Zoekresultaten 23141-23160 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2017:181 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 035/2017

    Klacht tegen specialist ouderengeneeskunde. De klachtonderdelen hebben betrekking op een uitlating die de moeder van klager zou hebben gedaan ten overstaan van de zus van klager. Verweerster heeft over deze uitlating tegen de ex-vrouw van klager gezegd dat deze serieus genomen moest worden, ook al was verweerster er niet bij en wist ze niet of en hoe het gezegd was. Klager is niet-ontvankelijk in zijn klacht met betrekking tot de schending van het beroepsgeheim van patiënte (zijn moeder). Een tweede klachtonderdeel is gegrond. Verweerster heeft haar mededeling aan de ex-vrouw niet beperkt tot het verstrekken van feitelijke en relevante medische gegevens, maar zij heeft daarentegen ook een conclusie gepresenteerd namelijk dat de uitlating van patiënte serieus zou moeten worden genomen. Deze conclusie is onvoldoende onderbouwd en wordt niet ondersteund door objectieve gegevens. Verweerster heeft zelfs geen onderzoek naar de feiten ingesteld en heeft niet met patiënte of klager over het voorval gesproken. Een voorval dat patiënte in theorie zelfs gedroomd zou kunnen hebben. Verweerster had zich jegens de ex-vrouw van klager voorts moeten beperken tot een verwijzen voor informatie naar de contactpersoon, de dochter van patiënte. Volgt waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:236 Raad van Discipline Amsterdam 17-793/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk niet-ontvankelijk. Ne bis in idem.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2017:182 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 048/2017

    Klacht tegen huisarts. Dochter van patiënte klaagt over de door verweerder geboden zorg in de stervensfase van haar moeder. Verweerder heeft ondanks verzoek huisartsenpost “die ochtend” controle te doen en vervolgbeleid in te zetten en ondanks herhaaldelijk contact met medewerkers van het zorgcentrum waar moeder verbleef, pas rond 15.30 uur een visite afgelegd. Urgentie niet juist ingeschat. Ook de communicatie met familie en verzorgenden is onvolledig en niet adequaat geweest. Volgt berisping.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:237 Raad van Discipline Amsterdam 17-732/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Dat klaagster het niet eens was met het advies van verweerder betekent niet dat verweerder geen rechtsbijstand heeft verleend. Geen verplichting exemplaar kantoorklachtenregeling te geven.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:238 Raad van Discipline Amsterdam 17-733/A/A

    Voorzittersbeslissing. De klacht komt er in de kern op neer dat verweerder onvoldoende rekening heeft gehouden met – de voor hem kenbare – belangen van klagers. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:239 Raad van Discipline Amsterdam 17-731/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij kennelijk ongegrond. Het stond verweerster vrij te trachten bewijs ter ondersteuning van de vordering van haar cliënte te verzamelen dan wel veilig te stellen zoals zij heeft gedaan. De belangen van klager zijn daarbij niet op ontoelaatbare wijze geschaad.

  • ECLI:NL:TACAKN:2017:73 Accountantskamer Zwolle 16/3002 Wtra AK

    Met onvoldoende diepgang en onvoldoende professioneel kritische instelling uitgevoerde controle naar de juistheid van (Europese) subsidiabele kosten (“subsidieverklaring”). Met onvoldoende diepgang en onvoldoende professioneel kritische instelling uitgevoerde assurancewerkzaamheden in het kader van een NVCOS 3000 rapportage over het bestaan en de waarde van niet in de jaarrekening verwerkte intellectuele activa van zijn cliënt. Ten onrechte adviseren aan cliënt van het opnemen van een voorziening met als doel (al dan niet tijdelijk) een lager bedrag aan vennootschapsbelasting te betalen. Klacht gegrond; maatregel van tijdelijke doorhaling voor de duur van 3 maanden.

  • ECLI:NL:TACAKN:2017:74 Accountantskamer Zwolle 17/422 Wtra AK

    Geschillen tussen maten bij het beëindigen van het lidmaatschap van betrokkene van een accountantsmaatschap. Betrokkene heeft hem kenbaar zonder deugdelijke grondslag een bepaalde vordering op de maatschap gepretendeerd en het is hem daarom te verwijten dat hij in sterke mate vakonbekwaam heeft gehandeld. De overige klachten stuiten af op de vaste jurisprudentie van de Accountantskamer dat, behoudens bijzondere omstandigheden, het door een accountant in zijn zakelijke betrekkingen al dan niet in rechte innemen van een civielrechtelijk standpunt in het kader van de door hem in acht te nemen fundamentele beginselen van integriteit en professionaliteit (artikelen 4 en 6 VGBA) niet tot een gegrond tuchtrechtelijk verwijt kan leiden. Van dergelijke bijzondere omstandigheden is in dit geval niet gebleken.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:234 Raad van Discipline Amsterdam 17-709/A/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Het valt verweerder niet tuchtrechtelijk te verwijten dat hij geen contact heeft opgenomen met het waarborgfonds. Geen sprake van excessief declareren.

  • ECLI:NL:TACAKN:2017:75 Accountantskamer Zwolle 17/1052 Wtra AK

    Deelklachten niet-ontvankelijk omdat deze tegelijk bij een eerdere klacht hadden moeten worden ingediend. Deelklachten voorts niet-ontvankelijk want te laat ingediend. Deelklacht ongegrond, omdat niet betrokkene doch een andere accountant de gewraakte handeling heeft verricht. Een intrekkingsbrief aan zijn cliënt, die in afschrift is gezonden aan de civiele tegenpartij van de cliënt, is een adequate waarborg om te voorkomen dat de beslissende rechter ten onrechte waarde hecht aan de in een eerdere brief van de accountant door hem ingenomen standpunten. Bij de tuchtrechter kan niet geklaagd worden over het nalaten van betaling van schadevergoeding, indien daar al een civielrechtelijke grondslag voor zou zijn. De Accountantskamer kan voorts zelf geen schadevergoeding opleggen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:235 Raad van Discipline Amsterdam 17-619/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Van enigerlei tekortschieten van verweerster is niet gebleken.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:220 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-737/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Door het intrekken van hun klacht hebben klagers hun recht om opnieuw over hetzelfde feitencomplex te klagen, prijsgegeven. Een intrekking van een klacht betreft immers een definitieve rechtshandeling waarop niet meer kan worden teruggekomen. Dat klagers klaarblijkelijk spijt hebben gekregen van de intrekking van de klacht maakt dit niet anders. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2017:119 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 1794

    De bedrijfsarts wordt verweten dat hij bij zijn oordeel over passende werkzaamheden is uitgegaan van onjuiste informatie en dat hij geen deugdelijke probleemanalyse heeft opgesteld. Niet gebleken dat hij zorgvuldig onderzoek heeft verricht. Geen deugdelijke anamnese. Te beperkte taakopvatting gehanteerd en te snel conclusies getrokken: hij had klaagsters psychische klachten beter moeten uitvragen en aan de hand daarvan òfwel enkel klaagsters beperkingen moeten formuleren òfwel – als hij de concrete vraag van de werkgever wilde beantwoorden – zich een duidelijker beeld moeten vormen van de functieomschrijving van de beoogde nieuwe functie voor klaagster. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:216 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-640/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Het ne bis in idem-beginsel verzet zich ertegen dat, nadat een klacht over een bepaald feitencomplex is beoordeeld en daarop is beslist, de klager zich later opnieuw en met een andere klacht naar aanleiding van dat feitencomplex over de advocaat beklaagt. De ten opzichte van de eerste klacht thans ‘nieuw’ aangevoerde stellingen en argumenten vallen naar het oordeel van de voorzitter - in de kern bezien - onder hetzelfde feitencomplex als waarop de eerste klacht betrekking had. Nieuwe feiten zijn gesteld noch gebleken. Voor zover klaagster in de eerste klachtprocedure niet alle klachten ten aanzien van verweerders bijstand in genoemd geschil naar voren heeft gebracht, komt dat voor haar rekening. Nieuwe klachten die daarop betrekking hebben worden alleen in behandeling genomen als het onmogelijk was deze in de eerdere procedure al mee te nemen. Daarvan is niet gebleken. Klacht in zoverre kennelijk niet-ontvankelijk. Klacht voor het overige kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:172 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-698

    Voorzittersbeslissing over klacht tegen toenmalige deken. Verweerder heeft op grond van de voor hem geldende regelingen, zowel in de Advocatenwet als in de leidraad dekenale klachtbehandeling, op zorgvuldige en doelmatige wijze gehandeld en klager ruim voldoende in de gelegenheid gesteld om zijn klachten toe te lichten en aan te vullen. Verweerder heeft binnen de hem toekomende grote vrijheid gehandeld jegens klager. Verweerder heeft met zijn handelen zoals hij heeft gedaan geenszins het vertrouwen in de advocatuur geschaad. Alle klachtonderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2017:311 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.208

    Klacht tegen sociaal psychiatrisch verpleegkundige. Aan klaagster werd in het kader van bemoeizorg door een FACT-team hulp geboden. Verweerder is daarbij als coördinerend behandelaar opgetreden en heeft in dat verband meerdere huisbezoeken bij klaagster afgelegd. Klaagster verwijt verweerder dat hij zonder legitimatiebewijs en zonder zich voor te stellen haar huis is binnengedrongen, zonder toestemming heeft geprobeerd waardevolle spullen van klaagster mee te nemen, klaagsters huis heeft leeggehaald, ervoor heeft gezorgd dat klaagster geen uitkering meer kreeg en allerlei leugens heeft verteld, alles van klaagster heeft afgepakt en dat klaagster als zij over dat alles wil klagen, van hem geen klacht mag indienen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2017:306 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.326

    Klager is (voormalig) collega en medebehandelaar van de patiënt. Niet is gebleken dat klager een concreet aan de individuele gezondheidszorg gerelateerd eigen belang heeft op grond waarvan hij als (voormalig) collega rechtstreeks belanghebbende is uit hoofde van artikel 65 lid 1 onder a Wet BIG. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager terecht niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Verwerpt beroep.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2017:307 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.327

    Klager is (voormalig) collega en medebehandelaar van de patiënt. Niet is gebleken dat klager een concreet aan de individuele gezondheidszorg gerelateerd eigen belang heeft op grond waarvan hij als (voormalig) collega rechtstreeks belanghebbende is uit hoofde van artikel 65 lid 1 onder a Wet BIG. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager terecht niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Verwerpt beroep.

  • ECLI:NL:TGDKG:2017:169 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/618435 / DW RK 16/1214

    Beslag op huurpenningen van het appartement dat volgens het kadaster in eigendom is van [x]. Niet gebleken of onderbouwd is dat de gerechtsdeurwaarder eerder dan na het gelegde beslag op de hoogte is gebracht van de omstandigheid dat niet [x] maar klager de verhuurder van het appartement was. Klager heeft niet onderbouwd dat de huurder onevenredig en onbeschoft onder druk is gezet door de gerechtsdeurwaarder. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2017:308 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.328

    Klager is (voormalig) collega en medebehandelaar van de patiënt. Wat betreft de eerste tuchtnorm is het Centraal Tuchtcollege van oordeel dat niet is gebleken dat klager een concreet aan de individuele gezondheidszorg gerelateerd eigen belang heeft op grond waarvan hij als (voormalig) collega rechtstreeks belanghebbende. Wat betreft de tweede tuchtnorm is het Centraal Tuchtcollege van oordeel dat het belang van klager niet anders kan worden uitgelegd als een (afgeleid) financieel belang. Klager was daarom niet klachtgerechtigd . Het Regionaal Tuchtcollege heeft klager terecht niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Verwerpt beroep.