Zoekresultaten 20161-20170 van de 47591 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:195 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-072
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 03-09-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:195
De raad oordeelt klager in privé niet-ontvankelijk in zijn klacht wegens ontbreken van een eigen belang daarbij en zijn indirecte betrokkenheid als bestuurder van klaagster. Langdurig geschil tussen klaagster en verweerder (en diens cliënt) over achteraf gebleken onrechtmatige faillissementsverzoeken waarbij o.m. verweerder in beginsel tot schadevergoeding is veroordeeld. Volgens klaagster in deze klachtzaak heeft verweerder een stroman ingezet om opnieuw een faillissement van klaagster uit te lokken, met de bedoeling dat verweerder geen uitvoering hoeft te geven aan de voor hem negatieve uitspraken. De juistheid van dit verwijt kan de raad, tegenover de gemotiveerde betwisting daarvan door verweerder, niet vaststellen en daarmee evenmin de gegrondheid van de klacht. Dat de vermeende ‘stroman’ een e mail kort na ontvangst daarvan van de deurwaarder aan verweerder heeft doorgestuurd, is onvoldoende om daaruit af te leiden dat hij als stroman is ingezet door verweerder. Niet is gebleken dat verweerder bij die keuze van die persoon betrokken is geweest. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:201 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-984 17-985
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 03-09-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:201
De raad oordeelt klager in klachtzaak 17-984 niet-ontvankelijk in zijn klacht wegens ontbreken van een rechtstreeks eigen belang. In de andere klachtzaak wordt de klacht van de holding van klager over het door verweerder onbevoegdelijk optreden namens een vennootschap, waarin naast een ander bedrijf ook klaagster medeaandeelhouder is, in een onderling geschil gegrond geoordeeld. Naar het oordeel van de raad was verweerder op grond van artikel 17 van de statuten van de gezamenlijke vennootschap formeel niet bevoegd om namens die vennootschap tegen (medeaandeelhouder) klaagster op te treden, nu de raad niet is gebleken dat klaagster als medebestuurder met de opdracht tot het verrichten van werkzaamheden heeft ingestemd. Evenmin is de raad gebleken dat sprake was van bijzondere omstandigheden, zoals verweerder heeft aangevoerd en ter zitting heeft toegelicht, die rechtvaardigden dat verweerder toch bevoegd namens de gezamenlijke vennootschap kon optreden tegen klaagster, vooral nu een belangenconflict tussen de betrokken partijen in de geschetste omstandigheden in de lijn der verwachting lag (gedragsregel 7 oud). In zoverre klacht gegrond met oplegging van de maatregel van waarschuwing. De andere klacht over niet rechtstreeks willen communiceren met klaagster wordt ongegrond geoordeeld gelet op gedragsregel 18.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:208 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-1017
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 27-08-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:208
Klager en zijn toenmalige echtgenote hebben verweerder gevraagd een echtscheidingsprocedure te starten. Verweerder heeft daarop mede naar aanleiding van telefonisch overleg met klager en zijn echtgenote aan hen een lijst gezonden met punten die in het echtscheidingsverzoek aan de orde zouden moeten komen. Na nader overleg over voornamelijk het uitsluitende gebruik van de echtelijke woning door klager, heeft verweerder een zogenaamd “kaal” echtscheidingsverzoek ingediend. Nadien heeft verweerder dit verzoek aan klager toegezonden. Uiteindelijk is er een kort geding gevoerd over het gebruik van de echtelijke woning. Klager verwijt verweerder dat hij het echtscheidingsverzoek niet op voorhand aan klager heeft toegezonden. Dan had voorkomen kunnen worden dat het een “kaal” echtscheidingsverzoek was. Partijen hadden overeenstemming over het gebruik van de echtelijke woning. Dat had in het verzoek moeten worden opgenomen. Klager heeft nodeloze kosten gemaakt vanwege het Kort Geding. De raad is met klager van mening dat verweerder niet heeft gehandeld zoals een behoorlijk advocaat betaamt door het echtscheidingsverzoek niet, alvorens het in te dienen, aan klager voor te leggen. Dit is in strijd met de teneur artikel 8 van de Gedragsregels. De klacht is gegrond en verweerder krijgt een waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2018:196 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-215/DH/RO
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 27-08-2018
- ECLI:NL:TADRSGR:2018:196
Verweerder heeft een ongeanonimiseerd arrest van de Hoge Raad in een zaak waarin klager als partij betrokken was gepubliceerd op zijn website. Dit stond verweerder vrij. Het betrof een zakelijk geschil dat openbaar is behandeld. In het arrest van de Hoge Raad zijn geen gevoelige gegevens van klager genoemd en over het geschil waarbij klager partij was is in verschillende media aandacht besteed, waarbij de naam van klager is genoemd.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2018:202 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-474/DH/RO
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 05-09-2018
- ECLI:NL:TADRSGR:2018:202
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Niet gebleken dat de kwaliteit van de dienstverlening onder de maat was of dat verweerder onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht bij het neerleggen van de aan hem verstrekte opdracht.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:196 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-070 18-071
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 30-08-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:196
Klacht tegen eigen (voormalige) advocaten over a) late indiening gemeenschappelijk echtscheidingsverzoek bij de rechtbank, en b) late inschrijving echtscheidingsbeschikking bij gemeente. Klacht a) ongegrond. Verweerster sub 1 had klagers gewaarschuwd dat zij werkzaamheden zou opschorten als zij in gebreke bleven eigen bijdrage te betalen. Klacht b) jegens verweerster 2 ongegrond, jegens verweerster 1 gegrond. De beschikking is pas na 4,5 maand ingeschreven. Geen goede reden om zo lang te wachten, ook al was het nog binnen wettelijke termijn van zes maanden. Dat de fiscale schade van klaagster hiervan het gevolg is, is echter niet komen vast te staan. Waarschuwing voor verweerster 1.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:202 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-092
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 27-08-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:202
Klacht van klaagster tegen de advocaat van haar wederpartij (ex-partner). Volgens klaagster had verweerster het executiekortgeding niet mogen laten doorgaan omdat klaagster het derdenbeslag onder hun zoon daags daarvoor had opgeheven. De raad oordeelt de klacht ongegrond. De stelling van verweerster dat zij onvoldoende zekerheid had over de opheffing van het derdenbeslag, is niet onbegrijpelijk. Daarnaast mocht verweerster als voorwaarde voor intrekking van de dagvaarding stellen dat de zoon van partijen het bedrag waar haar cliënt nog recht op had, zou betalen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2018:190 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-230/DH/RO
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 13-07-2018
- ECLI:NL:TADRSGR:2018:190
Voorzittersbeslissing. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2018:209 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-441
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 05-09-2018
- ECLI:NL:TADRARL:2018:209
Voorzittersbeslissing: klager heeft verweerder benaderd om als cassatieadvocaat een second opinion te geven. Uit het overgelegde cassatieadvies is de voorzitter gebleken dat verweerder het dossier van klager grondig heeft bestudeerd, in dat kader nader onderzoek heeft gedaan en, zoals blijkt uit het klachtdossier, zijn advies vervolgens uitvoerig en meermalen aan klager heeft toegelicht. De juistheid van de verdere verwijten dat verweerder vóór het schrijven van zijn advies onvoldoende heeft gedaan met de door klager aangedragen ‘pijnpunten’, zich bovendien onvoldoende heeft ingezet en het eerste cassatieadvies feitelijk heeft overgenomen terwijl hij klager onvoldoende over de juridische criteria van de Hoge Raad heeft ingelicht, is, tegenover de gemotiveerde betwisting daarvan door verweerder, niet komen vast te staan, evenmin als van de overige verwijten die klager heeft benoemd. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2018:184 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-459/DH/DH
- Datum publicatie: 10-09-2018
- Datum uitspraak: 05-09-2018
- ECLI:NL:TADRSGR:2018:184
Voorzittersbeslissing. De zesde klacht tegen de advocaat van de wederpartij in een slepend familiegeschil gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk kennelijk ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2016
- Pagina: 2017
- Pagina: 2018
- ...
- Pagina: 4760
- Volgende pagina zoekresultaten