Zoekresultaten 22101-22150 van de 48142 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:45 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170209

    Klacht van belastinginspecteur en Belastingdienst tegen de advocaat van wederpartij. De klacht is door de raad ongegrond verklaard. Klagers en de deken hebben hoger beroep ingesteld. De Belastingdienst is in twee klachtonderdelen, die de persoonlijke bejegening door de beklaagde advocaat van een belastinginspecteur betreffen, niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een eigen belang. Het hoger beroep van klager (belastinginspecteur) en de deken met betrekking tot deze twee klachtonderdelen slaagt niet. De advocaat heeft gehandeld binnen de vrijheid die hem toekomt om de belangen van zijn cliënt te behartigen. Het hof acht, net als de raad, ook de overige klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:53 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-950/DH/A

    voorzittersbeslissing; klacht over optreden advocaat wederpartij kennelijk ongegrond

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:46 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170276

    Het hoger beroep beperkt zich tot de maatregel van onvoorwaardelijke schorsing door de raad. Hoewel het handelen van verweerder in het verleden een onvoorwaardelijke schorsing rechtvaardigt, oordeelt het hof dat de tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke schorsing verweerder kennelijk aan het denken heeft gezet, zodanig dat hij de problemen - die de deken aanleiding hebben gegeven tot het indienen van een nieuw dekenbezwaar - en de resterende vraagpunten alsnog (praktisch) volledig heeft opgelost en ook concrete stappen heeft gezet in de vorm van het volgen van een cursus en therapie om herhaling in de toekomst te voorkomen. Gelet op deze recente ontwikkelingen en de visie van de deken daarop, ziet het hof aanleiding de opgelegde maatregel aan te passen in die zin dat een geheel voorwaardelijke schorsing wordt opgelegd voor een langere periode dan door de raad bepaald, namelijk voor 8 weken.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:47 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170244

    Klacht tegen eigen advocaat. Verweerder zou klager tijdens zijn dienstverlening niet goed geadviseerd hebben over de mogelijke gevolgen van de vaststellingsovereenkomst en verweerder zou hebben verzuimd de wederzijdse rechten en verplichtingen nauwkeurig in de vaststellingsovereenkomst vast te leggen. Klacht ongegrond. Het hof acht de klacht alsnog ongegrond. Vernietiging.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:48 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170227

    Klacht over advocaat wederpartij. Klacht gegrond. Verweerder heeft zich onnodig intimiderend uitgelaten. Nu verweerder heeft erkend dat de wijze waarop verweerder jegens klager is opgetreden mede was bepaald door de omstandigheid dat hij optrad als advocaat van zijn dochter, is daarmee het verband gegeven tussen een gebrek aan voldoende onafhankelijkheid van verweerder bij zijn cliënte en de onjuiste bewoordingen die verweerder heeft gebruikt in zijn brief aan klager. Gegrondverklaring zonder oplegging van maatregel. Vernietiging.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:44 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170343

    Art. 13 lid 2 Advocatenwet. Beklag tegen de beslissing van de deken is ongegrond. Met de deken is het hof van oordeel dat niet is gebleken dat de procedure die klagers tegen de curator zouden willen voeren een redelijke kans van slagen heeft. Daarbij betrekt het hof dat klagers reeds hebben getracht hun gelijk te halen bij de curator en de rechtbank en de rechtbank op de bezwaren van klagers gemotiveerd heeft beslist.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:43 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1176

    Dekenbezwaar. Eindbeslissing na tussenbeslissing. De raad heeft geoordeeld dat geen sprake is van het voeren van een bij voorbaat kansloze procedure door verweerder, hoewel deze enige malen een zelfde procedure is gestart op grond van art. 64 Vreemdelingenwet en vervolgens tegen de beslissing bezwaar/beroep heeft aangetekend. Verweerder heeft gemotiveerd aangevoerd dat zijn cliënt belang had bij de procedures. Het verwijt dat verweerder niet naar de zitting van de rechtbank is gegaan, treft evenmin doel. Verweerder heeft aangevoerd dat hij niets had toe te voegen aan hetgeen reeds in de schriftelijke stukken was aangevoerd, terwijl niet is komen vast te staan dat voor de cliënt niet duidelijk was dat verweerder niet naar de zitting zou gaan. Van ontoelaatbare druk van de kant van verweerder om de klacht in te trekken is ook niet gebleken. De deken heeft dit verwijt onvoldoende onderbouwd. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:218 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1176

    Dekenbezwaar. Verweerder wordt verweten dat hij een bij voorbaat kansloze procedure heeft gevoerd, niet naar een zitting van de rechtbank is gegaan en zijn cliënt onder ontoelaatbare druk heeft gezet om de klacht tegen hem in te trekken. De raad gelast een getuigenverhoor waarbij de cliënt van verweerder zal worden gehoord. Daartoe zal een datum worden bepaald.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:29 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17176

    Bedrijfsarts wordt onder meer verweten dat zij over klaagsters gezondheidssituatie heeft geoordeeld zonder de juiste informatie, een onjuist advies heeft gegeven en heeft geweigerd contact op te nemen met klaagsters huidige psycholoog. College: Geen wettelijke basis voor ‘preventiespreekuur’. Onderscheid vrijwillig en verplicht spreekuurcontact. Het doel van het spreekuur en de daarbij behorende rechten en plichten van de werknemer waren voor klaagster kennelijk niet duidelijk. Het had op verweersters weg gelegen om te verifiëren of klaagster de gang van zaken begreep bijvoorbeeld door haar naar de reden van haar komst te vragen en vervolgens een andere afspraak te plannen als bleek dat klaagster er met een andere vraagstelling zat. Niet gebleken is dat zij dat (in voldoende mate) heeft gedaan. Ten onrechte geen informatie opgevraagd bij klaagsters huidige psycholoog. Dat klaagster pas heel kort onder behandeling was doet daaraan niet af. Conclusie en advies berusten op onvolledige informatie. Advies ook onduidelijk. Inconsequent gehandeld, aangezien zij heeft gesteld dat sprake was van een “preventief” spreekuurcontact (vergelijkbaar met een contact in het kader van een arbeidsomstandighedenspreekuur), terwijl uit haar handelen blijkt dat zij zich bezighield met klaagsters verzuimbegeleiding. Schending geheimhoudingsverplichting. Deels gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:31 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-253

    Ongegronde klacht tegen een bedrijfsarts. Door het benoemen van medische informatie in de rapportage naar de werkgever kan de bedrijfsarts een bepaalde mate van onzorgvuldigheid worden verweten, maar gelet op de omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De term ‘mental cause’ is weinig concreet, er was al correspondentie tussen klaagster en de werkgever in het dossier waaruit de werkgever kon afleiden dat een geheel lichamelijke oorzaak van het verzuim niet logisch was. De gebruikte term kan als een incident worden beschouwd. Discriminatie is niet vast komen te staan. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:32 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-077

    Deels gegronde klacht tegen een bedrijfsarts. De bedrijfsarts heeft klager onterecht volledig arbeidsgeschikt verklaard en heeft klager nauwelijks gehoord tijdens het consult. De bedrijfsarts heeft zijn advies teveel gebaseerd op de presentatie van klager op televisie. Ook heeft hij erkend zonder toestemming van klager medische gegevens met de behandelend psycholoog te hebben gedeeld. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-212

    Ongegronde klacht tegen een arts. Voor zover de handelingen vallen in de privésfeer is klager niet-ontvankelijk omdat de handelingen niet voldoende weerslag hebben op het belang van de individuele gezondheidszorg. Over de handelingen die verweerder heeft uitgevoerd als arts verschillen partijen van mening. Klacht afgewezen

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:34 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-262

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. Dat de mislukte poging van het verwijderen van de spiraal komt door ondeskundig handelen door de huisarts komt niet vast te staan. Verwijzing naar een gynaecoloog was een juiste beslissing. Dat de huisarts het niet nog een keer zelf heeft geprobeerd is een begrijpelijke keus. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:29 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-230a

    Deels gegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts is teveel afgegaan op mededelingen van klaagster over mogelijke oorzaken van de klachten en zij heeft nagelaten verder door te vragen. Klaagster was tien jaar geleden voor het laatst in de praktijk geweest. Een doorverwijzing heeft uiteindelijk wel plaatsgevonden. De klacht over een hoorbaar mondeling overleg over een patiënt in de wachtkamer is terecht, maar geen tuchtrechtelijk verwijt. Overige klachtonderdelen ongegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:41 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-352

    Verweerders staan een aantal vennootschappen bij. Klagers zijn certificaathouders van 2 daaraan gelieerde vennootschappen. De raad stelt vast dat het advocatenkantoor /verweerder met medeweten van de Nederlandse Orde van Advocaten een strategische alliantie heeft gesloten met de fiscale partners van Mazars. De raad ziet niet in in welke zin verweerders binnen dat samenwerkingsverband verweten kan worden dat zij over en weer vertrouwelijke informatie hebben uitgewisseld, temeer daar hun cliënten hen daarvoor toestemming hebben gegeven. Voor zover klagers stellen dat verweerders door hun samenwerking met Mazars ook toegang hebben gehad tot financiële (privé)informatie van één van klagers waarover Mazars beschikte zal die klager zich dienen te wenden tot Mazars; niet tot verweerders. Dat die persoonlijke informatie is uitgewisseld is de raad overigens niet gebleken. De raad begrijpt dat klagers een financieel belang hebben in hun geschil met hun vader en de aan hem gelieerde vennootschappen, maar daarvoor staan andere (juridische) wegen open. Op grond van het vorenstaande is de raad van oordeel dat verweerders met hun handelen in de kwestie van klagers het vertrouwen in de advocatuur niet hebben geschaad en voorts van oordeel dat verweerders daarbij op onafhankelijke en integere wijze zijn opgetreden. Ongegrond. Klagers worden in hun andere klachtonderdeel niet-ontvankelijk verklaard. Klagers hebben geen toereikend (rechtstreeks) belang daarbij omdat zij certificaathouders zijn van 2 vennootschappen en geen aandeelhouders met de daaraan gekoppelde rechten. Het in dit klachtonderdeel gemaakte verwijt betreft klagers niet.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:43 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180015

    Verzoek aanwijzing van een advocaat om hoger beroep in te stellen tegen een uitspraak in kort geding (artikel 13 Advocatenwet). Het beklag is ongegrond. De argumenten die klaagster in haar verzoek en in verdere correspondentie heeft vermeld, leveren onvoldoende grond op voor aanwijzing van een advocaat.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:42 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-349

    Klacht tegen eigen advocaat. Niet is gebleken dat verweerster bij de behartiging van de belangen van klaagster buiten haar opdracht is getreden, nu de opdracht aan verweerster ruimer was dan klaagster thans heeft gesteld. Verder moet klaagster helder zijn geweest dat hoger beroep niet meer aan de orde was met het treffen van een minnelijke regeling. Klacht ongegrond. mededelingen van de griffier ter informatie:

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:30 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-230b

    Deels gegronde klacht tegen een huisarts. Van de huisarts had mogen worden verwacht dat zij lichamelijk onderzoek met een verder uitgediepte anamnese zou verrichten nu klaagster bijna tien jaar geleden de praktijk voor het laatst had bezocht. Enkel observeren is onvoldoende. Een doorverwijzing heeft plaatsgevonden. De klacht over een hoorbaar mondeling overleg over een patiënt in de wachtkamer is terecht, maar geen tuchtrechtelijk verwijt. Overige klachtonderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:217 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-834

    Tussenbeslissing met terugverwijzing van de klacht naar deken voor nader onderzoek. Klacht over haar eigen advocaat die in langdurig echtscheidingsgeschil van klaagster werkzaamheden voor haar heeft verricht. Verwijten betreffen onder meer de kwaliteit van de dienstverlening die volgens klaagster onder de maat is geweest alsmede de hoogte van de declaraties van verweerder, die volgens klaagster te ruim in de zin van excessief waren. Het bindend advies van Geschillencommissie Advocatuur kan voor tuchtrechter relevant zijn, maar die beslissing bindt de tuchtrechter niet. De raad acht zich niet in staat op grond van de overgelegde stukken, in het bijzonder de processtukken en declaraties met urenspecificaties, om te beoordelen of verweerder verwijtbaar heeft gehandeld. De raad bepaalt dat na ontvangst van het onderzoeksverslag van de deken een nieuwe zitting zal worden gehouden en dat iedere verdere beslissing in afwachting daarvan wordt aangehouden.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:37 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-1049

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt de klachten over verweerster als advocaat van de wederpartij in een geschil over alimentatie kennelijk ongegrond. Pogingen tot minnelijke regeling mislukt maar daarmee niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Niet gebleken van het voeren van onnodige procedures op basis van onjuiste standpunten en feiten, die juist als processtrategie kunnen worden aangemerkt. Vrijheid van handelen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:39 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170225

    Hoger beroep tegen de afwijzing door de raad van het wrakingsverzoek van klaagster. Geen rechtsmiddel. Aan de beoordeling of zich een uitzonderingsgrond voordoet wordt niet toegekomen nu het appel is ontvangen na afloop van de beroepstermijn. Het door klaagster opgeworpen bevoegdheidsincident wordt eveneens afgewezen, nu de benoemingen van de leden van de zitttingscombinatie voldoen aan alle wettelijke voorschriften.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:38 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-1045

    Voorzittersbeslissing: klacht tegen advocaat wederpartij in familiegeschil. Verzoek van verweerster aan wijkagent om te bemiddelen in geschil met klager over ongewenste documenten op zijn website. Naar oordeel van voorzitter stond het verweerster vrij om een dergelijk bemiddelingsverzoek te doen. De wijkagent heeft aan het verzoek van verweerster gehoor gegeven door daarna een bezoek te brengen aan klager. Dat klager dat bezoek van de wijkagent als intimiderend heeft ervaren, kan verweerster niet worden toegerekend. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:40 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170224

    Hoger beroep tegen de ongegrondverklaring van het verzet door de raad. Appelverbod. Het beroep op doorbreking van het appelverbod gaat niet op. Het door klaagster opgeworpen bevoegdheidsincident, inhoudende dat de zittingscombinatie niet bevoegd is, wordt afgewezen op de grond dat bij de diverse benoemingen aan alle wettelijke voorschriften is voldaan.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:39 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-413

    Verzet gegrond nu de voorzitter bij de beoordeling van de klacht geen kennis heeft gehad van het vonnis dat klager in verzet heeft overgelegd. Klacht ongegrond omdat het vonnis niet tot een ander oordeel leidt.

  • ECLI:NL:TNORARL:2018:7 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/327807 KL RK 17-157

    Moeder was indirect partij bij een aandelentransactie in 2004. Klager en de echtgenoot van de zus waren eveneens bij die aandelentransactie betrokken. Als gevolg van die transactie is er bij de afwikkeling van de nalatenschap van vader een conflict ontstaan tussen klager en de zus. De notaris heeft de zus bijgestaan bij dit conflict. Dit heeft geresulteerd in een concept-vaststellingsovereenkomst, waarbij klager, moeder en de zus als partijen betrokken waren. In de concept-vaststellingsovereenkomst stond dat moeder in haar testament haar woning zou legateren aan de zus. Gelet op artikel 22 Vbg had de notaris het testament van moeder niet mogen passeren. De omstandigheid dat de eerste bespreking met moeder heeft plaats gevonden met een kandidaat-notaris van het kantoor, maakt dit niet anders aangezien artikel 22 Vbg ook geldt voor de kantoorgenoten van de notaris. Omdat de notaris eerder als partijadviseur van de zus betrokken is geweest bij de concept-vaststellingsovereenkomst, heeft de notaris niet meer objectief kunnen beoordelen of moeders wil tot uiting kwam in haar testament. Ter zitting heeft de notaris blijk gegeven dat hij zich dit tegenstrijdig belang gerealiseerd heeft. Gelet op dit tegenstrijdig belang had de notaris moeten doorverwijzen naar een andere notaris, niet verbonden aan zijn kantoor. Nu hij dit heeft nagelaten, heeft hij tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld. De kamer acht de klacht daarom gegrond. Gezien de feiten en omstandigheden acht de kamer de maatregel van schorsing uit het ambt voor de duur van één week passend en geboden.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:41 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170241

    Klacht van advocaat over advocaat wederpartij, inhoudende dat hij klaagster (opnieuw) heeft beschuldigd van het doen van onjuiste mededelingen aan de rechtbank, wordt in hoger beroep alsnog ongegrond verklaard. De reactie van de advocaat op het uitstelverzoek van klaagster was niet erg welwillend, maar niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Vernietiging.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:40 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-834

    Eindbeslissing in klacht van klaagster over haar eigen advocaat in een langdurige echtscheidingsprocedure. De deken heeft na tussenbeslissing van de raad nader onderzoek verricht naar mogelijk excessief declareren en naar de kwaliteit van de dienstverlening van verweerder. Ondanks bezwaar daartegen door klaagster, worden de bevindingen van de deken door de raad meegenomen bij de beoordeling van de klachtonderdelen, want sprake van zorgvuldig onderzoek door de deken met toepassing van hoor en wederhoor. Het overgelegde bindend advies van de Geschillen Commissie Advocatuur over genoemde klachtonderdelen kan relevant zijn, maar bindt de tuchtrechter niet. Andere maatstaf van de raad voor beoordeling van verwijt dat sprake is geweest van ruim in de zin van excessief declareren. Dat laatste is de raad niet gebleken. Aannemelijk is dat de deken, anders dan bij de Geschillen Commissie het geval was, het gehele dossier van verweerder heeft ingezien. Weliswaar heeft verweerder volgens de GC een te hoog bedrag aan klaagster in rekening gebracht, maar gelet op de omvang van het gedeclareerde bedrag van ruim € 20.000,- in verhouding tot het totale gedeclareerde bedrag van ruim € 92.000,- en gezien de aard en de volgens verweerder arbeidsintensieve werkzaamheden voor klaagster in haar (v)echtscheiding met vele geschilpunten gedurende een periode van vier jaar en de omstandigheid dat het volgens de GC teveel betaalde bedrag van ruim € 20.000,- aan klaagster feitelijk is gerestitueerd, is naar het oordeel van de raad geen sprake van een exces met betrekking tot het declareren dat, naast de matiging door de GC waaraan uitvoering is gegeven, tot tuchtrechtelijk ingrijpen noopt. Ten aanzien van de klachtonderdelen over de kwaliteit van de dienstverlening is de raad, mede gelet op de bevindingen van de deken, van oordeel dat verweerder zich in de procedure in eerste aanleg voldoende en op deskundige wijze heeft ingespannen voor klaagster. Geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen van verweerder. Overige klachtonderdelen over onnodige procedures en misbruik van vertrouwen worden eveneens ongegrond geoordeeld.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:42 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170279-W

    Wraking. Ongegrond. Verzoeker is door de gewraakte leden van het hof tot twee maal toe in de gelegenheid gesteld om op een (veel) later tijdstip dan het geplande tijdstip zijn hoger beroep te komen toelichten. Hij mocht er niet op vertrouwen dat de leden van het hof zonder tijdslimiet op hem zouden wachten. Uit de weigering van het uitstelverzoek kan niet worden afgeleid dat verzoeker een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid bij de leden van het hof kon koesteren.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:37 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170298

    Verzoek om aanwijzing van een advocaat. Beklag (art. 13). Ongegrond. Aanwijzing is zinloos nu de termijn voor het instellen van cassatieberoep is verstreken.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:38 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170281

    Klacht tegen de advocaat van de wederpartij. Klager is niet ontvankelijk in zijn (door de raad gegrond verklaarde) klacht, inhoudende dat verweerder in strijd met gedragsregel 17 heeft gehandeld door de rechtbank onjuist voor te lichten over de gang van zaken rondom het aanhoudingsverzoek, op grond van het ne bis in idem beginsel. De klacht is een herhaling van de klacht die de cliënte van klager eerder heeft ingediend tegen verweerder en waarop in een andere klachtprocedure onherroepelijk is beslist. Klager is niet-ontvankelijk in zijn beroep (tegen het door de raad ongegrond verklaarde onderdeel van zijn klacht) omdat het beroep is ingediend na afloop van de beroepstermijn. Vernietiging.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:12 Accountantskamer Zwolle 18/258 Wtra AK

    Voorzittersbeslissing. Klacht niet-ontvankelijk wegens overschrijding zesjaarstermijn en het ne-bis-in-idem-beginsel.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:66 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 086/2017

    Klacht tegen een radioloog, verband houdende met de door de radioloog voorafgaand aan een MRI-onderzoek verrichte gewrichtspunctie bij klager, die wegens een kunsthartklep antistollingsmedicatie gebruikte. Bij klager is na de gewrichtspunctie een hematoom opgetreden in het bovenbeen. Gezien het minimale risico op een (na)bloeding is de keuze om bij ingrepen als hier aan de orde, de antistollingsmedicatie bij patiënten met een kunsthartklep niet te staken, een gerechtvaardigde. Van een onzorgvuldige en gecompliceerd verlopen uitvoering van de gewrichtspunctie is geen sprake geweest. Bijzondere voorlichting was niet nodig. Verweerder kan niet worden verweten dat het, niet aan hem gerichte verzoek om afgifte van het medisch dossier, door het ziekenhuis niet volledig is overgelegd. Door verweerder in de procedure overgelegde medische gegevens zijn relevant in het kader van zijn verdediging en daarmee was het overleggen daarvan door verweerder toegestaan in een tuchtrechtelijke procedure. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:13 Accountantskamer Zwolle 17/1379 Wtra AK

    Betrokkene heeft zich aanvankelijk tegenover een van de belanghebbenden bij een entiteit gepresenteerd als adviseur van de andere belanghebbende nadat tussen hen beide geschillen waren gerezen. Vervolgens accepteert hij de opdracht tot het samenstellen van de jaarrekening van de entiteit en is hij aanwezig op de algemene vergadering waarop die jaarrekening wordt besproken. Onder deze omstandigheden moet een accountant extra bedacht zijn op naleving van alle fundamentele beginselen en in het bijzonder op het beginsel van objectiviteit. Schending 21 VGBA want bedreigingen en maatregelen niet schriftelijk vastgelegd. Schending van het fundamentele beginsel van objectiviteit en dat van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:67 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 088/2017

    Klacht tegen kinderarts/intensivist over melding bij Veilig Thuis. Volgens de ouders heeft de arts de KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld niet gevolgd. Het college komt, na toetsing aan de hand van het stappenplan in de meldcode, tot de conclusie dat de melding gerechtvaardigd was. De klacht wordt afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:48 Raad van Discipline Amsterdam 18-051/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Verweerster heeft als advocaat een eigen verantwoordelijkheid en zij kan niet worden verplicht een procedure aanhangig te maken indien zij daarvoor (nog) geen gronden aanwezig acht.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:68 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 303/2017

    Klacht tegen huisarts over gemiste diagnose. Patiënt overleed aan een hart­infarct, enkele dagen nadat hij bij de huisarts was geweest met klachten over druk en pijn op de borst. Na beoordeling van de gang van zaken tijdens de consulten komt het college tot de conclusie dat niet kan worden gezegd dat de arts onvoldoende informatie heeft ingewonnen over de toestand van patiënt, noch dat de door hem afgenomen anamnese en/of het verdere onderzoek onvoldoende zorgvuldig is geweest. Het college ziet geen grond voor het verwijt dat de arts de zorgen van patiënt onvol­doende serieus heeft genomen. De klacht over het nalaten van een calamiteitenmelding bij de Inspectie (op grond van artikel 11 Wkkgz) is wel gegrond. Daarvoor wordt een waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:33 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/346

    Klaagster verwijt verweerder dat hij als haar behandelaar niet heeft ingegrepen toen de arts-assistent ten onrechte een tongzenuw heeft doorgesneden. Ook wordt verweerder verweten dat hij klaagster niet heeft geïnformeerd dat de arts-assistent de operatie zou uitvoeren. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:49 Raad van Discipline Amsterdam 18-052/A/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht deels kennelijk ongegrond omdat de verweten gedragingen niet vallen onder het tuchtrecht (privégedragingen) en deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een rechtstreeks belang.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:50 Raad van Discipline Amsterdam 18-053/A/A

    Voorzittersbeslissing. Kennelijk ongegronde klacht over advocaat wederpartij. Niet gebleken dat verweerder een zaak heeft behandeld die niet rechtvaardig zou zijn. Voorts geen sprake van onnodig grievende uitlatingen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:52 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-791/DH/RO

    Diverse klachten tegen eigen advocaat. Verveerster heeft klager gevraagd haar geld te lenen en verweerster heeft zich ten onrechte beroepen op haar retentierecht. De klachtonderdelen zijn voor het overige van onvoldoende gewicht of ongegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:29 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/320

    Klaagster verwijt de bedrijfsarts dat hij, kort samengevat, zich tijdens de spreekuurcontacten onprofessioneel ( onder andere niet objectief, onjuiste medische analyse, geen contact opnemen met de huisarts) jegens haar heeft gedragen. De klacht heeft voorts betrekking op de bejegening. Gegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TNORARL:2018:5 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/327876/KL RK 17-159

    De kamer stelt voorop dat het tot de zorgplicht van de notaris behoort om enig onderzoek te doen naar de juistheid van de mededeling van verkoper dat er sprake is van een schuld waarmee (een deel van) de koopsom wordt verrekend, zeker gezien de bekendheid van de notaris met de destijds op handen zijnde echtscheiding tussen klaagster en verkoper. Indien de schuld waarmee de koopsom is verrekend niet zou bestaan, zou klaagster immers worden benadeeld doordat de omvang van de huwelijksgoederengemeenschap zou verminderen. Uit hetgeen de notaris als verweer heeft aangevoerd valt niet af te leiden dat hij voorafgaand aan het passeren van de akte enig onderzoek heeft ingesteld naar het bestaan van de schulden.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:47 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-735/DH/DH

    Verweerster was onbereikbaar voor haar cliënt, terwijl de zaak nog niet was afgerond. De dienstverlening van verweerster was ondermaats. Klacht gegrond, waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:30 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/327

    Klaagster is DES-dochter en bekend met atenatale DES-expositie. De klacht houdt in dat verweerder (gynaecoloog in de zaak 17/328) tijdens de in 2013 verrichte laparoscopische vaginale uterusextirpatie wegens ernstige afwijkingen (VAIN III, CIN III,CIN II) onnodig en zonder haar toestemming een deel van haar vagina heeft weggenomen. Klaagster verwijt beide gynaecologen bovendien dat zij hierover na de operatie onvoldoende met haar hebben gecommuniceerd. Verweerster (gynaecoloog in de zaak 17/327) verwijt zij voorts dat zij een onjuiste de uitslag van de dieptemeting van de vagina in het dossier heeft genoteerd. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:52 Raad van Discipline Amsterdam 17-745/DH/DH

    Verweerster heeft zich onttrokken aan toezicht door de deken, zij heeft onvoldoende opleidingspunten behaald en zij heeft een factuur van een door haar ingeschakelde collega-advocaat niet voldaan. Bezwaar gegrond, voorwaardelijke schorsing van drie weken.

  • ECLI:NL:TNORARL:2018:6 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/326021/KL RK 17 -125

    De notaris heeft naar het oordeel van de kamer voldoende en zorgvuldig de wilsbekwaamheid van vader onderzocht. De notaris heeft twee gesprekken met vader gevoerd buiten aanwezigheid van andere personen die hem zouden hebben kunnen beïnvloeden. Er zat geruime tijd tussen de gesprekken en de kandidaat-notaris heeft ook nog met vader gesproken. Niet is komen vast te staan dat er ten tijde van het opstellen van het levenstestament aanwijzingen waren op grond waarvan de notaris had moeten twijfelen aan de wilsbekwaamheid van vader, waardoor hij nader onderzoek had moeten verrichten.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:48 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-805/DH/DH

    Beroepsfout door tijdig betekende appeldagvaarding niet aan te brengen. Verweerder heeft de fout gemeld bij klaagster. Nadien heeft verweerder niets meer ondernomen naar aanleiding van de beroepsfout en was hij voor klaagster onbereikbaar. De zaak hangt samen met 17-972/DH/DH en 18-139/DH/DH/TUL

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:32 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-331

    Verzet ongegrond. Verweerster mocht als partijdig advocaat de stellingen en feiten namens haar cliënte innemen zoals gedaan in procedure tegen klager. Geen onnodig grievende uitlatingen jegens klager.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:31 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/292

    Klager, die werkzaam is als dakwachtmonteur, verwijt de bedrijfsarts onder andere dat deze hem onterecht en zonder overleg met de behandelend artsen heeft geadviseerd zijn werkzaamheden in eigen werk te hervatten. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:49 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-972/DH/DH

    Verweerder onttrekt zich aan dekentoezicht. Zaak hangt samen met 17-805/DH/DH en 18-139/DH/DH/TUL