Zoekresultaten 211-220 van de 7192 resultaten
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:155 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2934
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:155
Klacht tegen chirurg kennelijk ongegrond. Klager, die al sinds lange tijd bekend is met een partiële dwarslaesie, heeft na een val in huis zijn onderbeen gebroken. In verband hiermee is hij in het ziekenhuis opgenomen geweest, waar hij door de chirurg is geopereerd. Over de opname vanwege zijn beenbreuk heeft klager klachten ingediend tegen verschillende artsen die bij zijn behandeling waren betrokken, onder wie de chirurg. Het Centraal Tuchtcollege laakt het gebrek aan regie tijdens de opname van klager, maar dient voor iedere arts afzonderlijk te beoordelen of al dan niet sprake is van persoonlijke verwijtbaarheid. De chirurg zag klager voor het eerst op de operatiekamer. Hoewel het beter was geweest als de chirurg eerder met klager had gesproken, is dit onvoldoende om hem een tuchtrechtelijk verwijt te maken. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:158 Raad van Discipline Amsterdam 26-094/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:158
Raadsbeslissing; klacht (deels) gegrond. Verweerder heeft een marktplaatsaccount aangemaakt onder een valse naam, met als doel aankopen te doen bij verkopers die mogelijk inbreuk maakten op het merkrecht van zijn cliënte zonder bekend te maken dat hij de advocaat van deze cliënte was. Daarmee heeft verweerder onbetamelijk gehandeld. Op het moment dat de feiten waar de klacht op ziet zich voordeden was verweerder pas vier maanden advocaat en werkte hij onder verantwoordelijkheid van zijn patroon. Verweerder heeft ter zitting verklaard dat de aan hem verweten werkwijze gangbare praktijk is binnen zijn kantoor en zijn patroon heeft dat bevestigd. Hoewel verweerder in beginsel zelf verantwoordelijk is voor zijn handelen ziet de raad in deze specifieke omstandigheden aanleiding af te zien van het opleggen van een maatregel.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:234 Hof van Discipline 's Gravenhage 260270
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 23-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:234
Verzoek om verwijzing klacht op grond van het bepaalde in artikel 46c lid 5 Advocatenwet afgewezen. De voorzitter constateert dat de klachten van klager betrekking hebben op procedurele voorschriften van de deken die bedoeld zijn om het klachtonderzoek door de deken op zorgvuldige wijze te laten verlopen. Het klachtrecht is niet bedoeld om dergelijke voorschriften/beslissingen van procedurele aard van de deken in het kader van een lopend klachtonderzoek ter discussie te stellen. Klager kan zijn klacht over bedoelde advocaten na afronding van het onderzoek door de deken, en na betaling van het griffierecht, door de deken ter kennis laten brengen van de Raad van Discipline en laten beoordelen door de tuchtrechter. Binnen de kaders van die procedure kan klager desgewenst ook naar voren brengen waarom het onderzoek door de deken naar de mening van klager niet deugt. Daarom zal de voorzitter de klachten over de deken niet verwijzen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:152 Raad van Discipline Amsterdam 26-464/A/NH
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:152
Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat van de wederpartij. Klager verwijt verweerster dat zij hem bij de rechtbank onterecht heeft beschuldigd van het uiten van bedreigingen richting haar cliënte. Klacht is kennelijk ongegrond. Alhoewel van een familierechtadvocaat een zekere terughoudendheid mag worden verwacht in het doen van uitlatingen, stond het verweerster in de omstandigheden van dit geval vrij om dit standpunt in het belang van haar cliënte naar voren te brengen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:165 Raad van Discipline Amsterdam 25-848/A/NH
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:165
Beslissing op verzet. Klaagster is lid van een VvE. Verweerster staat de VvE bij, maar ook de twee andere leden van de VvE. Klaagster heeft erover geklaagd dat dat niet kan. De voorzitter heeft de klacht gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en gedeeltelijk kennelijk ongegrond. De raad acht het verzet gegrond. Uit de beslissing van de voorzitter blijkt niet dat hij heeft getoetst aan het kader dat door het hof van discipline is gegeven in ECLI:NL:TAHVD:2022:16. De raad verwijst de zaak naar een zitting voor de verdere behandeling van de klacht.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:156 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3263
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:156
.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:159 Raad van Discipline Amsterdam 26-114/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:159
Raadbeslissing; gegronde klacht over de advocaat wederpartij. Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klager rechtstreeks te benaderen, terwijl zij wist dat hij werd bijgestaan door een advocaat. Daarnaast heeft zij zich in haar sommatiebrief ongepast en dreigend uitgelaten. Bij de bepaling van de maatregel heeft de raad meegewogen dat verweerster haar fout ten aanzien van het rechtstreeks aanschrijven van klager zelf heeft ingezien en na ontdekking heeft rechtgezet. Gelet daarop en mede in aanmerking nemend dat verweerster niet eerder met de tuchtrechter in aanraking is gekomen, acht de raad de maatregel van een waarschuwing passend en geboden.
-
ECLI:NL:TAHVD:2026:235 Hof van Discipline 's Gravenhage 260257 260258
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 23-07-2026
- ECLI:NL:TAHVD:2026:235
Afwijzing verzoek tot verwijzing op grond van artikel 46c lid 5 Advocatenwet. Het klachtrecht is niet bedoeld om te klagen over procedurele beslissingen die een deken tijdens het klachtonderzoek neemt (zoals het toelaten van stukken). Klager kan, na afronding van het klachtonderzoek door de deken en na betaling van het griffierecht, zijn klacht over mr. S laten toetsen door de raad van discipline. Binnen de kaders van die procedure kan klager al zijn bezwaren over het klachtonderzoek door de deken en de daarin door de deken genomen procedurele beslissingen onder de aandacht van de raad van discipline brengen. Daarom zal de voorzitter de klacht over de deken niet verwijzen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2026:153 Raad van Discipline Amsterdam 26-459/A/A 26-462/A/A
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 20-07-2026
- ECLI:NL:TADRAMS:2026:153
Voorzittersbeslissing; Twee opvolgende klachten over de advocaat wederpartij (van klagers ex-partner) in een familierechtszaak kennelijk ongegrond met waarschuwing misbruik van recht. Klager heeft inmiddels drie klachten ingediend over verweerder. De klachten betreffen stuk voor stuk de bijstand van verweerder aan de ex-partner van klager. De voorzitter is er ambtshalve mee bekend dat klager over de voormalig advocaat van zijn ex-partner ook vier klachten heeft ingediend. Klager is erop gewezen dat het tuchtrecht er niet voor is bedoeld om onbeperkt ruimte te geven aan klagers om hun onvrede over advocaten telkens opnieuw, in iets andere vorm, maar met op hoofdlijnen dezelfde soort klachten, aan de orde te stellen. Klager moet er daarom ernstig rekening mee houden dat een volgende klacht die op enigerlei wijze samenhangt met de eerder ingediende klachten, niet meer (inhoudelijk) in behandeling wordt genomen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2026:157 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2935
- Datum publicatie: 23-07-2026
- Datum uitspraak: 22-07-2026
- ECLI:NL:TGZCTG:2026:157
Klacht tegen chirurg kennelijk ongegrond. Klager, die al sinds lange tijd bekend is met een partiële dwarslaesie, heeft na een val in huis zijn onderbeen gebroken. In verband hiermee is hij in het ziekenhuis opgenomen geweest. Over de opname vanwege zijn beenbreuk heeft klager klachten ingediend tegen verschillende artsen die bij zijn behandeling waren betrokken, onder wie de chirurg. Het Centraal Tuchtcollege laakt het gebrek aan regie tijdens de opname van klager, maar dient voor iedere arts afzonderlijk te beoordelen of al dan niet sprake is van persoonlijke verwijtbaarheid. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.