Zoekresultaten 23051-23100 van de 48280 resultaten
-
ECLI:NL:TADRARL:2017:183 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-312
- Datum publicatie: 13-12-2017
- Datum uitspraak: 18-09-2017
- ECLI:NL:TADRARL:2017:183
Klachten over de eigen advocaat. Dat verweerder een met klaagster gemaakte vaste prijsafspraak van € 1.210,- heeft gemaakt die hij niet is nagekomen is tegenover het gemotiveerde verweer niet komen vast te staan. Geen excessief declareren. Naar het oordeel van de raad is het tarief noch het aantal gedeclareerde uren in verhouding tot de blijkens het klachtdossier verrichte werkzaamheden kennelijk onredelijk. Voorts in geschil is het beroep op het retentierecht. Verweerder mocht in de gegeven omstandigheden de grosse van het vonnis en de dagvaarding vasthouden wegens onbetaald blijven van zijn declaraties. Ondanks slordigheden heeft verweerde niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld want de vereiste behoedzaamheid ex gedragsregel 27 lid 4 in acht genomen jegens klaagster. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2017:131 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1775
- Datum publicatie: 13-12-2017
- Datum uitspraak: 13-12-2017
- ECLI:NL:TGZREIN:2017:131
Verwijt aan huisarts van huisartsenpost (HAP) dat hij dochter van klaagster, toen 9 jaar oud en gezien op de HAP vanwege neustrauma, niet direct heeft verwezen naar een KNO-arts. Op een röntgenfoto is op die leeftijd een fractuur niet te zien. Geen reden direct te verwijzen naar KNO-arts. Na ongeveer 2 maanden alsnog naar KNO-arts, toen reponeren neus niet meer mogelijk. Reponeren dient volgens KNO-arts binnen 7-10 dagen te gebeuren. Dit kan huisarts niet verweten worden nu niet gebleken is dat deze regel bij huisartsen in de regio algemeen bekend is. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2017:177 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-030
- Datum publicatie: 13-12-2017
- Datum uitspraak: 17-10-2017
- ECLI:NL:TADRARL:2017:177
Klacht tegen eigen advocaat gegrond. Verweerder heeft onvoldoende voortvarend opgetreden in de zaak van klager door hierin een aantal jaren geen concrete actie te ondernemen, zelfs niet na het dekenadvies om tot actie over te gaan nadat klager zich eerder over verweerder bij de deken had beklaagd. Onbegrijpelijk dat verweerder het dossier van klager op enig moment terzijde heeft gelegd en waarom niet (eerder) een gesprek met de wederpartij was gepland. Verweerder heeft voorts onvoldoende gecommuniceerd door niet of nauwelijks te reageren op contactverzoeken van klager. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:205 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-615/DB/LI
- Datum publicatie: 13-12-2017
- Datum uitspraak: 04-12-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:205
Advocaat heeft klager voldoende geïnformeerd over zijn visie op de aanpak van de zaak en de daarmee samenhangende keuzes. Advocaat heeft een redelijk uurtarief in rekening gebracht en de gedeclareerde uren zijn gewerkt. Het betrof een bewerkelijke zaak. Klacht ongegrond
-
ECLI:NL:TADRARL:2017:184 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1175
- Datum publicatie: 13-12-2017
- Datum uitspraak: 09-10-2017
- ECLI:NL:TADRARL:2017:184
De raad oordeelt klager - juridisch medewerker, destijds werkzaam op het kantoor van verweerder - ten aanzien van verschillende klachtonderdelen niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een eigen rechtstreeks belang daarbij, dan wel omdat die klachten het algemeen belang betreffen. Getuigenverhoor over vermeende chantage en bedreiging van klager.. De raad is gebleken dat de uitlatingen van verweerder jegens klager tijdens de kantoorvergadering op 5 september 2016 zijn gedaan in de beslotenheid van kantoor wat in elk geval heeft geresulteerd in emoties aan de zijde van klager, omdat zijn baan in gevaar dreigde te komen. Op grond van de getuigenverklaring, de processtukken en het verhandelde ter zitting en mede gelet op het gemotiveerde verweer van verweerder kan de raad echter niet vaststellen dat klager door verweerder daadwerkelijk is gechanteerd zoals door hem wordt gesteld. Gevoel van bedreiging alleen onvoldoende om bedreiging van klager vast te stellen. Niet uit getuigenverhoor gebleken. Overige klachtonderdelen ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:212 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-767/DB/LI
- Datum publicatie: 13-12-2017
- Datum uitspraak: 11-12-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:212
Verweerster, advocaat van klaagsters wederpartij, kan geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt van het feit dat klaagster vertrouwelijke gesprekken heeft gevoerd met de haptonoom waar zij met haar ex-echtgenoot (=wederpartij) en hun kinderen in therapie was, terwijl die haptonoom verweersters levenspartner is. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2017:178 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-171
- Datum publicatie: 13-12-2017
- Datum uitspraak: 16-10-2017
- ECLI:NL:TADRARL:2017:178
Klacht tegen eigen advocaat. Klacht ten aanzien van de kwaliteit dienstverlening ongegrond. Wel gegrond is de klacht over het niet of slecht bereikbaar zijn van verweerder, temeer nu klager meermalen en langere tijd zijn onvrede kenbaar heeft gemaakt en verweerder daarin geen verbetering heeft gebracht. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:206 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-614/DB/NN
- Datum publicatie: 13-12-2017
- Datum uitspraak: 11-12-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:206
Voorzitter heeft juiste maatstaf gehanteerd en kon de klacht zonder zitting afdoen op gerond van artikel 46j Advocatenwet. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2017:171 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-086c
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRSGR:2017:171
Ongegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts heeft na onderzoek vastgesteld welke oorzaak voor de benauwdheid het meest waarschijnlijk leek en voor het beleid gekozen, nadat andere mogelijke oorzaken zijn overwogen en gemotiveerd zijn verworpen. Niet vast komen te staan dat er op dat moment aanleiding was de situatie anders te beoordelen, de keuze om patiënte niet naar het ziekenhuis te verwijzen is verdedigbaar. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:249 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-646/DH/DH
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 08-12-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:249
voorzittersbeslissing; klacht over advocaat wederpartij in een arbeidsrechtelijk geschil kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:140 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/258
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:140
De klacht betreft de behandeling van klagers destijds twee maanden oude zoon, die na een val van de trap (liggend in de kinderwagen) kort in het ziekenhuis wegens een commotio cerebri opgenomen is geweest. Na 10 maanden werd klagers zoontje wegens een verminderd gebruik van zijn linkerarm na een osteopatische behandeling opnieuw gepresenteerd op de afdeling SEH. Klagers verwijten de chirurg als hoofdbehandelaar onder andere -kort samengevat- dat tijdens de eerste opname geen ontslag had mogen plaatsvinden zonder klagers zoontje nader te onderzoeken. De klacht heeft voorts betrekking op de verslaglegging. Klagers zoontje is overleden. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:250 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-422/DH/DH
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 11-12-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:250
Handelen van verweerder voldoet niet aan de professionele standaard. Niet gebleken is dat hij klagers heeft geïnformeerd over de slagingskansen en risico’s van een aanhangig te maken procedure. Hij heeft voorts nagelaten met klagers te overleggen over het uit eigener beweging intrekken van een kort geding. Tevens heeft verweerder in strijd gehandeld met zijn plicht tot nauwgezetheid en zorgvuldigheid in financiële aangelegenheden door zijn nota niet direct nadat hem duidelijk was dat deze niet correct was, te corrigeren. Klacht gegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2017:167 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-148
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRSGR:2017:167
Deels gegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts heeft ten onrechte geen andere oorzaak voor de klachten overwogen (geen differentiaal diagnose gesteld), terwijl hij daarbij de gangbare NHG-standaard heeft genegeerd, klachtonderdeel gegrond. Ten aanzien van het meedelen van de fatale boodschap aan patiënte had een meelevender houding gepast geweest, maar klachtonderdeel ongegrond. Overige klachtonderdelen ongegrond. Berisping.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:141 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/259
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:141
De klacht betreft de behandeling van klagers destijds twee maanden oude zoon, die na een val van de trap (in de kinderwagen) kort in het ziekenhuis wegens een commotio cerebri opgenomen is geweest. Na 10 maanden werd klagers zoontje wegens een verminderd gebruik van zijn linkerarm na een osteopatische behandeling opnieuw gepresenteerd op de afdeling SEH. Klagers verwijten de radioloog onder andere -kort samengevat- dat de bij klagers zoontje tijdens de eerste opname gemaakte rontgenbeelden van onvoldoende kwaliteit waren om nekletsel uit te sluiten. Klagers zoontje is overleden. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRGRO:2017:35 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/115
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRGRO:2017:35
Klacht tegen bedrijfsarts. Verweerder wordt verweten dat hij medische informatie over klaagster heeft opgevraagd met een machtiging waarop een vervalste handtekening is gezet. Daarnaast heeft hij klaagster niet geïnformeerd over welke informatie hij bij de specialist heeft opgevraagd, en heeft hij heeft structureel niet dan wel te laat gereageerd op diverse verzoeken en klachten van klaagster. Klacht gedeeltelijk gegrond, waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:251 Raad van Discipline 's-Gravenhage 16-411/DH/DH
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 11-12-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:251
Ongeldigheid door oma klager afgegeven volmacht niet komen vast te staan. Wel dat zij dementerend was op het moment van dagvaarding en hangende die procedure. Gelet daarop acht de raad het onzorgvuldig om af te gaan op uitsluitend een schriftelijke volmacht zonder de oma zelf te spreken. Klachtonderdeel gegrond. Klacht voor het overige deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2017:168 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-039
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRSGR:2017:168
Ongegronde klacht tegen een arts. De lezingen van klaagster en de arts lopen uiteen, zodat niet is komen vast te staan dat er bij het spreekuur bij de arts al aanwijzingen voor een dreigend herseninfarct aanwezig waren. Ter zitting is gebleken dat de basisarts optreedt als huisarts, omdat hij onder supervisie werkt, hij de huisartsenopleiding tussentijds heeft moeten afbreken omdat een huisarts in de praktijk uitviel en hij van plan is de huisartsenopleiding voort te zetten. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:142 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/262
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:142
De klacht betreft de behandeling van klagers destijds twee maanden oude zoon, die tijdens een val van de trap (liggend in de kinderwagen) kort in het ziekenhuis wegens een commotio cerebri opgenomen is geweest. Na 10 maanden werd klagers zoontje wegens een verminderd gebruik van zijn linkerarm na een osteopatische behandeling opnieuw gepresenteerd op de afdeling SEH. Klagers verwijten de chirurg onder andere -kort samengevat- dat tijdens de eerste opname geen ontslag had mogen plaatsvinden zonder klagers zoontje nader te onderzoeken (zoals het maken van rontgenfoto's van de nekwervels) en een vervolgafspraak te maken. Klagers zoontje is overleden. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:270 Raad van Discipline Amsterdam 17-485/A/NN
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 01-12-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:270
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TGZRGRO:2017:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/79
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRGRO:2017:36
Klacht tegen huisarts. Verweerder heeft geweigerd het medisch dossier van klager op diens verzoek te vernietigen en heeft een verzoek tot ondercuratelestelling jegens klager ondersteund, zonder met klager hierover gesproken te hebben. Klacht gegrond, berisping.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:246 Raad van Discipline 's-Gravenhage 16-1047/DH/DH
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 11-12-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:246
Schrapping naar aanleiding van dekenbezwaar. Eindbeslissing na tussenbeslissing d.d. 13 februari 2017. De raad is van oordeel dat verweerder met het grote aantal verzoeken om een LAT-vergoeding dat hij in de onderzochte periode heeft ingediend en in welke zaken door hem niet of nauwelijks juridische werkzaamheden zijn verricht, heeft gehandeld in strijd met de op hem rustende verplichting tot financiële integriteit en misbruik heeft gemaakt van overheidsgelden. De aan dit oordeel ten grondslag liggende feiten en omstandigheden acht de raad zodanig ernstig dat zij reeds op zichzelf een schrapping rechtvaardigen.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2017:169 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-086a
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRSGR:2017:169
Ongegronde klacht tegen een arts. De arts heeft na onderzoek – in overleg met haar supervisor – vastgesteld welke oorzaak voor de benauwdheid het meest waarschijnlijk leek en voor het beleid gekozen, nadat andere mogelijke oorzaken zijn overwogen en gemotiveerd zijn verworpen. Niet vast komen te staan dat er op dat moment aanleiding was de situatie anders te beoordelen, de keuze om patiënte niet naar het ziekenhuis te verwijzen is verdedigbaar. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:137 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/262
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:137
De klacht betreft de behandeling van klagers destijds twee maanden oude zoon, die na een val van de trap (in de kinderwagen) kort in het ziekenhuis wegens een commotio cerebri opgenomen is geweest. Na 10 maanden werd klagers zoontje wegens een verminderd gebruik van zijn linkerarm na een osteopatische behandeling opnieuw gepresenteerd op de afdeling SEH. Klagers verwijten de kinderarts/supervisor (tevens opgeleid in de kinderneurologie) onder andere -kort samengevat- dat klagers zoontje ten onrechte niet is opgenomen in het ziekenhuis en/of is door verwezen naar een ander ziekenhuis. Klagers zoontje is overleden. Gegrond, berisping.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:247 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-044/DH/DH
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 11-12-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:247
Klagers verwijten verweerder betrokkenheid bij oplichting. Klagers hebben verweerder opdracht gegeven om werkzaamheden te verrichten en hebben hem daarvoor ook betaald. Omdat een en ander plaatsvond in een periode dat verweerder niet als advocaat op het tableau stond ingeschreven is de klacht in zoverre niet-ontvankelijk. Klagers hebben een fors bedrag betaald aan een vennootschap. De vennootschap heeft geen tegenprestatie geleverd en heeft het bedrag evenmin terugbetaald. De door klagers gestelde betrokkenheid van verweerder bij de vennootschap kan niet worden vastgesteld. De klacht is in zoverre ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/260
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:138
De klacht betreft de behandeling van klagers destijds twee maanden oude zoon, die na een val van de trap (in de kinderwagen) kort in het ziekenhuis wegens een commotio cerebri opgenomen is geweest. Na 10 maanden werd klagers zoontje wegens een verminderd gebruik van zijn linkerarm na een osteopatische behandeling opnieuw gepresenteerd op de afdeling SEH. Klagers verwijten de arts (destijds huisarts in opleiding) onder andere -kort samengevat- dat klagers zoontje ten onrechte niet is opgenomen in het ziekenhuis en dat de afwijkende bevindingen van de linkerarm ten onrechte als niet-neurologisch zijn beoordeeld. Klagers zoontje is overleden. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:266 Raad van Discipline Amsterdam 17-835/A/A
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 01-12-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:266
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in hoedanigheid vereffenaar. Het behoort tot de taak van de vereffenaar om de nalatenschap te gelde te maken en als onderdeel daarvan de ingediende vorderingen op de nalatenschap te beoordelen en te erkennen, dan wel te betwisten. In het laatste geval dient de vereffenaar daarvan onverwijld kennis te geven aan degene die de vordering heeft ingediend, onder opgave van redenen. Om die reden heeft verweerder een e-mail aan de bewindvoerder gestuurd. Met de inhoud van die e-mail heeft verweerder het vertrouwen in de advocatuur niet geschaad. Evenmin sprake van intimidatie van de bewindvoerder. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2017:170 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-086b
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRSGR:2017:170
Ongegronde klacht tegen een huisarts. Voor de overwogen differentiaal diagnoses longembolie, decompensatio cordis en exacerbatie COPD waren voor de huisarts onvoldoende aanwijzingen. Niet vast komen te staan dat er op dat moment aanleiding was de situatie anders te beoordelen dan de huisarts heeft gedaan, gelet op de informatie waarover zij kon beschikken. De keuze om patiënte niet naar het ziekenhuis te verwijzen is verdedigbaar. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:248 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-362/DH/DH
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 11-12-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:248
Een voormalig cliënte van verweerder klaagt over hem bij de deken. Nadat de deken zijn visie op de klacht heeft gegeven, bericht de cliënte dat ze de kwestie met verweerder heeft geschikt. De deken ziet grond om de klacht niettemin als dekenbezwaar aan de raad voor te leggen. De raad stelt bij de beoordeling van het bezwaar voorop dat het aan de klager is om de (bij de deken ingediende) klacht feitelijk te onderbouwen. Nu de deken de klacht van de cliënte ambtshalve aan de raad heeft voorgelegd, is de plicht om de klacht voldoende feitelijk te onderbouwen bij hem komen te liggen. Dit brengt met zich dat, voor zover de aanvankelijke klacht onvoldoende is onderbouwd, het op de weg van de deken ligt om nader onderzoek te verrichten en zijn ambtshalve bezwaar aan de hand daarvan te onderbouwen. De deken heeft dit naar de raad onvoldoende gedaan en de raad verklaart het bezwaar ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/261
- Datum publicatie: 12-12-2017
- Datum uitspraak: 12-12-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:139
De klacht betreft de behandeling van klagers destijds twee maanden oude zoon, die na een val van de trap (in de kinderwagen) kort in het ziekenhuis wegens een commotio cerebri opgenomen is geweest. Na 10 maanden werd klagers zoontje wegens een verminderd gebruik van zijn linkerarm na een osteopatische behandeling opnieuw gepresenteerd op de afdeling SEH. Klagers verwijten de kinderarts onder andere -kort samengevat- dat zij onzorgvuldig heeft gehandeld heeft gehandeld tijdens de overdracht van klagers zoontje naar een ander ziekenhuis. Klagers zoontje is overleden. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:268 Raad van Discipline Amsterdam 17-557/A/A
- Datum publicatie: 11-12-2017
- Datum uitspraak: 01-12-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:268
Ongegrond verzet
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:269 Raad van Discipline Amsterdam 17-536/A/A 17-537/A/A
- Datum publicatie: 11-12-2017
- Datum uitspraak: 01-12-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:269
Ongegronde klacht over advocaten wederpartij. Geen onnodig grievende uitlatingen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:264 Raad van Discipline Amsterdam 17-780/A/A
- Datum publicatie: 11-12-2017
- Datum uitspraak: 23-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:264
Voorzittersbeslissing. Klacht niet-ontvankelijk vanwege tijdsverloop.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:271 Raad van Discipline Amsterdam 17-377/A/NH
- Datum publicatie: 11-12-2017
- Datum uitspraak: 28-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:271
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen eigen advocaat. Kantoorklachtenregeling van verweerder voldoet niet aan art. 6.28 Voda en verweerder heeft nagelaten een klacht van klager aan zijn klachtenfunctionaris door te leiden. Verweerder heeft klager voorts niet geïnformeerd over de mogelijkheid van gefinancierde rechtsbijstand. Daarnaast is verweerder tekortgeschoten in zijn informatie- en adviesverplichting over (essentiële) onderdelen van de rechtspositie van klager en het risico van een proceskostenveroordeling, heeft hij de getuigenverhoren onvoldoende voorbereid en heeft hij het eindvonnis en de kansen en risico’s van een hoger beroep daartegen onvoldoende besproken. Ook is verweerder tekortgeschoten in de inhoudelijke behandeling van de zaak: hij heeft o.m. ten onrechte geen beroep gedaan op het opzegverbod ex art. 6 BBA (oud) noch op niet in acht nemen van een opzegtermijn door de wederpartij. Voorwaardelijke schorsing van een maand
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:265 Raad van Discipline Amsterdam 17-779/A/A
- Datum publicatie: 11-12-2017
- Datum uitspraak: 23-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:265
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat grotendeels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege ne bis in idem. Voor het overige kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:272 Raad van Discipline Amsterdam 17-678/A/A
- Datum publicatie: 11-12-2017
- Datum uitspraak: 28-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:272
Gegronde klacht tegen eigen advocaat. Verweerder heeft declaraties verrekend met gelden die hij voor klager onder zich hield zonder schriftelijk vast te leggen welke specifieke declaraties werden verrekend. Strijd met art. 6.19 lid 5 Voda (oud). Geen maatregel omdat de verrekeningsregels op hoofdlijnen wel zijn nageleefd en verweerder jarenlang op toevoegingsbasis bijstand is blijven verlenen ondanks onbetaald gebleven eigen bijdragen en voorgeschoten griffierechten.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:273 Raad van Discipline Amsterdam 17-560/A/A
- Datum publicatie: 11-12-2017
- Datum uitspraak: 28-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:273
Klacht tegen eigen advocaat over de kwaliteit van de dienstverlening in hoger beroep. Deels ongegrond: keuze om in appeldagvaarding reeds de grieven op te nemen was verantwoord. Deels gegrond: verweerder heeft de vordering tot schorsing van de executie van het vonnis waarvan beroep niet aan de hand van ter zake doende argumenten onderbouwd. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:267 Raad van Discipline Amsterdam 17-844/A/A
- Datum publicatie: 11-12-2017
- Datum uitspraak: 04-12-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:267
Voorzittersbeslissing. Klacht richt zich in de kern tegen een door verweerster jegens klaagster gedane aangifte en hetgeen verweerster daarover aan derden heeft verteld. Het stond verweerster vrij om aangifte te doen. Het is niet aan de tuchtrechter om een inhoudelijk oordeel te geven over de aangifte. Gesprek tussen verweerster en vriendin heeft plaatsgevonden in privésfeer. Ten aanzien van gesprek tussen verweerster en opvolgend advocaat kan niet worden vastgesteld wat er precies is besproken, en welke bewoordingen daarbij zijn gebruikt. Voor zover verweerster de opvolgend advocaat heeft ingelicht over hetgeen er tussen haar en klaagster was voorgevallen stond dat haar vrij. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:200 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-597/DB/LI
- Datum publicatie: 08-12-2017
- Datum uitspraak: 27-11-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:200
De omstandigheid dat de cliënte van een advocaat als secretaresse op het kantoor van die advocaat werkzaam is staat een optreden voor die cliënte in beginsel niet in de weg. Aanpak van de zaak is in overleg met de cliënte van de advocaat bepaald. Vrijheid van de advocaat van de wederpartij niet overschreden. Ook overigens niet gebleken dat advocaat de rechter onjuist heeft geïnformeerd. Het betaamt een behoorlijk behandelend advocaat niet om bewust en doelgericht een behandelaar in de positie te brengen zijn/haar medisch beroepsgeheim te schenden. De omstandigheid dat die advocaat steeds het belang van de minderjarige E voor ogen heeft gehad maakt dit niet anders. Klacht gedeeltelijk gegrond, waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:213 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-592/DB/ZWB
- Datum publicatie: 08-12-2017
- Datum uitspraak: 13-11-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:213
Klager verwijt klaagster een zelfstandig verzoek tot echtscheiding te hebben ingediend en dit niet te hebben introkken. Verweten gedragingen hebben plaatsgevonden in 2012. De klacht is van 2016 en is derhalve niet binnen de in artikel 46g lid 1 Advocatenwet genoemde termijn ingediend. Beroep van klager op artikel 46g lid 2 Advocatenwet faalt aangezien klager vanaf medio 2014, of in ieder geval 2015, bekend was met de gevolgen van het handelen van verweerster, zodat de termijn van 1 jaar toen is gaan lopen. Keuze voor intrekking vordering achteraf gezien ongelukkig was, maar niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht gedeeltelijk niet-ontvankelijk, gedeeltelijk ongegrond
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:256 Raad van Discipline Amsterdam 17-847/A/A
- Datum publicatie: 08-12-2017
- Datum uitspraak: 01-12-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:256
Verzoek om opheffing schorsing ex artikel 60b Advocatenwet afgewezen.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:202 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-340/DB/LI
- Datum publicatie: 08-12-2017
- Datum uitspraak: 13-11-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:202
Klaagster verwijt verweerder tegenstijdige belangen te hebben behartigd door op te treden voor werkgever en werknemer. Daarnaast zou verweerder in strijd hebben gehandeld met een preferred supplier overeenkomst en onvoldoende rekening hebben gehouden met de belangen van klaagster, die na fusie rechtsopvolger is geworden van de oorspronkelijke cliënte van verweerder. Tussen werkgever en werknemer bestond geen verschil van inzicht. Beiden wilden in onderling overleg een oplossing vinden en dat is gelukt. Geen sprake van tegenstrijdige belangen. De preferred supplier overeenkomst is beperkt tot werkzaamheden op het gebied van bijzonder beheer en incasso. Daarvan was in casu geen sprake. Tot slot had verweerder geen verplichting om rekening te houden met de belangen van klaagster. Ten tijde van het uitvoeren van de werkzaamheden was klaagster immers niet de cliënte van verweerder. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:245 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-483/DH/DH
- Datum publicatie: 08-12-2017
- Datum uitspraak: 05-12-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:245
voorzittersbeslissing; klacht tegen advocaat wederpartij in een kwestie over een omgevingsvergunning kennelijk ongegrond
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:198 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-800/DB/OB
- Datum publicatie: 08-12-2017
- Datum uitspraak: 29-11-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:198
Niet gebleken dat verweerder feitelijke gegevens heeft verstrekt waarvan hij de onwaarheid kende of behoorde te kennen. Kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:204 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-332/DB/ZWB
- Datum publicatie: 08-12-2017
- Datum uitspraak: 13-11-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:204
Verzetzaak. Klaagster heeft bij verweerder een klacht ingediend over haar advocaat. Deze klacht werd door verweerder samengevat, maar klaagster voelde zich in die samenvatting niet gekend. Klaagster had behoefte aan een bemiddelingsgesprek bij de deken en had ook een dekenstandpunt verwacht. Dat kwam echter niet en klaagster voelt zich daardoor niet gehoord in haar klacht. Geen verplichting voor verweerder tot het voeren van een gesprek of het innemen van een dekenstandpunt. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:330 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.127
- Datum publicatie: 07-12-2017
- Datum uitspraak: 07-12-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:330
Klacht tegen verpleegkundige. Klaagster is werkgeefster van de verpleegkundige. Klaagster verwijt de verpleegkundige dat zij heeft toegestaan dat een collega-verpleegkundige een gedwongen opgenomen patiënte, met een langdurige psychiatrische voorgeschiedenis, die tevens bekend was met een alcoholprobleem, buiten de instelling alcohol één glas wijn heeft laten drinken. Tevens wordt de verpleegkundige verweten dat zij dit nadien niet heeft gerapporteerd toen bleek dat haar collega-verpleegkundige, die betrokken was, niet had gerapporteerd. . Het Regionaal Tuchtcollege acht de klacht gegrond. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing waarvan beroep. Het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat de verpleegkundige niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door ermee in te stemmen dat de collega-verpleegkundige patiënte heeft toegestaan alcohol te nuttigen. Van belang is dat algemene (beleids)regels en richtlijnen ten aanzien van alcoholgebruik buiten de afdeling ontbraken in de instelling. Voorts was er geen recent behandelplan van patiënte voor handen waaruit kon worden opgemaakt dat alcoholgebruik moest worden vermeden. Verder is van belang dat binnen de afdeling waar de verpleegkundige werkte, bij de omgang van patiënten aan de verpleegkundigen veel vrijheid werd gegund ten behoeve van een goede behandel- en vertrouwensbasis en “out of the box” denken werd gestimuleerd. Evenmin kan de verpleegkundige tuchtrechtelijk worden verweten dat zij het alcoholgebruik niet heeft gerapporteerd toen bleek dat haar collega-verpleegkundige dat niet had gehad, nu rapportage hiervan alleen diende plaats te vinden bij buitensporig en fors afwijkend gedrag, hetgeen niet aan de orde was. Het Centraal Tuchtcollege acht de klacht alsnog ongegrond. De opgelegde maatregel van waarschuwing komt zodoende te vervallen.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2017:127 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 16170
- Datum publicatie: 07-12-2017
- Datum uitspraak: 07-12-2017
- ECLI:NL:TGZREIN:2017:127
De bedrijfsarts wordt kort gezegd verweten dat zij klaagster niet arbeidsongeschikt heeft verklaard, zich niet onafhankelijk en onpartijdig heeft opgesteld en zich ten onrechte negatief over klaagster heeft uitgelaten en haar geheimhoudingsverplichting heeft geschonden. College: door na te laten de uit ziekte of gebrek voortvloeiende beperkingen vast te stellen en deze op verzoek van klaagster naar de werkgever terug te koppelen, riep de bedrijfsarts het risico in het leven dat onduidelijkheid bleef bestaan over de mate van arbeidongeschiktheid en de exacte restcapaciteit. Status spreekuur doet hieraan niet af. Niet gebleken van een partijdige en van de werkgever afhankelijke opstelling van de bedrijfsarts. Schending geheimhoudingsplicht, want verstrekte informatie aan advocaat werkgever betrof medische informatie, hetgeen ongeoorloofd is volgens de Code Gegevensverkeer. Eveneens sprake van handelen in strijd met Leidraad Bedrijfsarts en privacy, nu de bedrijfsarts onvoldoende terughoudend is geweest met verstrekken van informatie aan de advocaat van de werkgever over de weigering van klaagster om mee te werken aan het opstellen van de FML. Tevens ten onrechte daarover een waardeoordeel gegeven. Deels gegrond. De bedrijfsarts heeft zich uitgebreid rekenschap gegeven van haar handelen. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TAHVD:2017:237 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170170
- Datum publicatie: 07-12-2017
- Datum uitspraak: 27-11-2017
- ECLI:NL:TAHVD:2017:237
Nu de plaatsvervangend voorzitter van de raad de klacht van klaagster gedeeltelijk als kennelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk als kennelijk ongegrond heeft afgewezen betekent dit dat de Advocatenwet aan klaagster niet de mogelijkheid biedt om in hoger beroep te komen van de bestreden beslissing van de raad waarbij het verzet van klaagster ongegrond is verklaard. Klaagster heeft een beroep op schending van fundamentele rechtsbeginselen door de raad gedaan, maar heeft dit beroep ingesteld ruimschoots na het verstrijken van de in artikel 56 lid 1 Advocatenwet genoemde termijn van 30 dagen na verzending van de bestreden beslissing van de raad. Het hof komt wegens termijnoverschrijding niet toe aan de beoordeling van de gestelde schendingen van fundamentele rechtsbeginselen en verklaart klaagster niet ontvankelijk in haar beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:331 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.142
- Datum publicatie: 07-12-2017
- Datum uitspraak: 07-12-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:331
De klacht heeft betrekking op de tante van klaagster (patiënte) die is opgenomen in de instelling waar verweerster, specialist ouderengeneeskunde, werkzaam is. Klaagster verwijt verweerster dat zij geen contact met klaagster heeft opgenomen over de situatie van patiënte terwijl dat wel nodig was, in ieder geval voor wat betreft een opgelopen hoofdwond, een verbrande duim, valpartijen en het feit dat er een medische ingreep aan het been had plaatsgevonden. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Klaagster heeft beroep ingesteld tegen die beslissing. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing waarvan beroep, verklaart de klacht alsnog gegrond gelet op de regierol van de arts die ook informatieverstrekking aan familie en/of vertegenwoordigers meebrengt. Nu deze norm nier eerder is gehanteerd, legt het Centraal Tuchtcollege geen maatregel op.
-
ECLI:NL:TAHVD:2017:238 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170224W
- Datum publicatie: 07-12-2017
- Datum uitspraak: 24-11-2017
- ECLI:NL:TAHVD:2017:238
Wrakingsverzoek afgewezen. Het hof bepaalt dat een volgend wrakingsverzoek niet in behandeling behoeft te worden genomen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:332 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.143
- Datum publicatie: 07-12-2017
- Datum uitspraak: 07-12-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:332
Klacht tegen chirurg. Nadat bij klaagster borstkanker werd vastgesteld heeft klaagster een borstsparende operatie met schildwachtklieronderzoek ondergaan. Verweerder (chirurg) was hoofdbehandelaar van klaagster en verantwoordelijk voor de organisatie en uitvoering van de operatieve ingreep. Klaagster verwijt verweerder dat hij: 1. het behandelplan niet heeft gevolgd, aangezien hij een draadgeleide operatie heeft uitgevoerd terwijl het hele team was voorbereid op een echogeleide operatie; 2. heeft nagelaten om te controleren of de tumor voldoende verwijderd was, middels een controlefoto; 3. zijn collega’s onvolledig en onjuist heeft geïnformeerd tijdens het postoperatieve overleg; 4. klaagster onjuist heeft geïnformeerd over de PA-uitslag; 5. klaagster zonder diagnose heeft doorverwezen voor radiotherapie, waardoor onduidelijkheid bestond over welke behandeling geïndiceerd was. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klachtonderdelen 1 en 4 gegrond verklaard en de chirurg daarvoor een berisping opgelegd. De chirurg is in beroep gekomen van klachtonderdeel 1. Het Centraal Tuchtcollege verklaart klachtonderdeel in beroep opnieuw gegrond, op andere gronden, en legt de chirurg de lagere maatregel van waarschuwing vanwege aanpassingen in zijn werkwijzen en inzicht in zijn handelen.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 461
- Pagina: 462
- Pagina: 463
- ...
- Pagina: 966
- Volgende pagina zoekresultaten