Zoekresultaten 19741-19750 van de 42611 resultaten

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:27 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1608a

      Klager verwijt verweerder, uroloog, dat hij tijdens een prostaatoperatie een urine-katheter niet goed geplaatst heeft en dat hij klager te snel na de operatie naar de verpleegafdeling heeft laten gaan. Het college is van oordeel dat verweerder de katheter correct geplaatst heeft en dat de overplaatsing van de recovery-afdeling naar de verpleegafdeling niet onder de verantwoordelijkheid van verweerder valt. Klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:24 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-065/DB/OB

    Geen feitelijke onjuistheden vermeld in kort gedingdagvaarding. Niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klager pas na een jaar op de hoogte te stellen van vonnis. Klagers 2 + 3 kennelijk niet-ontvankelijk wegens ontbreken eigen belang klacht klager. Kennelijk ongegrond.  

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:21 Raad van Discipline Amsterdam 16-893/A/A

    Gegronde klacht. De raad acht de wijze van praktijkvoering door verweerder bijzonder laakbaar. Zonder daarop (afdoende) toezicht te houden heeft verweerder een gedeelte van zijn praktijk uitbesteed en zijn kantoororganisatie zo ingericht, dat het mogelijk was dat op naam van verweerder bezwaarschriften zijn ingediend zonder dat verweerder – althans zo stelt hij – daarvan op de hoogte was en zonder dat aan verweerder geadresseerde post bij hem terecht kwam. Verweerder heeft hiermee tevens in strijd met Gedragsregel 38 gehandeld. Onvoorwaardelijke schorsing voor de duur van zes weken en proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2017:41 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 072/2016

      klacht tegen psychiater. Het college oordeelt dat verweerster, gezien de voorgeschiedenis van klager, met betrekking tot de diagnose  grote betekenis mocht toekennen aan de door haar voorgangers gestelde diagnose. Dat klager het met deze diagnose en de bijbehorende behandeling niet eens is, leidt niet tot een ander oordeel. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:34 Raad van Discipline Amsterdam 16-1138/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen eigen advocaat over kwaliteit van de dienstverlening. Klacht kennelijk ongegrond nu niet is gebleken dat verweerder klager in zijn strafzaak niet naar behoren heeft bijgestaan.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2017:35 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 288/2015

      Klacht tegen internist kennelijk ongegrond. Verweerder kon, als supervisor, in overleg met arts-assistent tot het ingestelde beleid komen. Niet gebleken dat er bij patiënt destijds voorboden waren voor een acuut optredende beroerte en geen reden vooracuut corrigeren van chronische onderbehandeling van arteriële thrombo-embolieën (als gevolg van de uitdrukkelijke wens van patiënt).

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:28 Raad van Discipline Amsterdam 16-1146/A/A

    Voorzittersbeslissing. Kwaliteitsklacht ongegrond. Verweerster heeft voldoende inspanningen verricht om de onderzoekswensen van klager bij het hof kenbaar te maken en zich eveneens voldoende ingespannen om te bewerkstelligen dat klager bij getuigenverhoren aanwezig mocht zijn.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2017:9 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2016/50

    Klacht over het opstellen van een testament van erflater en de afwikkeling van de nalatenschap van erflater. Klacht deels gegrond. Op de notaris rust een zwaarwegende zorgplicht om al datgene te verrichten wat nodig is voor het intreden van de rechtsgevolgen die zijn beoogd met de rechtshandeling. De wensen van een testateur dienen te worden geïnventariseerd en overeenkomstig de bedoeling dient een uiterste wilsbeschikking te worden geredigeerd. Het is daarbij aan de notaris om de testateur te wijzen op de gevolgen van de wijze waarop diens laatste wil in een uiterste wilsbeschikking wordt vastgelegd. Mede gelet op het vertrouwen dat de deelnemers aan het rechtsverkeer moeten kunnen stellen in een notariële akte, geldt deze verplichting jegens alle belanghebbenden - waaronder klaagster - en niet slechts jegens de partijen bij de in de notariële akte opgenomen rechtshandelingen. Deze zwaarwegende zorgplicht brengt naar het oordeel van de kamer mee dat de notaris in het onderhavige geval zich een globaal beeld van de financiële situatie van erflater had dienen te vormen, opdat hij erflater de mogelijke gevolgen had kunnen voorhouden van de door erflater beoogde wijziging in de erfstelling. De kamer stelt voorop dat een executeur verantwoordelijk is voor de afwikkeling van de nalatenschap. Nu de notaris op de hoogte was de executeursbenoeming had het op de weg van de notaris gelegen om nadat klaagster telefonisch had meegedeeld dat erflater was overleden voortvarender te werk te gaan en een actievere rol aan te nemen. Deze regiefunctie brengt tevens mee dat het op de weg van de notaris had gelegen klaagster tijdig en op eigen initiatief te wijzen op de mogelijkheid van beneficiaire aanvaarding van de nalatenschap van erflater.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:28 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1608b

      Klager verwijt verweerder, uroloog in opleiding, dat hij te vaak en te langdurig heeft geprobeerd bij klager een katheter in te brengen en dat hij niet adequaat heeft gereageerd in een spoedsituatie waarbij klager een bloeddrukdaling kreeg. Het college is van oordeel dat uit de statusvoering niet blijkt dat verweerder te vaak geprobeerd heeft een katheter te plaatsen en dat hij op juiste gronden vervolgstappen richting functie-afdeling en operatiekamer heeft ingezet om alsnog de katheter geplaatst te krijgen. Ook heeft verweerder adequaat gereageerd op de vagale reactie van klager die hij kreeg. Klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:22 Raad van Discipline Amsterdam 16-889/A/A

    Gegronde klacht. De raad acht de wijze van praktijkvoering door verweerder bijzonder laakbaar. Zonder daarop (afdoende) toezicht te houden heeft verweerder een gedeelte van zijn praktijk uitbesteed en zijn kantoororganisatie zo ingericht, dat het mogelijk was dat op naam van verweerder bezwaarschriften zijn ingediend zonder dat verweerder – althans zo stelt hij – daarvan op de hoogte was en zonder dat aan verweerder geadresseerde post bij hem terecht kwam. Verweerder heeft hiermee tevens in strijd met Gedragsregel 38 gehandeld. Onvoorwaardelijke schorsing voor de duur van zes weken en proceskostenveroordeling.