Zoekresultaten 21661-21670 van de 47477 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:23 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-228

    Gegronde klacht tegen een (waarnemend) huisarts. Enkele verschijnselen, zoals onder meer de heftige hoofdpijn gedurende vijf dagen, het gevoelde knapje in het achterhoofd, de dronkemansgang en het wazig zien, hadden, in onderlinge samenhang bezien, aanleiding moeten zijn om ofwel klager in te sturen naar het ziekenhuis voor nader onderzoek, ofwel uitdrukkelijker instructies te geven ten behoeve van de arts die klager de volgende dag zou consulteren, of dat nu de eigen huisarts van klager zou zijn of ook weer een waarnemend arts. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:7 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-606

    Klacht over niet bespreken van de financiële draagkracht van klaagster en ten onrechte geen toevoeging aan vragen door de eigen advocaat met als gevolg dat klaagster hoge kosten voor de werkzaamheden van verweerster heeft moeten voldoen. Klacht ongegrond. De toepasselijke gedragsregel is ingegeven door het belang dat goed wordt gecommuniceerd over de kosten die de advocaat voor zijn werkzaamheden in rekening brengt en over het systeem van door de overheid gesubsidieerde rechtsbijstand, waaraan een advocaat niet verplicht behoeft deel te nemen. Oorspronkelijk heeft klaagster de voorschotnota en de tussentijdse nota’s van verweerster voldaan en nadat verweerster alsnog voor klaagster een toevoeging had aangevraagd is verweerster nog twee jaar lang voor klaagster blijven optreden. Kennelijk vormden de tot dan toe door verweerster verzonden en grotendeels door klaagster betaalde nota’s daarvoor geen belemmering en had klaagster in die periode niet de behoefte om deze nader aan de orde te stellen c.q. daarover te klagen. Daaruit moet worden afgeleid dat klaagster er ook op dat moment nog van uit ging dat zij de kosten van verweerster uit hetgeen zij uit de boedelscheiding zou ontvangen zou kunnen betalen

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:22 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/300

    De klacht houdt samengevat in dat de vertrouwensarts in het samenstellen van haar rapportages en berichtgeving over klagers zoontje onzorgvuldig jegens klagers heeft gehandeld. Klagers verwijten verweerster onder andere dat zij in deze rapportage een beeld van klagers schetst (danwel tracht te schetsen) dat overeenkomt met haar uitgangspunt dat er sprake is van PCF bij klagers zoontje. Ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:210 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-352

    Verweerders staan een aantal vennootschappen bij. Klagers zijn certificaathouders van 2 daaraan gelieerde vennootschappen. De raad stelt vast dat het advocatenkantoor /verweerder met medeweten van de Nederlandse Orde van Advocaten een strategische alliantie heeft gesloten met de fiscale partners van Mazars. De raad ziet niet in in welke zin verweerders binnen dat samenwerkingsverband verweten kan worden dat zij over en weer vertrouwelijke informatie hebben uitgewisseld, temeer daar hun cliënten hen daarvoor toestemming hebben gegeven. Voor zover klagers stellen dat verweerders door hun samenwerking met Mazars ook toegang hebben gehad tot financiële (privé)informatie van één van klagers waarover Mazars beschikte zal die klager zich dienen te wenden tot Mazars; niet tot verweerders. Dat die persoonlijke informatie is uitgewisseld is de raad overigens niet gebleken. De raad begrijpt dat klagers een financieel belang hebben in hun geschil met hun vader en de aan hem gelieerde vennootschappen, maar daarvoor staan andere (juridische) wegen open. Op grond van het vorenstaande is de raad van oordeel dat verweerders met hun handelen in de kwestie van klagers het vertrouwen in de advocatuur niet hebben geschaad en voorts van oordeel dat verweerders daarbij op onafhankelijke en integere wijze zijn opgetreden. Ongegrond. Klagers worden in hun andere klachtonderdeel niet-ontvankelijk verklaard. Klagers hebben geen toereikend (rechtstreeks) belang daarbij omdat zij certificaathouders zijn van 2 vennootschappen en geen aandeelhouders met de daaraan gekoppelde rechten. Het in dit klachtonderdeel gemaakte verwijt betreft klagers niet.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:40 Raad van Discipline Amsterdam 18-007/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Verweerster heeft de zaak van de echtgenoot van klaagster niet onredelijk laat overgedragen. Dat verweerster vertrouwelijke informatie over klaagster, afkomstig van mr. B, met de huidige advocaat van de echtgenoot van klaagster heeft gedeeld, heeft klaagster onvoldoende feitelijk onderbouwd.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2019:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 218/2018

    Klacht tegen UWV-arts in verband met beoordeling na één jaar Ziektewet. Raadkamerbeslissing. Klacht over leugenachtig rapporteren en onvoldoende informatie vragen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:32 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170272

    Klacht tegen eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening en de hoogte van de declaratie. Het hof deelt het oordeel van de raad dat de door de advocaat voorgestane aanpak van de zaak goed verdedigbaar en niet in strijd met de kwaliteitseisen is. Dat een declaratiemaximum van € 10.000 zou zijn afgesproken, is ook in hoger beroep niet komen vast te staan. Klacht ongegrond. Bekrachtiging.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 015/2018

    Klacht over door tandarts afgelegde verklaring. Niet kan worden aangenomen dat aangeklaagde de verklaring heeft geschreven in zijn professionele hoedanigheid. Niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17149a

    Cardioloog. Klacht: Uitsluitend op basis van symptomen gehandeld. Te lang gewacht met gericht optreden (1); eerder aan (peri) myocarditis moeten denken (2), als anders gehandeld, zou moeder van klaagster nog leven en als beter gecommuniceerd had klaagster op andere wijze afscheid kunnen nemen (3); onvoldoende dossiervorming (4), patiënte niet serieus genomen door niet naar haar te luisteren, zoals toen zij vroeg om klaagster en pastoor (5). College: geheel ongegrond. Uit medisch dossier blijkt uitgebreide anamnese en uitgebreid onderzoek. Differentiaaldiagnose op basis van bevindingen bijgesteld. Ingestelde behandeling adequaat. Zorgvuldig gehandeld, juiste onderzoeken verricht en vergaarde gegevens konden conclusie dragen (1 en 2). Het college mag geen oordeel geven over het causaal verband (3). Onvoldoende dossiervorming niet gebleken (4). Cardioloog niet betrokken bij vraag patiënte om pastoor en klaagster (5).

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 135/2017

    Klacht tegen gz-psycholoog kennelijk ongegrond. Er is geen rechtsregel die verplicht, en evenmin is voorgeschreven, dat verweerster de stukken per aangetekende post had moeten verzenden. Hoewel het beter ware geweest om kort voor verzending van de stukken nogmaals bij klaagster het adres te verifiëren en wel gebruik te maken van aangetekende verzending, kan het handelen van verweerster de tuchtrechtelijke toets doorstaan. Dat de toenmalige huurbaas de informatie in een andere procedure heeft ingebracht kan niet leiden tot een ander oordeel.