Zoekresultaten 43251-43300 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1812 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 2872/07.87a

    Klacht dat de deken door het indienen van een klacht tegen klager, medeplichtig is aan schending van fundamentele rechten van klager (recht op privacy) wegens medeplichtigheid aan schending van de Wet Bescherming Persoonsgegevens, aantasting van klagers recht op vrije meningsuiting en het opleggen van politieke censuur. Zaak hangt samen met R.2871/07.86a. Het indienen van de ambtshalve klacht door de deken vormt geen handelen in strijd met de norm van artikel 46 Advocatenwet. Klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1825 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3630/11.32a

    Klager heeft geen eigen belang bij de klacht. De stelling van klager dat het belang van de clienten van klager is geschaad is onvoldoende en creeert geen eigen belang.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1806 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3510/10.140

    Klacht van twee cliënten, die gescheiden woonden, dat de advocaat geen actie heeft ondernomen en niet behoorlijk heeft gecommuniceerd. De advocaat heeft, ook toen hij brieven aan de ene cliënt geen reactie kreeg, geen correspondentie aan de andere cliënt gestuurd. Klacht ongegrond. Verzet gegrond. Nalaten de andere cliënt ook de correspondentie te sturen onzorgvuldig; onvoldoende voortvarendheid. Enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1819 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3725/11.127

    De advocaat komt een grote mate van vrijheid toe om de belangen van zijn cliënt te behartigen op de wijze die hem passend voorkomt. Deze vrijheid mag niet ten gunste van een (processuele) wederpartij worden beknot, tenzij de belangen van die wederpartij nodeloos en op ontoelaatbare wijze worden geschaad. Het benoemen van de consequenties van bepaald gedrag was in casu niet tuchtrechtelijk verwijtbaar.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1794 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3690/11.92a

    De Advocatenwet heeft niet een klachtrecht in het leven geroepen voor een ieder, doch slechts voor degene die door een handelen of nalaten van een advocaat in zijn of haar belang is of kan worden getroffen. Voor zover in het algemeen belang een tuchtrechtelijke procedure vereist is, wordt het klachtrecht uitgeoefend door de deken. Niet kan worden vastgesteld dat de advocaat zijn client bewust onjuist heeft geïnformeerd en geïnstrueerd. (Het kantoor van) de advocaat heeft de client alle stukken beschikbaar gesteld waarop de opdracht en instructie was gebaseerd. Eerst achteraf is gebleken dat het standpunt van BOOM volgens BOOM anders geïnterpreteerd dient te worden. Dit laatste kan de advocaat niet worden verweten.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1997 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3776/11.178

    De advocaat heeft geen invloed op de aan klager opgelegde eigen bijdrage. De Raad voor Rechtsbijstand baseert zich daarbij op gegevens van de Belastingdienst. Het feit dat aan klager een eigen bijdrage is opgelegd ad € 750,00, kan dan ook niet aan de advocaat worden tegengeworpen. Niet gesteld, noch gebleken is dat de toevoeging die in het kader van een mediation aan klager is verstrekt, door de advocaat is aangevraagd. Voorts is niet gebleken dat de eigen bijdrage ad € 50,00 door de advocaat is geïncasseerd

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1800 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3698/11.100a

    Geen sprake van belangenverstrengeling. De klachtprocedure is immers een andere procedure tussen andere partijen. Een en ander neemt niet weg dat de advocaat er wellicht beter aan gedaan zou hebben om iedere schijn te vermijden door de zaak over te dragen aan een advocaat ten aanzien van wie geen enkele schijn van belangenverstrengeling zou hebben kunnen bestaan.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1788 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3681/11.83

    Er is geen sprake van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen van de zijde van de advocaat doordat hij de kosten van rechtsbijstand bij klager heeft geincasseerd. Klager heeft de advocaat immers opdracht gegeven tot het verlenen van bijstand in een strafzaak. Een en ander is civielrechtelijk reeds getoetst. Het bestaan van de opdracht blijkt voorts uit de toevoegingsaanvraag en -afwijzijng, de door de advocaat overgelegde correspondentie, en de beschikking van het Gerechtshof 's-Gravenhage. Uit deze beschikking volgt dat klager na de vrijspraak in hoger beroep vergoeding voor de advocaatkosten heeft gevraagd en verkregen, op grond waarvan moet worden aangenomen dat hij die kosten ook verschuldigd is.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1813 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 2873/07.88

    Klacht dat de advocaat, in hoger beroep ter zake van een beslissing op een door klager als deken ingediende klacht, in een brief aan het Hof van Discipline onbetamelijk over klagers stellingname als deken heeft geschreven; voorts dat de advocaat zich, in een schriftelijke reactie tijdens het dekenonderzoek, onjuist en/of onnodig grievend over klager heeft uitgelaten. De vrijheid van de advocaat om zijn belang te verdedigen in een tegen hem aangespannen klachtprocedure is niet overschreden. Klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1826 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3630/11.32b

    Klager heeft geen eigen belang bij de klacht. De stelling van klager dat het belang van de cliente van klager is geschaad is onvoldoende en creeert geen eigen belang.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1807 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3561/10.191

    Dekenklacht. De advocaat laat rekeningen van derden, die hij voor zijn praktijkvoering inschakelt, onbetaald en reageert niet op informatieverzoeken van de deken. Klacht gegrond. Eerdere soortgelijke veroordelingen. Schorsing voorwaardelijk voor de duur van drie maanden.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1795 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3690/11.92b

    Niet kan worden vastgesteld dat de advocaat zijn client bewust onjuist heeft geïnformeerd en geïnstrueerd. De advocaat heeft de client alle stukken beschikbaar gesteld waarop de opdracht en instructie was gebaseerd. Eerst achteraf is gebleken dat het standpunt van BOOM volgens BOOM anders geïnterpreteerd dient te worden. Dit laatste kan de advocaat niet worden verweten.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1820 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3557/10.187

    Indien een advocaat meent dat er geen of onvoldoende basis bestaat om een cliënt verder bij te staan, omdat het vertrouwen aan de relatie is komen te ontbreken, staat het de advocaat vrij zich uit de zaak terug te trekken, mits dit zorgvuldig geschiedt. Geen gronden voor het verzet aangevoerd. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1801 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3698/11.100b

    Geen sprake van belangenverstrengeling. De klachtprocedure is immers een andere procedure tussen andere partijen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1789 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3687/11.89

    De klacht is kennelijk niet-ontvankelijk voor zover de klacht betrekking heeft op het verzoek van klager tot aanwijzing van een advocaat. Immers voor klager stond tegen de afwijzende beslissing van de deken tot aanwijzing van een advocaat de mogelijkheid van beklag open bij het Hof van Discipline.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1814 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 2872/07.87b

    Klacht van de deken dat de advocaat zich, naar aanleiding van kennisneming van een uitspraak van het Hof van Discipline, in een brief aan het Hof en aan de Nederlandse Orde van Advocaten een onbetamelijke inhoud en stijl heeft gebezigd. Klacht gegrond. Enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1827 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3618/11.20

    Verweerder heeft de zaak onvoldoende voortvarend aangepakt en geen plan van aanpak met client gecommuniceerd.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1808 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3509/10.139

    Klachten dat de advocaat in een te laat stadium heeft meegedeeld geen hoger beroep in te stellen en dat de advocaat aan de overnemende advocaat heeft meegedeeld dat klager geen eigen bijdrage wilde betalen; nevenklachten. De advocaat heeft na aanvankelijk schriftelijk advies waarin zijn weigering niet duidelijk was, in een opvolgend telefoongesprek enkele dagen later duidelijkheid gegeven. Er resteerde nog voldoende tijd tot het verstrijken van de appeltermijn. Overige klachtonderdelen niet komen vast te staan. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1796 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3693/11.95

    De Advocatenwet heeft niet een klachtrecht in het leven geroepen voor een ieder, doch slechts voor degene die door een handelen of nalaten van een advocaat in zijn of haar belang is of kan worden getroffen. Voor wat betreft het verwijt van klager dat hij het niet eens is met de wijze waarop de advocaat de zaak van de vriendin van klager heeft behandeld is de klacht kennelijk niet-ontvankelijk, omdat klager niet de cliënt van de advocaat was, maar diens vriendin. Klager heeft dan ook geen rechtstreeks belang bij dit klachtonderdeel. Het is niet aan de tuchtrechter is om een onderzoek in te stellen naar de feiten en omstandigheden van de verweten gedraging. Evenmin staat vast dat de advocaat bekend was met de gezondheidssituatie van klager ten tijde van het incident. Niet kan derhalve worden vastgesteld dat de advocaat zich heeft gedragen zoals een behoorlijk advocaat niet betaamt.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1821 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3552/10.182

    Bij de behandeling van een zaak heeft de advocaat de leiding en dient hij vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid te bepalen met welke aanpak de belangen van zijn cliënt het beste zijn gediend. In het algemeen kan een tuchtrechtelijke maatregel pas geïndiceerd zijn, indien en voorzover de advocaat bij de behandeling van de zaak kennelijk onjuist optreedt en adviseert en de belangen van de cliënt daardoor worden of kunnen worden geschaad. Dat een dergelijke situatie zich voordoet wordt door verweerder erkend en blijkt ook uit de stukken. Klacht gegrond. Voorwaardelijke schorsing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1802 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3691/11.93

    De advocaat komt een grote mate van vrijheid toe om de belangen van zijn client te behartigen op de wijze die hem passend voorkomt. Deze vrijheid mag niet ten gunste van een (processuele) wederpartij worden beknot, tenzij de belangen van die wederpartij nodeloos en op ontoelaatbare wijze worden geschaad. I.c. is niet gebleken dat de advocaat de hem toekomende ruime mate van vrijheid te buiten is gegaan dan wel zich in enig ander opzicht niet heeft gedragen zoals een behoorlijk advocaat betaamt.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1221 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-154

    Klager verwijt de huisarts dat deze de gezondheid van klager heeft geschaad en zijn kwaliteit van leven heeft verminderd door Arthrotec 50 voor te schrijven, terwijl klager bekend is met nierinsufficiëntie en de reumatoloog had geadviseerd klager niet met NSAID’s te behandelen.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1223 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 143/2010

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt verweerder onjuiste behandeling en het stellen van een verkeerde diagnose. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1224 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 217/2010

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen een huisarts. Klaagster verwijt verweerster nalatigheid in zorg. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1225 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 231/2010

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen een psychiater. Klaagster verwijt verweerder een onjuiste behandeling, verkeerde diagnose, het voorschrijven van verkeerde medicatie, dat alles besproken werd met klaagster echtgenoot en niet met haar en dat haar kinderen door haar gedwongen opname extra getraumatiseerd zijn. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1226 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 213/2010

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen (destijds) arts-assistent in opleiding tot psychiater. Klaagster verwijt verweerder dat hij ten onrechte een geneeskundige verklaring heeft afgegeven en dat hij haar rouwverwerking niet heeft onderkend. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1220 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-128

    Klaagster verwijt de huisarts dat deze verkeerde medicijnen, en in een onjuiste dosering, heeft voorgeschreven en nalatig is gebleven in het onderzoeken van de aanhoudende klachten van de patiënt en voorts dat zij klaagster onheus heeft bejegend. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0658 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet911.2010

    Beslissing op verzet. Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het buiten de termijn is gedaan.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0639 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet107.2011

    Beslissing op verzet. De in verzet aangevoerde gronden werpen geen nieuwe licht op de beslissing van de voorzitter, noch geven deze aanleiding tot aanpassing van die beslissing. Het verzet wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0620 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet909.2010

    Beslissing op verzet. De kamer vernietigt de beslissing van de voorzitter.Tten onrechte beslag gelegd. De titel onvoldoende gecontroleerd op fouten. Klacht gegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0652 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet52.2011

    Beslissing op verzet. De Kamer verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0633 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet626.2010

    Beslissing op verzet. De Kamer verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0614 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet664.2010

    Beslissing op verzet. Het verzet wordt niet-ontvankelijlk verklaard omdat het buiten de termijn is gedaan

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0627 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet851.2010

    Beslissing op verzet. De Kamer verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0608 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDW652.2010

    Tenuitvoerlegging vonnis. Afsluiten energietoevoer in woning. Aannemelijk is dat de gerechtsdeurwaarder zijn bezoek aan de woning tweemaal heeft aangekondigd. De klacht dat de gerechtsdeurwaarder de woning heeft betreden zonder voorafgaande melding wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0659 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDW306.2011

    Verzoek tot wraking. Verzoek afgewezen.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0640 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet93.2011

    De voorzitter is ten onrechte niet ingegaan op klaagsters herhaaldelijk gedane mededeling dat de gerechtsdeurwaarder geen opdracht had ontvangen tot het innen van de vordering. Een gerechtsdeurwaarder is niet verplicht om een opdracht tot dagvaarding over te leggen indien daarom wordt gevraagd. Verzet gegrond, beslissing van de voorzitter vernietigd, klacht opnieuw ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0621 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet910.2010

    Beslissing op verzet. Het verzet wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0653 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet53.2011

    Beslissing op verzet. De kamer verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0634 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet629.2010

    Beslissing op verzet. De Kamer verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0615 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet665.2010

    Beslissing op verzet. De Kamer vernietigt de beslissing van de voorzitter. De Kamer is van oordeel dat het geen pas geeft om voor een hoofdsom van € 10,69 direct na vonnis tot betekening en bevel over te gaan en acht het ook laakbaar dat aansluitend –ook nog eens na betaling van het krachtens het vonnis verschuldigde- voor de betekenings- en bevelkosten hoge derdenbeslagkosten worden gemaakt. Dat de opdrachtgever ontevreden was over de uitkomst van het vonnis, levert geen rechtvaardiging op voor de gevolgde handelwijze, nu de gerechtsdeurwaarder hier een eigen verantwoordelijkheid heeft. De kamer acht de klacht gegrond en legt de gerechtsdeurwaarder de maatregel van berisping op.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0647 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet88.2011

    Beslissing op verzet. De kamer is van oordeel dat de beslissing van de voorzitter niet in stand kan blijven. Het beslag op de onroerende zaak van klager is, nadat de vordering was voldaan, van juni 2009 tot 4 oktober 2010 onnodig blijven liggen. Dat is onzorgvuldig en tuchtrechtelijk laakbaar. Dat klager is meegedeeld dat hij schriftelijk om opheffing van het beslag diende te vragen, is betwist en niet vast komen te staan. Nog los daarvan valt niet in te zien op welke grond klager daarom moet vragen. Het initiatief had van de gerechtsdeurwaarder uit moeten gaan. Klacht gegrond verklaard, maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0628 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDW674.2010

    De gerechtsdeurwaarder was nog niet in het bezit van een titel en heeft daarom ten onrechte een beroep gedaan op de informatieverplichting van klager. De klacht wordt gegrond verklaard.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0609 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDW722.2010

    Bij dagvaarding gebruik gemaakt van (te) oude adresgegevens uit GBA. Klacht gegrond verklaard en de maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0641 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet105.2011

    Beslissing op verzet. De Kamer laat de beslissing van de voorzitter in stand, onder aanpassing van de motivering.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0622 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDW240.2011

    Klacht van de beroepsorganisatie met een verzoek tot schorsing ex artikel 38 Gdw. De klacht betreft de verslaving van de gerechtsdeurwaarder. Dat verdraagt zich volgens de beroepsorganisatie niet met het uitoefenen van het ambt van gerechtsdeurwaarder. De gerechtsdeurwaarder is kennelijk niet in staat gebleken deze verslaving te overwinnen. De ernst van de gedraging en de recidive rechtvaardigt de oplegging van de maatregel ontzetting uit het ambt. De verdenking van het strafbaar feit is een bijkomende omstandigheid. Het verzoek tot schorsing wordt toegewezen en de behandeling van de klacht wordt aangehouden. Tegen deze laatste beslissing is hoger beroep ingesteld.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0654 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet56.2011

    Beslissing op verzet. Aan de tweede klacht ligt een ander feitencomplex ten grondslag dan aan de eerste klacht. Het verzet is gegrond. De beschikking van de voorzitter wordt vernietigd. De klacht is ongegrond. De gestelde regeling wordt betwist en is in de klachtprocedure niet aannemelijk geworden. Het feit dat klager een schriftelijk een voorstel doet tot verrekening met door hem zelf opgestelde facturen, maakt niet dat daarmee een regeling is getroffen. Wil daarvan sprake zijn dan moet ook blijken van instemming van zijn wederpartij.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0635 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet792.2010

    Beslissing op verzet. De Kamer verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0616 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet727.2010

    Beslissing op verzet. De Kamer verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2011:YB0648 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam GDWverzet94.2011

    Beslissing op verzet. De kamer verklaart het verzet ongegrond.