Zoekresultaten 23661-23680 van de 48314 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2017:179 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170250

    Verzoek om aanwijzing van een advocaat ex artikel 13 Advocatenwet. Klager is door de rechtbank veroordeeld tot betaling van een geldsom en heeft hoger beroep ingesteld. Zijn advocaat heeft zich korte tijd na indiening van de memorie van grieven onttrokken. Klager heeft zich tot de deken gewend omdat hij een advocaat benodigd heeft die voor hem pleidooi kan vragen aan het hof. De deken heeft het verzoek afgewezen. Het hof acht het beklag van klager gegrond. Kllager wordt in een lopende hoger beroepprocedure niet meer door een advocaat vertegenwoordigd. De zaak staat inmiddels voor arrest, maar de kans op pleidooi is niet volledig uit te sluiten. De bewaking van de procedure en de afwikkeling van de zaak maken het noodzakelijk dat klager door een advocaat wordt bijgestaan.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:140 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-481

    Voorzittersbeslissing. Verweerder mocht als partijdige belangenbehartiger de stellingen en feiten innemen namens zijn cliënte in de bestuursrechtelijke procedure en in dat kader de kwaliteit van de door klaagster verstrekte opdrachten aan een onderzoeksbureau ter discussie stellen. De door verweerder daarbij gebruikte bewoordingen zijn toegestaan bezien binnen de context van het gevoerde debat. Geen sprake van grievende uitlatingen jegens klaagster. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2017:20 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen vp2017/09

    Klager, de voormalige werkgever van verweerster, verwijt verweerster grensoverschrijdend gedrag. Verweerster liet twee bewoners van de instelling, die een relatie met elkaar hebben, elkaar helpen met douchen. Dit gebeurde op verweersters initiatief en zonder overleg met de persoonlijke begeleiders en het team. Ook heeft zij een geluidsopname gemaakt van het gezamenlijk douchen en dit aan collega’s laten horen. Klacht deels gegrond, geen maatregel.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:108 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/062

    Klaagster is moeder van een 15-jarige zoon. Zij heeft hulp voor haar zoon gezocht in verband met psychische problemen. Aldus is de zoon onder behandeling gekomen van verweerster. Verweerster heeft de diagnose Pediatric Condition Falsification / Munchhausen by Proxy gesteld. Volgens klaagster heeft verweerster deze diagnose ten onrechte gesteld en zonder de contra-indicaties voor die diagnose erbij te betrekken. Voorts heeft verweerster volgens klaagster onder meer in strijd met artikel 8 EVRM gehandeld door medische informatie over haar en haar zoon zonder toestemming aan derden door te spelen. Verweerster voert verweer.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2017:21 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen GP2017/03

    Klacht tegen gezondheidszorgpsycholoog. Klaagster heeft vier kinderen die allen uit huis geplaatst zijn. In het kader van een rechtszaak om de kinderen eventueel weer thuis te plaatsen heeft verweerster in opdracht van de rechtbank een deskundigenrapportage opgesteld, waarin zij tot de conclusie is gekomen dat klaagster een persoonlijkheidsstoornis heeft en thuisplaatsing van de kinderen niet in hun belang is. Klaagster heeft een klacht ingediend, omdat zij zich niet kan vinden in de inhoud van verweersters rapportage. Daarnaast is zij van mening dat verweerster er te lang over heeft gedaan om de rapportage op te stellen. Voorts vindt klaagster dat verweerster te weinig tijd voor klaagster heeft uitgetrokken, zeker om tot zo’n vergaande conclusie te kunnen komen en dat verweerster haar beroepsgeheim heeft geschonden door met derden over de rapportage te spreken. De klacht is gemotiveerd betwist door verweerster. Het college verklaart de klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2017:19 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen vp2017/07

    Klacht van de IGZ tegen voormalig verpleegkundige. Verweerster wordt verweten dat zij een patiënt ten aanzien van wie een volledig (reanimeer)beleid was afgesproken niet heeft gereanimeerd toen hier aanleiding toe bestond. Ook heeft zij ten onrechte aan twee collega’s meegedeeld dat patiënt niet gereanimeerd moest worden. Voorts heeft zij verzuimd van haar eigenhandige beslissing om niet te reanimeren verslag te leggen in het medisch dossier van patiënt. Het college verklaart de klacht in zijn geheel gegrond en rekent een en ander verweerster zwaar aan. Het college oordeelt dat verweersters verweten handelen dusdanig ernstig is dat haar BIG-registratie dient te worden doorgehaald.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:169 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-222 DB/LI

    In strijd gehandeld met gedragsregel 17 door de rechtbank in het verzoek om aanhouding in strijd met de waarheid voor te lichten. Niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klager te beschuldigen van het aanzetten van zijn cliënt tot het indienen van een klacht tegen verweerder, nu verweerder dit verwijt heeft ingetrokken. Deels gegrond, deels ongegrond. Mede gelet op tuchtrechtelijk verleden: berisping.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:170 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-046/DB/ZWB

    Verzetzaak. Klager verwijt verweerder dat verweerder hem zou hebben willen belazeren door bewust een foutieve declaratie toe te zenden. Verweerder heeft klager niet willen belazeren en wijst op het vonnis van de kantonrechter van 10 augustus 2016 waarin de kantonrechter overweegt dat niet is gebleken dat klager welbewust een onjuist bedrag in rekening heeft gebracht. De klacht is door de voorzitter terecht kennelijk ongegrond verklaard. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:171 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-412/DB/ZWB

    Verweerder heeft, ondanks financiële nood van klaagster, geen verzoek om voorlopige voorzieningen ingediend. Het feit dat klaagster daar niet om had gevraagd betekent niet dat verweerder niet toch had moeten begrijpen dat klaagster daaraan wel behoefte had. Verweerder heeft onvoldoende met klaagster gecommuniceerd door haar niet te informeren over de kans van slagen van eventueel in te dienen voorlopige alimentatieverzoeken, door tot tweemaal toe uitstel te vragen zonder daarover met klaagster te overleggen en te late toezending van het concept verweerschrift. Het indienen van een algemeen verweerschrift heeft niet tot afwijzing van alimentatieverzoeken geleid en niet is gebleken dat verweerder teveel tijd had geschreven of zijn tijd vanwege gebrekkige kwaliteit had moeten matigen. Klachtonderdeel 1 en 3 gegrond. Klacht voor het overige ongegrond. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:172 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-161/DB/ZWB

    Klager verwijt verweerder dat hij een valse verklaring in het geding heeft gebracht en stigmatiserend is geweest in een conclusie van antwoord en feiten heeft verdraaid door slechts een gedeelte van een email in het geding te brengen. Verweer mocht, als advocaat van de wederpartij van klager, afgaan op de juistheid van de door zijn cliënt verstrekte verklaring. Daarnaast was verweerder niet onnodig grievend en heeft hij weliswaar slechts een gedeelte van een email geciteerd, maar wel de volledige email in het geding gebracht. Van feiten verdraaien is dan ook geen sprake. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:174 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-186/DB/ZWB

    Klaagster heeft in 1999 gelden op de derdenrekening van verweerder gestort. Klaagster heeft in 2015 aanspraak gemaakt op de door verweerder ontvangen rente over het in depot gestorte bedrag. Verweerder heeft geen inzage verschaft over de door hem ontvangen rente, maar heeft wel een regeling tegen finale kwijting met klaagster getroffen. Door verweerder finale kwijting te verlenen en gelet op het lange tijdsverloop komt aan klaagster geen recht meer toe om te klagen en de renteafrekening in de klachtprocedure ter discussie te stellen. Klaagster is derhalve niet ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:168 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-472/DB/OB

    Voorzover ingediend namens failliete BV kennelijk niet-ontvankelijk omdat enkel curator kan klagen. Voorzover ingediend door gemachtigde kennelijk niet-ontvankelijk wegens ontbreken eigen belang. Klacht kennelijk ongegrond , volstrekt onvoldoende onderbouwd.

  • ECLI:NL:TNORARL:2017:40 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/314369/KL RK 17 - 1 C/05/316906/KL RK 17 - 24

    Blijkens het testament zijn de executeurs in verband met de betaling van schulden bevoegd de door hen beheerde goederen van de nalatenschappen te gelde te maken. De toestemming van de erven is daarvoor niet vereist en ook overleg is niet nodig. De executeurs zijn derhalve enkel zelfstandig bevoegd om goederen te gelde te maken voor zover dat nodig is ter voldoening van de schulden van de nalatenschap. De kamer is van oordeel dat de notaris in zijn advies deze beperking onvoldoende onder de aandacht van de executeurs heeft gebracht.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:200 Raad van Discipline Amsterdam 17-563/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat in alle onderdelen kennelijk ongegrond. Dat verweerster er voor heeft gekozen een deel van de stukken die klaagster haar heeft verstrekt niet in het geding te brengen valt binnen de vrijheid die een advocaat heeft met betrekking tot de wijze waarop hij een zaak behandelt. Van een onjuiste werkwijze aan de zijde van verweerster is niet gebleken.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2017:167 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 17-614/DB/NN

    Geen nodeloos grievende uitlatingen en grenzen van vrijheid van advocaat van de wederpartij niet overschreden. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:188 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-453/DH/DH

    voorzittersbeslissing, klacht kennelijk ongegrond

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:189 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-397/DH/DH-b

    voorzittersbeslissing; klacht tegen klachtfunctionaris kennelijk ongegrond. zie ook de samenhangende klacht tegen de kantoongenoot van de klachtfunctionaris 17-397/DH/DH-aToevoegen

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:183 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-458/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij. Het contact heeft (steeds) op initiatief van klaagster plaatsgevonden. Gelet daarop kan niet worden geconcludeerd dat verweerder zich met klaagster ‘in verbinding heeft gesteld’ als bedoeld in gedragsregel 18. Klacht ook voor het overige kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:184 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-521/DH/RO

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat aangaande bijstand in een strafprocedure kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:107 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/287

    Klager verwijt verweerder onder andere een schending van privacy en het negeren van bestaande medische protocollen. Concentratie van klacht. Klager is niet-ontvankelijk in zijn klacht. Naar het oordeel van het college had klager gelijktijdig met een eerder door hem ingediende tuchtklacht de onderhavige klacht tegen de aangeklaagde kunnen indienen. Klager was reeds toen op de hoogte van de nu door hem gestelde fouten van aangeklaagde.