKN:2022:20
Partijen in een civiele procedure hebben een accountant ingeschakeld om onderzoek te doen naar de financiën van een vennootschap onder firma. Volgens klaagster heeft de accountant zijn opdracht niet goed en niet tijdig uitgevoerd. Verder zou de accountant niet op haar brieven en telefoontjes hebben gereageerd en zouden zijn declaraties buitensporig zijn. De klachtonderdelen zijn ongegrond verklaard, omdat klaagster haar verwijten onvoldoende heeft onderbouwd en niet aannemelijk heeft gemaakt. Klaagster is in haar klacht die ziet op buitensporig declareren niet-ontvankelijk verklaard, omdat het aan de burgerlijke rechter en/of de Raad voor Geschillen is voorbehouden om tussen partijen bindend te oordelen over civielrechtelijke geschillen inzake declaraties van accountants.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1094
- Pagina: 1095
- Pagina: 1096
- ...
- Pagina: 4826
- Volgende pagina zoekresultaten