Zoekresultaten 1-10 van de 3344 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:59 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-592/AL/OV
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:59
Verzetbeslissing. De raad verklaart het verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:32 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-842/DB/OB
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:32
Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Niet gebleken van overtreding van de gedragsregels 15, 9 en 25. In zoverre ongegrond. Wel heeft verweerster onjuistheden gepresenteerd tijdens het bemiddelingsgesprek bij de deken. In zoverre gegrond. Verweerster heeft daarmee in strijd gehandeld met de kernwaarde integriteit in de zin van artikel 10a Advocatenwet. De raad rekent verweerster dit handelen in strijd met de kernwaarde integriteit zwaar aan. Gelet op de aard van het gegrond bevonden tuchtrechtelijke verwijt acht de raad een voorwaardelijke schorsing voor de duur van twee weken passend en geboden.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:69 Hof van Discipline 's Gravenhage 240381 240382
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:69
Deze zaak betreft het handelen van een advocaat van gefailleerden. Het hoger beroep richt zich tegen de ongegrond verklaarde klachtonderdelen a), e) en f). Klagers - curatoren - verwijten verweerder het medeplegen van witwassen, het niet voldoen aan de op hem rustende onderzoeks- en vergewisplicht in de zin van artikelen 7.1 en 7.3 Voda en handelen in strijd met de in artikel 10a Advocatenwet neergelegde kernwaarde integriteit door het meewerken aan heling, bedrieglijke bankbreuk en/of valsheid in geschrift, althans het faciliteren van het onttrekken van gelden aan de faillissementsboedel. De raad van discipline heeft alle klachtonderdelen (a) tot en met f)) ongegrond verklaard. Het hof sluit zich bij dat oordeel van de raad aan en bekrachtigt het oordeel van de raad.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:33 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-069/DB/ZWB
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:33
Voorzittersbeslissing. Klacht over handelen in strijd met meldingsplicht op grond van Wwft kennelijk-niet ontvankelijk omdat uit de overgelegde stukken op geen enkele wijze is gebleken dat klager door het vermeend handelen van verweerder direct in zijn belang is getroffen.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:60 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-797/AL/GLD
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:60
Klacht over de advocaat van de wederpartij in een langdurig erfrechtelijk geschil. Na een deels uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis is verkoop van een onroerende zaak uit de nalatenschap bevolen met benoeming van een rentmeester voor de verkoop en zo nodig machtiging tot verkoop op basis van dat vonnis bij uitblijven toestemming van de cliënt van verweerder. Die cliënt heeft hoger beroep ingesteld. Verweerder heeft daarna de rentmeester schriftelijk gewezen op de gevolgen van de verkoop tegen de kennelijke wil van zijn cliënt. De rentmeester heeft daarna de verkoop opgeschort totdat partijen overeenstemming hadden bereikt. Naar het oordeel van de raad stond het verweerder vrij om als partijdige belangenbehartiger zijn brieven aan de rentmeester te sturen. De advocaat van klager kon daarop reageren, en heeft dat ook gedaan. Van een dreigende toonzetting is geen sprake geweest. Dat is zo ook niet door de rentmeester opgevat. De beslissing van de rentmeester kan verweerder tuchtrechtelijk niet worden verweten. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:70 Hof van Discipline 's Gravenhage 250021 250022 250023 250024
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:70
Deze zaak betreft een klacht over twee advocaten die rechtsbijstand hebben verleend, de advocaat-klachtfunctionaris en een advocaat-bestuurder van een advocatenkantoor. Klagers verwijten verweerders onvoldoende zorgvuldigheid en/of onvoldoende deskundigheid te hebben betracht in de wijze waarop zij twee zaken van klagers hebben behandeld. De Raad van Discipline heeft klagers 1 tot en met 3 en 5 tot en met 9 niet-ontvankelijk verklaard voor zover de klacht is gericht op het geschil met de familie A. De raad heeft de klacht voor het overige ongegrond verklaard. Het hof sluit zich aan bij dat oordeel van de raad. De klacht is ook in hoger beroep op alle klachtonderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2026:34 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 26-070/DB/ZWB
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TADRSHE:2026:34
Voorzittersbeslissing. Klacht over handelen in strijd met meldingsplicht op grond van Wwft kennelijk-niet ontvankelijk omdat uit de overgelegde stukken op geen enkele wijze is gebleken dat klager door het vermeend handelen van verweerder direct in zijn belang is getroffen.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:61 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-887/AL/MN
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 09-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:61
voorzittersbeslissing over de advocaat van de wederpartij van klager. Niet is gebleken van grievende uitlatingen, schending vertrouwelijkheid of onvoldoende professionele distantie van verweerder. Deels kennelijk niet-ontvankelijk, deels kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:48 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8295
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TGZRAMS:2026:48
Ongegronde klacht tegen een reumatoloog. Klaagster is circa 5 maanden onder behandeling geweest van de reumatoloog. Klaagster verwijt de reumatoloog onder meer dat zij te lang en in een te hoge dosering Prednisolon heeft voorgeschreven. Het college stelt vast dat bij klaagster sprake was van een ernstige aandoening waarvoor snelle en adequate onderdrukking van ziekteactiviteit noodzakelijk was. Het voorschrijven van hoge doseringen Prednisolon was hierbij gebruikelijk en medisch geïndiceerd. Uit het dossier blijkt dat de reumatoloog de ziekteactiviteit van klaagster structureel heeft gemonitord en het beleid telkens heeft aangepast aan het beloop van de aandoening. Dat achteraf is geoordeeld dat eerder of sneller afbouwen mogelijk was geweest, maakt niet dat de reumatoloog ten tijde van haar handelen buiten de grenzen van een redelijk bekwame en redelijk handelende reumatoloog is getreden. Ook de overige klachtonderdelen zijn ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2026:62 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 26-081/AL/NN
- Datum publicatie: 10-03-2026
- Datum uitspraak: 10-03-2026
- ECLI:NL:TADRARL:2026:62
voorzittersbeslissing. Klacht over bestuurder van een kantoor. Verweerster was op de achtergrond op de hoogte van de weigering van een kantoorgenoot om wegens betalingsachterstand van klagers op grond van het kantoorbeleid op enig moment haar opdracht neer te leggen. Ook was verweerster als bestuurder op de hoogte van de gang van zaken bij de klachtenfunctionaris. Verweerster heeft naar het oordeel van de voorzitter op zorgvuldige wijze gehandeld richting klagers. Kennelijk ongegrond.
- Pagina: 1
- Pagina: 2
- ...
- Pagina: 335
- Volgende pagina zoekresultaten