Zoekresultaten 13371-13380 van de 47966 resultaten
-
ECLI:NL:TADRAMS:2021:86 Raad van Discipline Amsterdam 20-451/A/A
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 19-04-2021
- ECLI:NL:TADRAMS:2021:86
Ongegrond verzet
-
ECLI:NL:TSCTS:2021:5 Tuchtcollege voor de Scheepvaart 2021-05 (2020.V1-UAL Lobito)
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 07-05-2021
- ECLI:NL:TSCTS:2021:5
Op 19 november 2019 in de ochtend heeft men aan boord van het ms UAL Lobito ontdekt dat het schip tijdens slecht weer 2 lege containers (TEU) was verloren. Vermoedelijk is dat gebeurd op 18 november 2019 ter hoogte van Kaap Finisterre terwijl het schip onderweg was van Dakar (Senegal) naar Antwerpen (België). Dit incident is op 19 november 2019 door de reder aan de ILT gemeld.
-
ECLI:NL:TACAKN:2021:32 Accountantskamer Zwolle 20/1901 Wtra AK
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 07-05-2021
- ECLI:NL:TACAKN:2021:32
Klacht over aanbrengen wijzigingen in voor toetsing geselecteerde dossiers; klacht gegrond. Oplegging maatregel van berisping. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene door wijzigingen aan te brengen in een voor toetsing geselecteerd samenstellingsdossier, zonder dit aan de toetsers te melden, niet eerlijk en oprecht heeft opgetreden. Hij heeft daarmee gehandeld in strijd met het fundamentele beginsel van integriteit. De maatregel van tijdelijke doorhaling van de inschrijving voor de duur van één maand zou in dit geval passend en geboden zijn geweest. Betrokkene heeft zich inmiddels echter als accountant uit het register laten uitschrijven, zodat het opleggen van de maatregel van tijdelijke doorhaling niet zinvol is. De Accountantskamer zal daarom de maatregel van berisping opleggen.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2021:87 Raad van Discipline Amsterdam 20-726/A/A
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 19-04-2021
- ECLI:NL:TADRAMS:2021:87
Verzet ongegrond.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2021:98 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2019.372
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 07-05-2021
- ECLI:NL:TGZCTG:2021:98
Klacht tegen oogarts. Klaagster was sinds 1989 bekend op de oogafdeling van het ziekenhuis. De klacht betreft de behandeling van klaagster door de oogarts in de periode december 2010 tot juli 2014. Klaagster verwijt de oogarts dat zij a) geen diagnose dan wel een verkeerde diagnose heeft gesteld, doordat zij geen deugdelijk onderzoek heeft gedaan, b) ondanks herhaald verzoek geen scan heeft laten maken, c) te lang met klaagster heeft gesold met betrekking tot de voorgestelde operatie, waarbij zij zelf geen regie heeft gehouden maar dit heeft overgelaten aan de orthoptist, d) ook toen in 2014 de pucker opnieuw werd geconstateerd, niet in actie is gekomen, maar steeds is blijven hangen op de voorgestelde strabismusoperatie, en e) door het delay in de behandeling ernstige schade aan de ogen van klaagster heeft veroorzaakt, waardoor meerdere operaties nodig zijn geweest in een ander oogziekenhuis. Het Regionaal Tuchtcollege heeft verklaard dat de klacht kennelijk ongegrond is. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het door klaagster ingestelde beroep.
-
ECLI:NL:TACAKN:2021:33 Accountantskamer Zwolle 20/1919 Wtra AK
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 07-05-2021
- ECLI:NL:TACAKN:2021:33
Klacht over aanbrengen wijzigingen in voor toetsing geselecteerde dossiers; klacht gegrond. Oplegging maatregel van tijdelijke doorhaling van de inschrijving voor de duur van één maand. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene door wijzigingen aan te brengen in een voor toetsing geselecteerd samenstellingsdossier, zonder dit aan de toetsers te melden, niet eerlijk en oprecht heeft opgetreden. Hij heeft daarmee gehandeld in strijd met het fundamentele beginsel van integriteit. De maatregel van tijdelijke doorhaling van de inschrijving voor de duur van één maand is passend en geboden.
-
ECLI:NL:TADRAMS:2021:88 Raad van Discipline Amsterdam 21-269/A/A
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 26-04-2021
- ECLI:NL:TADRAMS:2021:88
Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond. Niet is komen vast te staan dat verweerder identiteitsfraude heeft gepleegd.
-
ECLI:NL:TNORARL:2020:44 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/369184 KL RK 20-50
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 24-12-2020
- ECLI:NL:TNORARL:2020:44
Door de akte van aanvaarding en overdracht executele van 11 april 2020 te laten passeren heeft de notaris willens en wetens de schorsingsbeslissing van de kantonrechter van 13 januari 2020 genegeerd, terwijl de aard en strekking van de schorsingsbeslissing voor hem duidelijk geweest moeten zijn. De notaris had de eindbeslissing op het ontslagverzoek moeten afwachten, alvorens al dan niet de executele te aanvaarden en/of over te dragen. Anders dan de notaris meent, is naar het oordeel van de kamer niet gebleken dat destijds sprake was van (acute) noodzaak tot beheer van de nalatenschap of van gegronde vrees dat de nalatenschap langere tijd onbeheerd zou blijven.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2021:100 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.130
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 07-05-2021
- ECLI:NL:TGZCTG:2021:100
Klacht tegen oogarts. Klager is op datum X in het oogheelkundig centrum gezien tijdens een spoedconsult door de oogarts. Twee weken later heeft klager naar het oogheelkundig centrum gebeld in verband met nieuwe klachten aan het oog. Hij kon pas een week later terecht voor een afspraak. Diezelfde avond is in een ander ziekenhuis een netvliesloslating geconstateerd en is klager geopereerd. Enkele maanden later heeft een klachtgesprek plaatsgevonden tussen klager en de oogarts. Klager verwijt de oogarts dat a) hij klager tijdens het spoedconsult op datum X niet zorgvuldig heeft onderzocht, hij op datum X niet naar klager heeft geluisterd en hij op datum X een controle afspraak heeft gemaakt voor zes weken later, b) klager pas een week later terecht kon voor een afspraak toen hij twee weken na datum X belde in verband met nieuwe klachten, en c) hij klager tijdens het klachtgesprek onprettig heeft bejegend. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klachtonderdeel 2 gegrond verklaard, klachtonderdeel 3 gedeeltelijk gegrond verklaard, aan de arts de maatregel van waarschuwing opgelegd en de klacht voor het overige afgewezen. Het beroep van de arts richt zich tegen de gegrondverklaring van klachtonderdeel 2 en de gedeeltelijke gegrondverklaring van klachtonderdeel 3. Het incidenteel beroep van klager richt zich tegen de ongegrondverklaring van klachtonderdeel 1 en de gedeeltelijke ongegrondverklaring van klachtonderdeel 3. Het Centraal tuchtcollege beslist conform het Regionaal Tuchtcollege en verwerpt beide beroepen.
-
ECLI:NL:TGZCTG:2021:99 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag c2020.081
- Datum publicatie: 07-05-2021
- Datum uitspraak: 07-05-2021
- ECLI:NL:TGZCTG:2021:99
Klacht tegen verpleegkundige. Klaagster is dochter, mentor en wettelijk vertegenwoordiger van patiënte. De verpleegkundige was werkzaam in het verpleeghuis waar patiënte woonde. De echtgenoot van klaagster was de huisarts van patiënte. Na het overlijden van patiënte is de verpleegkundige door de politie als getuige gehoord over de gebeurtenissen rond de dood van patiënte. Klaagster heeft 6 klachtonderdelen geformuleerd en verwijt de verpleegkundige dat zij het beroepsgeheim heeft geschonden, ondeskundige uitspraken heeft gedaan, geruchten heeft verspreid en bij de medicatieverstrekking zwaarwegende fouten heeft gemaakt. Het Regionaal Tuchtcollege heeft klaagster deels niet-ontvankelijk verklaard en de klacht voor het overige afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1337
- Pagina: 1338
- Pagina: 1339
- ...
- Pagina: 4797
- Volgende pagina zoekresultaten