Zoekresultaten 41281-41290 van de 48204 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRZWO:2012:YG1970 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle 138/2011

    Raadkamerbeslissing. Klacht tegen een orthopedisch chirurg. Klager verwijt hem dat de operatie ervoor heeft gezorgd dat hij nu veel klachten heeft waaronder niet kunnen lopen. Voor de operatie waren deze klachten er niet. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TACAKN:2012:YH0257 Accountantskamer Zwolle 11/1897 Wtra AK

    Geen PE-punten behaald; kantoortoetsing negatief oordeel; personeelsdossiers niet op orde;in strijd handelen met objectiviteit/onafhankelijkheid inzake beoordelingsopdracht.

  • ECLI:NL:TGZREIN:2012:YG1968 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Eindhoven 11190

    Klaagster verwijt de tandarts dat hij in eerste instantie een foute diagnose heeft gesteld, klaagster het gevoel heeft gegeven dat zij daarvoor verantwoordelijk was, voor de behandeling van beide elementen kosten in rekening heeft gebracht, het obsolete middel Cresophene heeft gebruikt, terwijl hij wist dat klaagster borstvoeding gaf, haar bovendien heeft aangegeven dat zij gerust borstvoeding kon geven, en Cavit als afsluitmiddel heeft gebruikt, terwijl dit doorlatend is met als gevolg dat klaagster een week Cresophene proefde. Gedeeltelijk gegrond.

  • ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2634 Raad van Discipline Arnhem 11-87

    In het licht van de feiten en omstandigheden handelden verweerders niet klachtwaardig door in de conclusie van antwoord te stellen dat de werkgever van klager B eerst bij dagvaarding op de hoogte is gebracht van de schade en daarvoor aansprakelijk is gesteld. Het had op de weg van klager A gelegen eerder duidelijkheid te verschaffen wie als werkgever van klager B moest worden aangemerkt. De verwijzing naar een andere procedure waarin klager A en verweerder C tegenover elkaar staan is in het licht van de omstandigheden niet klachtwaardig

  • ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2635 Raad van Discipline Arnhem 11-83

    Klager niet ontvankelijk in verzet wegens overschrijding verzettermijn.

  • ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2636 Raad van Discipline Arnhem 11-154

    Klager beklaagt zich erover dat de advocaat van de wederpartij ten onrechte een procedure tegen hem begonnen is en tijdens een mondelinge behandeling van 20 augustus 2011 ten overstaan van de behandelend rechter heeft gelogen. Op goede gronden mocht de advocaat aannemen dat de onderhavige procedure noodzakelijk was. Dat advocaat gelogen heeft is niet komen vast te staan.

  • ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2637 Raad van Discipline Arnhem 11-140

    Klaagster verwijt haar advocaat voor haar geen toevoeging te hebben aangevraagd. De raad oordeelt dat er voor de advocaat geen reden bestond om een toevoeging aan te vragen en de advocaat had in de opdrachtbevestiging een uurtarief genoemd. Toen een later wel aangevraagde toevoeging werd afgewezen heeft de advocaat gewezen op de mogelijkheid van peiljaarverlegging terwijl bij klaagster ook enige kennis over het aanvragen van een toevoeging bekend verondersteld mocht worden. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2638 Raad van Discipline Arnhem 11-146

    Klager verwijt zijn advocaat dat hij hem tegen zijn wil is blijven bijstaan. Klacht is niet komen vast te staan.

  • ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2632 Raad van Discipline Arnhem 12-34

    Klacht dat verweerster klaagster van de aanvang van haar werkzaamheden op basis van door de overheid gefinancierde bijstand had moeten bijstaan is kennelijk ongegrond. Verweerster heeft correct gehandeld door telefonisch bij de Raad voor Rechtsbijstand te informeren of klaagster in aanmerking kwam voor door de overheid gefinancierde rechtshulp. Dat de Raad voor Rechtsbijstand later heeft geoordeeld dat klaagster wel in aanmerking komt voor door de overheid gefinancierde rechtshulp maakt dit niet anders. De regels om te bepalen of klaagster als alleenstaande of als eenoudergezin moet worden aangemerkt zijn voor tweeërlei uitleg vatbaar.

  • ECLI:NL:TADRARN:2012:YA2639 Raad van Discipline Arnhem 12-40

    Klagers verwijten het advocatenkantoor, waaraan de advocaten, die hun zaak behandelden, verbonden waren, dat de geleverde prestaties voor teveel geld en voorst dubbel zijn gefactureerd en dat de belangen van klagers onvoldoende en verkeerd zijn behartigd. Voorzittersbeslissing. De klacht van klagers tegen verweerder is in beide onderdelen kennelijk ongegrond, kennelijk niet ontvankelijk en van onvoldoende gewicht.