Zoekresultaten 22101-22150 van de 47374 resultaten

  • ECLI:NL:TNORAMS:2017:38 Kamer voor het notariaat Amsterdam 598716/NT15-91 O

    Klager niet-ontvankelijk in vier klachtonderdelen, voornamelijk wegens overschrijding vervaltermijn artikel 99 lid 15 Wna (oud). Het vijfde klachtonderdeel is ongegrond wegens onvoldoende onderbouwing.

  • ECLI:NL:TAHVD:2017:241 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170192

    Hoger beroep tegen beslissing van de raad waarbij het verzet van klager tegen de beslissing van de voorzitter ongegrond is verklaard. Appelverbod artikel 46h lid 7 Advocatenwet. Geen grond voor doorbreking.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:150 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/148

    De klacht betreft de behandeling van klagers meerderjarige zoon. De klacht houdt in dat de psychiater onzorgvuldig ten aanzien van klagers zoon heeft gehandeld door onder andere geen IQ test en geen psychiatrisch onderzoek te laten verrichten. De klacht heeft voorts betrekking op de diagnosestelling en de communicatie. Deels gegrond, waarschuwing

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2017:199 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 068/2017

    klacht tegen bedrijfsarts. Het college is van oordeel dat verweerders rapportage op het punt van een arbeidsconflict geen blijk geeft van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Ook voor de overige verwijten biedt het dossier geen aanknpingspunten. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:132 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17111

    Klacht tegen fysiotherapeut over complicaties na ongevraagde actie ongegrond. Gebruikelijk fysiotherapeutisch onderzoek uitgevoerd. Verweerder mocht ervan uit gaan dat toestemming het hele onderzoek betrof en niet slechts enkele onderdelen daarvan. Communicatie had beter gekund. Geen tuchtrechtelijk verwijt.

  • ECLI:NL:TAHVD:2017:242 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170174

    Verwijt dat verweerder bewust onjuiste informatie in het faillissementsrekest zou hebben gebruikt, is in hoger beroep alsnog gegrond. Gedragsregel 30. Alvorens te stellen dat meer schulden door klaagster niet voldaan worden, diende verweerder dit te verifieren. Indien hij nader onderzoek had gedaan, had hij kunnen weten dat geen sprake was van een schuld die klaagster niet had voldaan. Verweerder heeft geen hoger beroep ingesteld tegen de gegrondverklaring door de raad van de klacht dat hij niet de vereiste zorg jegens de wederpartij in acht zou hebben genomen door het aanhoudingsverzoek niet gelijktijdig aan de advocaat van klaagster te zenden en daarin onjuistheden op te nemen. Het hof verzwaart de maatregel tot een onvoorwaardelijke schorsing van 2 weken. Proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:151 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/075GZP

    Klager klaagt erover dat verweerder, een GZ-psycholoog die een aantal jaren ervoor door klager was benaderd om een contro-expertise uit te brengen tegen een Pro Justitia rapportage, niet beschikt over een klachten- en geschillenregeling conform de Wkkgz. Verweerder voert verweer. Gegrond, waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:145 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/147GZP

    De klacht betreft de behandeling van klagers meerderjarige zoon. De klacht houdt in dat de gezondheidszorgpsycholoog onzorgvuldig ten aanzien van klagers zoon heeft gehandeld door onder andere geen IQ test en geen psychiatrisch onderzoek te laten verrichten. De klacht heeft voorts betrekking op de diagnosestelling en de communicatie. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:185 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-413

    Voorzittersbeslissing over de advocaat wederpartij. Klager kennelijk niet-ontvankelijk voor zover wordt geklaagd over verhouding verweerster-cliënt en voor het overige zijn de klachten kennelijk ongegrond. Niet bij voorbaat kansloze zaak. Procedure na sommaties in het belang van cliënten noodzakelijk. Geen misbruik van recht of aanspraak op schadevergoeding.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:198 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-464

    Voorzittersbeslissing: verweerster is de advocaat van de ex-vrouw van klager in familierechtelijke geschil over minderjarige zoon en behartigde tevens de belangen van die zoon. Op zijn herhaald verzoek heeft zij de brief van klager aan de zoon verscheurd. De voorzitter oordeelt dat klager zich weloverwogen niet aan de eerder tussen partijen gemaakte afspraken heeft gehouden om die brief niet rechtstreeks aan de zoon te doen toekomen. Verweerster heeft als partijdige advocaat in deze conform opdracht gehandeld. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2017:337 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.035

    Klacht tegen neurochirurg. Verweerder heeft klaagster geopereerd in verband met een hernia. Postoperatief kampte klaagster met verlammingsverschijnselen. Op de MRI was te zien dat de hernia niet compleet was verwijderd. Bij heroperatie door een collega van verweerder is het restant van de hernia verwijderd. Er bleek tevens sprake van een duradefect en een kapotte wortel. Klaagster verwijt verweerder dat hij bij de operatie fouten heeft gemaakt. Verweerder stelt dat er sprake is geweest van een (aantal) complicatie(s). Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen en het beroep van klaagster wordt door het Centraal Tuchtcollege verworpen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:192 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-198

    Klacht tegen advocaat wederpartij gegrond. Het stond verweerder niet vrij om rechtstreeks in contact te treden met klaagster nu zij werd bijgestaan door een advocaat (Gedragregel 18 lid 1). Dat de advocaat van klaagster afwezig en voor verweerder onbereikbaar was, doet daaraan niet af. Daarnaast past het een betamelijk advocaat niet om een wederpartij – buiten diens advocaat om – onder druk te zetten door lopende de nakomingstermijn (deurwaarders)kosten in het vooruitzicht te stellen. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:186 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-417

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij in een partneralimentatieprocedure. Verweerster heeft een minnelijke regeling nagestreefd en heeft daarna in het belang van haar cliënt een procedure gestart. Dat haar cliënt de in het convenant tussen partijen overeengekomen mediation niet wilde, kan verweerster niet worden verweten. Geen onjuiste stellingen of onjuiste feiten in procedure aangevoerd, waarmee ze haar vrijheid als advocaat van de wederpartij heeft overtreden. Kennelijk ongegrond. Klacht over privacyschending dochter kennelijk niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2017:338 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.235

    Een vader dient een klacht in tegen een (cosmetisch) arts, omdat (1) de arts bij zijn vijftienjarige dochter een lipopvulling heeft aangebracht zonder toestemming van de ouders en (2) hij niet naar de legitimatie van zijn dochter had gevraagd. De dochter had bij de arts gelogen over haar leeftijd en had verklaard dat zij negentien jaar oud was. De arts heeft niet getwijfeld aan haar leeftijd, heeft haar identiteitsbewijs niet gecontroleerd en heeft de gevraagde behandeling uitgevoerd. Het Regionaal Tuchtcollege acht beide klachten gegrond en legt aan de arts een berisping op. Bij de hoogte van de maatregel heeft het Regionaal Tuchtcollege in aanmerking genomen dat de arts had verklaard dat patiënte kwetsbaar was en dat hij zijn optreden plaatst in een persoonlijke strategie om jonge kwetsbare vrouwen te beschermen, die volgens het Regionaal Tuchtcollege in strijd is met de door de beroepsgroep zichzelf opgelegde norm dat alleen jongeren ouder dan achttien jaar in aanmerking komen voor cosmetische ingrepen. De arts komt in beroep tegen de gegrondverklaring van de klachtonderdeel 1, omdat het Regionaal Tuchtcollege niet in de beoordeling heeft laten terugkomen dat patiënte heeft gelogen over haar leeftijd. Hij komt ook op tegen de hoogte van de opgelegde maatregel. Het Centraal Tuchtcollege acht klachtonderdeel 1 gegrond. De arts heeft een minderjarige behandeld en had kunnen voorkomen dat hij voorgelogen werd, door om haar identiteitsbewijs te vragen. Het Centraal Tuchtcollege ziet wel aanleiding om de hoogte van de opgelegde maatregel aan te passen, omdat bij de behandeling bij het Regionaal Tuchtcollege kennelijk een misverstand is ontstaan over de indruk die de arts over patiënte had en over de persoonlijke strategie van de arts. Korte geanonimiseerde samenvatting van de zaak, zoals steeds per zaak te vinden is op de site www.tuchtrecht.nl

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:193 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-959

    Klacht tegen advocaat wederpartij gegrond voor wat betreft het volgende. Verweerder heeft onvoldoende gedaan om zich te vergewissen van de geestestoestand van zijn cliënt, een psychisch kwetsbare patiënt, tevens de man van klaagster. Voor het onderzoeken van de wilsbekwaamheid van een cliënt wordt aangeknoopt bij richtlijnen van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie en de zogenoemde ‘voorlegger’ van de Raad voor Rechtsbijstand in Bopz-zaken. Verweerder heeft te lichtvaardig gehandeld door, zonder overleg met klaagster of de instelling waar de man verbleef, in relatief korte tijd allerlei maatregelen te treffen met vergaande gevolgen voor onder meer klaagster. Tevens moet het er voor worden gehouden dat verweerder zijn cliënt niet (voldoende) op de mogelijkheid van gefinancierde (verzekerde) rechtsbijstand heeft gewezen. Voorwaardelijke schorsing van vier weken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:187 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-418

    Voorzittersbeslissing over klacht tegen eigen advocaat kennelijk ongegrond. Verweerder heeft klaagster naar behoren bijgestaan. Bij het opstellen van zijn second opinion heeft verweerder klaagster ruimschoots betrokken, zoals ook door haar was verzocht, onder meer door zijn conceptadviezen eerst aan haar voor te leggen. Negatieve advisering mag en was, gelet op de deskundigheid van verweerder, in deze ook noodzakelijk.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2017:20 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/20

    Bungalowpark geeft notaris opdracht om opzegging van recht van erfpacht en opstal in te schrijven in de registers. Nu de notaris niet bij de opzegging door het bungalowpark betrokken is geweest, was het niet aan hem om de gronden van de opzegging te toetsen en behoefde niet van hem te worden verwacht dat hij klagers zou informeren over de financiële gevolgen en de verdere afwikkeling van de opzegging. Wel diende de notaris na te gaan of het bungalowpark de formaliteiten m.b.t. de opzegging in acht had genomen, aan welke verplichting hij heeft voldaan. Nu de notaris onweersproken heeft gesteld dat het deurwaardersexploit aan klagers is betekend op het adres waar zij op dat moment volgens de BRP stonden ingeschreven, is de kamer van oordeel dat hij er inderdaad van uit mocht gaan dat klagers op de hoogte waren van de opzegging. Van de notaris behoefde daarom niet te worden verlangd dat hij klagers voorafgaand aan de in opdracht van het bungalowpark uit te voeren inschrijving van de opzegging hierover zelf zou informeren. Dat klagers, zoals zij stellen, niet op de hoogte waren van de opzegging komt voor hun risico. Gelet op de verstrekkende nadelige gevolgen van de opzegging en het feit dat klagers niet op de eerste brief van de notaris hadden gereageerd, is de kamer wel van oordeel dat het wellicht beter was geweest als de notaris zijn volgende brief per aangetekende post aan klagers had toegezonden om zich ervan te vergewissen dat deze hen had bereikt. Dat hij dat in deze situatie niet heeft gedaan, acht de kamer echter niet klachtwaardig. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:194 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-988

    Klacht tegen advocaat wederpartij. De raad oordeelt het overleggen van een fictieve e-mail van klaagster (aan haar vriend) door verweerder in een echtscheidingsprocedure tuchtrechtelijk verwijtbaar, nu verweerder onvoldoende helder heeft gemaakt dat het om een niet bestaande, fictieve e-mail ging. Daarnaast heeft verweerder onvoldoende rekening gehouden met de belangen van klaagster als wederpartij door niet (adequaat) te reageren op haar vragen naar de besteding van het door haar aan de ex-man betaalde bedrag van € 85.000,- nu verweerder intussen wel dreigde met een procedure tot wijziging/nihilstelling van alimentatie. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:188 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-419

    Arbeidsgeschil. Klaagster (werkgever) kan naar het oordeel van de voorzitter over de vermeende tekortkomingen in de kwaliteit van de werkzaamheden van verweerder voor zijn cliënt (ex-werknemer) en over de (financiële) belangen van de cliënt van verweerder niet klagen bij gebrek aan eigen persoonlijk belang daarbij. Die klachtonderdelen zijn kennelijk niet-ontvankelijk. Voor het overige oordeelt de voorzitter de klacht kennelijk ongegrond nu verweerder binnen de hem toekomende vrijheid als advocaat van de wederpartij heeft gehandeld.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2017:21 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/59 en 67

    Klachten over onjuistheden in akte van boedelbeschrijving niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijding klachttermijn (overweging ten overvloede: ook ne bis in idem)

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:195 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-430

    Voorzittersbeslissing. Naar het oordeel van de voorzitter bestaat in het algemeen geen verplichting voor een advocaat van de wederpartij om stukken in kopie aan de andere partij toe te sturen, zoals door klaagster is verzocht. Volgens verweerder heeft klaagster via haar toenmalige advocaat de betreffende stukken in de procedures jegens zijn cliënt kunnen ontvangen, althans kan klaagster die stukken alsnog bij haar opvragen dan wel bij de betreffende instanties waar de zaken hebben gespeeld. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:189 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-420

    Voorzittersbeslissing. Klacht over verweerder in zijn hoedanigheid van voorzitter van een Externe Klachtencommissie van een zorginstelling. Verweerder diende tijdens de zitting als voorzitter de regie te nemen en mocht in die hoedanigheid de echtgenoot van klaagster aanspreken op zijn gedrag. Verweerder heeft de door klaagster beklaagde zorginstelling als advocaat eerder bijgestaan in een arbeidsgeschil. Niet is door klaagster gesteld of anderszins gebleken dat tussen die zaak en de klacht van klaagster bij de Externe klachtencommissie enige relatie bestond op grond waarvan verweerder zich als voorzitter van die commissie had dienen terug te trekken. Klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:143 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/266

    Klager verwijt verweerder dat hij een onjuiste diagnose heeft gesteld en daaraan veel te lang heeft vastgehouden. Hij heeft ten onrechte niet gedacht aan een maligne ziekteoorzaak en dat ook niet onderzocht. Verweerder heeft ook onjuiste medicatie voorgeschreven. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2017:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/53

    Beoordeling wilsbekwaamheid 97-jarige erflaatster (tante). Nadat N testament in lijn met eerder testament op klein onderdeel had gewijzigd (in bijzijn van begunstigde neef en zonder tante onder vier ogen te spreken), heeft hij haar enkele dagen later op eigen initiatief onaangekondigd ’s-morgens thuis bezocht om na te vragen of het inderdaad haar bedoeling was dat het grootste deel van haar nalatenschap naar de neef zou gaan. Vervolgens heeft N tante aan het einde van de middag opnieuw thuis bezocht en heeft hij een akte gepasseerd waarbij zij de erfstelling ingrijpend heeft gewijzigd. Naar oordeel van kamer past het een N niet om enkele dagen na het wijzigen van een testament alleen en onaangekondigd een huisbezoek te brengen aan een hoogbejaarde testateur/testatrice om na te vragen of het testament wel juist is. N had erop bedacht moeten zijn dat tante zich door een dergelijk bezoek van een notaris overvallen zou voelen. Mede gezien de hoge leeftijd van tante, haar door N kennelijk eerder bespeurde aarzeling en het feit dat hij ermee bekend was dat zij haar financiële belangen niet meer zelf kon behartigen, acht de kamer het tuchtrechtelijk ernstig verwijtbaar dat hij vervolgens nog diezelfde middag, zonder medisch advies in te winnen over de geestesgesteldheid van tante en zonder zich daarbij te laten vergezellen van (een) getuige(n), een akte heeft gepasseerd als gevolg waarvan het testament van tante zeer ingrijpend werd gewijzigd. Berisping, waarbij kamer mede in aanmerking heeft genomen dat het gerechtshof Amsterdam aan N eerder (maar na het passeren van de testamenten van tante) de maatregel van een berisping heeft opgelegd omdat hij, hoewel daarvoor meer dan voldoende indicatoren aanwezig waren, had nagelaten zich op toereikende wijze te overtuigen van de wilsbekwaamheid van een (andere) cliënt. Dit betreft een wezenlijk onderdeel van zijn taak als notaris en raakt de kern van zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid, aldus het gerechtshof. Dat de notaris er ter zitting van de kamer geen blijk van heeft gegeven dat hij zijn handelwijze als gevolg van die beslissing inmiddels daadwerkelijk heeft aangepast, rekent de kamer hem mede aan.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:196 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-445

    Voorzittersbeslissing. Vast staat dat verweerder in de periode van 12 februari 2010 tot 17 december 2015 niet stond ingeschreven als advocaat. Verweerder was in de tussenliggende periode ten tijde van de verweten gedraging directeur van een bedrijf waarmee klager een overeenkomst tot financiering van procedures had gesloten. Nu de verweten gedraging door verweerder niet als advocaat is begaan en daarmee niet aan het advocatentuchtrecht is onderworpen en er bovendien tussen dat handelen en de twee jaar latere herbenoeming van verweerder in de functie van advocaat onvoldoende inhoudelijk en temporeel verband bestaat om dat tuchtrecht desondanks toepasselijk te achten, is klager naar het oordeel van de voorzitter kennelijk niet-ontvankelijk in zijn klacht.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:144 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/163

    Klager verwijt verweerder, een internist, nalatigheid en in het gevaar brengen van zijn niertransplantatie. In de periode tussen november 2014 en maart 2015 zijn in het ziekenhuis waar verweerder werkzaam is zoveel dingen gebeurd dat de niertransplantatie bijna in gevaar kwam. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2017:23 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/54

    Klagers hebben eerder klacht tegen deze N ingediend. Zij hebben geen hoger beroep ingesteld tegen beslissing kamer n.a.v. die klacht (niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijding klachttermijn). In deze nieuwe klacht verwijten zij N onder meer dat hij in zijn verweerschrift in de eerdere procedure een feitelijk onjuiste mededeling heeft gedaan, waardoor hij de kamer onjuist heeft voorgelicht. In tweede klachtprocedure erkent N dat deze mededeling niet juist was, maar volgens hem berustte deze mededeling op een onjuiste lezing/interpretatie van zijn gemachtigde van de gegevens die hij n.a.v. eerste klacht aan zijn gemachtigde had verstrekt. N is niet “aangeslagen” op onjuiste formulering in concept-verweerschrift, waardoor deze is blijven staan in verweerschrift dat aan kamer is toegezonden. Gelet op die toelichting gaat de kamer ervan uit dat de mededeling inderdaad berust op een misinterpretatie van de gemachtigde en dat het niet de bedoeling was om de kamer op dat punt onjuist voor te lichten. Het had weliswaar op de weg van N gelegen om gemachtigde op onjuistheid te wijzen, maar in de gegeven omstandigheden acht de kamer het niet tuchtrechtelijk verwijtbaar dat N dat heeft nagelaten. Klacht verder niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijden klachttermijn.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:190 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-144

    Klacht tegen voormalig eigen advocaat. Klacht gegrond voor wat betreft de gestelde belangenverstrengeling. Naar het oordeel van de raad is gebleken van redelijke bezwaren die verweerder hadden moeten weerhouden om in deze zaak tegen klaagster op te treden (Gedragsregel 7 lid 5 onder 3). Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:197 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-460

    Voorzittersbeslissing; verweerder is curator in faillissement van klaagster sub 2. Voorzitter oordeelt dat overige klagers niet-ontvankelijk zijn in hun klachten wegens ontbreken van een eigen rechtstreeks belang bij de klacht. Verwijt dat verweerder de belangen van de schuldeisers van klaagster sub 2 niet adequaat heeft behartigd en heeft samengespannen niet gebleken door onvoldoende concrete onderbouwing. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2017:336 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.136

    Klacht tegen plastisch chirurg. De plastisch chirurg heeft over klager een expertiserapport uitgebracht in het kader van een letselschadezaak. Klager verwijt de plastisch chirurg dat hij het correctie- en blokkeringrecht heeft geschonden, dat het door hem uitgebrachte expertiserapport niet voldoet aan de vereisten, dat hij tijdens het onderzoek heeft gemeld dat sprake was van een flink defect en hij dit niet tot uitdrukking heeft laten komen in het expertiserapport, dat hij heeft geweigerd door hem vervaardigde foto’s aan klager ter beschikking te stellen, dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld en zakelijke banden heeft met een van de verzekeringsmaatschappijen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in al haar onderdelen ongegrond verklaard en afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TNORSHE:2017:24 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/52

    Inschrijving registerverklaring als bedoeld in art. 3:17 lid 1 sub a BW jo. art. 26 Kadasterwet na buitengerechtelijke vernietiging van koopovereenkomst m.b.t. onroerende zaken wegens bedrog, althans dwaling. Klacht deels niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijding klachttermijn. Overigens ongegrond omdat N, mede gelet op advies van Notarieel Bureau, in gegeven omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door (nog) niet over te gaan tot wijziging van de wijze waarop de betreffende onroerende zaken in de openbare registers zijn ingeschreven.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:191 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-063

    Klacht tegen eigen advocaat. Verweerder heeft klager onvoldoende geïnformeerd over de mogelijkheden, kansen en risico's om via de rechter nakoming van de beslissing van de ethische commissie (onderdeel van een sportfederatie) af te dwingen, met name over de kansen en risico’s van zijn keuze voor de strategie om de beslissing als arbitraal vonnis aan te merken en een exequatur te vragen. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:179 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-061

    Klacht tegen eigen advocaat (deels) gegrond nu genoegzaam is komen vast te staan dat verweerder onvoldoende op de hoogte was van gerechtelijke protocollen en (mede daardoor) processuele fouten heeft gemaakt. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:207 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-436/DB/LI

    Voorzitter heeft juiste maatstaf gehanteerd en kon de klacht zonder zitting afdoen op gerond van artikel 46j Advocatenwet. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:128 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17100

    Huisarts wordt verweten dat zij de klachten van patiënte heeft gebagatelliseerd en een acuut coronair syndroom heeft gemist waardoor patiënte is overleden. Tevens was zij niet empatisch en respectvol en is er sprake van onzorgvuldige verslaglegging. Verweerster heeft zich teveel laten leiden door haar eigen waarneming. Zij had meer acht moeten slaan op het triageverslag en de aanhoudende onrust van patiënte, minder moeten vertrouwen op een relativerende opmerking van patiënte die zij niet kende en dus niet kon inschatten of het in de aard van deze patiënte zat om haar klachten (ten onrechte) te relativeren. Verslaglegging had vollediger gekund doch de hulpverlening is niet in het gedrang gekomen. Deels gegrond. Waarschuwing en publicatie.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:208 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-617/DB/LI

    Geen sprake van het uitoefenen van ongeoorloofde druk door advocaat om klacht in te trekken. Begrijpelijk dat een advocaat tegen wie een klacht is ingediend zich terughoudend opstelt. Advocaat heeft de belangen van klager in de lopende zaken steeds behartigd. Klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:180 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1177

    Klacht tegen eigen advocaat. Door stukken, waarvan aannemelijk is dat deze relevante bewijswaarde hadden, niet (tijdig) in het geding te brengen en door niet te reageren op contactverzoeken van klager na het voor klager negatieve vonnis, heeft verweerder niet gehandeld zoals het een behoorlijk advocaat betaamt. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:129 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1757

    volgt

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:209 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-636 DB /OB

    Advocaat heeft erkend dat hij geen hoger beroep heeft ingesteld, terwijl zijn cliënt had kunnen begrijpen dat hij dat wel zou doen. Onduidelijkheid over het al dan niet instellen van hoger beroep komt voor risico van de advocaat. Dat advocaat heeft erkend dat hij geen hoger beroep heeft ingesteld, betekent niet dat hij erkent dat zijn cliënt schade heeft geelden. Client dient de advocaat aansprakelijk te stellen. Zonder dat kan de advocaat de zaak niet aan zijn beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar doorgeleiden. Klacht (gedeeltelijk) gegrond, waarschuwing

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:181 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-760

    verzet ongegrond. Geen plaats voor een ruimere verjaringstermijn.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:175 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-249 17-249D

    Gecombineerde klacht/dekenbezwaar over eigen advocaat van klagers. Klagers ex 46g lid 1 sub a Aw niet-ontvankelijk in aantal klachtonderdelen die buiten 3-jaarstermijn vallen. Geen verschoonbare termijnoverschrijding. Vervaltermijn deken ook ex 46g lid 1 sub a Aw beoordeeld. Deken heeft onbetwist gesteld eerst in april 2016 bekend te zijn geworden met het gewraakte handelen van verweerder vanaf 2010 door indiening van de klacht door klagers. Binnen 3-jaarstermijn dekenbezwaar ingediend en daarmee ontvankelijk. Onzorgvuldige communicatie van verweerder met klagers. Schending van Gedragsregel 8 door het ontbreken van schriftelijke opdrachtbevestigingen met financiële afspraken. Gegrond. Waarschuwing. Overige klachtonderdelen over voeren incassoprocedure over onbetaalde declaraties, grievende uitlatingen, dossieroverdracht ongegrond. Dekenklacht gegrond ten aanzien van ontbreken van schriftelijke opdrachtbevestigingen van verweerder en ontbreken van schriftelijke bevestiging van met klagers beweerdelijk gemaakte financiële afspraken en besproken plan van aanpak met risico analyse. Aldus heeft verweerder in strijd gehandeld met het bepaalde in artikel 7.5 van de VOdA en met hetgeen een behoorlijk advocaat betaamt (artt. 46 Aw in combinatie met Gedragsregels 8 en 26). Dat verweerder geen deugdelijk onderzoek heeft gedaan en een bij voorbaat kansloze procedure in hoger beroep namens klaagster heeft gevoerd en daarmee in strijd met art.10a en 46 Aw kan de raad door gemotiveerde betwisting daarvan en bij gebreke van concrete onderbouwing niet vaststellen. Overige dekenklachten ongegrond. Alleen maatregel in klachtzaak. Eenmaal proceskostenveroordeling.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:182 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-123

    Verweerder heeft in een procedure twee brieven met klager overgelegd en mocht dat naar het oordeel van de raad ook doen. Geen strijdigheid met gedragsregel 12. Verweerder heeft na vergeefs overleg met klager vooraf om bemiddeling door de deken gevraagd. Volgens de deken had de cliënt van verweerder in de gegeven omstandigheden een belang dat bepaaldelijk kon vorderen dat de gewraakte brieven door verweerder in de procedure zouden worden overgelegd. Gelet op dit advies van de deken in samenhang met het aannemelijke processuele belang van verweerder om de correspondentie over te leggen is de raad van oordeel dat verweerder de gewraakte correspondentie met klager in de procedure heeft mogen overleggen zoals door hem gedaan. Evenmin strijdigheid met gedragsregel 13, nu de raad uit de inhoud van de door klager bedoelde (letterlijke) tekst in de brief van 29 december 2015 niet is gebleken dat op dat moment (nog) sprake was van schikkingsonderhandelingen tussen partijen. Klager heeft dat verwijt onvoldoende onderbouwd die niet ter zitting is verschenen voor een noodzakelijk nadere toelichting daarop. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:130 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17126

    volgt

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:176 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-104

    Klacht van advocaat tegen andere advocaat ongegrond. Niet kan worden vastgesteld dat verweerder, na de beëindiging van de maatschap van klager en verweerder, tuchtrechtelijk laakbaar heeft gehandeld nu (uiteindelijk) uitvoering is gegeven aan de afspraken zoals vastgelegd in de vaststellingsovereenkomst en een bindend advies door de deken.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:183 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-312

    Klachten over de eigen advocaat. Dat verweerder een met klaagster gemaakte vaste prijsafspraak van € 1.210,- heeft gemaakt die hij niet is nagekomen is tegenover het gemotiveerde verweer niet komen vast te staan. Geen excessief declareren. Naar het oordeel van de raad is het tarief noch het aantal gedeclareerde uren in verhouding tot de blijkens het klachtdossier verrichte werkzaamheden kennelijk onredelijk. Voorts in geschil is het beroep op het retentierecht. Verweerder mocht in de gegeven omstandigheden de grosse van het vonnis en de dagvaarding vasthouden wegens onbetaald blijven van zijn declaraties. Ondanks slordigheden heeft verweerde niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld want de vereiste behoedzaamheid ex gedragsregel 27 lid 4 in acht genomen jegens klaagster. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:131 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1775

    Verwijt aan huisarts van huisartsenpost (HAP) dat hij dochter van klaagster, toen 9 jaar oud en gezien op de HAP vanwege neustrauma, niet direct heeft verwezen naar een KNO-arts. Op een röntgenfoto is op die leeftijd een fractuur niet te zien. Geen reden direct te verwijzen naar KNO-arts. Na ongeveer 2 maanden alsnog naar KNO-arts, toen reponeren neus niet meer mogelijk. Reponeren dient volgens KNO-arts binnen 7-10 dagen te gebeuren. Dit kan huisarts niet verweten worden nu niet gebleken is dat deze regel bij huisartsen in de regio algemeen bekend is. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:177 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-030

    Klacht tegen eigen advocaat gegrond. Verweerder heeft onvoldoende voortvarend opgetreden in de zaak van klager door hierin een aantal jaren geen concrete actie te ondernemen, zelfs niet na het dekenadvies om tot actie over te gaan nadat klager zich eerder over verweerder bij de deken had beklaagd. Onbegrijpelijk dat verweerder het dossier van klager op enig moment terzijde heeft gelegd en waarom niet (eerder) een gesprek met de wederpartij was gepland. Verweerder heeft voorts onvoldoende gecommuniceerd door niet of nauwelijks te reageren op contactverzoeken van klager. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:205 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-615/DB/LI

    Advocaat heeft klager voldoende geïnformeerd over zijn visie op de aanpak van de zaak en de daarmee samenhangende keuzes. Advocaat heeft een redelijk uurtarief in rekening gebracht en de gedeclareerde uren zijn gewerkt. Het betrof een bewerkelijke zaak. Klacht ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:184 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1175

    De raad oordeelt klager - juridisch medewerker, destijds werkzaam op het kantoor van verweerder - ten aanzien van verschillende klachtonderdelen niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een eigen rechtstreeks belang daarbij, dan wel omdat die klachten het algemeen belang betreffen. Getuigenverhoor over vermeende chantage en bedreiging van klager.. De raad is gebleken dat de uitlatingen van verweerder jegens klager tijdens de kantoorvergadering op 5 september 2016 zijn gedaan in de beslotenheid van kantoor wat in elk geval heeft geresulteerd in emoties aan de zijde van klager, omdat zijn baan in gevaar dreigde te komen. Op grond van de getuigenverklaring, de processtukken en het verhandelde ter zitting en mede gelet op het gemotiveerde verweer van verweerder kan de raad echter niet vaststellen dat klager door verweerder daadwerkelijk is gechanteerd zoals door hem wordt gesteld. Gevoel van bedreiging alleen onvoldoende om bedreiging van klager vast te stellen. Niet uit getuigenverhoor gebleken. Overige klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:212 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-767/DB/LI

    Verweerster, advocaat van klaagsters wederpartij, kan geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt van het feit dat klaagster vertrouwelijke gesprekken heeft gevoerd met de haptonoom waar zij met haar ex-echtgenoot (=wederpartij) en hun kinderen in therapie was, terwijl die haptonoom verweersters levenspartner is. Ongegrond.