Zoekresultaten 21801-21820 van de 48158 resultaten

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:87 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-924/DH/DH/D

    Verweerder is tenminste twee maal niet verschenen op een zitting zonder zijn cliënten en de rechters daarvan (tijdig) in kennis te stellen. Van overmacht was geen sprake. Verweerder heeft zijn cliënten verder niet gewezen op de goede en kwade kansen van de te voeren procedures en ook niet op de financiële risico’s. Ook de juridische kwaliteit van de dienstverlening van verweerder was ondermaats. Van dit alles maakt de raad verweerder een ernstig tuchtrechtelijk verwijt. Verweerder voldoet op verschillende fronten niet aan de professionele standaarden die gelden in de advocatuur. Ter zitting is gebleken dat verweerder geen blijk van inzicht geeft in de onjuistheid van zijn gedragingen en dat baart de raad grote zorgen. De raad acht gelet op de ernst van de fouten de maatregel van berisping passend. Daarbij heeft de raad rekening gehouden met het feit dat verweerder niet eerder tuchtrechtelijk veroordeeld is.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:59 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-252

    Deels gegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater heeft in haar rapport, in het kader van de rijbewijskeuring, de psychiatrische diagnose alcoholmisbruik in ruime zin niet gebaseerd op afdoende psychiatrisch onderzoek en kan uit het oogpunt van vakkundigheid en zorgvuldigheid de tuchtrechtelijke toets der kritiek niet doorstaan. Het onderzoek is te routinematig en oppervlakkig geweest. Het inzage- correctie en blokkeringsrecht is wel met klaagster besproken. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:53 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-260a

    Gegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater had in zijn rapport, in het kader van de rijbewijskeuring, niet blindelings ervan uit mogen gaan dat de afwijkende leverwaarden van klager volledig te maken hadden met overmatig alcoholgebruik. De laboratoriumwaarden strookten niet met de anamnetische bevindingen, geen sprake van recidive en geen sprake van echte bijzonderheden, alleen van een verhoogde bloeddruk. Het is in beginsel juist dat het niet aan de behandelend arts is maar aan de keurling om een andere oorzaak voor afwijkende laboratoriumwaarden aannemelijk te maken. Het College vindt dit gezien de voornoemde omstandigheden een andere situatie. De psychiater had klager moeten informeren over de verhoogde leverwaarden en de conclusie, alvorens het rapport door te sturen naar het CBR. Het rapport voldoet niet aan de eisen. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:88 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-824/DH/DH

    Klacht over de advocaat van de wederpartij in een familiezaak.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:60 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-298

    Gegronde klacht tegen een gynaecoloog. De gynaecoloog heeft ten onrechte het maken van een uitstrijkje achterwege gelaten, toen sprake was van aanwijzingen van tussentijdse bloedingen dan wel contactbloedingen. Voor de buikklachten van klaagster was uitgebreid gynaecologisch onderzoek, waaronder speculumonderzoek, wel aangewezen. Van het later gebleken doorgegroeide cervixcarcinoom is niet uit te sluiten dat de gynaecoloog afwijkingen bij speculumonderzoek had kunnen constateren. De gynaecoloog heeft zich te veel laten leiden door zijn eerder gestelde diagnose van een climacteriële bloedingsstoornis. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:54 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-249a

    Ongegronde klacht tegen een verzekeringsarts. De lezingen van partijen over het verloop van het consult lopen uiteen, zodat niet kan worden vastgesteld of de verzekeringsarts klachtwaardig heeft gehandeld. De informatie omtrent de sollicitaties van klager mochten een rol spelen bij de beoordeling van de arbeidsgeschiktheid van klager. Niet kan worden vastgesteld dat sprake is van een onjuist rapport met diverse onwaarheden, nu het College geen getuige is geweest en het rapport een weerslag is van het gesprek zoals de verzekeringsarts heeft ervaren. Of de informatie feitelijk juist was, kon de verzekeringsarts toen niet weten. De hersteldmelding was niet onterecht. Voor de afhandeling van interne klachtprocedures door diverse medewerkers kan de verzekeringsarts niet tuchtrechtelijk worden aangesproken. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:24 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/98

    Klacht tegen huisarts, gerelateerd aan de procedure met kenmerk G2017/99. Klaagster verwijt verweerder onder andere dat hij door de jaren heen onvoldoende zorg heeft verleend, het missen van een diagnose, respectloze bejegening van een derde, en geen goede behandeling van klaagsters moeder op diverse momenten. Ten aanzien van twee klachtonderdelen wordt klaagster niet in haar klacht ontvangen, omdat een van beide klachtonderdelen is verjaard en het andere klachtonderdeel betrekking heeft op iemand die niet als (mede)klager optreedt. De overige klachtonderdelen zijn gemotiveerd weersproken en vinden geen steun in het medisch dossier. Klaagster is gedeeltelijk niet-ontvankelijk in haar klacht. Voor het overige is de klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:55 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-235

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De lezingen van partijen over hetgeen zich voor en tijdens het consult heeft afgespeeld lopen uiteen, zodat het College niet vast kan stellen dat de huisarts zich hoorbaar voor derden negatief heeft uitgelaten over klager. Dat de huisarts klager heeft aangeraden de feedback schriftelijk bij haar in te dienen in plaats van direct door te verwijzen naar de formele klachtinstantie om in der minne uit te kunnen komen is acceptabel. De huisarts heeft adequaat gereageerd na opmerkingen van klager over de website. De reactie van de assistente omtrent het verzoek om het medisch dossier te ontvangen was onjuist, maar de huisarts heeft intern deze procedure met de assistente nog doorgesproken. Bij het latere verzoek stond klager inmiddels bij een andere huisarts ingeschreven. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2018:25 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/99

    Klacht tegen huisarts, gerelateerd aan de procedure met kenmerk G2017/98. Klaagster verwijt verweerster onder andere dat zij aan klaagster door de jaren heen onvoldoende zorg heeft verleend, dat zij tweemaal een diagnose zou hebben gemist dan wel te laat gesteld en dat zij klaagster en tevens een derde respectloos zou hebben bejegend. Ten aanzien van één klachtonderdeel wordt klaagster niet in haar klacht ontvangen, omdat het klachtonderdeel betrekking heeft op iemand die niet als (mede)klager optreedt. De overige klachtonderdelen zijn gemotiveerd weersproken en vinden geen steun in het medisch dossier. Klaagster is gedeeltelijk niet-ontvankelijk in haar klacht. Voor het overige is de klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:41 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/434GZP

    De kinderen van klaagster waren in behandeling bij verweerster (GZ-psycholoog). Klaagster dient een klacht in tegen verweerster omdat zij onder andere het vertrouwen van haar dochter ernstig heeft geschaad door een noodkreet van haar dochter op te blazen. Zij heeft hierdoor onnodig leed veroorzaakt. Tevens verwijt klaagster haar het niet inzichtelijk maken van het behandelplan van haar zoon. Klaagster voelt zich geschoffeerd door verweerster. Gegrond. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:76 Raad van Discipline Amsterdam 18-131/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat wederpartij deels kennelijk niet-ontvankelijk en deels kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:70 Raad van Discipline Amsterdam 18-112/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat kennelijk ongegrond. Uit het klachtdossier blijkt niet dat verweerder klaagster onder druk heeft gezet om de voorwaarden waaronder hij een second opinion zou afgeven te accepteren. Het cassatieadvies van verweerder komt de voorzitter niet onjuist of onredelijk voor. Dat verweerder zou hebben geprofiteerd van de zwakheid van klaagster heeft klaagster onvoldoende feitelijk onderbouwd.

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2018:90 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 273/2017

    Klaagster niet-ontvankelijk in klacht tegen radioloog. Verweerder heeft telkens de e-mailberichten ondertekend met zijn voornaam en uit de teksten blijkt niet dat verweerder zichzelf presenteert als radioloog en in die hoedanigheid de verklaring heeft verzocht. Niet aannemelijk is geworden dat verweerder heeft gehandeld in de hoedanigheid van BIG-geregistreerde beroepsbeoefenaar. Het voorgaande leidt ertoe dat klaagster niet-ontvankelijk dient te worden verklaard nu verweerder niet in de hoedanigheid van arts heeft gehandeld en derhalve verweerder terzake van dat handelen niet aan tuchtrechtspraak is onderworpen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:94 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-195

    Klachten over kwaliteit dienstverlening van eigen advocaat in diverse zaken. In een zaak is verweerder niet de met klaagster gemaakte afspraak nagekomen om na het veroordelend vonnis de deurwaarder te benaderen voor een betalingsregeling. Daarnaast is de raad van oordeel dat verweerder risico’s heeft genomen door heel laat appel in te stellen wat hij bovendien achteraf wegens de appelgrens ook nog ten onrechte heeft gedaan. Onvoldoende deskundig handelen. Dat verweerder na de intrekking van het appel toen een (korte) bespreking met klaagster heeft gehad om de reden voor de intrekking van het appel nader toe te lichten, is niet gebleken, terwijl dat naar het oordeel van de raad in de gegeven omstandigheden zorgvuldig was geweest. Daarbij heeft verweerder nauwelijks inzicht getoond richting klaagster in zijn eigen - aan klaagster toegegeven - tekortkomingen door tot in 2016 aanmaningen aan haar te blijven sturen voor de eigen bijdrage. Pas in het kader van deze tuchtrechtelijke procedure heeft verweerder de deken laten weten de eigen bijdrage ook in deze kwestie te zullen crediteren. In zoverre zijn de klachten gegrond. Overige klachten over declaraties en afgifte dossiers ongegrond. Waarschuwing. Rechtsgebied = civiel/ overig

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:64 Raad van Discipline Amsterdam 17-778/A/A

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:77 Raad van Discipline Amsterdam 18-177/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over eigen advocaat in alle onderdelen kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:71 Raad van Discipline Amsterdam 18-111/A/NH

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de kwaliteit van de door verweerder aan klager verleende dienstverlening kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:95 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-350

    Advocaat wederpartij in echtscheidingsgeschil. De juistheid van het verwijt dat verweerder de suggestie heeft gewekt dat hij de alimentatieberekening op basis van de aangeleverde stukken van klager zou baseren, kan de raad niet vaststellen. Het voorstel van verweerder om voor de echtelieden gezamenlijk de belangen te behartigen is door klager niet aanvaard. Verweerder kon daarna op verzoek van zijn cliënte een procedure tegen klager starten en mocht op basis van nieuw feitenmateriaal van zijn cliënte de eerdere aan klager toegezonden alimentatieberekening daaraan aanpassen. Dat verweerder wist of had moeten weten dat sprake was van onjuistheden in die berekening en hij aldus gehouden was geweest om de juistheid daarvan te verifiëren, is onvoldoende concreet met feiten onderbouwd en de raad ook overigens niet gebleken. Voor zover in de andere alimentatieberekening volgens klager nog steeds onjuistheden stonden, heeft klager daartegen in de procedure verweer gevoerd en heeft de rechtbank op basis daarvan ook uitspraak gedaan. Dat daarnaast sprake was van een verplichting tot overlegging van de door verweerder van klager ontvangen (financiële) stukken in de procedure, is de raad, bij gebreke van feiten of omstandigheden die dat verwijt onderbouwen, niet gebleken. klachten ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:65 Raad van Discipline Amsterdam 17-954/A/A

    Klacht over advocaat wederpartij. Verweerder heeft zich zonder toestemming van de wederpartij tot de rechter gewend nadat om een uitspraak is gevraagd. Niet gebleken van bijzondere omstandigheden die een en ander kunnen rechtvaardigen. Klacht gegrond, gelet op specifieke omstandigheden geen maatregel opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2018:78 Raad van Discipline Amsterdam 18-178/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht deels kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een rechtstreeks belang en deels niet-ontvankelijk vanwege tijdsverloop.