Zoekresultaten 10421-10430 van de 48190 resultaten

  • ECLI:NL:TACAKN:2022:27 Accountantskamer Zwolle 22/318 Wtra AK

    De betrokken accountant heeft in het kader van een geschil een rapport van feitelijke bevindingen opgesteld. De accountant heeft voorafgaand aan de aanvaarding van de opdracht, in strijd met bepaalde in NVCOS 4400N.23 en NVCOS 4400N.24, geen overleg gehad met de beoogde gebruikers. De accountant heeft in strijd met NVCOS 4400N.5 in zijn rapport conclusies en standpunten opgenomen en een oordeel gegeven over het object in zijn totaliteit. Tenslotte heeft de accountant door de door hem gebruikte stellige bewoordingen, in strijd met NVCOS 4400N.5, de indruk gewekt dat een bepaalde mate van zekerheid werd verschaft, zodat hij niet heeft vermeden dat de indruk werd gewekt dat sprake is van een assurance-opdracht. Maatregel: waarschuwing

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:109 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2021/3720

    Deels gegronde klacht tegen een gz-psycholoog. Klaagster verwijt de gz-psycholoog dat zij zonder toestemming onjuiste informatie aan Veilig Thuis (VT) heeft verstrekt. Het college oordeelt dat de verstrekte informatie niet onjuist is, maar dat de wijze waarop de informatie is verstrekt onzorgvuldig is geweest. Doordat de informatie mondeling is verstrekt, heeft klaagster niet de mogelijkheid gehad om toestemming te geven, of de informatie vooraf of achteraf in te zien. Bovendien is de informatie pas acht maanden na de melding aan VT verstrekt, terwijl de behandeling vrijwel was afgerond en de melding in eerste instantie was bedoeld om VT in lead te brengen. Klacht deels gegrond, waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2022:110 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2021/3691

    Klacht tegen GZ-psychologe wegens schending beroepsgeheim. Gegrond. Berisping. Klaagster was uitgevallen op haar werk in verband met psychische klachten. Via de bedrijfsarts is zij in contact gekomen met een bedrijf dat zich richt op re-integratie van werknemers met psychische klachten. Dit bedrijf heeft klaagster in contact gebracht met verweerster. Na een kennismakingsgesprek via videobellen hebben een aantal behandelsessies plaatsgevonden. Pas veel later, bij haar WIA-aanvraag, zag klaagster dat contactverslagen van deze sessies via voormeld bedrijf naar haar bedrijfsarts waren gezonden. Verweerster meent dat de destijds online besproken machtiging - die door de COVID situatie niet door klaagster kon worden ondertekend - hiervoor een afdoende grondslag vormde. Klaagster, zelf ook psychologe, meende dat dit eerst met haar zou moeten worden overlegd. Het college oordeelt dat voordat vertrouwelijke (medische) persoonsgegevens aan derden worden doorgestuurd, hieraan een voldoende uitdrukkelijke en welbepaalde toestemming van de betrokkene aan ten grondslag moet liggen. De gegevensverstrekking dient op transparante wijze te gebeuren en mag niet verder strekken dan noodzakelijk. Met een vooraf gegeven machtiging kan aan deze eisen over het algemeen niet worden voldaan. Vorenbedoeld bedrijf kan als opdrachtgeefster van verweerster ten opzichte van klaagster als derde worden aangemerkt. Verweerster heeft nagelaten voldoende te waarborgen dat vertrouwelijk met de gegevens van klaagster werd omgegaan. Het college acht daarom de klacht gegrond en de maatregel van een berisping op zijn plaats.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2022:105 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2021/3511

    Klacht tegen ambulanceverpleegkundige. Beklaagde heeft klaagster onderzocht na een 112-melding van klaagsters zoon dat zij onwel was geworden. Klaagster verwijt beklaagde een onjuiste en/of onzorgvuldige behandeling, onzorgvuldig onderzoek, een onjuiste diagnose en het ten onrechte niet meenemen en/of doorverwijzen. Naar het oordeel van het college waren er op het moment van onderzoek door beklaagde geen symptomen op basis waarvan nader onderzoek was aangewezen. Beklaagde kan dan ook niet worden verweten dat zijn onderzoek onzorgvuldig is geweest. Ook van een onjuiste diagnose is naar het oordeel van het college geen sprake. Beklaagde heeft kunnen komen tot de door hem gestelde werkhypothese van lichte hvs. Hij heeft daarom ook geen aanleiding hoeven zien om klaagster mee te nemen en/of door te verwijzen. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2022:37 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven H2021/3134

    Klacht tegen (oud-)collega, klager verwijt verweerder dat hij 1) en plein public en ten overstaan van het verpleegkundig personeel de eer en goede naam van klager heeft aangetast en het vertrouwen in de medische stand heeft ondermijnd en 2) zich heeft aangesloten bij een groep artsen die als doel had om klager uit het ziekenhuis te verwijderen.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2022:38 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven H2021/3753

    Chirurg wordt o.a. verweten dat de thoracoscopische sympathectomie bij klager niet op de juiste wijze is uitgevoerd, het dossier niet op de juiste wijze is bijgehouden en klager onvoldoende is geïnformeerd.

  • ECLI:NL:TADRARL:2022:142 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-254/AL/GLD

    Voorzittersbeslissing over advocaat wederpartij. Van onnodig grievende uitlatingen jegens klager is niet gebleken. Ook overigens niet de grenzen van het betamelijke overschreden. Deels niet-ontvankelijk, deels kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2022:143 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-251/AL/GLD

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Uit het dossier is niet gebleken dat de advocaat valsheid in geschrifte heeft gepleegd of de voorzieningenrechter anderszins opzettelijk verkeerd heeft voorgelicht.

  • ECLI:NL:TADRARL:2022:144 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-298/AL/OV

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. De advocaat heeft gehandeld binnen de grenzen van de haar toekomende vrijheid als de advocaat van klagers wederpartij.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2022:26 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2021/9

    De klacht gaat over de voorbereidende werkzaamheden met betrekking tot de splitsing in appartementsrechten van een registergoed. Klagers verwijten de notaris dat zij de splitsing niet voortvarend afhandelt, dat de splitsingstekening steeds moest worden aangepast en dat zij is tekortgeschoten in de communicatie jegens klagers.De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard.