Zoekresultaten 2021-2040 van de 47536 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:154 Raad van Discipline Amsterdam 25-424/A/A 25-425/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij is kennelijk ongegrond. Voor zover klagers hebben aangevoerd dat de betekening door hen als intimiderend is ervaren, stelt de voorzitter vast dat deze vermeende intimidatie niet nader door hen is geconcretiseerd. Het is de voorzitter op grond van de inhoud van de stukken ook overigens niet gebleken dat de belangen van klagers als gevolg van het handelen door verweersters onredelijk of onevenredig zouden zijn geschaad. Daarnaast hebben verweersters naar het oordeel van de voorzitter gemotiveerd aangevoerd dat er gegronde redenen voor hen bestonden om het vonnis (ook) aan klagers te betekenen. De voorzitter is van oordeel dat verweersters hebben gehandeld binnen de aan hen toekomende vrijheid als advocaat van de wederpartij. Van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen is geen sprake.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:155 Raad van Discipline Amsterdam 25-003/A/A/D

    Raadsbeslissing. De raad verklaart het dekenbezwaar gegrond. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door de kernwaardes kwaliteit/deskundigheid en (financiële) integriteit te schenden. Bij het bepalen van de hoogte van de maatregel neemt de raad ook in aanmerking wat is overwogen en beslist in de klachtzaken die tegelijk met het onderhavige dekenbezwaar bij de raad aanhangig waren. Gezien de aard, de ernst en de omvang van dit dekenbezwaar en van de (gegrond bevonden) klachten, in samenhang met eerdere tuchtrechtelijke veroordelingen, en gelet op het vertrouwen dat in de advocatuur moet kunnen worden gesteld, is de raad van oordeel dat schrapping van het tableau van verweerder dient te volgen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:174 Hof van Discipline 's Gravenhage 250294

    Beklag artikel 13 ongegrond. De advocaat die klaagster bijstond, moet wegens ziekte terugtreden en heeft een opvolger gezocht en gevonden. Het staat klaagster vrij om niet met die opvolger akkoord te gaan, maar dat betekent nog niet dat de deken nu een advocaat moet aanwijzen die aan de wensen van klaagster moet voldoen. Daarbij is ook niet gebleken dat klaagster zelf heeft geprobeerd een advocaat te vinden.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:150 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2024/2513

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De zoon van klagers is begin 2021 door suïcide overleden. Hij was bekend met depressieve klachten. Klagers stellen dat de huisarts hun zoon in de periode voorafgaand aan de suïcide adequate hulp en medische behandeling heeft onthouden en hem ten onrechte niet naar de specialistische GGZ heeft verwezen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klagers tegen deze beslissing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:183 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-123/DH/RO

    Raadsbeslissing. Verweerster is tekortgeschoten in haar communicatie met en bijstand aan klager. Zij heeft klager, zelfs na uitdrukkelijk verzoek daartoe, niet op de hoogte gebracht c.q. gehouden van de stand van zaken in de procedure. Hierdoor was klager er niet van op de hoogte dat en wanneer het hof arrest zou wijzen en dat er geen mondelinge behandeling plaatsvond. Ook kan niet worden vastgesteld dat verweerster het arrest van het hof aan klager heeft verzonden. Voorwaardelijke schorsing van twee weken.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:184 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-954/DH/DH 24-955/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:127 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-502/DB/OB 25-503/DB/OB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaten in een familierechtelijk geschil. Verweerders hebben klager voldoende geïnformeerd over de risico’s van problemen binnen de familie op de benoeming van een bewindvoerder en mentor uit familiale kring en hebben het standpunt van klager op adequate wijzen aar voren gebracht. Dat de rechter hen daarin niet is gevolgd, is iets wat verweerders niet kan worden aangerekend. Niet gebleken dat verweerders zich onvoldoende voor klagers belangen heeft ingezet. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:200 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-464/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. Klaagster/ Stichting is kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een eigen belang bij de klacht. Klager heeft gesteld dat hij als natuurlijk persoon over verweerder klaagt, niet in enige hoedanigheid, maar dat hij door verweerder als bestuurslid/voorzitter van het bestuur van klaagster op negatieve wijze in de schijnwerpers is gezet door uitlatingen van verweerder in een artikel. Naar het oordeel van de voorzitter heeft klager een evident eigen belang bij de klacht over verweerder zodat hij daarin wordt ontvangen. Naar het verdere oordeel van de voorzitter kunnen de door verweerder over klager gedane uitlatingen in het FD artikel objectief bezien niet als onnodig grievend worden gekwalificeerd. Klager is in het artikel aangesproken op zijn hoedanigheid van advocaat in het dagelijks leven, maar heeft uitdrukkelijk niet als advocaat over verweerder geklaagd. Na plaatsing van het artikel heeft de gemachtigde van klagers de feitelijke gang van zaken uitgelegd en verweerder verzocht om tot rectificatie over te gaan. Verweerder heeft hierop gereageerd en uitgelegd dat en waarom de krant en hijzelf niet bereid zijn om aan een rectificatie mee te werken. Verweerder heeft de gemachtigde voorgesteld om zelf een interview aan de krant te geven. Dat klager dit heeft gedaan, is uit de stukken niet gebleken. Evenmin is gebleken dat verweerder met zijn optreden de belangen van klager onnodig of onevenredig zonder doel heeft geschaad. Verweerder heeft als partijdige advocaat de belangen van zijn cliënt voorop gesteld maar heeft daarbij voldoende oog gehad voor de gerechtvaardigde belangen van klager. Klacht van klager kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:201 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-456/AL/NN

    Voorzittersbeslissing. Klaagster beklaagt zich over een belangenconflict door verweerder. De klacht is te laat door klaagster ingediend. Het beroep op een verschoonbare termijnoverschrijding faalt. Niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:126 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-535/DB/OB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over een advocaat in de hoedanigheid van klachtenfunctionaris. Verweerster mocht tot een andere conclusie komen dan klager. Ook heeft zij zich kunnen distantiëren van de aantijgingen van klager jegens de rechterlijke macht, bewindvoerders en haar kantoor. Nadat de klachtenbehandeling was afgerond, was verweerster niet gehouden om daarover nog verder met klager te corresponderen. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:170 Hof van Discipline 's Gravenhage 250012

    Het gaat om een klacht over de eigen advocaat. De klacht houdt in dat verweerder (juridisch) ondermaats heeft gepresteerd, de zaak van klaagster niet zorgvuldig heeft behandeld en foutief heeft gedeclareerd. De raad heeft de klacht ongegrond verklaard. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:171 Hof van Discipline 's Gravenhage 240340

    Deze zaak betreft een klacht over het handelen van de advocaat van de wederpartij. In hoger beroep is nog aan de orde de klacht die ziet op het indienen van stukken bij de rechtbank zonder dat deze gelijktijdig aan klager zijn verstuurd en het doorsturen van een aangifte. Deze klachtonderdelen zijn door de Raad van Discipline Amsterdam (hierna: de raad) gegrond verklaard en aan verweerster is de maatregel van een waarschuwing opgelegd. Anders dan de raad acht het hof het klachtonderdeel dat ziet op het doorsturen van de aangifte ongegrond. Het andere klachtonderdeel blijft gegrond. De maatregel van waarschuwing blijft in stand.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:172 Hof van Discipline 's Gravenhage 250032

    Het betreft een klacht tegen de eigen advocaat. Verweerder heeft volgens klaagster de toevoegingsaanvraag niet en vervolgens niet correct ingediend, verweerder is niet voortvarend te werk gegaan en heeft niet gereageerd op klaagsters e-mailbericht van 18 oktober 2023. Vervolgens heeft verweerder ten onrechte de toevoeging niet ingetrokken toen klaagster had laten weten dat zij de samenwerking wilde beëindigen. De raad heeft de klacht gegrond verklaard en aan verweerder de maatregel van berisping opgelegd. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:173 Hof van Discipline 's Gravenhage 250028

    Klacht over advocaat van de wederpartij in een familiekwestie. In een kortgedingprocedure die klager was gestart tegen zijn ex-partner om voor de kerstdagen omgang te krijgen met zijn minderjarige zoon, heeft verweerder dickpics overgelegd die klager naar een derde had gestuurd en heeft verweerder gesuggereerd dat klager door seksueel misbruik in zijn jeugd een verhoogd zedenrisico vormt. De raad heeft geoordeeld dat het overleggen van dickpics aan een derde ongepast en onnodig was. Daarnaast werd geoordeeld dat verweerder met de suggestie dat klager door het misbruik in zijn jeugd een zedenrisico vormt klager onrecht heeft aangedaan en bewust in een kwaad daglicht heeft gezet. Dit laakbare handelen van verweerder raakt de voor advocaten belangrijke kernwaarde integriteit, aldus de raad. De raad heeft de klacht gegrond verklaard en aan verweerder een berisping opgelegd. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:149 Raad van Discipline Amsterdam 25-265/A/A

    Raadsbeslissing. Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door zich zonder toestemming van de advocaat van klaagster tot de rechtbank te wenden, terwijl de zaak al voor vonnis stond. De aard en ernst van dit tuchtrechtelijke verwijt rechtvaardigen de oplegging van een maatregel. Bij de bepaling van de maatregel weegt de raad mee dat verweerster tijdens de zitting heeft erkend dat zij de advocaat van klaagster in cc had moeten zetten van haar e-mail aan de rechtbank en dat aan verweerster niet eerder een tuchtrechtelijke maatregel is opgelegd. Waarschuwing en proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:143 Raad van Discipline Amsterdam 25-450/A/A

    Voorzittersbeslissing; kennelijk niet-ontvankelijke klacht over de advocaat wederpartij. Klager heeft geen rechtstreeks eigen belang bij zijn verwijt aan het adres van verweerder dat hij te veel betrokken is bij zijn cliënte of bij zijn verwijt over de zaken die verweerder aanneemt.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:150 Raad van Discipline Amsterdam 25-144/A/NH

    Verzetbeslissing. Geen aanleiding om aan de juistheid van de voorzittersbeslissing te twijfelen. Uit de voorzittersbeslissing blijkt dat de voorzitter bij de beoordeling van de klacht van klager de juiste maatstaf heeft toegepast en dat de voorzitter ook rekening heeft gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval zoals die uit het klachtdossier blijken. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:144 Raad van Discipline Amsterdam 25-437/A/A

    Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de advocaat wederpartij; Niet gebleken is dat verweerder bewust onjuiste informatie heeft verstrekt aan de rechter. Evenmin is gebleken dat verweerder heeft geweigerd relevante informatie aan de rechter te verstrekken.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:145 Raad van Discipline Amsterdam 25-421/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de kwaliteit van dienstverlening van de eigen advocaat is in alle klachtonderdelen kennelijk ongegrond. Er is niet gebleken dat verweerster vertrouwelijke informatie zou hebben achtergehouden voor klaagster. Daarnaast valt niet in te zien op welke wijze verweerster een rol zou hebben gespeeld bij de vrijspraak van de ex-partner van klaagster, dan wel de ex-partner van klaagster op andere wijze een voordeel zou hebben gegeven.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:58 Accountantskamer Zwolle 25/166 Wtra AK

    Kantoortoetsing. Klaagster heeft, na twee reguliere toetsingen, een hertoetsing van het accountantskantoor van betrokkene uitgevoerd. Klaagster stelt dat diverse tekortkomingen zijn geconstateerd in de opzet en werking van het kwaliteitssysteem, op zowel stelsel- als dossierniveau. Betrokkene erkent dit maar wijst erop dat hij inmiddels actie heeft ondernomen teneinde “het stelsel in opzet te verbeteren, de kwaliteit van de werking daarvan te verhogen en daarmee de goede beroepsuitoefening te borgen”. De klacht is gegrond, omdat betrokkene als kwaliteitsbepaler er niet voor heeft gezorgd dat het kwaliteitssysteem een redelijke mate van zekerheid geeft dat NVKS-opdrachten worden uitgevoerd conform de geldende wet- en regelgeving. Betrokkene krijgt de maatregel van tijdelijke doorhaling voor de duur van zes maanden opgelegd. De Accountantskamer heeft bij het bepalen van de maatregel meegewogen dat zij het vertrouwen heeft dat betrokkene zijn best doet om te (blijven) voldoen aan de van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Dit vertrouwen wordt versterkt door het gegeven dat het accountantskantoor inmiddels vier tekeningsbevoegde accountants heeft en dat betrokkene geen vrijwillige controles meer zal verrichten.