Zoekresultaten 43841-43860 van de 48158 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1579 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3502/10.132
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 11-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1579
Uitlatingen worden niet als onnodig grievend gekwalificeerd, nu het onderliggende conflict tussen partijen in de civiele procedure de door verweerder gebezigde bewoordingen rechtvaardigt.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1596 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch B152-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1596
Gelet op de aard en strekking van het beslagrecht en de waarborgen waarmee dit is omgeven, is evident dat waar rechtelijk verlof tot afgifte van goederen bij beslaglegging wordt toegestaan onder bepaling dat een derde, te weten de deurwaarder en de door hem ingeschakelde bewaarnemer, zorg draagt voor fixatie na de gelegde beslaglegging, de beslaglegger niet zelf als wederpartij de beslagen en verzegelde goederen open mag breken voor bemonstering en foto’s. Nu het hier bovendien ging om een geschil omtrent vermeende nagemaakte goederen, rustte op verweerders een bijzondere zorgplicht om te voorkomen dat er onduidelijkheid zou ontstaan over de vraag aan wie de betreffende goederen toebehoorde. Niet gebleken dat verweerder zich tot de rechter heeft gewend zonder klager hierover te informeren. Klacht (gedeeltelijk) gegrond: maatregel berisping..
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1602 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 155-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1602
Het is de taak van een advocaat om ook een negatief advies, hoe moeilijk en teleurstellend hij dit voor zijn cliënt ook vindt, zo spoedig mogelijk aan zijn cliënt te berichten. Door zijn cliënte een jaar lang aan het lijntje te houden, niet die voortvarendheid betracht die van een advocaat verwacht mag worden. Advocaat behoort zijn cliënt in ieder geval te informeren omtrent de termijn ten aanzien van de verdeling van de pensioenrechten en deze termijn veilig te stellen. Per toeval cliënte informeren in een kapperszaak betaamt een advocaat niet. klacht gegrond; enkele waarschuwing
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1592 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3635/11.37
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 24-02-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1592
Indien een klager klaagt over het optreden van een advocaat, in de hoedanigheid van klachtenfunctionaris van het kantoor, dient deze klacht met terughoudendheid te worden beoordeeld.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1573 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3674/11.76
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 12-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1573
De aard van de functie van deken brengt mee dat bij de tuchtrechtelijke controle, waaraan ook het optreden van een deken is onderworpen, terughoudendheid dient te worden betracht vanwege de beleidsvrijheid die een advocaat in die functie toekomt
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1586 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3494/10.124
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 04-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1586
Klacht wegens optreden tegen klaagster in echtscheidingsprocedure. Klaagster was met haar echtgenoot werkzaam in de onderneming, die cliënt bij het kantoor van verweerster is. In de echtscheidingsprocedure werd klaagsters echtgenoot door verweerster bijgestaan. Tegen een kantoorgenote van verweerster is een klacht van klaagster wegens optreden voor die echtgenoot tegen klaagster gegrond verklaard. Ook de klacht tegen verweerster is gegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1597 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 149-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1597
Een advocaat behoort voorafgaand aan het indienen van een processtuk hiervan steeds een concept aan zijn cliënt te doen toekomen en hem in de gelegenheid te stellen hierop te reageren. Een advocaat behoort op de hoogte te zijn van het rolreglement van de rechtbank ten aanzien van het in geding brengen van stukken. Door de bewuste keuze van een overvalstrategie ter zitting, heeft verweerder een gedeelte van het verweer prijsgegeven, wat de advocaat als een misslag valt aan te rekenen. Ten onrechte gepresenteerd als arbeidsrechtspecialist en daardoor onjuiste verwachtingen gewekt. klacht gegrond; berisping, tevens uitspraak ogv art 48 lid 7
-
ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1603 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch R 160-2010
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 28-03-2011
- ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1603
Gelet op afwijzing van de toevoegingsaanvraag in een recente procedure, was klaagster bekend met het risico dat zij geen toevoeging zou krijgen. Nu klaagster de voortzetting van de werkzaamheden niet heeft willen laten afhangen van de voorwaarde van het verkrijgen van een toevoeging, is zij niet in haar belangen geschaad. Het enkele feit dat een advocaat over de juridische positie van zijn cliënt een ander ideeheeft dan zijn cliënt, brengt niet met zich mee dat hij onvoldoende zorg aan de zaak heeft besteed. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1580 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3645/11.47
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 25-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1580
Vooropgesteld wordt dat een advocaat bij de behandeling van een zaak de leiding heeft en vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid dient te bepalen met welke aanpak de belangen van zijn cliënt het beste zijn gediend. Daarbij komt de advocaat een grote mate van vrijheid toe om de belangen van zijn cliënt te behartigen op een wijze die hem passend voorkomt. In het algemeen kan een tuchtrechtelijke maatregel eerst geïndiceerd zijn indien en voor zover de advocaat bij de behandeling van de zaak kennelijk onjuist optreedt en adviseert en de belangen van de cliënt daardoor worden geschaad of kunnen worden geschaad.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1593 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3627/11.29a en b
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 16-02-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1593
Een advocaat heeft bij de behandeling van een zaak de leiding en dient vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid te bepalen met welke aanpak de belangen van zijn cliënt het beste zijn gediend. Daarbij komt de advocaat een grote mate van vrijheid toe om de belangen van zijn cliënt te behartigen op een wijze die hem passend voorkomt. In het algemeen kan een tuchtrechtelijke maatregel eerst geïndiceerd zijn indien en voor zover de advocaat bij de behandeling van de zaak kennelijk onjuist optreedt en adviseert en de belangen van de cliënt daardoor worden geschaad of kunnen worden geschaad.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1574 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3659/11.61
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 13-04-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1574
Een tuchtrechtelijke procedure leent zich niet voor feitenonderzoek op grond waarvan zou kunnen worden vastgesteld dat verweerder de gestelde valsheid in geschrifte en/of fraude heeft gepleegd.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1587 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3470/10.100
- Datum publicatie: 26-04-2011
- Datum uitspraak: 14-03-2011
- ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1587
Een advocaat dient ook rekening te houden met de gerechtvaardigde belangen van de wederpartij. In casu kan niet worden vastgesteld dat verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1062 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.161
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1062
Klager is in 2001 van de fiets gevallen en heeft zijn rechter pols gebroken. Hij bezoekt de SEH van het ziekenhuis en is aldaar gezien door een arts-assistent. Er worden röntgenfoto’s gemaakt waaruit wordt geconcludeerd dat sprake is van een zogeheten Collesfractuur. Er wordt een gispverband aangebracht door een verpleegkundige/gipsverbandmeester. Klager komt nog tweemaal voor controle. Enige tijd nadat het gisp is verwijderd, wordt reflexdystrofie vastgesteld bij klager. Een half jaar later wordt geconstateerd dat sprake is geweest van een verkeerde diagnose vanaf het begin: er was geen sprake van een Collesfractuur maar van een zogenaamde Smithfractuur. Een reconstructieve operatie van de pols wordt uitgevoerd. Klager verwijt –kort gezegd- dat een onzorgvuldige diagnose heeft plaatsgevonden en dat zijn pols verkeerd is behandeld door verweerder. Het RTG overweegt dat niet met zekerheid is vast te stellen dat verweerder de persoon was die het gispverband heeft aangelegd en wijst de klacht af. Het CTG bekrachtigt deze uitspraak omdat ook in hoger beroep niet is komen vast te staan dat verweerder de persoon was die bij het eerste consult –toen de diagnose werd gesteld en het gisp werd aangebracht- aanwezig was.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1056 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.068
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1056
Klacht tegen huisarts. Klaagster verwijt huisarts dat deze geen adequaat onderzoek heeft verricht naar klachten in haar borsten en haar ten onrechte heeft gerustgesteld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de maatregel van waarschuwing opgelegd. Hoger beroep huisarts. Het Centraal Tuchtcollege overweegt dat n iet in geschil is dat de huisarts klaagster lichamelijk heeft onderzocht en daarbij weliswaar een zwelling in de linkerborst heeft gevoeld, maar dat deze zwelling een afwijking betrof die overeenkwam met eerder in het ziekenhuis vastgestelde cysten. Bij die stand van zaken bestond er voor de huisarts geen aanleiding de zwelling aan te merken als een nieuwe klacht, zodat hij niet opnieuw het protocol, zoals de NHG-standaard die beschrijft bij een nieuwe klacht over pijn in de borst, hoefde te doorlopen. De huisarts heeft terecht de voorgeschiedenis van klaagster betrokken bij zijn diagnose en bij het bepalen van het behandelplan. Klachtonderdeel alsnog ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1063 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2009.258
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1063
In eerste aanleg heeft klager een 7-tal klachten aangevoerd naar aanleiding van de wijze waarop de gz-psycholoog als deskundige de opdracht van de rechtbank heeft uitvoerd om -kort gezegd- tussen de ex-echtgenoten tot een omgangsregeling voor de kinderen te komen. De klachten komen er op neer dat klager twijfelde aan de onafhankelijkheid van de gz-psycholoog en dat hij zich door haar niet serieus genomen voelde. Een deel van de klachten is door het RTG gegrond verklaard. Klager heeft hoger beroep ingesteld m.b.t. de klachten die door het RTG ongegrond zijn verklaard. Het hoger beroep slaagt niet.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1057 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.159
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1057
De klacht betreft een arts die de functie bekleedt van directeur patientenzorg in een kliniek en die daarnaast (voor het grootste deel van de werktijd) samen met andere specialisten als arts in die kliniek werkzaam is. Door de klager, die bij een operatie in de kliniek ernstig verminkt is, wordt hem in hoofdzaak verweten dat hij heeft toegelaten dat die operatie werd uitgevoerd door een plastisch chirurg die niet als zodanig in Nederland geregistreerd was. Het regionale tuchtcollege oordeelt dat de arts ook in zijn hoedanigheid van directeur patientenzorg tuchtrechtelijk aansprakelijk kan zijn. Het legt hem een waarschuwing op omdat hij ten onrechte niet gecontroleerd had of de plastisch chirurg in Nederland was ingeschreven. Ook het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat het handelen van artsen in een bestuurlijke of leidinggevende functie in beginsel tuchtrechtelijk getoetst kan worden; wel moet voorkomen worden dat een arts aansprakelijk wordt gehouden voor keuzen in d e bedrijfsvoering waarvoor hem in zijn managementsfunctie in beginsel beleidsvrijheid toekomt. Ten aanzien van de klacht verenigt het Centraal College zich met het oordeel in eerste aanleg; het verwerpt het beroep van de arts.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1064 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.135
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1064
In geschil is de vraag of de gz-psycholoog bij het intake gesprek in voldoende mate de mede met gezag beklede ouder betrokken heeft. Moeder heeft zich met het minderjarige kind bij de gz-psycholoog gemeld in een crisis-situatie. De psycholoog heeft wel gevraagd naar de contactgegevens van de vader, maar moeder had deze niet voor handen. Vervolgens heeft het meer dan een maand geduurd voordat de gz-psycholoog de vader heeft gesproken. Zij heeft wel gepoogd te bellen, maar pas in later stadium. Het RTG heeft de ter zake ingediende klacht gegrond verklaard en de maatregel van waarschuwing opgelegd. Het CTG heeft overwogen dat ook in de intake fase (ook wanneer er nog geen sprake is van een behandelingsovereenkomst) de met gezag beklede ouder(s) moeten worden geïnformeerd en dat hun instemming moet worden vastgesteld. Dit is onvoldoende gebeurd. Nu hier een nieuwe norm is gesteld, dient een maatregel achterwege te blijven.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1058 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.279
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1058
Klacht tegen psychiater. Klager is op basis van verklaring van de arts met rechterlijke machtiging opgenomen in psychiatrisch ziekenhuis. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt dat er geen aanwijzingen zijn dat de arts de verklaring valselijk heeft opgemaakt zoals hem door klager wordt verweten en wijst de klacht af. Het Centraal Tuchtcollege bevestigt in beroep het oordeel van het Regionaal Tuchtcollege en verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1052 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.180
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 05-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1052
Klacht tegen tandarts, afgewezen door het Regionaal Tuchtcollege. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing en verklaart vier klachtonderdelen alsnog gegrond. Bij het plaatsen van een implantaat is de tandarts zowel in het vooronderzoek als in de verslaglegging onvoldoende zorgvuldig geweest. De tandarts heeft klager voorafgaand aan en tijdens het plaatsen van een brug onvoldoende voorgelicht over de verschillende mogelijkheden qua materiaal en de daaraan verbonden voor- en nadelen en risico’s. De tandarts had erop moeten toezien dat de afgesproken verrekening van de kosten van het plaatsen van het implantaat daadwerkelijk plaatsvond. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1065 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2010.172
- Datum publicatie: 22-04-2011
- Datum uitspraak: 19-04-2011
- ECLI:NL:TGZCTG:2011:YG1065
Klager verwijt de gz-psycholoog dat zij een verklaring in de zin van artikel 29b lid 5 Wet op de Jeugdzorg heeft opgesteld zonder klager voorafgaand te hebben onderzocht, waardoor klager ten onrechte door de rechter in een gesloten jeugdinrichting is geplaatst. Het RTG oordeelt dat de klacht gegrond is en de gz-psycholoog wordt de maatregel van schorsing opgelegd voor de duur van 10 weken waarvan 8 weken voorwaardelijk, inclusief een coachingstraject en publicatie. Ter zitting in hoger beroep is komen vast te staan dat klager ten tijde van de op te maken verklaring feitelijk onvindbaar was omdat hij zwervende was. Op de voet van artikel 29c lid 4 Wet op de Jeugdzorg kon daarom in dit geval de gz-psycholoog instemmen zonder klager voorafgaand te hebben onderzocht. Het CTG verkaart de klacht ongegrond en vernietigt de beslissing.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 2192
- Pagina: 2193
- Pagina: 2194
- ...
- Pagina: 2408
- Volgende pagina zoekresultaten