Zoekresultaten 15081-15090 van de 48172 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2020:9 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2019/35

    Klacht tegen een kinderarts. Klagers zijn de ouders van E, een jongen van acht jaar oud. Hij wordt opgenomen in het ziekenhuis met hoge koorts. In de differentiaaldiagnose wordt door beklaagde de ziekte van Kawasaki genoteerd. Op dag twee van de opname wordt aan alle criteria van de ziekte van Kawasaki voldaan. Ondanks herhaaldelijk aandringen door klagers wordt de diagnose ziekte van Kawasaki door beklaagde echter niet gesteld en daarop gerichte behandeling blijft uit. Een gevonden enterovirus leverde (ook) een verklaring voor de klachten op. Beklaagde gaat op dag vier van de opname met vakantie en draagt de behandeling over aan haar collega’s. Drie weken later overlijdt E (elders) aan de ziekte van Kawasaki. Beklaagde heeft berouw getoond en verbetermaatregelen zijn getroffen. Daarnaast is beklaagde maar kort bij de behandeling van E betrokken geweest. Beklaagde krijgt een waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2020:123 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2020-029b

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een plastisch chirurg. Beklaagde heeft op goede gronden enig oppervlakkig botweefsel weggefreesd om een goede wondbodem te verkrijgen. Het College overweegt dat het juist is dat bij het frezen van het bot geen representatief weefsel voor pathologisch-anatomisch onderzoek weefsel wordt verkregen. Verder is de keuze voor een minder ingrijpende behandeling in dit geval goed te verdedigen. De overige klachtonderdelen zijn ook ongegrond verklaard. Klacht kennelijk ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TDIVBC:2020:9 Veterinair Beroepscollege 's-Gravenhage VB 2020/09 VB 2020/10 VB 2020/11 VB 2020/12

    In deze uitspraak oordeelt het Veterinair Beroepscollege, anders dan het Veterinair Tuchtcollege, dat de Stichting Animal Rights ontvankelijk is in haar klachten tegen vier dierenartsen die gezondheidscontroles uitvoerden voor de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) bij varkens in verband met hun vervoer naar een slachthuis, en die daartoe een gezondheidscertificaat hebben afgegeven. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat artikel 8:15, tweede lid, aanhef en onder a van de Wet dieren waarin is bepaald wie een klacht kan indienen, ruim kan worden uitgelegd: “degene die als gevolg van dat handelen rechtstreeks in zijn belang is getroffen’ kan niet alleen de (voormalig) houder of eigenaar van een dier zijn, maar onder omstandigheden ook een rechtspersoon. Ten aanzien van de invulling van het belanghebbendenbegrip zoekt het Veterinair beroepscollege aansluiting bij het vergelijkbare begrip in artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht . De stichting kan gelet op haar doelstelling en feitelijke werkzaamheden in haar klachten tegen de dierenartsen worden ontvangen. Het Veterinair Beroepscollege is verder van oordeel dat het veterinaire tuchtrecht ook op de betreffende werkzaamheden van de dierenartsen van toepassing is en dat daarmee voldaan is aan het ontvankelijkheidsvereiste van artikel 8:15, eerste lid, dat de klacht is gericht “tegen een dierenarts of een andere persoon die is toegelaten tot het beroepsmatig verrichten van diergeneeskundige handelingen, wegens het in strijd handelen met artikel 4.2”. Het door de stichting ingestelde beroep is gegrond. Het VTC heeft het onderzoek in deze zaak heropend en zal na een schriftelijke uitwisseling van standpunten op een nader te bepalen zitting overgaan tot de inhoudelijke behandeling van de klachten.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2020:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2020-009

    Ongegronde klacht tegen een chirurg. Uit de stukken blijkt voldoende dat de patiënte door haar geestelijke aandoeningen niet in staat kon worden geacht tot een redelijke waardering van haar belangen in dit verband. Daarom ging beklaagde er terecht van uit dat in dit geval in beginsel de toestemming van klager als curator vereist was voor de uitvoering van de onderbeenamputatie bij de patiënte (artikel 7:465, tweede lid, BW). De omstandigheden en het medisch dossier wijzen erop dat beklaagde ervan overtuigd was dat hij toestemming had van de familie voor de ingreep. In ieder geval kan het College niet vaststellen dat beklaagde daarvan ten onrechte overtuigd is geraakt en/of dat hem in dit verband een verwijt kan worden gemaakt. Klacht ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2020:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2019-236

    Ongegronde klacht tegen een orthopeed. In het licht van de gemaakte verwijten dient de vraag te worden beantwoord of beklaagde is tekortgeschoten in het onderzoek en de zorg waartoe hij jegens klaagster gehouden was in de periode die aan de operatie voorafging. Het College is van oordeel dat er sprake is geweest van uitgebreid en zorgvuldig onderzoek door beklaagde zelf en door hem geconsulteerde andere specialisten op verschillende terreinen, voordat hij – op basis van hun rapportage in het medisch dossier en de in het EMC gestelde diagnose – tot de operatie is overgegaan. Klacht ongegrond verklaard

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:234 Raad van Discipline Amsterdam 20-075/A/ZWB

    Gegrond verzet en gegronde klacht over de eigen advocaat. Verweerder had de mogelijkheid van gefinancierde rechtsbijstand met klager moeten bespreken op het moment dat verweerder bekend werd met de werkloosheid en daling van inkomsten aan de zijde van klager door middel van de e-mails van klager. Dat verweerder dat niet heeft gedaan valt hem tuchtrechtelijk te verwijten. Waarschuwing en kostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:228 Raad van Discipline Amsterdam 20-687/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat-wederpartij deels kennelijk niet-ontvankelijk en voor het overige kennelijk ongegrond. Vaststaat dat verweerder geen antwoord heeft gegeven op de vraag of de zuster van klagers bezwaren heeft geuit tegen de betaling aan klager sub 2. Deze omissie is, gelet op alle omstandigheden van dit geval, evenwel van onvoldoende gewicht om te kunnen leiden tot de conclusie dat sprake is van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Daarbij neemt de voorzitter onder meer in overweging dat verweerder niet de advocaat van klagers is, maar de advocaat van de wederpartij van klagers. Aan verzoeken en opdrachten van de eigen cliënt dient een advocaat als goed opdrachtnemer in beginsel te voldoen, voor verzoeken en opdrachten van anderen geldt dit beginsel niet zonder meer. Voorts is de voorzitter niet gebleken dat klagers door dit nalaten van verweerder in hun belangen zijn geschaad.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2020:14 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen V2019/03

    Klaagster had na een traumatisch ervaren eerste bevalling ten behoeve van toekomstige bevallingen een geboorteplan opgesteld. Klaagster verwijt beklaagde (tweedelijns verloskundige) dat zij bij haar vierde bevalling het geboorteplan niet heeft gevolgd. Zij verwijt haar met name het onvoldoende uitleggen van voorgenomen verrichtingen en het ontbreken van informed consent. Onvoldoende dossiervoering. Klacht gegrond, waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:222 Raad van Discipline Amsterdam 20-362/A/A

    Deels gegronde klacht over de eigen advocaat. Verweerster heeft met haar e-mail aan de rechtsbijstandsverzekeraar van klager tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. In de e-mail heeft verweerster vertrouwelijke informatie verstrekt over klager als cliënt van verweerster. Verweerster heeft zich niet beperkt tot de enkele mededeling dat zij vanwege een vertrouwensbreuk de opdrachtrelatie met klager had beëindigd, maar is in de e-mail uitgebreid ingegaan op hetgeen aan die vertrouwensbreuk ten grondslag lag. Daarmee heeft verweerster haar geheimhoudingsplicht geschonden. Dat verweerster in de e-mail geen informatie over de inhoud van de zaak die zij voor klager in behandeling had heeft verstrekt aan de rechtsbijstandsverzekeraar, doet aan het voorgaande niet af. Hetzelfde geldt voor het telefoongesprek dat verweerster met de rechtsbijstandsverzekeraar van klager heeft gehad. Waarschuwing en kostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2020:229 Raad van Discipline Amsterdam 19-852/A/NH

    Ongegronde klacht over eigen advocaat na gegrond verzet.