Zoekresultaten 42851-42900 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA2006 Raad van Discipline Amsterdam 11-073A

    De geheimhoudingsverplichting van de advocaat brengt mee dat de advocaat al het redelijke doet om te voorkomen dat derden kunnen meeluisteren met de gesprekken die hij met zijn cliënt voert. Onder omstandigheden is het echter niet tuchtrechtelijk laakbaar als een advocaat een gesprek met zijn cliënt voert in zijn spreekkamer, wetende dat zijn kantoorgenoot dat gesprek mogelijk kan volgen. Het komt voor rekening en risico van de advocaat als hij een eerste bespreking voert met zijn cliënt zonder dat hij tevoren heeft onderzocht of het hem in verband met eventuele conflicterende belangen wel vrijstaat op te treden voor die cliënt. Klacht gedeeltelijk gegrond zonder oplegging van een maatregel.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1991 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3746/11.148

    De advocaat heeft niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door als eisende partij bij afzonderlijk exploot aan de wederpartij vervroeging van de oorspronkelijke zittingsdag aan te zeggen. De advocaat was niet gehouden de raadsman van klaagster sub 2 separaat te berichten, nu hij klaagster sub 2 naar behoren had opgeroepen voor de vervroegde zitting. De advocaat maakt geen misbruik van procesrecht door voor zijn cliënt te blijven optreden ondanks het feit dat zijn cliënte en/of haar rechtsvoorgangers reeds enkele procedures hadden verloren en in gebreke zijn gebleven met betaling van voorafgaande proceskostenveroordelingen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA2000 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3757/11.159

    Op basis van de stukken en de tegenstrijdige verklaringen van klager en de advocaat kan niet worden vastgesteld dat de advocaat in de betreffende klachtprocedure feiten of omstandigheden heeft gesteld, waarvan hij wist of behoorde te weten dat die onjuist waren. Ook overigens kan niet worden vastgesteld dat de advocaat zich niet heeft gedragen zoals een behoorlijk advocaat betaamt.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1985 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3674/11.76

    Optreden van de deken staat als zodanig slechts onder tuchtrechtelijke controle in het geval de deken bij de uitoefening van zijn functie zijn taak zodanig heeft verwaarloosd of zich in die hoedanigheid zodanig heeft misdragen dat hij geacht moet worden zich schuldig te hebben gemaakt aan handelen of nalaten in strijd met hetgeen een behoorlijk advocaat betaamt. Daarvan is niet gebleken. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKASS:2010:YC0672 Kamer van toezicht Assen 05/2010

    1.Neutraliteit boedelnotaris. 2.Afwijzing verzoek om informatie/toezending dossier aan klager. 3.Declaratiegeschil.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1998 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3753/11.155

    Niet kan worden vastgesteld dat de advocaat onvoldoende inzicht heeft gegeven in zijn wijze van declareren dan wel dat de advocaat onjuist of ten onrechte teveel aan klager heeft gedeclareerd. Op een advocaat rust een inspannings- en geen resultaatsverplichting.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1979 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3571/10.201

    Klacht betreft onzorgvuldigheid in de belangenbehartiging in een tweeledig geschil met een verzekeraar. Klager verwijt de advocaat dat zij het verweer in een procedure over het ene geschil niet heeft gecombineerd met het andere geschil. De advocaat heeft in brieven aan klager duidelijk gecommuniceerd dat zij de geschillen afzonderlijk zou aanpakken. Over het nemen van de conclusie van antwoord in de procedure is overleg gevoerd, hetgeen de advocaat schriftelijk heeft bevestigd. Van een tekortschieten in de belangenbehartiging of informatieverstrekking is niet gebleken. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKASS:2010:YC0666 Kamer van toezicht Assen 08/2009

    Schending informatieplicht over risico's flitsscheiding/erkenning in het buitenland in verband met Duitse nationaliteit van klaagster.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA2007 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3770/11.172

    Niet kan worden vastgesteld dat de advocaat heeft gedreigd beslag te leggen op roerende goederen van klaagster sub 1. De advocaat kan geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt doordat hij daadwerkelijk over is gegaan tot het in rekening brengen van wettelijke rente.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1992 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3755/11.157

    Het stond de advocaat vrij - na het gegeven negatief cassatieadvies - geen cassatie in te stellen. De advocaat heeft in de bevestiging van opdracht duidelijk aan klager aangegeven dat bij een negatief cassatieadvies geen cassatie zal worden ingesteld. Op een advocaat rust een inspanningsverplichting jegens zijn cliënt en geen resultaatsverplichting. Indien klager van mening is dat verweerster in strijd heeft gehandeld met de op haar rustende inspanningsverplichting en klager dientengevolge schade heeft geleden, dient klager zich ter zake tot de civiele rechter te wenden. Voor de tuchtrechter is hier geen taak weggelegd.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1973 Raad van Discipline 's-Gravenhage R.3733/11.135

    Het verzoek om verweerder met onmiddellijke ingang in de uitoefening van de praktijk als advocaat te schorsen wordt toegewezen. De overigens verzochte voorzieningen worden afgewezen, waarbij gewezen wordt op de tekst van het artikel 60ab lid 1 Advocatenwet en de wetsgeschiedenis. Anders dan in geval van artikel 60b lid 1 Advocatenwet is het niet mogelijk om naast een schorsing een voorlopige voorziening te treffen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA2001 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3771/11.173

    Niet valt in te zien dat de advocaat de hem toekomende vrijheid als advocaat van de wederpartij te buiten is gegaan dan wel zich in enig ander opzicht niet heeft gedragen zoals een behoorlijk advocaat betaamt door geen medewerking te verlenen aan het verzoek van de wedepartij het conservatoire beslag op te heffen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA1986 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3607/11.09

    Uitgangspunt in de relatie advocaat-wederpartij is steeds dat die advocaat een grote mate van vrijheid toekomt om de belangen van zijn cliënt te behartigen op de wijze die hem passend voorkomt. Deze vrijheid mag niet ten gunste van een (processuele) wederpartij worden beknot, tenzij de belangen van die wederpartij nodeloos en op ontoelaatbare wijze worden geschaad. Daarvan is niet gebleken. Evenmin is gebleken dat verweerster bij het optreden namens haar cliënt over de schreef is gegaan. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKASS:2010:YC0667 Kamer van toezicht Assen 09/2009

    Niet tijdig indienen jaarstukken in strijd met artikel 24, vierde lid, en 112, eerste lid, Wna.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2011:YA2008 Raad van Discipline 's-Gravenhage R. 3779/11.183

    Het indienen van een klacht door de advocaat kan niet worden aangemerkt als een handelen in strijd met het klachtrecht, dan wel handelen in strijd met regel 1, 3 dan wel 17 van de Gedragsregels. Vaststaat immers dat klager de advocaat onjuiste informatie heeft verstrekt, terwijl daarvoor niet op voortvarende wijze werd gereageerd op verzoeken van de kantoorgenoot van de advocaat in het kader van een financiële afwikkeling van de toevoeging.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1962 Raad van Discipline Amsterdam 10-442A

    uitlating advocaat in media – vrijheid van meningsuiting in de uitoefening van het vak van advocaat- klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1963 Raad van Discipline Amsterdam 10-348A

    communicatie met partijen – klacht tegen advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1964 Raad van Discipline Amsterdam 10-441A

    aanzegging van rechtsmaatregelen bij niet betaling declaratie tuchtrechtelijk laakbaar? - klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1965 Raad van Discipline Amsterdam 10-411Alk

    klacht over de door de advocaat te betrachten zorgvuldigheid jegens derden/belanghebbenden- klacht niet ontvankelijk

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1966 Raad van Discipline Amsterdam 11-015H

    klacht tegen de deken in verband met vereiste communicatie en voortvarende behandeling bij klachtprocedures gegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2011:YC0673 Kamer van toezicht Zutphen 12-2010 en 15-2010

    omschrijving klacht: het feit dat de notaris een negatieve bewaringspositie op zijn kwaliteitsrekening heeft laten ontstaan door overboeking van gelden van de kwaliteitsrekening naar de kantoorrekening ten behoeve van betaling van kantoorkosten en crediteuren. Terwijl in juni 2010 de bewaringspositie al negatief was, heeft hij toen toch nog aanzienlijke bedragen van zijn kwaliteitsrekening overgemaakt naar zijn kantoorrekening, die hij voor een deel weer heeft overgemaakt naar een privérekening. Hij heeft derhalve het tekort bewust nog fors verder laten oplopen. het feit dat de notaris in strijd met artikel 25, derde lid, Wna het tekort in het saldo van de kwaliteitsrekening niet terstond heeft aangevuld en zelfs nog steeds niet heeft aangevuld. het feit dat de notaris aan het BFT bewust onjuiste dan wel misleidende informatie heeft verstrekt, waardoor de negatieve bewaringspositie – die al geruime tijd bestond – ten opzichte van het BFT werd verbloemd. Oordeel: De oud-notaris heeft bewust niet voldaan aan zijn wettelijke verplichting om ervoor zorg te dragen dat er geen negatieve bewaringspositie ontstaat. Hij heeft het tekort fors op laten lopen en is vervolgens gedefungeerd zonder dit tekort te hebben aangevuld. Willens en wetens heeft hij de gelden van derden aangewend ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering, hetgeen een groot risico op benadeling van die derden met zich bracht. Hiermee heeft hij het vertrouwen van de maatschappij dat aan het notariaat toevertrouwde gelden in veilige handen zijn, in ernstige mate beschaamd. Daarnaast heeft hij het uitoefenen van de toezichthoudende taak door het BFT feitelijk onmogelijk gemaakt door in ieder geval op twee momenten bewust misleidende informatie aan het BFT te verstrekken over de bewaringsposities van zijn kantoor. Dit handelen van de oud-notaris is een fundamentele schending van de eer en de waardigheid van het notariaat. De Kamer acht dan ook de zwaarst mogelijke tuchtmaatregel van ontzetting uit het ambt passend en geboden.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0661 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2010/964

    Klaagster verwijt de notaris de nalatenschap van haar ouders onzorgvuldig te hebben afgewikkeld. Klachten ongegrond

  • ECLI:NL:TNOKZUT:2011:YC0674 Kamer van toezicht Zutphen 10-2010

    omschrijving klacht: het onzorgvuldig handelen van de kandidaat-notaris, door zonder zich voldoende te vergewissen van de handelings- en wilsbekwaamheid van erflaatster medewerking te verlenen aan de wijziging van het testament en zich te laten benoemen tot executeur van de nalatenschap van erflaatster. oordeel: De kamer is van oordeel dat de kandidaat-notaris dienaangaande op onvoldoende zorgvuldige wijze heeft gehandeld. Er zijn belangrijke wijzigingen in het testament opgenomen. Gelet hierop diende de kandidaat-notaris een hogere mate van zorgvuldigheid te betrachten dan wanneer slechts sprake was van een geringe wijziging, en diende zij te onderzoeken of erflaatster in staat was tot een redelijke waardering terzake. Bij het passeren van het testament was geen notariële getuige aanwezig. Voorts zat tussen de bespreking aangaande de wijzigingen in het testament en de ondertekening van het testament een kort tijdsbestek. Gelet op de hoge leeftijd en de gesteldheid van erflaatster had het op de weg van de kandidaat-notaris gelegen om bij het tweede bezoek te verifiëren of erflaatster nog steeds de wil had om de eerster besproken wijzigingen in het testament op te nemen, en om een verslag op te stellen van hetgeen besproken was. Door dit na te laten heeft de kandidaat-notaris op onvoldoende zorgvuldige wijze de wilsbekwaamheid van erflaatster beoordeeld. Klacht gegrond.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0662 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2010/970

    Klager raakte pas ná de akte van levering op de hoogte van een erfdienstbaarheid. Hij verwijt de notaris dat hij onvoldoende zorgvuldig kadastrale recherche heeft gedaan. De Kamer is van oordeel dat er in dit geval voor de notaris geen aanleiding was om verdergaande recherche in de vorm van een erfdienstbaarhedenonderzoek te verrichten. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0663 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2011/989

    Klaagster verwijt de notaris dat hij onvoldoende voortvarend de tot een nalatenschap behorende aandelen heeft verkocht. Door de waardedaling van de aandelen heeft klaagster schade geleden. Klacht gegrond, maatregel waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2011:YG1166 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen T2010/10

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2011:YG1393 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 177/2010

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen huisarts over het niet duidelijk uitleggen van de situatie op de huisartsenpraktijk en niet heeft gecommuniceerd over het al dan niet tijdelijk waarnemen door een collega. En dat verweerster de klachten van de partner van klaagster niet serieus heeft genomen. Gedeeltelijk niet-ontvankelijk en voor het overige afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1934 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch H 231 - 2010

    Van een advocaat mag worden verwacht dat hij direct na ontvangst van betaling een de deurwaarder daarvan op de hoogte stelt. Onnodige (over-)betekening. Advocaat draagt verantwoordelijkheid voor in zijn opdracht verrichte executiemaatregelen. Doorzetten van executiemaatregelen nadat klaagster was overgegaan tot betaling van de hoofdsom valt de advocaat aan te rekenen. Voor het overige klacht ongegrond. klacht gedeeltelijk gegrond; enkele waarschuwing

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1935 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch H 259 - 2010

    Niet gebleken dat verweerder betrokken is geweest bij het heimelijk plaatsen van afluisterapparatuur en evenmin dat gebruik is gemaakt van de heimelijk opgenomen gesprekken. Tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door, vergezeld van de twee directeuren van zijn cliënte en een beveiliger het pand binnen te gaan en zich vervolgens op dan wel in de richting van de etage te begeven waar klager werkzaam was. Voorstelbaar dat klager zich hierdoor in de gegeven omstandigheden geïntimideerd voelde. Klacht deels gegrond. Enkele waarschuwing

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1394 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-180

    Klaagster verwijt de orthopedisch chirurg dat hij bij het medisch onderzoek van klaagster niet zijn voorschriften in acht heeft genomen, waardoor klaagster gedupeerd is geraakt. Klacht gegrond, waarschuwing en publicatie.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1936 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 17 - 2011

    Advocaat mag, behoudens spoedeisende omstandigheden, de beslissing op de toevoegingsaanvraag afwachten vooraleer hij een aanvang maakt met zijn werkzaamheden. Niet komen vast te staan dat verweerder herhaaldelijk onjuiste en misleidende informatie heeft verstrekt met schadelijk gevolg voor de zaak van klager, noch dat het door verweerder verrichte werk van slechte kwaliteit was. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2011:YG1395 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2010-157a

    Klager verwijt de revalidatiearts, samengevat en naar de kern genomen, dat de overdracht van het revalidatiecentrum naar het verpleeghuis te snel is verlopen. Voorts heeft klager zijn verwijten bij repliek nader gespecificeerd en op onderdelen kritiek geleverd op de wijze van behandeling en verzorging. Ook verwijt klager de arts een onprofessionele en slordige verslaglegging, waarbij tevens sprak is van privacyschending. Klacht wordt afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1937 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch B 257 - 2010

    Vastleggen van en communiceren over financiële aangelegenheden en afspraken. Een advocaat behoort duidelijkheid te scheppen over de gemaakte afspraken omtrent de kosten van de rechtsbijstand en de financiële afwikkeling van de zaak. Klacht gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1933 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch H 221 - 2010

    Het staat een advocaat vrij datgene ter kennis van de rechter te brengen wat hij in het belang van zijn cliënt nodig acht. Het valt de advocaat niet te verwijten dat de door zijn cliënt aan hem overhandigde brief niet exact gelijk was als de aan klager toegezonden brief. Niet onbegrijpelijk dat het in het verweerschrift gestelde door klager als grievend is ervaren, maar niet als van onnodig grievend aan te merken. klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1947 Raad van Discipline Arnhem 10-123

    Advocaat heeft onjuist gehandeld door zonder duidelijke mededeling vooraf zijn uurtarief drastisch te verhogen, temeer daar geen argumenten zijn aangevoerd die deze forse verhoging kunnen rechtvaardigen. Advocaat heeft ten onrechte een dubbel betaalde nota, die verweerder met nog gedeclareerde uren wilde verrekenen, niet gerestitueerd en heeft zonder dat daarvan een noodzaak is gebleken, althans zonder vooroverleg, op een zitting de zaak door twee advocaten laten behandelen en dubbele kosten in rekening gebracht. Klachten zijn gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1942 Raad van Discipline Amsterdam 10-446U

    Klager wilde dat zijn advocaat een kort geding zou beginnen tegen zijn ex-echtgenote omdat er nog zaken uit de boedel moesten worden afgegeven. Verweerster schrijft namens klager een sommatiebrief waarin zij het kort geding aankondigt. Na de schriftelijke reactie van de advocaat van de ex-echtgenote ziet verweerster geen aanleiding om een kort geding te starten. Zij bericht dit als zodanig aan klager en beëindigt haar werkzaamheden voor klager. Andere wijze van communiceren was wenselijk geweest, maar geen tuchtrechtelijk verwijt.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1960 Raad van Discipline Arnhem 11-40

    Beslissing na verzet tegen voorzittersbeslissing. De raad oordeelt de klacht met de voorzitter kennelijk ongegrond. De voorzittersbeslissing wordt door de raad aangevuld met een alinea over de betekenis van een kennelijk ongegrondverklaring.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1954 Raad van Discipline Arnhem 10-162

    Verzet niet ontvankelijk wegens verstrijken verzettermijn. Gegeven de dag van verzending van de beslissing van de voorzitter, 3 december 2010, had het verzetschrift binnen veertien dagen door de raad moeten zijn ontvangen. De raad heeft te onderzoeken of sprake is van een verschoonbare overschrijding van de verzettermijn. De raad is van oordeel dat dit niet het geval is. Door klager zijn geen onregelmatigheden bij de ontvangst van de bestreden beslissing naar voren gebracht zodat moet worden aangenomen dat klager de bestreden beslissing kort na verzending heeft ontvangen. Weliswaar vond deze ontvangst in de decembermaand plaats, maar de verzettermijn verstreek ruimschoots voor de kerst, zodat de decemberfeestdagen op zich geen reden konden vormen voor het niet tijdig aanvoeren van de gronden van het verzet.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1392 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2010/313

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1948 Raad van Discipline Arnhem 10-193

    Klager is ontvankelijk in zijn klacht omtrent de wijze van declareren ook als de Begrotingscommissie van de Raad van Toezicht de betreffende declaraties reeds heeft beoordeeld. Advocaat heeft bij declareren een te ruim minimum forfait gehanteerd. Op grond van het enkele feit dat van bepaalde in rekening gebrachte werkzaamheden niet uit het dossier blijkt kan niet worden geconcludeerd dat sprake is van fraudeleus declareren.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1943 Raad van Discipline Amsterdam 10-423Alk

    Verweerder is in de procedure opgetreden namens een vennootschap hoewel hem daartoe niet bevoegdelijk namens de vennootschap opdracht is verstrekt. Verweerder had in het handelsregister eenvoudig kunnen zien dat zijn opdrachtgever niet bevoegd was tot vertegenwoordiging van de vennootschap. Verzuim om dit te doen is tuchtrechtelijk verwijtbaar. Het betrof een verklaringsprocedure naar aanleiding van een loonbeslag op het salaris van de persoon die verweerder opdracht gaf om de vennootschap te vertegenwoordigen. In de procedure is de vennootschap veroordeeld tot betaling van een bedrag van EUR 37.000,-. Daarnaast heeft verweerder, nadat hij door de vennootschap aansprakelijk was gesteld voor de genoemde fout, acht maanden gewacht met het melden van de schade bij zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar. Dit is ook klachtwaardig. Ook het niet reageren op de aansprakelijkstelling en het talmen met het toezenden van het complete dossier aan de vennootschap zijn klachtwaardig. Ook heeft verweerder in de procedure stellingen ingenomen waarvan hij wist of behoorde te weten dat ze onjuist waren. Alle klachtonderdelen zijn gegrond. Volgt onvoorwaardelijke schorsing van een maand.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1955 Raad van Discipline Arnhem 10-161

    Verzet niet ontvankelijk wegens verstrijken verzettermijn. Gegeven de dag van verzending van de beslissing van de voorzitter, 3 december 2010, had het verzetschrift binnen veertien dagen door de raad moeten zijn ontvangen. De raad heeft te onderzoeken of sprake is van een verschoonbare overschrijding van de verzettermijn. De raad is van oordeel dat dit niet het geval is. Door klager zijn geen onregelmatigheden bij de ontvangst van de bestreden beslissing naar voren gebracht zodat moet worden aangenomen dat klager de bestreden beslissing kort na verzending heeft ontvangen. Weliswaar vond deze ontvangst in de decembermaand plaats, maar de verzettermijn verstreek ruimschoots voor de kerst, zodat de decemberfeestdagen op zich geen reden konden vormen voor het niet tijdig aanvoeren van de gronden van het verzet.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1949 Raad van Discipline Arnhem 10-190

    Klacht betreft rauwelijks dagvaarden van klaagster door verweerder en het ten onrechte een schikkingsvoorstel van klaagster afwijzen en enkel voor eigen gewin een procedure aanhangig maken. Klaagster vraagt in feite een oordeel van de raad over de deugdelijkheid van een door verweerder aan klaagster verzonden ingebrekestelling. Het is aan de civiele rechter om daarover een oordeel uit te spreken en de kantonrechter heeft de ingebrekestelling in zijn vonnis van 13 maart 2009 als voldoende beoordeeld. De raad past hierover geen oordeel. Klaagster heeft in elk geval in het begin, bij aanvang van de zaak, traag geopereerd en heeft het op het laatste moment laten aankomen. Mede tegen de achtergrond dat de zaak al lang liep kan klaagster verweerder er geen verwijt van maken, dat hij de consequenties die zij zelf had laten ontstaan bij klaagster heeft gelaten. Het was verweerder derhalve toegestaan te handelen zoals hij heeft gedaan.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1929 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 48 - 2011

    Een advocaat dient met zijn cliënt te overleggen of er termen aanwezig zijn om te trachten in aanmerking te komen voor gefinancierde rechtshulp. Voor zover mondelinge mededelingen tijdens een eerste gesprek voor de advocaat aanleiding vormen aan te nemen dat zijn cliënt niet voor gefinancierde rechtshulp in aanmerking zal komen, dient hij dit aan zijn cliënt voor te leggen en schriftelijk vast te leggen. klacht gegrond; enkele waarschuwing

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1944 Raad van Discipline Amsterdam 10-242Alk

    Verweerder heeft in een echtscheidingsprocedure waarin hij de vrouw bijstond een derde aangeschreven met het verzoek informatie te verschaffen betreffende de banden van (het bedrijf van) de man met die derde, welke informatie verweerder kennelijk relevant acht voor de juridische positie van de vrouw. Verweerder verwijst voor dit verzoek naar de Wet Openbaarheid van Bestuur. Een advocaat dient zich te onthouden van het benaderen van een juridisch ongeschoolde derde, niet zijnde een van de partijen in het geschil, met het kennelijke doel die derde met evident onhoudbare juridische argumenten te bewegen tot iets waarop de advocaat namens zijn cliënt beslist geen aanspraak kan maken, terwijl die derde, als hij zou zwichten voor die (onhoudbare) argumenten, mogelijk schade zal lijden. Klacht gegrond. Enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1938 Raad van Discipline Amsterdam 10-367A

    Klacht over eigen advocaat. Verweerder zou ten onrechte geen declaratie voor eigen bijdrage toevoeging aan cliënt hebben gezonden en hebben aangekondigd niet meer voor cliënt te willen optreden indien niet zou worden betaald. Tevens zou verweerder stukken onder zich hebben gehouden. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1956 Raad van Discipline Arnhem 11-33

    Klaagster is ontvankelijk in haar klacht. Sinds de verweten handelwijze zijn er meer dan drie jaren verstreken alvorens de klacht is ingediend. De wet kent geen verval of verjaring van klachtrecht. Enerzijds is er het maatschappelijk belang, dat het optreden van een advocaat door de tuchtrechter kan worden getoetst en anderzijds het belang, dat de advocaat binnen een redelijke termijn wordt geconfronteerd met klachten over zijn optreden. Op zich heeft klaagster lang gewacht met het indienen van de klacht. Klaagster heeft daartoe niet meer heeft aangevoerd dan dat zij hoopte dat de zaak alsnog goed zou komen. Nu verweerder echter door het tijdsverloop niet in zijn verdediging is belemmerd kan klaagster in haar klacht worden ontvangen. De klacht betreft de handelwijze van verweerder betreffende een door klaagster op de derdengeldenrekening van verweerder, zijnde de advocaat van de wederpartij van klaagster, gestort bedrag. Klaagster verwijt verweerder dat hij het bedrag aan zijn cliënt heeft doorbetaald voordat de transactie was afgewikkeld en geen informatie heeft verschaft over deze doorbetaling. De raad overweegt dat een advocaat die zijn derdengeldenrekening ter beschikking stelt voor de uitvoering van een overeenkomst en in het kader daarvan voor de betaling van gelden verwachtingen schept en daardoor ook verplichtingen jegens de wederpartij heeft. Het stond verweerder vrij om klaagster niet specifiek te informeren op welke bankrekeningen van zijn cliënte hij het bedrag had doorbetaald. De belangen van zijn eigen cliënte mochten hier de doorslag geven. Klacht ten deze gegrond en ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1950 Raad van Discipline Arnhem 11-13

    Klager verwijt verweerster dat zij de belangen van klager en van degenen die klager vertegenwoordigde verkwanseld heeft en wanprestatie heeft geleverd met name bestaande in een onvoldoende bereikbaarheid en een ter onrechte niet instellen van een hoger beroep. Voorts verwijt klager verweerster dat zij dubbel heeft gedeclareerd, althans teveel gedeclareerd en ten onrechte bij klager heeft gedeclareerd, omdat niet hij, maar de individuele werknemers van de Ltd opdrachtgever waren. Naar het oordeel van de raad heeft klager in de stukken en ter zitting onvoldoende aangevoerd om aannemelijk te oordelen dat verweerster de belangen van klager en van degene die hij vertegenwoordigde heeft verkwanseld. Dit zelfde geldt voor het verwijt dat verweerster onvoldoende bereikbaar is geweest. Het is klager geweest, die verweerster voor de behandeling van de kwestie van de werknemers heeft ingeschakeld en dat brengt – bijzondere omstandigheden en voorbehouden daargelaten – naar het oordeel van de raad mee, dat klager dient in te staan voor de betaling van de declaratie. In zoverre klager zich er over beklaagt, dat de nota's van verweerster ter onrechte aan hem zijn toegezonden treft de klacht derhalve geen doel. Er rust op de raad slechts een taak in geval van excessief declareren. Niet uit de verf is gekomen, dat er door verweerster excessief is gedeclareerd.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1930 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch M 243 - 2010

    Van een advocaat mag worden verwacht dat hij wacht met verrekening van diens openstaande rekeningen met door zijn cliënt op zijn derdengeldenrekening gestort geld, totdat in rechte vast staat of het geld aan zijn cliënt dan wel aan de wederpartij toekomt. klacht gegrond; enkele waarschuwing

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1945 Raad van Discipline Amsterdam 10-436U

    Herstelbeslissing hoort bij beslissing d.d. 15 augustus 2011 (10-436U)