Zoekresultaten 22451-22500 van de 47477 resultaten
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2017:157 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-057
- Datum publicatie: 21-11-2017
- Datum uitspraak: 21-11-2017
- ECLI:NL:TGZRSGR:2017:157
Ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Niet is gebleken dat de conclusie van de bedrijfsarts dat sprake is van een arbeidsconflict, niet juist zou zijn. Dat klager ten onrechte is uitgenodigd voor een consult terwijl dit ook telefonisch kon, is niet aan de bedrijfsarts te wijten. Wat betreft het verwijt dat de bedrijfsarts de inhoud van een brief niet vooraf met klager heeft besproken oordeelt het College dat het de voorkeur had verdiend dat de bedrijfsarts dat wel had gedaan maar dat dit in de gegeven omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar is, omdat de bedrijfsarts wel zijn voorlopige bevindingen met klager heeft gedeeld, welke gelijk zijn aan de definitieve. Ook kan niet worden gesteld de bedrijfsarts zijn beroepsgeheim zou hebben geschonden. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2017:158 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-075
- Datum publicatie: 21-11-2017
- Datum uitspraak: 21-11-2017
- ECLI:NL:TGZRSGR:2017:158
Ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Niet is gebleken dat de bedrijfsarts de richtlijnen die geldend zijn voor de beroepsgroep bedrijfsartsen niet heeft nageleefd. Evenmin is gebleken dat de bedrijfsarts een onjuiste c.q. geen diagnose heeft gesteld. Dat de bedrijfsarts meer algemeen onvolledige en onjuiste rapportages en verklaringen heeft afgegeven is niet aannemelijk geworden. Overige klachtonderdelen eveneens ongegrond. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TAHVD:2017:218 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170168
- Datum publicatie: 20-11-2017
- Datum uitspraak: 10-11-2017
- ECLI:NL:TAHVD:2017:218
Bekrachtiging van de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2017:183 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 143/2017
- Datum publicatie: 20-11-2017
- Datum uitspraak: 20-11-2017
- ECLI:NL:TGZRZWO:2017:183
Klacht tegen specialist ouderengeneeskunde over behandeling patiënt en bejegening naaste betrekking. Veronderstelde wil patiënt. Klaagster niet ontvankelijk met betrekking tot klacht over behandeling patiënt. Klacht betreffende bejegening klaagster als naaste betrekking wel ontvankelijk maar kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2017:214 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170119
- Datum publicatie: 20-11-2017
- Datum uitspraak: 10-11-2017
- ECLI:NL:TAHVD:2017:214
De raad heeft geoordeeld dat verweerder geen tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt, nu het rolreglement bepaalt dat het desbetreffende processtuk ter zitting kon worden genomen. Het onderzoek in hoger beroep heeft niet geleid tot andere beschouwingen en gevolgtrekkingen dan die zijn vervat in de beslissing van de raad, waarmee het hof zich verenigt. De grieven van klager tegen de beslissing van de raad worden verworpen. Volgt bekrachtiging van de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:130 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/284f
- Datum publicatie: 20-11-2017
- Datum uitspraak: 20-11-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:130
Klager, die een prostatectomie had ondergaan, verwijt de fysiotherapeut, kort samengevat, dat hij bij de manuele lymfdrainage van het rechter bovenbeen onzorgvuldig heeft gehandeld. Als gevolg van de behandeling is bij klager een spierruptuur ontstaan. De klacht heeft voorts betrekking op onder meer het ontbreken van toestemming voor de behandeling (geen informed consent), het verrichten van onvoldoende diagnostiek en het stellen van een onjuiste diagnose. Ongegrond.
-
ECLI:NL:TAHVD:2017:215 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170084
- Datum publicatie: 20-11-2017
- Datum uitspraak: 10-11-2017
- ECLI:NL:TAHVD:2017:215
Bekrachtiging van de uitspraak van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2017:216 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170145
- Datum publicatie: 20-11-2017
- Datum uitspraak: 10-11-2017
- ECLI:NL:TAHVD:2017:216
Hetgeen de raad heeft overwogen omtrent de proceskosten-vergoeding is niet (geheel) juist; de procesvergoeding komt niet zonder meer aan de cliënten toe, maar aan de Raad voor Rechtsbijstand en eventueel pro resto aan de advocaat. Dat brengt echter niet mee dat de beslissing van de raad niet in stand kan blijven. Voor het overige heeft het onderzoek in hoger beroep niet geleid tot andere beschouwingen en gevolgtrekkingen dan die zijn vervat in de beslissing van de raad, waarmee het hof zich verenigt. De overige grieven van klager tegen de beslissing van de raad worden verworpen. Volgt bekrachtiging van de uitspraak van de raad.
-
ECLI:NL:TAHVD:2017:217 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170165
- Datum publicatie: 20-11-2017
- Datum uitspraak: 10-11-2017
- ECLI:NL:TAHVD:2017:217
Bekrachtiging van de beslissing van de raad.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2017:181 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 035/2017
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 17-11-2017
- ECLI:NL:TGZRZWO:2017:181
Klacht tegen specialist ouderengeneeskunde. De klachtonderdelen hebben betrekking op een uitlating die de moeder van klager zou hebben gedaan ten overstaan van de zus van klager. Verweerster heeft over deze uitlating tegen de ex-vrouw van klager gezegd dat deze serieus genomen moest worden, ook al was verweerster er niet bij en wist ze niet of en hoe het gezegd was. Klager is niet-ontvankelijk in zijn klacht met betrekking tot de schending van het beroepsgeheim van patiënte (zijn moeder). Een tweede klachtonderdeel is gegrond. Verweerster heeft haar mededeling aan de ex-vrouw niet beperkt tot het verstrekken van feitelijke en relevante medische gegevens, maar zij heeft daarentegen ook een conclusie gepresenteerd namelijk dat de uitlating van patiënte serieus zou moeten worden genomen. Deze conclusie is onvoldoende onderbouwd en wordt niet ondersteund door objectieve gegevens. Verweerster heeft zelfs geen onderzoek naar de feiten ingesteld en heeft niet met patiënte of klager over het voorval gesproken. Een voorval dat patiënte in theorie zelfs gedroomd zou kunnen hebben. Verweerster had zich jegens de ex-vrouw van klager voorts moeten beperken tot een verwijzen voor informatie naar de contactpersoon, de dochter van patiënte. Volgt waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:236 Raad van Discipline Amsterdam 17-793/A/NH
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 03-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:236
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk niet-ontvankelijk. Ne bis in idem.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2017:182 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 048/2017
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 17-11-2017
- ECLI:NL:TGZRZWO:2017:182
Klacht tegen huisarts. Dochter van patiënte klaagt over de door verweerder geboden zorg in de stervensfase van haar moeder. Verweerder heeft ondanks verzoek huisartsenpost “die ochtend” controle te doen en vervolgbeleid in te zetten en ondanks herhaaldelijk contact met medewerkers van het zorgcentrum waar moeder verbleef, pas rond 15.30 uur een visite afgelegd. Urgentie niet juist ingeschat. Ook de communicatie met familie en verzorgenden is onvolledig en niet adequaat geweest. Volgt berisping.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:237 Raad van Discipline Amsterdam 17-732/A/A
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 06-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:237
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Dat klaagster het niet eens was met het advies van verweerder betekent niet dat verweerder geen rechtsbijstand heeft verleend. Geen verplichting exemplaar kantoorklachtenregeling te geven.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:238 Raad van Discipline Amsterdam 17-733/A/A
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 06-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:238
Voorzittersbeslissing. De klacht komt er in de kern op neer dat verweerder onvoldoende rekening heeft gehouden met – de voor hem kenbare – belangen van klagers. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:239 Raad van Discipline Amsterdam 17-731/A/A
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 06-11-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:239
Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Het stond verweerster vrij te trachten bewijs ter ondersteuning van de vordering van haar cliënte te verzamelen dan wel veilig te stellen zoals zij heeft gedaan. De belangen van klager zijn daarbij niet op ontoelaatbare wijze geschaad.
-
ECLI:NL:TACAKN:2017:73 Accountantskamer Zwolle 16/3002 Wtra AK
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 17-11-2017
- ECLI:NL:TACAKN:2017:73
Met onvoldoende diepgang en onvoldoende professioneel kritische instelling uitgevoerde controle naar de juistheid van (Europese) subsidiabele kosten (“subsidieverklaring”). Met onvoldoende diepgang en onvoldoende professioneel kritische instelling uitgevoerde assurancewerkzaamheden in het kader van een NVCOS 3000 rapportage over het bestaan en de waarde van niet in de jaarrekening verwerkte intellectuele activa van zijn cliënt. Ten onrechte adviseren aan cliënt van het opnemen van een voorziening met als doel (al dan niet tijdelijk) een lager bedrag aan vennootschapsbelasting te betalen. Klacht gegrond; maatregel van tijdelijke doorhaling voor de duur van 3 maanden.
-
ECLI:NL:TACAKN:2017:74 Accountantskamer Zwolle 17/422 Wtra AK
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 17-11-2017
- ECLI:NL:TACAKN:2017:74
Geschillen tussen maten bij het beëindigen van het lidmaatschap van betrokkene van een accountantsmaatschap. Betrokkene heeft hem kenbaar zonder deugdelijke grondslag een bepaalde vordering op de maatschap gepretendeerd en het is hem daarom te verwijten dat hij in sterke mate vakonbekwaam heeft gehandeld. De overige klachten stuiten af op de vaste jurisprudentie van de Accountantskamer dat, behoudens bijzondere omstandigheden, het door een accountant in zijn zakelijke betrekkingen al dan niet in rechte innemen van een civielrechtelijk standpunt in het kader van de door hem in acht te nemen fundamentele beginselen van integriteit en professionaliteit (artikelen 4 en 6 VGBA) niet tot een gegrond tuchtrechtelijk verwijt kan leiden. Van dergelijke bijzondere omstandigheden is in dit geval niet gebleken.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:234 Raad van Discipline Amsterdam 17-709/A/DH
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 26-10-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:234
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Het valt verweerder niet tuchtrechtelijk te verwijten dat hij geen contact heeft opgenomen met het waarborgfonds. Geen sprake van excessief declareren.
-
ECLI:NL:TACAKN:2017:75 Accountantskamer Zwolle 17/1052 Wtra AK
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 17-11-2017
- ECLI:NL:TACAKN:2017:75
Deelklachten niet-ontvankelijk omdat deze tegelijk bij een eerdere klacht hadden moeten worden ingediend. Deelklachten voorts niet-ontvankelijk want te laat ingediend. Deelklacht ongegrond, omdat niet betrokkene doch een andere accountant de gewraakte handeling heeft verricht. Een intrekkingsbrief aan zijn cliënt, die in afschrift is gezonden aan de civiele tegenpartij van de cliënt, is een adequate waarborg om te voorkomen dat de beslissende rechter ten onrechte waarde hecht aan de in een eerdere brief van de accountant door hem ingenomen standpunten. Bij de tuchtrechter kan niet geklaagd worden over het nalaten van betaling van schadevergoeding, indien daar al een civielrechtelijke grondslag voor zou zijn. De Accountantskamer kan voorts zelf geen schadevergoeding opleggen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2017:235 Raad van Discipline Amsterdam 17-619/A/A
- Datum publicatie: 17-11-2017
- Datum uitspraak: 31-10-2017
- ECLI:NL:TADRAMS:2017:235
Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Van enigerlei tekortschieten van verweerster is niet gebleken.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:220 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-737/DH/DH
- Datum publicatie: 16-11-2017
- Datum uitspraak: 16-10-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:220
Voorzittersbeslissing. Door het intrekken van hun klacht hebben klagers hun recht om opnieuw over hetzelfde feitencomplex te klagen, prijsgegeven. Een intrekking van een klacht betreft immers een definitieve rechtshandeling waarop niet meer kan worden teruggekomen. Dat klagers klaarblijkelijk spijt hebben gekregen van de intrekking van de klacht maakt dit niet anders. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2017:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1794
- Datum publicatie: 16-11-2017
- Datum uitspraak: 16-11-2017
- ECLI:NL:TGZREIN:2017:119
De bedrijfsarts wordt verweten dat hij bij zijn oordeel over passende werkzaamheden is uitgegaan van onjuiste informatie en dat hij geen deugdelijke probleemanalyse heeft opgesteld. Niet gebleken dat hij zorgvuldig onderzoek heeft verricht. Geen deugdelijke anamnese. Te beperkte taakopvatting gehanteerd en te snel conclusies getrokken: hij had klaagsters psychische klachten beter moeten uitvragen en aan de hand daarvan òfwel enkel klaagsters beperkingen moeten formuleren òfwel – als hij de concrete vraag van de werkgever wilde beantwoorden – zich een duidelijker beeld moeten vormen van de functieomschrijving van de beoogde nieuwe functie voor klaagster. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:216 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-640/DH/DH
- Datum publicatie: 16-11-2017
- Datum uitspraak: 07-11-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:216
Voorzittersbeslissing. Het ne bis in idem-beginsel verzet zich ertegen dat, nadat een klacht over een bepaald feitencomplex is beoordeeld en daarop is beslist, de klager zich later opnieuw en met een andere klacht naar aanleiding van dat feitencomplex over de advocaat beklaagt. De ten opzichte van de eerste klacht thans ‘nieuw’ aangevoerde stellingen en argumenten vallen naar het oordeel van de voorzitter - in de kern bezien - onder hetzelfde feitencomplex als waarop de eerste klacht betrekking had. Nieuwe feiten zijn gesteld noch gebleken. Voor zover klaagster in de eerste klachtprocedure niet alle klachten ten aanzien van verweerders bijstand in genoemd geschil naar voren heeft gebracht, komt dat voor haar rekening. Nieuwe klachten die daarop betrekking hebben worden alleen in behandeling genomen als het onmogelijk was deze in de eerdere procedure al mee te nemen. Daarvan is niet gebleken. Klacht in zoverre kennelijk niet-ontvankelijk. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2017:172 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-698
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 20-09-2017
- ECLI:NL:TADRARL:2017:172
Voorzittersbeslissing over klacht tegen toenmalige deken. Verweerder heeft op grond van de voor hem geldende regelingen, zowel in de Advocatenwet als in de leidraad dekenale klachtbehandeling, op zorgvuldige en doelmatige wijze gehandeld en klager ruim voldoende in de gelegenheid gesteld om zijn klachten toe te lichten en aan te vullen. Verweerder heeft binnen de hem toekomende grote vrijheid gehandeld jegens klager. Verweerder heeft met zijn handelen zoals hij heeft gedaan geenszins het vertrouwen in de advocatuur geschaad. Alle klachtonderdelen kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:311 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.208
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 31-10-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:311
Klacht tegen sociaal psychiatrisch verpleegkundige. Aan klaagster werd in het kader van bemoeizorg door een FACT-team hulp geboden. Verweerder is daarbij als coördinerend behandelaar opgetreden en heeft in dat verband meerdere huisbezoeken bij klaagster afgelegd. Klaagster verwijt verweerder dat hij zonder legitimatiebewijs en zonder zich voor te stellen haar huis is binnengedrongen, zonder toestemming heeft geprobeerd waardevolle spullen van klaagster mee te nemen, klaagsters huis heeft leeggehaald, ervoor heeft gezorgd dat klaagster geen uitkering meer kreeg en allerlei leugens heeft verteld, alles van klaagster heeft afgepakt en dat klaagster als zij over dat alles wil klagen, van hem geen klacht mag indienen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:306 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.326
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 09-11-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:306
Klager is (voormalig) collega en medebehandelaar van de patiënt. Niet is gebleken dat klager een concreet aan de individuele gezondheidszorg gerelateerd eigen belang heeft op grond waarvan hij als (voormalig) collega rechtstreeks belanghebbende is uit hoofde van artikel 65 lid 1 onder a Wet BIG. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager terecht niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Verwerpt beroep.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:307 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.327
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 09-11-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:307
Klager is (voormalig) collega en medebehandelaar van de patiënt. Niet is gebleken dat klager een concreet aan de individuele gezondheidszorg gerelateerd eigen belang heeft op grond waarvan hij als (voormalig) collega rechtstreeks belanghebbende is uit hoofde van artikel 65 lid 1 onder a Wet BIG. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager terecht niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Verwerpt beroep.
-
ECLI:NL:TGDKG:2017:169 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/618435 / DW RK 16/1214
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 14-11-2017
- ECLI:NL:TGDKG:2017:169
Beslag op huurpenningen van het appartement dat volgens het kadaster in eigendom is van [x]. Niet gebleken of onderbouwd is dat de gerechtsdeurwaarder eerder dan na het gelegde beslag op de hoogte is gebracht van de omstandigheid dat niet [x] maar klager de verhuurder van het appartement was. Klager heeft niet onderbouwd dat de huurder onevenredig en onbeschoft onder druk is gezet door de gerechtsdeurwaarder. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:308 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.328
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 09-11-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:308
Klager is (voormalig) collega en medebehandelaar van de patiënt. Wat betreft de eerste tuchtnorm is het Centraal Tuchtcollege van oordeel dat niet is gebleken dat klager een concreet aan de individuele gezondheidszorg gerelateerd eigen belang heeft op grond waarvan hij als (voormalig) collega rechtstreeks belanghebbende. Wat betreft de tweede tuchtnorm is het Centraal Tuchtcollege van oordeel dat het belang van klager niet anders kan worden uitgelegd als een (afgeleid) financieel belang. Klager was daarom niet klachtgerechtigd . Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager terecht niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Verwerpt beroep.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:185 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-007/DB/OB
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 06-11-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:185
Geen feiten of omstandigheden aangevoerd die tot ander oordeel leiden. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:223 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-309 DB / LI 17-470 DB / LI 17-471 DB / LI
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 23-10-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:223
Klacht over kwaliteit van dienstverlening van verweersters in alle onderdelen ongegrond. Voor een deel van de klachtonderdelen geldt dat ten overstaan van de deken een schikking is getroffen, voor een ander deel van de klachtonderdelen geldt dat deze een doublure vormen van de klachtonderdelen waarover een schikking is getroffen en voor het overige deel van de klachtonderdelen geldt dat de feitelijke grondslag ontbreekt.
-
ECLI:NL:TGZREIN:2017:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17132
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 15-11-2017
- ECLI:NL:TGZREIN:2017:118
Klacht tegen chirurg over onkundige en niet correcte behandeling ongegrond. Restloos herstel na gecompliceerde polsfractuur niet zeker. Advies om te oefenen terecht gegeven. Verweerder was bereid tot verwijzing en heeft klaagster serieus genomen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:309 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.157
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 09-11-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:309
Ne bis in idem. Anders dan klager stelt, betreft de onderhavige klacht hetzelfde feitencomplex als een eerder ter beoordeling voorgelegde klacht. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager terecht niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Verwerpt beroep.
-
ECLI:NL:TADRSHE:2017:186 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-496/DB/ZWB
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 06-11-2017
- ECLI:NL:TADRSHE:2017:186
Niet komen vast te staan dat verweerder klager op onbehoorlijke wijze heeft bejegend of zich onnodig grievend heeft uitgelaten tijdens een telefoongesprek dat begin 2016 plaatsvond. Verweerder heeft zich wel nodeloos grieven uitgetalen met de passage in een brief aan klager: “U wil alleen meewerken als uw zoon bij u komt wonen. Ik begrijp dat uw zoon wisselgeld is. Maar is dat, wat uw kind voor u betekent? Gebruikt u hem daarvoor? Is hij niet meer waard?” Klacht deels gegrond, deels ongegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TADRARL:2017:171 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-697
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 20-09-2017
- ECLI:NL:TADRARL:2017:171
Voorzittersbeslissing: klacht tegen voormalig deken. Voorzitter oordeelt dat een deken ook na indiening van klacht tegen hem de klachten tegen de beklaagde advocaten mag blijven behandelen. Gevolg van het wettelijk systeem. Doorverwijzing naar andere deken staat volledig ter vrije beoordeling van de deken zelf. In deze klachtzaken heeft verweerder vanaf de indiening van de klacht tegen hem, vanaf 3 augustus 2016, de afhandeling van de klachten van klager aan zijn toenmalig waarnemend deken overgedragen. Daarmee is verweerder aan de wens van klager tegemoet gekomen. Dat de naam van verweerder onder het dekenstandpunt van de waarnemend deken is gezet, is een administratieve omissie gebleken. Alleen dat is niet voldoende om daaruit af te leiden dat verweerder het vertrouwen in de advocatuur heeft geschaad. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2017:310 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.303
- Datum publicatie: 15-11-2017
- Datum uitspraak: 31-10-2017
- ECLI:NL:TGZCTG:2017:310
Klacht tegen verpleegkundige. Klaagster is in 2006 en 2015 gedwongen opgenomen geweest in een psychiatrisch centrum waar verweerster als sociaal psychiatrisch verpleegkundige werkzaam is. Tevens is verweerster lid van een FACT-team. De klacht betreft de gedwongen opnamen van klaagster en die van haar partner en een kennis. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster niet-ontvankelijk verklaard in de klacht over de opname in 2006 vanwege verjaring en ten aanzien van de klacht over de opname van haar partner en een kennis omdat klaagster bij deze zorg geen rechtstreeks belanghebbende is. Voor het overige heeft het Regionaal Tuchtcollege de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TGZRSGR:2017:159 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-138
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 14-11-2017
- ECLI:NL:TGZRSGR:2017:159
Ongegronde klacht tegen een gynaecoloog. De gynaecoloog heeft de keuze voor een uitwendige versie in de verloskamer in plaats van een inwendige versie op de operatiekamer weloverwogen gemaakt. Het College acht het niet beëindigen van de oxytocinetoediening voorafgaand aan de uitwendige versie niet juist, maar in de gegeven omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar, nu sprake was van goede hartactie en er geen weeënactiviteit was, de uterus soepel voelde en de oxytocine na de versie weer nodig was. Het College onderschrijft dat het stopzetten en afkoppelen van de pomp voor oxytocinetoediening een door de verpleging te verrichten routinematige handeling is. Evenmin is gebleken dat de gynaecoloog informatie heeft verzwegen. Klacht afgewezen.
-
ECLI:NL:TGZRGRO:2017:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/116
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 14-11-2017
- ECLI:NL:TGZRGRO:2017:33
Klacht tegen chirurg. Klaagster is de dochter van een overleden patiënte. Verweerder heeft bij patiënte een totale maagresectie uitgevoerd, omdat bij haar een diffuus maagcarcinoom was geconstateerd. Enkele dagen na de operatie kreeg patiënte last van diarree gevolgd door andere lichamelijke klachten. Uiteindelijk werd patiënte ruim een week na de operatie met spoed opnieuw geopereerd wegens nierfalen. Tijdens deze operatie werd een darmischemie bij patiënte vastgesteld. Aan de gevolgen hiervan is zij enkele uren later overleden. Klaagster verwijt verweerder dat hij niet voorafgaand aan de operatie met patiënte en klaagster heeft gesproken. Daarnaast verwijt klaagster verweerder dat hij na het overlijden van patiënte niet gesproken heeft met klaagster. Voorts verwijt zij verweerder dat hij de maagresectie niet goed heeft uitgevoerd en dat daardoor de darmischemie is ontstaan. Tot slot verwijt klaagster verweerder dat hij onvoldoende onderzoek heeft verricht naar de maagresectie bij patiënte, waardoor er te laat is ingegrepen. Het college is van oordeel dat de verwijten, alles overziend, niet terecht zijn. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:127 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/001VP
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 14-11-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:127
Dochter klaagt namens vader een mantelzorger aan die zonder toestemming gegevens heeft doorgestuurd naar zorgaanbieders. Ook is het zorgplan niet goed bijgehouden door verweerster. Ongegrond
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:211 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-096/DH/DH
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 13-11-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:211
Verzet. Klacht terecht en op juiste gronden kennelijk ongegrond bevonden. Geen gronden voor het verzet aangevoerd. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2017:35 Kamer voor het notariaat Amsterdam 629993/NT 17-49 O
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 02-11-2017
- ECLI:NL:TNORAMS:2017:35
De notaris mocht terecht veronderstellen dat werd geleverd hetgeen was overeengekomen en dat klager zelf, al dan niet met behulp van de makelaar (die tevens administratief beheerder was van de VvE), ervoor diende te zorgen dat het feitelijk gebruik van zijn tuin in overeenstemming zou worden gebracht met de juridische situatie, hetgeen zou betekenen dat de overige bewoners niet meer via zijn tuin de bestaande in- en uitgang naar de openbare weg konden gebruiken. Geen sprake van belangenverstrengeling: dat de notaris projectnotaris was wil nog niet zeggen dat hij geen oog heeft gehad voor de belangen van klager. Bij een project als het onderhavige is het nu eenmaal (uit oogpunt van efficiëntie) gebruikelijk om alle leveringen van de woningen bij één notaris onder te brengen. Wel acht de kamer klachtwaardig dat de notaris niet tijdig heeft gereageerd op telefonische en digitale vragen van klager, hetgeen hij ook heeft erkend. De kamer legt de notaris daarvoor geen maatregel op, omdat klager het (eerdere) aanbod van de notaris heeft afgeslagen om aan de verkoper, dan wel aan de leden van de VvE de juridische situatie toe te lichten.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/398VP
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 14-11-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:128
De klacht betreft de behandeling van klagers zoon, die leed aan de ziekte van Lennox Gastaut. Hij logeerde om het weekend in een logeerhuis. De klacht houdt, kort samengevat, in dat de verpleegkundige onzorgvuldig heeft gehandeld door geen zuurstof en geen AED mee te nemen nadat zij een melding had ontvangen dat klagers zoon werd gereanimeerd. Klagers zoon is overleden. Ongegrond
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:212 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-095/DH/DH
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 13-11-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:212
Verzet. Klacht terecht en op juiste gronden kennelijk ongegrond bevonden. Geen gronden voor het verzet aangevoerd. Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2017:36 Kamer voor het notariaat Amsterdam 628151/NT 17-41 P
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 24-10-2017
- ECLI:NL:TNORAMS:2017:36
Het feit dat de notaris is vergeten om de vorderingen van de kinderen van klager op grond van het testament van erflaatster te vermelden, is op zich geen reden om van tuchtrechtelijk nalaten te spreken. Echter, toen klager na ontvangst van die brief vroeg om uitleg van de desbetreffende bepaling van het testament van erflaatster, had de notaris zowel klager als zijn broers en zusters de gevraagde duidelijkheid dienen te verschaffen en haar standpunt over die bepaling duidelijk moeten maken, zeker nadat de notaris nog eens op die bepaling werd gewezen door een vakgenoot. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TGZRAMS:2017:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/397
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 14-11-2017
- ECLI:NL:TGZRAMS:2017:129
Beide zaken worden gezamenlijk behandeld. De klacht betreft de behandeling van klagers zoon, die leed aan de ziekte van Lennox Gastaut. Hij logeerde om het weekend in een logeerhuis. De klacht in de zaak 16/396 houdt, kort samengevat, in dat de neuroloog in zijn functie als medisch directeur met het oog op de veiligheid van klagers zoon opdracht had moeten geven voor een visueel systeem in plaats van audiobewaking. De klacht in de zaak 16/397 houdt, kort samengevat, in dat de neuroloog onzorgvuldig heeft gehandeld door geen visuele bewaking bij klagers zoon voor te schrijven. Klagers zoon is overleden. Ongegrond
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:213 Raad van Discipline 's-Gravenhage 16-1020/DH/RO
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 13-11-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:213
Klacht tegen advocaat wederpartij deels ongegrond en deels niet-ontvankelijk. Verweerder heeft in een procedure gebruik gemaakt van een accountantsrapport en heeft daaraan een conclusie verbonden die minstgenomen ongenuanceerd is. De raad kan niet vaststellen dat verweerder dat bewust heeft gedaan en met het uitsluitende doel om klagers te schaden. Ten aanzien van de stelling dat de accoutant niet toestond om het rapport in de procedure te gebruiken komt klagers geen klachtrecht toe. Op een advocaat rust verder niet de plicht om gegevens van zijn aansprakelijkheidsverzekeraar te verstrekken aan een derde.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2017:37 Kamer voor het notariaat Amsterdam 628848/NT 17-45 P
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 24-10-2017
- ECLI:NL:TNORAMS:2017:37
Klacht over declaratie. Ex-echtgenote van klager werkt bij de notaris en heeft minder notariskosten betaald dan klager. Klager meent dat zij gelijk moeten delen in die kosten. Ook vindt klager het oneerlijk dat zijn ex-echtgenote, die na de scheiding bij hem in de gemeenschappelijke woning is blijven wonen, niet deelt in de woonkosten. De kamer verklaart de klacht ongegrond. Klager moet via de mediator afspraken maken over de woonlasten. Het stond de kandidaat-notaris vrij om aan de ex-echtgenote korting te geven, ook al was het niet handig om bij de declaratie aan klager geen uitleg te geven over de extra korting die aan zijn ex-echtgenote was gegeven.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:214 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-252/DH/RO
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 13-11-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:214
Verweerder heeft nagelaten zijn uitleg aan klaagster over een vonnis van de kantonrechter schriftelijk vast te leggen. Hij heeft zich er onvoldoende van vergwist dat klaagster de in hoger beroep te volgen strategie begreep. Verweerder heeft zijn advies om een deskundige in te schakelen niet schriftelijk vastgelegd en hij heeft klaagster niet begeleid bij het vinden van een deskundige. De klacht is gegrond. In het tijdsverloop, tussen het arrest in hoger beroep in het indienen van de klacht is bijna twee jaar verstreken, en het schone tuchtrechtelijke verleden van verweerder ziet de raad grond om geen maatregel op te leggen.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2017:215 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-403/DH/RO
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 13-11-2017
- ECLI:NL:TADRSGR:2017:215
Verweerder heeft in een echtscheidingszaak opgetreden voor de man en voor de vrouw. Dit is niet ongeoorloofd, maar grote behoedzaamheid is geboden. Verweerder heeft zich er onvoldoende van vergewist dat het (ook) de wens was van klaagster dat verweerder haar en de man tezamen bijstond. Klaagster is onvoldoende betrokken bij de totstandkoming van het echtscheidingsconvenant en klaagster heeft onvoldoende tijd gehad om zich te bezinnen op het convenant. Verweerder heeft klaagster verder onvoldoende geïnformeerd over bijstand op toevoegingsbasis. Klacht gegrond, berisping.
-
ECLI:NL:TGZRGRO:2017:31 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/94
- Datum publicatie: 14-11-2017
- Datum uitspraak: 14-11-2017
- ECLI:NL:TGZRGRO:2017:31
Klacht tegen neuroloog. Verweerder heeft klager verwezen voor een wortelblokkadebehandeling. Klager loopt een dwarslaesie op bij deze ingreep. Klager verwijt verweerder dat hij klager onvoldoende heeft gewezen op de mogelijke gevolgen van de ingreep en dat hij hem onvoldoende heeft onderzocht voorafgaande aan de verwijzing voor de ingreep. Klacht ongegrond.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 449
- Pagina: 450
- Pagina: 451
- ...
- Pagina: 950
- Volgende pagina zoekresultaten