Zoekresultaten 22301-22320 van de 48147 resultaten

  • ECLI:NL:TGZCTG:2018:56 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2017.218

    De behandeling van de zaak in beroep heeft het Centraal Tuchtcollege geen aanleiding gegeven tot de vaststelling van andere feiten en tot andere beschouwingen en beslissingen dan die van het Regionaal Tuchtcollege in eerste aanleg, zodat het beroep moet worden verworpen.

  • ECLI:NL:TACAKN:2018:8 Accountantskamer Zwolle 17/1313 Wtra AK

    Klacht gedeeltelijk te laat ingediend. Voor zover de klacht wel tijdig is ingediend is de klacht na de weerspreking door betrokkene onvoldoende feitelijk onderbouwd en daarom ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORARL:2018:4 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/324814 KL RK 17-109 C/05/324815 KL RK 17-110

    Klager beklaagt zich over twee testamenten van vader die door de notarissen zijn opgemaakt. Vader zou ten tijde van het opmaken van de testamenten niet meer wilsbekwaam zijn. Verder zouden de notarissen partijdig hebben gehandeld ten voordele van de broer van klager. De kamer heeft de klachten ongegrond verklaard. Tot slot beklaagt klager zich over het optreden van een van de notarissen als executeur-afwikkelingsbewindvoerder. De kamer heeft klager niet-ontvankelijk verklaard met betrekking tot dit klachtonderdeel omdat hij de nalatenschap nog niet heeft aanvaard, en derhalve niet kan worden aangemerkt als belanghebbende.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:25 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17143a

    Huisarts wordt verweten dat ze klaagster tot twee keer toe te laat heeft doorverwezen naar een specialist, waardoor de ziekte van Cogan pas laat is vastgesteld en klaagster blijvend doof aan één oor is geworden; dat ze een verkeerde diagnose heeft gesteld, namelijk somatisatie en dat er naderhand wijzigingen in het medisch dossier zijn aangebracht. Begrijpelijke verklaring voor de hoestklachten. Niet eerder verwezen omdat de klachten na medicatie verminderden. Bovendien zijn niet bij alle contactmomenten hoestklachten gemeld. Eerste verwijzing toen medicatie tegen de hoestklachten niet meer hielp. Latere verwijzing na twee weken niet ongebruikelijk lang. Niet gebleken dat verwijzing noodzakelijk was. Bij ontbreken van een alternatief, kon de diagnose “somatisatie” worden gesteld. Wijziging in dossier in overeenstemming is met de NHG richtlijn Adequate Dossiervorming met het Elektronisch PatiëntenDossier (ADEPD). Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:11 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 16-1111

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Klacht gegrond voor zover verweerster, nadat de zaak voor vonnis is komen te staan, contact heeft gezocht met de kantonrechter zonder toestemming van de wederpartij. Dat verweerster zich in die procedure niet formeel als gemachtigde heeft gesteld, doet daaraan niet af nu de kantonrechter haar kennelijk wel als zodanig heeft beschouwd. Strijd met Gedragsregel 15 lid 2. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:8 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-697 17-698

    Ongegrond verzet. Klager heeft in zijn verzetschrift miskent dat de voorzitter een klacht zonder zitting (schriftelijk) mag beoordelen. Van een recht van de klager om hoe dan ook ter zitting te worden uitgenodigd en gehoord is geen sprake. Evenmin is de raad gebleken dat klager niet in de gelegenheid is gesteld om nadere stukken toe te sturen.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:26 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17143b

    Huisarts wordt verweten dat ze klaagster tot twee keer toe te laat heeft doorverwezen naar een specialist, waardoor de ziekte van Cogan pas laat is vastgesteld en klaagster blijvend doof aan één oor is geworden; dat ze een verkeerde diagnose heeft gesteld, namelijk somatisatie en dat er naderhand wijzigingen in het medisch dossier zijn aangebracht. Begrijpelijke verklaring voor de hoestklachten. Niet eerder verwezen omdat de klachten na medicatie verminderden. Bovendien zijn niet bij alle contactmomenten hoestklachten gemeld. Eerste verwijzing toen medicatie tegen de hoestklachten niet meer hielp. Latere verwijzing na twee weken niet ongebruikelijk lang. Niet gebleken dat verwijzing noodzakelijk was. Bij ontbreken van een alternatief, kon de diagnose “somatisatie” worden gesteld. Wijziging in dossier in overeenstemming is met de NHG richtlijn Adequate Dossiervorming met het Elektronisch PatiëntenDossier (ADEPD). Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:12 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-701

    Dekenklacht tegen advocaat die sinds 11 november 2015 is ingeschreven op het tableau van de Nederlandse Orde van Advocaten op grond van artikel 16h Advocatenwet. Deze advocaat heeft niet voldaan aan diverse verplichtingen op grond van de Voda en de Roda. Zo heeft hij niet de vereiste opleidingspunten behaald over (een deel van) 2015 tot en met 2017 en heeft hij de puntentekorten, ondanks herhaaldelijk door de deken geboden mogelijkheid, niet ingelopen of zich daartoe bereid getoond. Daarnaast heeft de advocaat in strijd met de in Nederland geldende verplichtingen de hoofdelijke omslag over 2016 en 2017 niet betaald, beschikt hij niet over een kantoorhandboek of over een kantoorklachtenregeling, heeft hij geen geheimhoudersnummers opgegeven en is hij niet adequaat verzekerd voor zijn beroepsaansprakelijkheid. Ook het tweede dekenbezwaar wordt gegrond geoordeeld omdat de advocaat de deken heeft belemmerd in de uitvoering van zijn toezichthoudende taak door op de op verschillende momenten verzochte informatie niet jegens de deken te reageren (gedragsregel 37). Deze advocaat heeft volgens de raad op geen enkele wijze laten zien dat hij bereid is om zich aan de in Nederland voor een advocaat geldende regelgeving te conformeren. De raad constateert dat de gedragingen van de advocaat passen in een structureel patroon van volstrekt onvoldoende besef van verantwoordelijkheid in de wijze waarop hij zijn kantoor in Nederland dient te organiseren. Daarmee hebben zijn gedragingen het vertrouwen in de advocatuur in het algemeen schade toegebracht. Schrapping.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:9 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-979

    Voorzittersbeslissing. Klacht door (geschrapte) oud-advocaat tegen deken. Niet gebleken dat de deken klager meermalen onheus heeft behandeld, beledigd, gekleineerd en/of uitgelachten of zich op een andere wijze jegens klager onbehoorlijk heeft gedragen. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:13 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-988

    Voorzittersbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij. Geen schending van de geheimhoudingsplicht van verweerder door een brief voor klager aan diens (voormalig) advocaat te sturen. Klacht ook voor het overige kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2018:24 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 17118

    Huisarts wordt ten aanzien van consult over oogklachten onvoldoende onderzoek en onjuiste diagnose verweten alsmede het niet geven van een spoedverwijzing. Na het constateren van een scheur in het netvlies door de oogarts wordt de huisarts tevens tekortschieten in de communicatie, onvoldoende zelfkritiek en empathie en het ontbreken van een vervolggesprek verweten alsmede slecht pratijkmanagement. NHG-standaard Visusklachten niet gevolgd. Geen omstandigheden die noopten tot het afwijken van de standaard. Verweerder heeft “mouches volantes/flitsen/flikkeringen” als symptomen en “glasvochtbloeding” als diagnose in het dossier genoteerd. Spoedverwijzing had in beginsel dienen plaats te vinden. Wijze van communicatie tijdens telefoongesprek kan niet worden vastgesteld. Wel had verweerder zo spoedig mogelijk contact dienen op te nemen met de patiënte over de hem via de echtgenoot van klaagster bereikte informatie en onrust. Geen blijk van persoonlijk verwijtbaar handelen ten aanzien van praktijkmanagement. Deels gegrond. Waarschuwing en publicatie.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:10 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-609

    Klacht tegen advocaat wederpartij in echtscheidingsprocedure. In het licht van het tussen partijen gevoerde stevige debat kunnen de door verweerder ingenomen stellingen niet als onnodig grievend worden aangemerkt. Van leugens en/of laster is de raad evenmin gebleken. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:7 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/632212 / DW RK 17/706

    Beslissing op verzet. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:8 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/627388 / DW RK 17/419

    Beslissing op verzet. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:9 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/611052/ DW RK 16/679

    Vermelden volledige adresgegevens in exploot bij geheim adres. Afwijking van eerdere rechtspraak. Artikel 45 lid 3 Rv geeft als uitgangspunt vermelding van het adres en een gerechtsdeurwaarder moet daarom gegronde redenen hebben om van dat uitgangspunt af te wijken (ECLI:NL:GHAMS:2017:3097). Het exploot is betekend aan een bewindvoerder in zijn hoedanigheid, de bewindvoerder kantoor houdt kantoor aan huis en alleen de bewindvoerder heeft een afschrift van het exploot ontvangt. De gerechtsdeurwaarder heeft een afweging gemaakt ter zake het geheime adres van klager en had geen gegronde reden om van de wettelijke regels af te wijken. De klacht wordt ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:10 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/616591 / DW RK 16/1091

    Beslissing op verzet. Bankbeslag waardoor klager onder de beslagvrije voet kwam te leven. De kamer is het niet met de beslissing van de voorzitter eens. Onder de in de beslissing vermelde feiten en omstandigheden en feiten stelt de kamer vast dat de gerechtsdeurwaarder ten tijde van de beslaglegging in elk geval (voldoende) inzicht had in de inkomsten en uitgaven van de debiteur en dat er geen ruimte was voor een maandelijkse betaling. Indien de ontvangen gegevens omtrent de financiële situatie van klager onvoldoende waren, had het op de weg van de gerechtsdeurwaarder gelegen nadere stukken bij klager op te vragen. De kamer benadrukt dat beslaglegging onder een bank ten laste van een debiteur een ingrijpend middel is. Er lag al beslag op het inkomen van klager als gevolg waarvan hij nog slechts een inkomen ter hoogte van de beslagvrije voet overhield waarvan hij de lopende kosten van bestaan moet voldoen. Door de gerechtsdeurwaarder is niet aannemelijk gemaakt dat er een aanleiding was om te veronderstellen dat de bankrekening door andere inkomsten dan de uitkering en toeslagen van klager, aan de hand waarvan de beslagvrije voet is vastgesteld, werd gevoed of dat er nog andere inkomsten zouden zijn. Dat, zoals door de gerechtsdeurwaarder ter zitting is aangevoerd, er soms toch nog geld blijkt te zijn, is daartoe te algemeen gesteld. Onder de hiervoor geschetste omstandigheden had de gerechtsdeurwaarder kunnen weten dat het door hem gelegde bankbeslag geen soelaas zou bieden om tot verhaal van de vordering te komen. Het verzet wordt gegrond verklaard, de beslissing van de voorzitter wordt vernietigd, de klacht wordt gegrond verklaard en de gerechtsdeurwaarder wordt de maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:11 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/620108 / DW RK 16/1324

    Beslissing op verzet. Dwangsomperikelen waarin het laatste (civiele) woord nog niet is gesproken. De kamer is het met de beslissing van de voorzitter eens en verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:4 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/611419/ DW RK 16/712

    Termijn herberekenen beslagvrije voet. Niet reageren op klacht. Een juiste berekening is in hoge mate afhankelijk van informatie die door de schuldenaar moet worden verstrekt. De beslagvrije voet kan eerst op de juiste manier worden berekend op het moment dat de gerechtsdeurwaarder de beschikking heeft over deze informatie. Op grond van de feiten is de ontstane vertraging in de herberekening van de beslagvrije voet grotendeels toe te rekenen aan klager. De gerechtsdeurwaarder heeft niet gereageerd op een klacht ondanks een uitdrukkelijke toezegging daartoe. Klacht deels gegrond, geen maatregel opgelegd.

  • ECLI:NL:TGDKG:2018:5 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/611416/ DW RK 16/711

    Leggen van conservatoir loonbeslag zonder dat er verlof was verleend. Het beslag is ten onrechte gelegd. Het behoort tot de taak van degene die de exploten gaat betekenen te controleren of de exploten wel aan de wettelijke vereisten voldoen. Dat is hier niet (juist) gedaan zodat de klacht gegrond dient te worden verklaard. Maatregel van berisping opgelegd.

  • ECLI:NL:TGDKG:2017:222 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/625180 / DW RK 17/251

    Beslissing op verzet. Het verzet is te laat ingediend en wordt niet-ontvankelijk verklaard.