Zoekresultaten 38551-38560 van de 48312 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:YA4061 Raad van Discipline Arnhem 12-237

    Verwijt: openstaande declaraties van klaagster/ medisch adviseur niet voldoen. Niet gebleken dat de vrijwel allemaal op 28 mei 2009 gedateerde nota’s in door verweerster behandelde zaken eerder aan het kantoor c.q. verweerster zijn toegezonden en toen niet betaald zijn. Na vertrek van kantoor van klaagster ontvangen nota’s in de zaken die verweerster nog in behandeling had en had meegenomen naar haar nieuwe kantoor heeft zij getracht alsnog te verhalen en waar mogelijk reeds voldaan. Oordeel: verweerster treft geen verwijt. Ten aanzien van verweerder is de raad van oordeel dat in de relatie met klaagster als professionele opdrachtnemer hij van haar mocht verwachten dat zij steeds tijdig en deugdelijk gespecificeerd haar werkzaamheden zou declareren. Klaagster heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij dat heeft gedaan. Op grond van de thans beschikbare informatie kan niet worden vastgesteld of verweerder bedragen aan klaagster verschuldigd is. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2013:YG2829 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1283

    Arts, deskundig op het gebied van kindermishandeling en onderzoek daarvan, wordt verweten dat hij ernstig tekort geschoten is in het tot stand komen van een deugdelijke rapportage. Er is sprake van vergelijkbare klachten die hebben geleid tot een door het college in 2011 gegeven beslissing, waarbij verweerder de maatregel werd opgelegd van gedeeltelijke ontzegging van de bevoegdheid zijn beroep uit te oefenen, te weten het schrijven van rapportages en/of adviezen voor de duur van een half jaar. Vast staat dat verweerder binnen twee maanden na het onherroepelijk worden van deze beslissing, het onderhavige dossieronderzoek heeft verricht en het rapport heeft opgesteld en uitgebracht. Doorhaling van de inschrijving in het register.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:YA4062 Raad van Discipline Arnhem 12-205

    Klacht ziet in hoofdzaak op het niet willen treffen van een regeling met betrekking tot openstaande declaraties van klaagster, medisch adviseur in op kantoor van verweerders behandelde letselzaken. Klacht tegen maatschap ontvankelijk. Onderzoek naar de aard van de samenwerking tussen klaagster en het kantoor en de wijze waarop die samenwerking in de loop der jaren gestalte heeft gekregen heeft niet plaats gevonden hoewel daartoe gezien de aard en inhoud van de beschikbare informatie wel aanleiding bestond. De raad heeft niet kunnen vaststellen dat verweerder en de maatschap geen regeling met klaagster hebben willen treffen. Voor het treffen van een regeling zal echter eerst aannemelijk moeten zijn geworden dat verweerders enig bedrag aan klaagster verschuldigd zijn. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2013:YG2833 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2011.405

    De klacht betreft de behandeling van de vader van klaagster, verder te noemen de patiënt. De klacht houdt, samengevat, in dat de arts, neuroloog, is tekortgeschoten in de zorg die hij jegens patiënt had behoren te betrachten door onder meerpatiënt uit het ziekenhuis te ontslaan en over te plaatsen naar een woonzorgcentrum. Patiënt is overleden. Klaagster heeft de volgende klachtonderdelen voorgelegd: 1. De arts heeft in zijn diagnostisch proces ten aanzien van patiënt onzorgvuldig gehandeld; 2. De arts heeft geen second opinion door een externe collega laten verrichten; 3. De arts heeft het verzoek van klaagster om een second opinion niet serieus genomen; 4. De arts heeft na de uitslag van het ANA-onderzoek op 12 april 2005 geen vervolgonderzoeklaten verrichten; 5. De arts heeft a) een psychogene oorzaak van de klachten van patiënt verondersteld b) zonder daarover een specialist, zoals een psychiater te raadplegen; 6. De arts heeft de klachten van patiënt niet serieus genomen; 7. De arts heeft als hoofdbehandelaar geen samenhangende zorg ten aanzien van patiënt verleend; 8. De arts heeft a) onjuiste en onvolledige informatie aan de verpleegkundigen verstrekt en bovendien b) geen zicht gehouden op deze door hem gegeven instructies; 9. De arts heeft onzorgvuldig gehandeld door a) de beslissing te nemen patiënt over te plaatsen en bovendien hem b) naar de gekozen instelling over te plaatsen; 10. De arts heeft a) onjuiste en onvolledige informatie aan de instelling verstrekt en bovendien b) geen zicht op de gegeven instructies gehouden. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt de klacht op al haar onderdelen, met uitzondering van klachtonderdeel 5, gegrond en legt de arts de maatregel van een waarschuwing op. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het door de arts ingestelde principale appel op alle klachtonderdelen gegrond. Het door klaagster ingestelde incidentele appel wordt verworpen.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:YA4063 Raad van Discipline Arnhem 12-208

    Verzet. De door klager aangevoerde gronden kunnen niet slagen. De voorzitter heeft de klacht terecht en op juiste gronden kennelijk ongegrond bevonden. Onderzoek in verzet heeft niet geleid tot andere beschouwingen.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2013:YG2834 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2012.039

    De aangeklaagde neuroloog heeft op verzoek van de bestuursrechter als medisch deskundige een uitspraak gedaan over de inschatting door de UWV arts van de gezondheidstoestand van klaagster op een in het verleden gelegen tijdstip in het kader van haar WAO-rechten. De klacht houdt in 1) dat het niet mogelijk is voor een arts om met voldoende nauwkeurigheid uitspraken te doen over de gezondheidstoestand van een persoon op een bepaalde datum in het verleden, 2) dat het door de neuroloog aan de rechtbank uitgebrachte advies onzorgvuldig is, 3) dat de neuroloog geen gebruik heeft gemaakt van alle van belangzijnde stukken, en 4) dat de neuroloog in zijn advies geen gebruik heeft gemaakt van een bepaald onderzoek. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard en afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep verworpen.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2013:YG2830 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 12153a

    Cardioloog wordt verweten dat hij klaagster onvoldoende heeft geïnformeerd over de risico’s bij een ablatiebehandeling, over een mogelijk uitstel van die behandeling en dat hij haar niet heeft geïnformeerd over het feit dat hij niet zelf de ingreep zou doen. Ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2013:YB0927 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam 287.2012

    De klacht betreft de specificatie van de vordering, het afwijzen van een betalingsvoorstel en het dreigen met het nemen van rechtsmaatregelen. Omdat klager pas in 2012 heeft geklaagd over het niet verstrekken van de door hem gevraagde specificatie acht de Kamer hem in die klacht niet-ontvankelijk. Ten aanzien van de betalingsregeling geldt als uitgangspunt dat een gerechtsdeurwaarder een betalingsvoorstel dient voor te leggen aan zijn opdrachtgever. De gerechtsdeur heeft erkend dat dit niet is gebeurd. De door de gerechtsdeurwaarder genoemde redenen acht de Kamer onvoldoende om van dit uitgangspunt af te wijken. Het aankondigen van rechtsmaatregelen dat daar vervolgens geen gevolg aan wordt gegeven is op zich niet tuchtrechtelijk laakbaar. Gelet op de omstandigheden van het geval acht de Kamer het in dit geval niet in de rede liggen steeds rechtsmaatregelen aan te kondigen. Klachten deels gegrond, geen maatregel opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRARN:2013:YA4064 Raad van Discipline Arnhem 12-179

    Verzet. De door klaagster aangevoerde gronden kunnen niet slagen. Het betoog van klaagster dat verweerster als werkgever van mr. X aansprakelijk is voor onzorgvuldig handelen van haar werknemer, volgt de raad niet. De tuchtrechter toetst aan een andere norm dan de civiele rechter. Het is de raad niet gebleken dat er een tuchtrechtelijk verwijt aan het kantoor kan worden gemaakt.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2013:YG2835 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2012.101

    Klaagster is op verwijzing van verweerder, neuroloog in een ziekenhuis, gezien door een neurochirurg, die de diagnose neurogene claudicatio heeft gesteld en klaagster heeft geopereerd. Na de operatie is verweerder bij klaagsters behandeling betrokken geweest. Klaagster verwijt de arts dat hij 1) de medicatie zonder overleg heeft stopgezet, 2) te laat een nabloeding heeft geconstateerd en 3) zonder toestemming gebruik heeft gemaakt van een brief uit het medisch dossier van klaagster. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in alle onderdelen ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep verworpen.