Zoekresultaten 20981-20990 van de 47494 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:72 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-268

    Ongegronde klacht tegen een verzekeringsarts. Het rapport van de verzekeringsarts over een beoordeling van de medische stukken in de bezwaarschriftprocedure voldoet aan de gestelde criteria. De verzekeringsarts had na het verzoek van klager wel beter zijn BIG-registratienummer kunnen geven in plaats van naar het internet te verwijzen, maar dit levert geen tuchtrechtelijk verwijt op. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:68 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-273

    Ongegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater heeft geen beoordelingsfout gemaakt geen verdere opname voor klager te indiceren. Klager is vervolgens op vrijwillige basis opgenomen. Het verzoek om verlof heeft de psychiater in redelijkheid kunnen bewilligen. Het verwijt dat de psychiater vond dat een justitiële aanpak de voorkeur had in plaats van een behandeling, gaat niet op. De psychiater heeft zich in verdere behandeling van klager hierdoor niet laten leiden. Ook was er inhoudelijk gesproken wel een behandelplan. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:103 Raad van Discipline Amsterdam 17-623/A/A

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:96 Raad van Discipline Amsterdam 17-1031/A/A

    Klacht over eigen advocaat (zie ook 17-1032/A/A/D). Verweerder heeft de echtscheidingsbeschikking niet tijdig ingeschreven, klager niet tijdig en toereikend voorgelicht over de gevolgen van deze nalatigheid, een brief van de advocaat van de wederpartij van 1 maart 2016 niet aan klager doorgestuurd en klager daarover niet tijdig geïnformeerd, onvoldoende controle gehouden op de voortgang van het dossier en klager niet voorgelicht over de eventuele mogelijkheden van cassatie tegen de beschikking van 31 maart 2016. Klacht grotendeels gegrond. De raad acht het opleggen van de maatregel van berisping voor de onderhavige zaak en het heden gegrond verklaarde dekenbezwaar passend en geboden. In beide zaken zal de raad dan ook één en dezelfde maatregel opleggen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2019:65 Raad van Discipline 's-Gravenhage 18-514/DH/RO

    Verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:104 Raad van Discipline Amsterdam 17-576/A/A

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:117 Raad van Discipline Amsterdam 17-802/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht dat verweerder ten onrechte het dossier van klagers weigert te verstrekken kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:97 Raad van Discipline Amsterdam 17-1030/A/A/D

    Dekenbezwaar. Verweerder heeft zich, zonder de cursus te hebben bijgewoond, na afloop van de cursus toch tot de tafel waarop de presentielijst lag gewend teneinde deze te ondertekenen. Vervolgens heeft verweerder hierover tegenstrijdige verklaringen afgelegd. Hiermee heeft verweerder gehandeld in strijd met de kernwaarde integriteit. Dat verweerder tegen de stafmedewerkster van de deken in strijd met de waarheid heeft verklaard is niet komen vast te staan. Dekenbezwaar deels gegrond en deels ongegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:105 Raad van Discipline Amsterdam 17-910/A/A 17-864/A/A 17-865/A/A 17-866/A/A 17-867/A/A

    Klacht over eigen advocaten en advocatenkantoor. Klager is in 2010 betrokken geweest bij een ongeval waarbij hij door een schip is overvaren. Verweerders hebben klager vanaf 2012 bijgestaan in het kader van de aansprakelijkheid en schade. Verweerder sub 4 en verweerster sub 5 hebben in de opdrachtbevestiging geschreven dat zij (hoewel er een vermoedelijke eigenaar bekend was) nog zouden moeten natrekken wie de eigenaar van het schip was dat klager had overvaren. Uit het klachtdossier blijkt niet zij daartoe enige poging hebben ondernomen noch dat zij klager over eventuele pogingen hebben geïnformeerd. De stelling dat op dat moment, in 2012, niet kenbaar noch traceerbaar was wie de eigenaar was van het schip is niet onderbouwd. De raad zal het er voor houden dat het wel mogelijk was de eigenaar van het schip te achterhalen. Nu verweerder sub 4 en verweerster sub 5 dit niet hebben achterhaald noch daartoe voor klager kenbare pogingen hebben ondernomen, hebben zij niet voldaan aan hetgeen klager op grond van de opdrachtbevestiging redelijkerwijs mocht verwachten. Dit valt hen tuchtrechtelijk te verwijten. Voor zover klacht is gericht tegen advocatenkantoor is klager niet-ontvankelijk. Klacht over verweerder sub 4 en verweerster sub 5 deels gegrond, klacht voor het overige ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:98 Raad van Discipline Amsterdam 17-779/A/A

    Ongegrond verzet.