Zoekresultaten 42901-42920 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1939 Raad van Discipline Amsterdam 11-054A

    Klacht over eigen advocaat. Verweerder zou ten onrechte cliënt niet hebben bijgestaan in incassotraject ter zake van in strafzaak opgelegde incassomaatregel tegen cliënt. Verweerder stelt niet op de hoogte te zijn geweest van de gang van zaken rondom de uitvoering van de maatregel. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1957 Raad van Discipline Arnhem 11-34

    Verweerder heeft ten onrechte gebruik gemaakt van een steunvordering bij de aanvraag van het faillissement van Y. Gelet op de verstrekkende gevolgen van een faillissement behoort een advocaat als hij zich tijdens de behandeling van een faillissementsrekest op een steunvordering beroept er zeker van te zijn dat deze bestaat. Deze zekerheid had verweerder niet. Verweerder heeft erkend, dat hij heeft nagelaten voorafgaande aan de behandeling van het faillissementsrekest bij E te informeren of E nog een vordering had. Hiertoe bestond alle aanleiding, omdat er (a) sinds de archivering van de zaak op het kantoor van verweerder meer dan twee jaren was verstreken, waarin zich ten aanzien van de vordering iets had kunnen voordoen en (b) E zelf bij brief van 23 april 2008 had geschreven een en ander “in te trekken”.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1951 Raad van Discipline Arnhem 11-01

    De klacht betreft het optreden van verweerster als curator in de faillissementen van twee vennootschappen, waarvan klager DGA is. Klager verwijt verweerster dat zij de faillissementen niet correct en zorgvuldig heeft afgewikkeld en met name dat de faillissementen zijn afgewikkeld op een moment dat bepaalde vorderingen nog niet vast stonden; geen boekhoudkundige controle heeft plaatsgevonden; geld en stukken zijn verdwenen; geen informatie is verschaft aan klager en stukken niet zijn afgegeven, respectievelijk post is achtergehouden. De klacht is ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1931 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch H 201 - 2010

    Indien huidige advocaat van de wederpartij in het geheel niet reageert, mag een advocaat afgaan op uitlatingen van een eerdere advocaat omtrent de destijds door hem met de wederpartij van de cliënt van de advocaat gemaakte afspraken. De door de voorzitter in zijn beslissing weergegeven opsomming van de feiten is toereikend. Voor zover de door klager in verzet weergegeven feiten in de beslissing zouden zijn opgenomen, zouden deze feiten niet tot een andere beslissing hebben geleid. verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1958 Raad van Discipline Arnhem 11-68

    Klacht betreft onvoldoende voortvarend en deskundig optreden als advocaat van klager in een huur/schadevergoedingskwestie. Niet komen vast te staan.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1940 Raad van Discipline Amsterdam 10-273A 10-274A 10-275A

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Verweerders zouden onjuiste stellingen in een processtuk hebben opgenomen en daarmee misbruik van procesrecht hebben gemaakt, daarbij gebruik makend van een vals stuk. Ook zouden verweerders ontoelaatbare druk hebben uitgeoefend bij het overleg over totstandkoming van een cessie tussen verschillende bij de procedure betrokken partijen. Eén van klagers niet-ontvankelijk wegens ontbreken eigen belang. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1952 Raad van Discipline Arnhem 10-88

    Klaagster is ontvankelijk in haar klacht ondanks dat 5 ½ jaar na de verweten handelwijze zijn verstreken, omdat de feiten wat betreft de indiening van de klacht niet volledig helder zijn geworden en door verweerder niet is betwist, dat het voortraject ten aanzien van de interne klachtbehandeling van het kantoor van verweerder ongeveer anderhalf jaar heeft geduurd. Klaagster verwijt verweerder, dat hij niet heeft voorkomen dat (andere) advocaten van het kantoor waar hij werkzaam is tegen haar in een bouwzaak zijn opgetreden, daar waar zij (ook) cliënte van het kantoor was en verweerder zijn invloed niet, althans onvoldoende, heeft aangewend om haar tegenpartij in de bouwzaak tot een minnelijke regeling te bewegen. In het kader van het tuchtrecht kon niet van verweerder verlangd worden, dat hij een kantoorgenoot van een procedure tegen klaagster zou afhouden als dit voor hem al mogelijk zou zijn geweest. Klaagster beklaagt zich in deze tuchtzaak niet over de kantoorgenoot van verweerder, maar over verweerder en vast staat dat verweerder in de zaak van de vaste relatie geen werkzaamheden heeft verricht. Verweerder behoeft zich alleen voor zijn eigen handelwijze te verantwoorden en deze handelwijze beoordeelt de raad niet tuchtrechtelijk verwijtbaar.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2011:YA1932 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch H 206 - 2010

    Ter zake van een belangenconflict komt de wederpartij slechts klachtrecht toe voor zover diens daar nodeloos dan wel op ontoelaatbare wijze zouden zijn geschaad. HIervan is niet gebleken. Advocaat mag afgaan op de juistheid van de informatie die zijn client hem verschaft. verzet ongegrond

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1946 Raad van Discipline Arnhem 10-155

    Verweerder is conform artikel 20 lid 3 jo 1 van de Onteigeningswet tot derde door de rechtbank benoemd voor de overleden vader van klagers. Verweerder is tekort geschoten in de op hem rustende verplichting duidelijkheid te scheppen of hij mede voor de erfgenamen optrad. Ten onrechte heeft hij hen niet op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen in de onteigeningsprocedure en heeft het eindvonnis niet aan de erfgenamen toegestuurd. Ook heeft verweerder niet zorgvuldig gehandeld met betrekking tot de door hem ontvangen schadeloosstelling waardoor deze veel te laat is doorbetaald.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1959 Raad van Discipline Arnhem 11-16

    Verzet tegen voorzittersbeslissing ongegrond. Advocaat handelt niet klachtwaardig door af te gaan op mededelingen van de wederpartij bij de voorlopige vaststelling van de omvang van diens financiële verplichtingen (pensioen).

  • ECLI:NL:TADRAMS:2011:YA1941 Raad van Discipline Amsterdam 11-039A

    Verweerder treedt op voor zijn cliënt in een burengeschil. Hij heeft zich schriftelijk bij de advocaat van de wederpartij van zijn cliënt gemeld als advocaat. Kort daarna worden de buren door de woningbouwvereniging uitgenodigd voor een gesprek. Verweerder verschijnt zonder aankondiging aan de advocaat van de wederpartij met zijn cliënt op het gesprek. De advocaat van de wederpartij is bij het gesprek niet aanwezig. Overtreding van gedragsregel 18. Enkele waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRARN:2011:YA1953 Raad van Discipline Arnhem 10-185

    Klagers verwijten verweerder sub 2 dat hij hun faillissement heeft aangevraagd zonder voorafgaand overleg met de deken en zonder dat de vordering in rechte was vastgesteld (gedragsregel 27 lid 7). Omdat gedaagden geen cliënt van verweerder sub 1 zijn geweest is deze gedragsregel niet van toepassing. Tevens verwijten klagers verweerder sub 1 dat hij ten onrechte betaling van klagers vordert. Niet valt in te zien waarom het verweerder sub 1 niet was toegestaan om met klager sub 1 af te spreken dat hij, althans zijn B.V., de declaraties die betrekking hebben op hetgeen verweerder sub 1 voor X heeft gedaan zal betalen. Beide onderdelen van de klacht zijn kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2011:YG1391 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2010/365

  • ECLI:NL:TACAKN:2011:YH0192 Accountantskamer Zwolle 10/1789 Wtra AK

    Onvoldoelde kritische en met te weinig diepgang uitgevoerde controle m.b.t. de in de jaarrekening opgenomen waardering van leningen aan buitenlandse dochtervennootschappen en vorderingen op buitenlandse vennootschappen. In het controledossier, mede gezien alle omstandigheden van het geval, ontbreekt elke onderbouwing op grond waarvan kon worden besloten om de fiscale waardering tot uitgangspunt te nemen bij de waardering in de gecontroleerde jaarrekening. Ten onrechte als groepsaccountant geen contact opgenomen met de accountant van de buitenlandse dochtervennootschap (RAC 600), te zeer afgegaan op mededelingen van de directie en te weinig zich een zelfstandig oordeel gevormd hebbend aan de hand van voldoende actuele informatie. Geen deugdelijke grondslag ex art. 11 GBR-1994.

  • ECLI:NL:TACAKN:2011:YH0193 Accountantskamer Zwolle 10/1788 Wtra AK

    Onvoldoelde kritische en met te weinig diepgang uitgevoerde controle m.b.t. de in de jaarrekening opgenomen waardering van leningen aan buitenlandse dochtervennootschappen en vorderingen op buitenlandse vennootschappen. Ten onrechte als groepsaccountant geen contact opgenomen met de accountant van de buitenlandse dochtervennootschap (NVCOS 600), te zeer afgegaan op mededelingen van de directie en te weinig zich een zelfstandig oordeel gevormd hebbend aan de hand van voldoende actuele informatie. Ten onrechte een in het kader van eigen aansprakelijkheid voor een brand van een opslaglocatie met de gelaedeerde/client overeengekomen kortingsregeling niet als schuld op de balans gepassiveerd. ten onrechte, en in strijd met RJ252, een hoofdelijk schuldenaarschap niet vermeld in de toelichting op de jaarrekening. Ten onrechte, en in strijd met RJ 290, een renteswap niet in de toelichting op de jaarrekening vermeld. Berisping.

  • ECLI:NL:TACAKN:2011:YH0194 Accountantskamer Zwolle 11/351 Wtra AK

    Klacht over optreden van betrokkene als accountant van voormalige zakenpartner in de afwikkeling van die zakelijke samenwerking. Onterechte verwijten van schending van geheimhoudingsverplichting, van belangenverstrengeling, van achterstelling van klagers belangen, van het verzaken van een onderzoeksverplichting en van het onthouden van financiële informatie. Terecht verwijt over brief en voorafgaand emailbericht van betrokkene aan de advocaat van cliënt, welke brief nogal stellig verwoord is, geen voorbehouden kent en niet voorzien is van cijfermatige onderbouwing, waarbij betrokkene zich had te realiseren dat die brief door die advocaat zou kunnen worden gebruikt in het geschil tussen de zakenpartners. Zodanig onzorgvuldig dat dit leidt tot de maatregel van waarschuwing.

  • ECLI:NL:TACAKN:2011:YH0195 Accountantskamer Zwolle 11/14 Wtra AK

    Ernstige tekortkomingen bij het samenstellen van jaarverslaggeving, het verzorgen van belastingaangiften en de communicatie met de cliënt. Doorhaling 2 jaar.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0660 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2010/965

    Klager verwijt de notarus primair dat hij zijn ministerie niet heeft geweigerd terzake van het passeren van de leverings- en hypotheekakte voor het appartement waarvoor klager een hypothecaire geldlening heeft verstrekt. Subsidiair voert klager aan dat de notaris klager op de hoogte had moeten stellen van de aan de notaris bekende omstandigheden met betrekking tot de verkoop van het appartement. De Kamer is van oordeel dat de klacht op de subsidiare grondslag gegrond is. De notaris had gezien de hem bekende omstandigheden (onder andere de verkoop via een derde zonder duidelijke reden en de binnen korte tijd door verschillende instellingen verstrekte hypotheken aan dezelfde natuurlijke persoon) vóór het passeren van de hypotheekakte klager uitgebreid en indringend moeten informeren over die omstandigheden. Aan de notaris wordt, gezien de ernst van het klachtwaardig handelen, de maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0657 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2011/986

    Afwikkeling nalatenschap. Klaagster verwijt de notaris dat zij niet tijdig de testamenten van haar vader heeft ontvangen en dat deze testamenten niet echt zijn. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TNOKARN:2011:YC0658 Kamer van toezicht Arnhem 07.831/2007/865

    Nalatenschap. De notarissen hebben naar het oordeel van de Kamer meer dan op grond van een vonnis van de rechtbank gerechtvaardigd was de belangen van één van de erfgenamen rekening gehouden. Voorts is een door de notarissen gedaan voorstel tot verkoop van de in de boedel vallende woning wat te dwingend geformuleerd. Gezien de uiterst gecompliceerde nalatenschap waarin sprake is van een reeds lang bestaande moeizame verhouding tussen de vele erfgenamen, is de Kamer van oordeel dat gegrond verklaarde klachtonderdelen niet moeten leiden tot het opleggen van een maatregel aan de notarissen.