Zoekresultaten 21201-21210 van de 48158 resultaten
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:198 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2017.297 en C2017.298
- Datum publicatie: 03-07-2018
- Datum uitspraak: 03-07-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:198
IGZ heeft een klacht ingediend tegen een arts/GZ-psycholoog wegens het buiten de grenzen treden van wat verwacht mag worden van een redelijk bekwaam en redelijk handelend arts/GZ-psycholoog door vermenging van al dan niet professionele rollen, tekortschieten in de zorgverlening, het opstellen van ondeugdelijke declaraties, het tekort schieten in de dossiervoering, schending van het beroepsgeheim en onprofessioneel omgaan met klachten over zijn zorgverlening. Bij aanvullend klaagschrift heeft IGZ een aanvullende klacht ter beoordeling voorgelegd, op basis waarvan eerder al een verzoek tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde maatregel was ingediend bij het CTG. IGZ verzoekt het RTC om ook de klachtonderdelen van deze casus in haar beoordeling mee te nemen die het CTG niet in haar beoordeling tot tenuitvoerlegging heeft betrokken, te weten: het niet bewaken van professionele grenzen, de vermenging van rollen, ondeugdelijk declareren en onvoldoende dossiervoering. Het RTC verklaart de eerste klacht in al haar onderdelen gegrond, legt de maatregel van doorhaling op van de inschrijving in het BIG-register in de hoedanigheid van arts en GZ-psycholoog en verklaart IGZ niet-ontvankelijk in haar aanvullend klaagschrift. De arts/GZ-psycholoog gaat in beroep, IGZ stelt incidenteel appel in tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het aanvullend klaagschrift. Het CTG komt in beroep niet tot andere beschouwingen en beslissingen dan het RTC en verwerpt het beroep. In het incidenteel beroep komt het CTG, zij het met een iets andere overweging dan het RTC, eveneens tot niet-ontvankelijkverklaring van het aanvullend klaagschrift op grond van eisen van een behoorlijke tuchtrechtelijke procesorde.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2018:101 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-234
- Datum publicatie: 03-07-2018
- Datum uitspraak: 03-07-2018
- ECLI:NL:TGZRSGR:2018:101
Ongegronde klacht tegen een verpleegkundige. Niet-ontvankelijk in klachten die betrekking hebben op andere patiënten. Dat de medicatiedeellijsten zoek waren hoort niet en is zeer betreurenswaardig, maar niet duidelijk door wiens fout dat is. Dat het is gebeurd is onvoldoende om vast te stellen dat verweerster als leidinggevende tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Dat de dienstdoende verpleegkundige een fout heeft gemaakt bij het geven van medicijnen brengt niet mee dat de verpleegkundige als leidinggevende voor die fout tuchtrechtelijk verantwoordelijk is. Zij heeft klaagster in de periode van het onderzoek regelmatig persoonlijk op de hoogte gehouden. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:192 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2017.522
- Datum publicatie: 03-07-2018
- Datum uitspraak: 03-07-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:192
Klacht tegen gz-psycholoog. Verweerster heeft bij de kinderen van klager psychodiagnostisch onderzoek verricht en tevens, ter onderbouwing van een verzoek tot uithuisplaatsing, een CARE-NL rapportage opgesteld waarbij het risico op kindermishandeling door haar is beoordeeld. Klager verwijt verweerster dat zij het CARE-NL onderzoek niet goed heeft uitgevoerd en verkeerde conclusies heeft getrokken en voorts dat zij de onderbouwing van de risicotaxatie ten onrechte niet aan de rechtbank heeft gestuurd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen; het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2018:63 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17235
- Datum publicatie: 02-07-2018
- Datum uitspraak: 02-07-2018
- ECLI:NL:TGZREIN:2018:63
Chirurg wordt onder meer verweten dat hij tekortgeschoten is in zijn zorgplicht jegens klager omdat a) hij niet gehandeld heeft naar de aanbevelingen van de landelijke richtlijn schildkliercarcinoom, b) de dossiervorming onvoldoende is en c) hij niet de afgesproken operatie heeft uitgevoerd. College: operatie diende in level 1 ziekenhuis plaats te vinden en het ziekenhuis voldeed daaraan. Verweerder kon tijdens de operatie in redelijkheid besluiten tot een minder vergaande operatie dan was afgesproken. Niet is komen vast te staan dat de operatie niet deskundig is uitgevoerd. Medisch dossier voldoet op essentiële punten niet aan de daaraan te stellen eisen. Deels gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:142 Raad van Discipline Amsterdam 18-377/A/A
- Datum publicatie: 02-07-2018
- Datum uitspraak: 25-06-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:142
Voorzittersbeslissing. Klacht van voormalige bewindvoerder over advocaat van voormalige onder (beschermings)bewind gestelde deels kennelijk niet-ontvankelijk (want geen belang bij klacht) en voor het overige kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TACAKN:2018:50 Accountantskamer Zwolle 17/1623 Wtra AK
- Datum publicatie: 02-07-2018
- Datum uitspraak: 02-07-2018
- ECLI:NL:TACAKN:2018:50
Klacht dat betrokkene structureel heeft nagelaten om te reageren op verzoeken van de Nba om informatie te verstrekken met het oog op een uit te voeren toetsing van zijn accountantspraktijk gegrond. Het is in het belang van een goede uitoefening van het accountantsberoep dat een accountant op aan hem door zijn beroepsorganisatie gerichte verzoeken om informatie of medewerking op adequate wijze en binnen redelijke termijn reageert. De NVAK-ass en standaard 4410 of standaard 4400 zijn van toepassing bij de toetsing van een accountantspraktijk niet alleen als in die praktijk samenstellingsopdrachten en opdrachten tot het verrichten van overeengekomen specifieke werkzaamheden met betrekking tot financiële informatie worden uitgevoerd, maar ook als de praktijk de intentie heeft uitgesproken die opdrachten uit te voeren. Betrokkene heeft verklaard dat hij aan klanten alleen een proefbalans aanlevert aan de hand waarvan de klanten zelf een jaarrekening samenstellen en dat de werkzaamheden voor deze klanten dezelfde zijn als die worden verricht bij een samenstellingsopdracht, maar dat hij bij de uitkomst van de werkzaamheden geen samenstellingsverklaring afgeeft. Daaruit volgt naar het oordeel van de Accountantskamer dat die werkzaamheden getoetst kunnen worden aan de voorschriften van de NVAK-aav en de NVCOS 4410, nu het niet afgeven van een samenstellingsverklaring niet maakt dat geen sprake is van een samenstellingsopdracht. Nu in de praktijk samenstellingsopdrachten worden uitgevoerd, moeten de onderdelen van het kantoorhandboek die daarop betrekking hebben, uiteraard geactualiseerd worden. Niet up to date houden van het kantoorhandboek levert strijd op het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Het in de aan de cliënt gestuurde opdrachtbevestiging niet opnemen van het ‑ voor een accountant ongebruikelijke ‑ achterwege laten van het samenstellen van de jaarrekening en afgeven van een samenstellingsverklaring, kan onduidelijkheid veroorzaken bij de cliënt over diens wettelijke verplichtingen en over wie er zorgt voor het nakomen daarvan en voor betrokkene het risico met zich brengen dat hij een cliënt bedient die zich niet aan de wet houdt. Het verzuim om een en ander te vermelden in de opdrachtbevestiging levert op een schending van het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid.
-
ECLI:NL:TNORARL:2018:22 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/331999 KL RK 18-8
- Datum publicatie: 02-07-2018
- Datum uitspraak: 19-06-2018
- ECLI:NL:TNORARL:2018:22
Gelet op hetgeen door partijen over en weer is aangevoerd, komt de kamer tot het oordeel dat er voor de notaris voldoende aanleiding was om het Stappenplan te volgen. In de eerste plaats was het de partner die contact opnam met de notaris voor het opmaken van onder meer een testament voor erflater. In de tweede plaats diende de fysieke gesteldheid van erflater aanleiding te zijn voor de notaris om verder onderzoek te doen. Erflater had enkele weken voorafgaand aan het opstellen van het samenlevingscontract en het testament een ernstig herseninfarct gehad. Erflater verbleef ten tijde van de bespreking op 11 januari 2016 in het ziekenhuis en is de dag vóór het passeren van de akten overgeplaatst naar een revalidatiekliniek. Erflater was ernstig beperkt in zijn communicatie en kon enkel met ‘ja’ of ‘nee’ antwoorden. Voorts zaten er tussen de eerste bespreking en het passeren van de akten negen dagen. Er was echter geen (medische) noodzaak om de akten snel te passeren. Er was dus voldoende tijd en gelegenheid voor de notaris om de wilsbekwaamheid van erflater nader te onderzoeken. Gelet op het voorgaande komt de kamer tot het oordeel dat er voor de notaris aanleiding was om het Stappenplan te volgen. Dat zij dat ondanks voornoemde indicatoren niet heeft gedaan, maakt naar het oordeel van de kamer dat zij niet heeft gehandeld zoals dat van een redelijk handelende en redelijk bekwame notaris verwacht had mogen worden. De kamer acht de klacht daarom gegrond en legt de notaris de maatregel van waarschuwing op. De kamer ziet aanleiding om de notaris, gelet op artikel 103b lid 1 sub a en b Wna en de tijdelijke richtlijn kostenveroordeling kamers voor het notariaat, een kostenveroordeling op te leggen.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2018:11 Kamer voor het notariaat Amsterdam 639105/NT 17-80
- Datum publicatie: 02-07-2018
- Datum uitspraak: 22-03-2018
- ECLI:NL:TNORAMS:2018:11
Klacht deels gegrond, geen maatregel. Het behoort tot het gedrag van een behoorlijk handelend notaris om (tijdig) op brieven te reageren, ook indien hij niet inhoudelijk wenst in te gaan op de inhoud ervan.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:151 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-246
- Datum publicatie: 02-07-2018
- Datum uitspraak: 02-07-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:151
Voorzittersbeslissing: klacht tegen deken kennelijk ongegrond. Niet gebleken is dat verweerster bij het onderzoek naar de klacht van klaagster fouten heeft gemaakt zoals het verkeerd formuleren van de klacht en het niet tijdig en onvolledig doorsturen van het dossier aan de raad. Evenmin is gebleken van het onder druk zetten van klaagster bij het aangaan van een schikking met de beklaagde advocaat.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2018:61 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1823
- Datum publicatie: 02-07-2018
- Datum uitspraak: 02-07-2018
- ECLI:NL:TGZREIN:2018:61
Patiënt met longkanker bestraald wegens verdenking hersenmetastase. Waarschijnlijkheidsdiagnose omdat patiënt geen operatief ingrijpen wilde. Klacht tegen longarts wegens stellen onjuiste diagnose en niet inschakelen neuroloog ongegrond. Geen indicatie voor inschakeling neuroloog. Latere collaps van patiënt niet aan bestraling te wijten.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2120
- Pagina: 2121
- Pagina: 2122
- ...
- Pagina: 4816
- Volgende pagina zoekresultaten