Zoekresultaten 21-30 van de 46335 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2026:1 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-038/AL/GLD

    Raadsbeslissing. Niet is komen vast te staan dan verweerster niet (tijdig) communiceerde, de opdracht onzorgvuldig zou hebben uitgevoerd, de belangen van klaagster onvoldoende zou hebben behartigd of zich onnodig grievend zou hebben uitgelaten jegens klaagster. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:2 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8700

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts. Klaagster is door de arts gekeurd in verband met de aanvraag van een gehandicaptenparkeerkaart. De arts heeft in haar sociaal-medisch advies geschreven dat klaagster niet voldoet aan de medische criteria voor het toekennen van de kaart. Klaagster verwijt de arts haar sociaal-medisch advies niet strookt met de regelgeving en niet voldoet aan de eisen van een rapportage.Het college komt tot het oordeel dat klaagster voor een deel van de klacht kennelijk niet-ontvankelijk is en dat de klacht voor het overige kennelijk ongegrond is.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:121 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/755596 / DW RK 24/299

    Vanwege het gezag dat een gerechtsdeurwaarder uitstraalt is het belangrijk dat als de gerechtsdeurwaarder een sommatie exploot stuurt in een fase waarin nog geen executoriale titel voorhanden is, hij duidelijk maakt dat de vordering betwist kan worden. Dit om te voorkomen dat de schuldenaar uit het optreden van de gerechtsdeurwaarder afleidt dat het niet een enkele aanspraak van een schuldeiser is, maar dat hij verplicht is de vordering te betalen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:276 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-723/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familierechtelijke procedure. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk omdat deze klachten al in eerdere procedures naar voren gebracht konden worden. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond. Misbruik van recht-bepaling.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:282 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-405/AL/GLD

    De raad heeft geoordeeld dat verweerder zijn cliënte over zijn kosten en over een aspect van processtrategie onvoldoende heeft geïnformeerd. Dat is tuchtrechtelijk verwijtbaar. Gelet op de ernst en aard van dit handelen en gezien de omstandigheid dat verweerder niet eerder door de tuchtrechter is veroordeeld, is de oplegging van een waarschuwing passend en geboden.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:257 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-302/DH/RO

    Raadsbeslissing. Klacht van vereffenaars van de nalatenschap over de advocaat van vader. Klagers hebben geen rechtstreeks belang bij de klacht die ziet op gedragsregel 15. De klacht is voor dat deel niet-ontvankelijk. De klachten zijn voor het overige ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2026:1 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-589/DB/OB

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door in de e-mailberichten van 16 februari en 29 maart 2025 aan klaagsters advocaat mede te delen dat, als klaagsters advocaat niet binnen één dag zou reageren, verweerder rechtstreeks contact zou opnemen met klaagster. Vast staat dat verweerder klaagster tweemaal rechtstreeks heeft aangeschreven, terwijl hij wist dat klaagster werd bijgestaan door een advocaat. Verweerder had kunnen volstaan met verzending van een e-mail aan mr. VdW. Naar het oordeel van de raad valt, bij gebreke van een nadere onderbouwing, die niet is gegeven, namelijk niet in te zien dat het beoogde rechtsgevolg niet zou kunnen worden bereikt door de e-mail alleen aan mr. VdW te zenden. Aan de in gedragsregel 25 lid 2 genoemde voorwaarden is kortom niet voldaan, zodat het verweerder niet vrijstond om klaagster rechtstreeks aan te schrijven. Door dit wel te doen heeft verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. Gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TNORARL:2025:41 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/445564 / KL RK 24-181

    klacht over afwikkeling van een nalatenschap door de notaris. Erfgenamen (waaronder klaagster) hebben de notaris een volledige en onherroepelijke boedelvolmacht gegeven. Daarmee mocht de notaris naar eigen inzicht afwikkelen. Niettemin heeft de notaris klaagster wel hierbij betrokken. De notaris heeft niet de uitbetaling van het erfdeel afhankelijk gesteld van de goedkeuring van klaagster op de rekening en verantwoording van de notaris. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:270 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-652/DH/RO

    Raadsbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij in een geschil over de hoogte van kinderalimentatie. Dat verweerder niet heeft gereageerd op een bericht van de zijde van klaagster, is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar omdat hij als advocaat in beginsel niet gehouden is om inhoudelijk te reageren op brieven van de wederpartij. Bovendien was zijn opdracht op dat moment al beëindigd. Niet gebleken is dat verweerder onjuist heeft geadviseerd over de te betalen kinderalimentatie. Verweerder mocht zijn cliënt om informatie vragen, zodat hij zich kon verdedigen tegen de tuchtklacht. Voor zover hierdoor al sprake zou zijn van een schending van klaagsters privacy, geldt dat er in dit geval zwaarder getild kan worden aan verweerder recht om zich te verdedigen tegen een tuchtklacht. Klacht in alle onderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:264 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-703/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. Klacht is gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk vanwege een gebrek aan rechtstreeks eigen belang. De door verweerder namens zijn cliënte opgestelde conceptdagvaarding is niet aan klagers betekend en dus ook niet uitgebracht. Van (oneigenlijk) procederen is geen sprake. Het stond verweerder vrij om klagers te benaderen over de vordering van zijn cliënte. De omstandigheid dat klagers het niet met die vordering eens zijn en de vordering kansloos vinden, betekent niet dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Een inhoudelijke beoordeling van de vordering is voorbehouden aan de civiele rechter. De klacht is in alle onderdelen kennelijk ongegrond.