Zoekresultaten 42311-42320 van de 47606 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1986 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3607/11.09

    Uitgangspunt in de relatie advocaat-wederpartij is steeds dat die advocaat een grote mate van vrijheid toekomt om de belangen van zijn cliënt te behartigen op de wijze die hem passend voorkomt. Deze vrijheid mag niet ten gunste van een (processuele) wederpartij worden beknot, tenzij de belangen van die wederpartij nodeloos en op ontoelaatbare wijze worden geschaad. Daarvan is niet gebleken. Evenmin is gebleken dat verweerster bij het optreden namens haar cliënt over de schreef is gegaan. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKASS:2010:YC0667 Kamer van toezicht Assen 09/2009

    Niet tijdig indienen jaarstukken in strijd met artikel 24, vierde lid, en 112, eerste lid, Wna.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA2008 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3779/11.183

    Het indienen van een klacht door de advocaat kan niet worden aangemerkt als een handelen in strijd met het klachtrecht, dan wel handelen in strijd met regel 1, 3 dan wel 17 van de Gedragsregels. Vaststaat immers dat klager de advocaat onjuiste informatie heeft verstrekt, terwijl daarvoor niet op voortvarende wijze werd gereageerd op verzoeken van de kantoorgenoot van de advocaat in het kader van een financiële afwikkeling van de toevoeging.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1962 Raad van Discipline Amsterdam 10-442A

    uitlating advocaat in media – vrijheid van meningsuiting in de uitoefening van het vak van advocaat- klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1963 Raad van Discipline Amsterdam 10-348A

    communicatie met partijen – klacht tegen advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1964 Raad van Discipline Amsterdam 10-441A

    aanzegging van rechtsmaatregelen bij niet betaling declaratie tuchtrechtelijk laakbaar? - klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1965 Raad van Discipline Amsterdam 10-411Alk

    klacht over de door de advocaat te betrachten zorgvuldigheid jegens derden/belanghebbenden- klacht niet ontvankelijk

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1966 Raad van Discipline Amsterdam 11-015H

    klacht tegen de deken in verband met vereiste communicatie en voortvarende behandeling bij klachtprocedures gegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2011:YC0673 Kamer van toezicht Zutphen 12-2010 en 15-2010

    omschrijving klacht: het feit dat de notaris een negatieve bewaringspositie op zijn kwaliteitsrekening heeft laten ontstaan door overboeking van gelden van de kwaliteitsrekening naar de kantoorrekening ten behoeve van betaling van kantoorkosten en crediteuren. Terwijl in juni 2010 de bewaringspositie al negatief was, heeft hij toen toch nog aanzienlijke bedragen van zijn kwaliteitsrekening overgemaakt naar zijn kantoorrekening, die hij voor een deel weer heeft overgemaakt naar een privérekening. Hij heeft derhalve het tekort bewust nog fors verder laten oplopen. het feit dat de notaris in strijd met artikel 25, derde lid, Wna het tekort in het saldo van de kwaliteitsrekening niet terstond heeft aangevuld en zelfs nog steeds niet heeft aangevuld. het feit dat de notaris aan het BFT bewust onjuiste dan wel misleidende informatie heeft verstrekt, waardoor de negatieve bewaringspositie – die al geruime tijd bestond – ten opzichte van het BFT werd verbloemd. Oordeel: De oud-notaris heeft bewust niet voldaan aan zijn wettelijke verplichting om ervoor zorg te dragen dat er geen negatieve bewaringspositie ontstaat. Hij heeft het tekort fors op laten lopen en is vervolgens gedefungeerd zonder dit tekort te hebben aangevuld. Willens en wetens heeft hij de gelden van derden aangewend ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering, hetgeen een groot risico op benadeling van die derden met zich bracht. Hiermee heeft hij het vertrouwen van de maatschappij dat aan het notariaat toevertrouwde gelden in veilige handen zijn, in ernstige mate beschaamd. Daarnaast heeft hij het uitoefenen van de toezichthoudende taak door het BFT feitelijk onmogelijk gemaakt door in ieder geval op twee momenten bewust misleidende informatie aan het BFT te verstrekken over de bewaringsposities van zijn kantoor. Dit handelen van de oud-notaris is een fundamentele schending van de eer en de waardigheid van het notariaat. De Kamer acht dan ook de zwaarst mogelijke tuchtmaatregel van ontzetting uit het ambt passend en geboden.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0661 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2010/964

    Klaagster verwijt de notaris de nalatenschap van haar ouders onzorgvuldig te hebben afgewikkeld. Klachten ongegrond