Zoekresultaten 22401-22420 van de 48158 resultaten
-
ECLI:NL:TAHVD:2018:19 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 170136
- Datum publicatie: 19-02-2018
- Datum uitspraak: 05-02-2018
- ECLI:NL:TAHVD:2018:19
Tussenbeslissing. Klagers zijn niet-ontvankelijk in hun klacht dat verweerder een verborgen rekening claimt die een aantal niet traceerbare uren en dubieuze werkzaamheden bevat, aanzien het hof reeds over dit verwijt heeft geoordeeld (ne bis in idem), althans voor zover de klacht nieuwe aspecten bevat in vergelijking met de eerdere klacht de termijn van drie jaar van artikel 46g lid 1 sub a Advocatenwet is verstreken. De klacht dat verweerder niet duidelijk heeft gemaakt op basis van welke stukken de raad van toezicht de door hem verrichte werkzaamheden zou hebben goedgekeurd, is ongegrond nu verweerder niet kan worden verweten dat klagers niet op de hoogte waren van het ingediende begrotingsverzoek en zij door de raad van toezicht niet naar hun standpunt zijn gevraagd. Ten aanzien van de klacht dat verweerder meineed zou hebben gepleegd, overweegt het hof dat niet kan worden vastgesteld wat is gebeurd nu de verklaringen van klagers en verweerder tegenover elkaar staan. Het hof heeft de deken opdracht gegeven om nader onderzoek in te stellen. Het hof houdt iedere verdere beslissing aan.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:32 Raad van Discipline Amsterdam 17-893/A/A
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 30-01-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:32
Gedeeltelijk gegronde klacht over eigen advocaat. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door de inboedellijst niet bij de rechtbank in te dienen en door niet te reageren op de klachtbrief van klager. Waarschuwing en kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:51 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.162
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 15-02-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:51
Klacht tegen anesthesioloog. Klager is onder algehele anesthesie geopereerd aan een aneurysma. Enkele dagen na de operatie ontstond een partiële dwarslaesie zonder aanwijzing van epidurale bloedingen. Klager verwijt verweerder dat er sprake was van onvoldoende informed consent, dat er afspraken niet zijn nagekomen, dat de epiduraal niet volgens de geldende standaard is geplaatst en dat verweerder na het optreden van de complicatie niet actief genoeg heeft opgetreden. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart het klachtonderdeel dat betrekking heeft op het informed consent gegrond en legt verweerder de maatregel van waarschuwing op. In beroep legt verweerder bewijs over waaruit blijkt dat er wel sprake was van informed consent. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing ten aanzien van het genoemde klachtonderdeel en wijst dit klachtonderdeel alsnog af.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2018:3 Kamer voor het notariaat Amsterdam 635653/NT 17-65
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 08-02-2018
- ECLI:NL:TNORAMS:2018:3
Klaagster verwijt de notaris dat hij niet enkele dagen na ontvangst van het depot-testament van 12 mei 2016 is overgegaan tot het ‘belehren’ van erflaatster door van haar een verklaring te verlangen dat zijzelf het stuk had geschreven en vervolgens een akte van bewaargeving op te maken waarmee het depot-testament voldeed aan de wettelijke vereisten. Verder heeft de notaris geen uitvoering heeft aan de herroeping door erflaatster, bij brief van 12 mei 2016, van de aan de neef van erflaatster gegeven volmacht, maar hem juist meegedeeld dat hij deze kon blijven gebruiken. De kamer acht aannemelijk en begrijpelijk, gelet op de hoeveelheid van de door de notaris van klaagster ontvangen brieven en de strekking daarvan, dat het de notaris niet is opgevallen dat de brief van 12 mei 2016 een holografisch testament van erflaatster bevatte, in welk geval een spoedige (re)actie noodzakelijk was. Dat de notaris pas reageerde na rappel van de broer van erflaatster bij brief van 5 juni 2016, is naar het oordeel van de kamer dan ook niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Nu de schriftelijke intrekking van de volmacht aan neef [R] bij dezelfde brief van 12 mei 2016 is gedaan, acht de kamer ook aannemelijk en begrijpelijk dat deze intrekking de notaris in eerste instantie niet is opgevallen. De notaris hoefde er echter niet zonder meer van uit te gaan dat erflaatster de volmacht daadwerkelijk wenste in te trekken, nu erflaatster hem in een bespreking op 4 april 2016 immers nog had bevestigd dat de volmacht onverkort moest doorlopen. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2018:46 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 209/2017
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 16-02-2018
- ECLI:NL:TGZRZWO:2018:46
Klager verblijft in een PI. Uitstel behandeling bult op de borst van klager ter hoogte van het sternum (lipoom) levert in dit geval geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen van verweerder op.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:33 Raad van Discipline Amsterdam 17-793/A/NH
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 30-01-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:33
Ongegrond verzet.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:52 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.165
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 15-02-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:52
Klacht tegen bedrijfsarts. De bedrijfsarts heeft klager op spreekuur gezien in het kader van advisering over de re-integratie van klager, mede naar aanleiding van een deskundigenoordeel van het UWV. De bedrijfsarts heeft nadien aan de werkgever gerapporteerd dat het gesprek dusdanig was verlopen dat zij niet in staat was advies te geven. Klager verwijt de bedrijfsarts onprofessioneel te hebben gehandeld door de LESA-richtlijnen niet te volgen, door klager te beschuldigen van seksuele intimidatie en door tijdens het spreekuur niet (duidelijk) aan de orde te stellen dat zij geen of een negatief advies zou geven. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht op alle onderdelen afgewezen, waarbij het college heeft overwogen dat het beter was geweest als de bedrijfsarts met klager had gecommuniceerd wat zij zou rapporteren en wat klager zou kunnen doen om alsnog een inhoudelijk advies mogelijk te maken, maar heeft het achterwege laten daarvan onvoldoende geacht om de bedrijfsarts een tuchtrechtelijk verwijt te maken. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:34 Raad van Discipline Amsterdam 17-627/A/NH
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 30-01-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:34
Deels gegrond verzet. Klachtonderdeel a) alsnog ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:53 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.210
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 15-02-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:53
Klacht tegen anesthesioloog. Klager is aan een bovenarmfractuur geopereerd en daarbij is (onder meer) gebruik gemaakt van plexusanesthesie. Na de operatie was klager hees, had hij een hangend ooglid en had hij last van benauwdheid. Klager verwijt verweerder onder meer dat hij de verkeerde zenuw heeft verdoofd en dat de plexusanesthesie niet het gewenste gevolg heeft gehad. Voorts verwijt klager verweerder dat deze de signalen van klager betreffende zijn hees- en benauwdheid heeft weggewuifd. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht afgewezen. Het beroep van klager wordt verworpen.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2018:1 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-44
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 24-01-2018
- ECLI:NL:TNORDHA:2018:1
Herzieningsverzoek van wrakingsbeslissing
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:35 Raad van Discipline Amsterdam 17-720/A/A
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 30-01-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:35
Klacht over eigen advocaat gegrond. Verweerder is meerdere toezeggingen aan klager niet nagekomen en heeft de zaak van klager niet voortvarend en zorgvuldig behandeld. Waarschuwing en kostenveroordeling
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:54 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.226
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 15-02-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:54
Klacht tegen gz-psycholoog. De aangeklaagde gz-psycholoog heeft klager neuropsychologisch onderzocht (geheugentraject). Klager verwijt de gz-psycholoog dat deze klager tijdens het onderzoek onheus heeft bejegend. Er is volgens hem sprake van schending van klagers mens zijn en het kleineren van klager. De vraagstelling van de gz-psycholoog kan niet door de beugel en hij heeft daarbij allerlei kleinerende en insinuerende opmerkingen gemaakt. Het RTG heeft de klacht als kennelijk ongegrond afgewezen. Het CTG bekrachtigt deze beslissing.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:48 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.471
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 15-02-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:48
Klacht tegen klinisch geriater. De klacht heeft betrekking op de behandeling van de echtgenoot van klaagster, destijds verblijvend op de afdeling gespecialiseerd in de zorg voor ouderen met dementie en ernstige gedragsproblemen waar verweerder werkzaam was. De klacht betreft de communicatie over de behandeling van patiënt en de diagnose en behandeling van de heupfractuur. Het Regionaal Tuchtcollege heeft beide klachtonderdelen gegrond verklaard en aan verweerder de maatregel van berisping opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing en wijst de klacht die betrekking heeft op de communicatie over de behandeling alsnog af. De klacht over de diagnose en behandeling van de heupfractuur acht ook het Centraal Tuchtcollege gegrond. Volstaan wordt met oplegging van een waarschuwing.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2018:2 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-59
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 24-01-2018
- ECLI:NL:TNORDHA:2018:2
Vanwege het feit dat de notaris zich (kennelijk pas maanden na het transport) op het standpunt gesteld heeft dat er sprake was van ernstige onregelmatigheden en/of frauduleuze handelingen, had hij de koopsom van het appartementsrecht in depot dienen te houden. De notaris heeft slechts een bedrag van € 2.857,20 ingehouden. Nu de notaris tot uitbetaling van de koopsom aan verkoper is overgegaan en geen deugdelijke grond heeft voor zijn beweringen heeft hij zijn zorgplicht geschonden.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:55 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.269
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 15-02-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:55
Klacht van moeder over melding door huisarts bij Veilig Thuis. Het Regionaal Tuchtcollege wijst de klacht af en het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep. De huisarts heeft voordat hij tot melding over ging de in de KNMG-meldcode kindermishandeling opgenomen stappen doorlopen en is, gezien de feitelijke situatie, terecht tot melding overgegaan.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2018:49 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2016.472
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 15-02-2018
- ECLI:NL:TGZCTG:2018:49
Klacht tegen klinisch geriater. De klacht heeft betrekking op de behandeling van de moeder van klager, destijds verblijvend op de afdeling gespecialiseerd in de zorg voor ouderen met dementie en ernstige gedragsproblemen waar verweerder werkzaam was. Klager verwijt verweerder dat hij tekort is geschoten op het gebied van communicatie over de behandeling en de medicatie en voorts dat hij patiënte verkeerde medicatie heeft doen toedienen zonder haar te zien. Het Regionaal Tuchtcollege heeft het klachtonderdeel dat betrekking heeft op de communicatie over de behandeling gegrond verklaard en aan verweerder de maatregel van waarschuwing opgelegd. Van dit laatste komt verweerder in principaal beroep, welk beroep slaagt. Het incidenteel beroep van klager faalt. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt derhalve de beslissing voor zover de klacht daarbij gegrond is verklaard en aan verweerder de maatregel van waarschuwing is opgelegd en wijst de klacht alsnog in zijn geheel af.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2018:3 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-55 en 17-56
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 24-01-2018
- ECLI:NL:TNORDHA:2018:3
Klager verwijt de notarissen dat hij op geen enkele wijze betrokken is geweest bij het passeren van de akten op 17 november 2016.
-
ECLI:NL:TGZRZWO:2018:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 191/2017
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 16-02-2018
- ECLI:NL:TGZRZWO:2018:44
Klacht tegen verpleegkundige betreft intraveneuze injecties met een stollingspreparaat aan een hemofiliepatiëntje. Klager verwijt verweerder de injectie onzorgvuldig te hebben toegediend. Geen medisch dossier aanwezig. Daarover heeft het college zich verbaasd, echter kan verweerder niet tuchtrechtelijk worden verweten. Niet vastgesteld kan worden dat verweerder onzorgvuldig heeft gehandeld. Klacht kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORDHA:2018:4 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-47
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 24-01-2018
- ECLI:NL:TNORDHA:2018:4
Klagers verwijten de notaris het volgende: 1. het niet goed uitvoeren van het financieel niet verstandige testament van erflater, dat het notariskantoor zelf heeft opgesteld. Een andere notaris, notaris [R] heeft ontdekt dat er fouten zaten in de aangifte erfbelasting van erflater. Er was € 50.000,- teveel belasting betaald; 2. de opmerking tegen [G] dat hij een voorschot op zijn erfenis kan krijgen van € 200.000,-, zonder overleg met de echtgenote, terwijl de notaris volledig op de hoogte was van de problemen met [G] en zijn ouders over geld wat tot bedreigingen en geweld aan toe leidde. De notaris had zelf het testament opgesteld en wist dat het vermogen van [G] onder bewind zou komen te staan; 3. tijdens een bespreking vlak na het overlijden van [G] vertelde de notaris [I] tussen neus en lippen door dat zij zal moeten verhuizen om de erfbelasting te kunnen betalen; 4. boos en geïrriteerd reageren tegen [O] en notaris [R]. [O] is zeer onfatsoenlijk behandeld en te woord gestaan. Op aandringen van notaris [R] dat de notaris iets moest ondernemen richting de echtgenote of [A] is niets vernomen. Pas nadat de klacht was ingediend heeft de notaris de echtgenote een brief geschreven.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2018:31 Raad van Discipline Amsterdam 17-517/A/A
- Datum publicatie: 16-02-2018
- Datum uitspraak: 30-01-2018
- ECLI:NL:TADRAMS:2018:31
Gedeeltelijk gegronde klacht over advocaat wederpartij. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door klaagster niet in kennis te stellen van zijn voornemen om namens de werkgever een verzoekschrift tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst in te dienen. De raad ziet aanleiding af te zien van het opleggen van een maatregel nu verweerder onbetwist heeft gesteld dat de werkgever klaagster wel op de hoogte heeft gesteld.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1120
- Pagina: 1121
- Pagina: 1122
- ...
- Pagina: 2408
- Volgende pagina zoekresultaten