Zoekresultaten 1281-1300 van de 48197 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2026:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8841

    Klager bezocht de apotheek met een buitenlands recept voor onder meer een antibioticum. Na overleg tussen apothekersassistent en apotheker, die niet aanwezig was, besloot de apotheker het antibioticum niet te verstrekken. Klager diende een klacht in bij de apotheek en correspondeerde later via een advocaat met de apotheker. Uiteindelijk beëindigde de apotheker de behandelingsovereenkomst met klager, zijn echtgenote en hun minderjarige zoon. Klagers verwijten de apotheker dat het antibioticum ten onrechte is geweigerd, dat de klacht onzorgvuldig is afgehandeld en dat de behandelingsovereenkomst onterecht is beëindigd. De apotheker voert verweer. Het college verklaart de klacht gegrond. Volgens het college is de apotheker ernstig tekortgeschoten in de zorg die zij had moeten leveren. Van een apotheker mag een actievere en zorgvuldigere houding worden verwacht. Maatregel: berisping.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8181

    Ongegronde klacht tegen een (vaat)chirurg. Bij klager werd door middel van een endovasculaire operatie een stent geplaatst vanwege een aneurysma van de buikslagader. Na de operatie bleek dat sprake was van spinale ischemie, leidend tot een (incomplete) dwarslaesie. Klager verwijt de chirurg onder meer dat zij onvoldoende rekening heeft gehouden met zijn familiaire voorgeschiedenis en dat hij onvoldoende is geïnformeerd over het risico op spinale ischemie/dwarslaesie.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:30 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/776162 / DW RK 25/368 KM/SM

    Beslissing op verzet. Verzet gegrond en klacht gegrond. Maatregel: berisping. Ten aanzien van het in verzet onder b. aangevoerde heeft de gerechtsdeurwaarder betwist dat een verband zou bestaan tussen het tijdstip van het opnieuw gelegde beslag en het innen van het (gehele) vakantiegeld. In dit verband is de gerechtsdeurwaarder in de gelegenheid gesteld uit te leggen hoe de berekening van de beslagvrije voet (gedurende de afgelopen periode) tot stand is gekomen. Daaruit volgt dat de gerechtsdeurwaarder de daartoe geldende regelgeving onjuist toepast wat tot benadeling van schuldenaren kan leiden. De standaardbrieven die de gerechtsdeurwaarder naar de werkgever van in dit geval klaagster heeft doen uitgaan, waarin zonder voorbehoud aanspraak wordt gemaakt op onkostenvergoeding, overuren en vakantiegeld, terwijl de 95% regeling van toepassing is, zijn daar een concreet voorbeeld van. Onbelaste vergoedingen vallen nooit onder het beslag. Dit is voor de kamer aanleiding om, ondanks dat zij niet gaat over het vaststellen van de juiste beslagvrije voet, de handelwijze van de gerechtsdeurwaarder in dit geval wel tuchtrechtelijk laakbaar te oordelen. Dat sprake is geweest van ‘bewuste’ omzeiling van de beslagvrije volgt overigens niet uit het dossier.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:60 Raad van Discipline Amsterdam 25-782/A/A

    Raadsbeslissing. Klacht over de eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. De raad kan op grond van de overgelegde stukken, waaronder de e-mails tussen klager en verweerder, niet vaststellen dat verweerder in zijn bijstand aan klager in de zaken over de zorgmachtiging en de schadevergoeding op enigerlei wijze tekort is geschoten. Verder kan de raad niet vaststellen dat verweerder tekort is geschoten in de communicatie met klager. Uit de overgelegde e-mails leidt de raad af dat verweerder klager op verschillende momenten heeft geïnformeerd. De raad ziet in de diverse contactmomenten tussen verweerder en klager dan ook geen patroon van gebrekkige communicatie zoals klager heeft gesteld. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:31 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/764890 DW RK 25/49 KM/SM

    Klacht gegrond. Maatregel: waarschuwing. Te laat gereageerd op correspondentie van klager en tekort geschoten in de communicatie.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:61 Raad van Discipline Amsterdam 26-060/A/A

    Voorzittersbeslissing. Uit de stukken is de voorzitter niet gebleken dat verweerder procedures onnodig heeft gerekt en onnodige procedures namens zijn cliënte heeft gevoerd en daarbij escalerend heeft opgetreden. (Proces)keuzes van de cliënte kunnen verweerder niet worden aangerekend. In de processtukken heeft verweerder het standpunt van zijn cliënte opgenomen. Van grievende of onbetamelijke uitlatingen over klager is geen sprake. Klager miskent dat het contactverbod met zijn ex-partner ook verweerder betreft. Klachten kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:32 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/766321 DW RK 25/89 KM/SM

    Klacht gegrond. Maatregel: berisping. De gerechtsdeurwaarder heeft onder meer bij exploot van 29 augustus 2024 (tevens) bevel gedaan en heeft dit gedaan op grond van een afschrift, terwijl dit op grond van een grosse had moeten zijn. Volgens de gerechtsdeurwaarder is sprake van een menselijke vergissing geweest. Nu het hier om een kerntaak van een gerechtsdeurwaarder gaat vindt de kamer dit tuchtrechtelijk laakbaar (ook al betreft het een menselijke vergissing). Daarnaast heeft de gerechtsdeurwaarder in weerwil van artikel 3.5 van de gerechtsdeurwaardersverordening klaagster niet zodanig geïnformeerd dat zij haar rechtspositie ten opzichte van de vordering, kon evalueren.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:62 Raad van Discipline Amsterdam 26-052/A/A

    Klacht over de eigen advocaat; verweerster heeft zich op zorgvuldige wijze aan de zaak onttrokken. Van schending van gedragsregel 14 lid 2 is geen sprake. Klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:33 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/757909 DW RK 24/359 KM/SM

    Klacht ongegrond. Tegen de tenuitvoerlegging van het vonnis kon klager opkomen door een executiegeschil aan te spannen tegen de opdrachtgever van de gerechtsdeurwaarder. Het tuchtrecht biedt daarvoor niet de geëigende weg.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:57 Raad van Discipline Amsterdam 25-713/A/A

    Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij in familierechtkwestie. Verweerster heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door haar e-mail, waarin is vermeld dat haar cliënte aangifte tegen klager heeft gedaan, als productie over te leggen in de procedure zonder dat verweerster bij het overleggen, of op de zitting, heeft gemeld dat haar cliënte geen aangifte had gedaan. Op dat moment, en in ieder geval tijdens de zitting van november 2024, had verweerster kunnen weten dat de informatie van haar cliënte over de aangifte tegen klager niet juist was. Verweerster was voorafgaand aan de zitting van november 2024 op de hoogte van de klacht en zij had voldoende tijd om te controleren of haar cliënte aangifte tegen klager had gedaan. Verweerster heeft dit, om haar moverende redenen, nagelaten. Klacht gedeeltelijk gegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:34 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/778639 / DW RK 25/465 KM/SM

    Beslissing op verzet. Verzet gegrond. Klacht gedeeltelijk gegrond. Maatregel: waarschuwing. Van een (toegevoegd) gerechtsdeurwaarder mag worden verwacht dat hij (zelf) in de gaten houdt wanneer zijn legitimatiebewijs verloopt, een en ander in aansluiting op artikel 3.5 lid 1 van de Gerechtsdeurwaardersverordening. ***herstelbeslissing van 15 april 2026; ECLI:NL:TGDKG:2026:43

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:58 Raad van Discipline Amsterdam 25-789/A/A

    Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. De raad oordeelt dat van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen van verweerster geen sprake is. In het dossier zijn geen aanknopingspunten te vinden voor de juistheid van het verwijt dat verweerster klager onder druk heeft gezet om de afstandsverklaring te tekenen. Het stond verweerster vrij om in het belang van haar cliënte aan klager te berichten dat zij een procedure zal starten als klager weigert te tekenen en dat zij de schuldhulpverlener van klager als getuige zal oproepen. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:14 Accountantskamer Zwolle 25/1673 Wtra AK

    Klager verwijt betrokkene dat hij een samenstellingsopdracht heeft aanvaard en uitgevoerd die in strijd is met de statuten van de opdrachtgever. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2026:29 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/77901 / DW RK 25/428 KM/SM

    Klacht gegrond. Maatregel: ontzetting uit het ambt en de termijn waarbinnen de gerechtsdeurwaarder niet tot waarnemer kan worden benoemd of aan een gerechtsdeurwaarder kan worden toegevoegd wordt bepaald op vijf jaren. De kamer overweegt daartoe als volgt. Door de eigen (financiële) belangen langdurig en stelselmatig te laten prevaleren boven de belangen van anderen wiens belangen juist ook aan de gerechtsdeurwaarder zijn toevertrouwd, heeft de gerechtsdeurwaarder niet integer gehandeld. De gerechtsdeurwaarder heeft gelden opgenomen van de derdengeldenrekening en daarbij het BFT meerdere jaren misleidt door hen te laten geloven dat de bewaarpositie positief was. Ook ten aanzien van zijn ambtelijk handelen, hetgeen de toegevoegd-gerechtsdeurwaarder toevertrouwd is, heeft de gerechtsdeurwaarder beslissingen genomen en uitgevoerd die fout zijn, wat maakt dat de kamer twijfelt aan de geschiktheid van de gerechtsdeurwaarder als toegevoegd-gerechtsdeurwaarder.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2026:59 Raad van Discipline Amsterdam 25-808/A/A

    Raadsbeslissing. Klacht over advocaat van de wederpartij. De raad stelt op grond van de overgelegde stukken en de ter zitting afgelegde verklaringen vast dat de procedure over het ontslag van klager als executeur van het testament al was opgestart op het moment dat verweerster de makelaar op 10 januari 2025 mailde. In haar e-mail heeft verweerster het standpunt van haar cliënte weergegeven, namelijk dat klager alleen bevoegd is tot het beheer van de nalatenschap en niet bevoegd is om de woning ter verkopen. Het stond verweerster in het belang van haar cliënte vrij om dat standpunt in te nemen en aan de makelaar kenbaar te maken. Van het bewust verstrekken van onjuiste informatie aan de makelaar is dan ook niet gebleken. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2026:15 Accountantskamer Zwolle 25/2666 Wtra AK

    Gegronde klacht. Betrokkene heeft onjuiste aangiften Inkomstenbelasting ingediend. Hij heeft namelijk rente voor de eigen woning afgetrokken voor leningen waarvan hij het bestaan niet kon aantonen. Betrokkene heeft erkend dat hij verkeerd heeft gehandeld en heeft daarom geen inhoudelijk verweer gevoerd. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene in strijd met de fundamentele beginselen van integriteit en professionaliteit heeft gehandeld en legt aan hem de maatregel van doorhaling op voor de duur van vijf jaren.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:48 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8032

    Klacht tegen een tandarts. Klager had begin 2016 zijn eerste consult bij de orthodontist ter voorbereiding op een orthodontische behandeling. In maart 2020 werd bij hem vaste apparatuur geplaatst. In augustus 2022 plaatste de orthodontist een orthoimplantaat en in augustus 2024 bezocht klager voor het laatst de praktijk van de orthodontist voor een controleafspraak. Klager verwijt de orthodontist, samengevat, onvoldoende regievoering en gebrek in de communicatie. Het college komt tot het oordeel dat de klacht gedeeltelijk gegrond is en legt de maatregel van een berisping op.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:55 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-023/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij. Niet gebleken dat verweerder (bewust) onjuiste en/of misleidende informatie heeft verstrekt. Van het belemmeren van de communicatie is geen sprake.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2026:49 Raad van Discipline 's-Gravenhage 26-021/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat. Kwaliteit dienstverlening. Verweerster heeft gedaan wat zij in juridische zin voor klaagster kon doen in haar geschil met de VvE. Daarbij heeft verweerster ook oog gehad voor de belangen van klaagster door klaagster erop te wijzen dat een eventuele procedure tegen een besluit van de VvE weinig kansrijk is en dat zij verdere werkzaamheden voor klaagster, mede gelet op haar uurtarief, niet wenselijk en verantwoord acht. Klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2026:49 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8924

    Klacht tegen een tandarts. Klaagster is behandeld door de tandarts vanwege pijnklachten en cariës. Klaagster verwijt de tandarts, samengevat, dat hij onzorgvuldig heeft gehandeld en haar onvoldoende heeft geïnformeerd over de behandeling. Ook verwijt klaagster de tandarts onvoldoende dossiervoering en onheuse bejegening. Het college komt tot het oordeel dat de klacht gedeeltelijk gegrond is en legt de maatregel van een berisping op, omdat de tandarts op een aantal gebieden niet heeft voldaan aan de professionele standaard.