Zoekresultaten 9201-9210 van de 48384 resultaten

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:26 Hof van Discipline 's Gravenhage 210372

    Klacht over eigen advocaat. Voortzetting procedure door deken op grond van algemeen belang. Met de raad rekent het hof verweerder zwaar aan dat hij gedurende de behandeling van het echtscheidingsverzoek van klaagster de belangrijke kernwaarde van (financiële) integriteit heeft geschonden. Het hof is van oordeel dat verweerder bij de behartiging van de belangen van klaagster teveel zijn eigen financiële belangen heeft laten meewegen, in het bijzonder door buitensporig te declareren en zijn cliënte te willen faciliteren bij het afsluiten van een lening met voor klaagster bijzonder bezwarende voorwaarden om zijn declaraties te voldoen. Bekrachtiging. Berisping.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:20 Hof van Discipline 's Gravenhage 220034

    Klager (verdachte en kroongetuige in een strafzaak) verwijt verweerder dat hij zijn geheimhoudingsplicht heeft geschonden en – na beëindiging van de samenwerking – geheimhoudersstukken aan de deken en het Openbaar Ministerie heeft verstrekt. De raad heeft beide klachtonderdelen gegrond verklaard. Het hof bekrachtigt de beslissing van de raad. Het hof sluit zich aan bij het oordeel van de raad dat verweerder meermalen de geheimhoudingsplicht (kernwaarde vertrouwelijkheid) tegenover klager, een voormalig cliënt, heeft geschonden. Deze schendingen hebben bovendien plaatsgevonden in het kader van een maatschappelijk belangwekkende en gevoelige strafzaak. Verweerder had geen gerechtvaardigd belang om zo te handelen en van hem had uiterste terughoudendheid en voorzichtigheid mogen worden verwacht.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2023:44 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/4487

    Kennelijk ongegronde klacht tegen een huisarts. Klager had in de Covid-19 pandemie een consult bij een collega van verweerder. Op de doktersjas van deze collega stond een piemel getekend. Toen klager dat zag, is hij weggelopen uit het consult zonder uit te leggen waarom. Ruim anderhalf jaar later begreep de huisarts pas waarom klager was weggelopen en is in een gesprek, in het bijzijn van verweerder, uitleg aan klager gegeven. Volgens klager heeft verweerder allerlei verhalen verzonnen en hield hij de leugens van zijn collega in stand, terwijl hij wist dat het leugens waren. Verweerder heeft verweer gevoerd. Hij was op verzoek van zijn collega aanwezig tijdens het gesprek met klager. Het college is van oordeel dat de huisarts een aannemelijke verklaring heeft gegeven voor de aanwezigheid van een geslachtsdeel op haar doktersjas. Vanwege tekort aan persoonlijke beschermingsmiddelen, waaronder doktersjassen, had de praktijk laboratoriumjassen geleend van verschillende scholen. Op verschillende jassen stonden tekeningen, zo ook op de jas van de huisarts van klager. Dat verweerder die verklaring niet heeft afgedaan als leugen, acht het college niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Het college is niet gebleken dat verweerder tuchtrechtelijk een verwijt kan worden gemaakt. De klacht is kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:27 Hof van Discipline 's Gravenhage 210245

    Bekrachtiging beslissing raad betreffende advocaat van de wederpartij. Bij het leggen van beslag is verweerster niet met de vereiste deskundigheid en niet proportioneel te werk is gegaan. Omdat partijen nadere afspraken gemaakt hadden, kon verweerster niet meer terugvallen op de alimentatiebeschikking en op grond daarvan executoriaal beslag leggen. Bovendien is beslag gelegd voor buitenproportioneel bedrag en is verweerster na betaling van de achterstand niet overgegaan tot opheffing van het beslag. Daarvoor was een kort geding nodig. Berisping

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:21 Hof van Discipline 's Gravenhage 220142

    Klacht over voormalig advocaat. Verweerder heeft de ex-echtgenoot van klaagster bijgestaan in kwesties waarin de belangen van klaagster en haar ex-echtgenoot tegenstrijdig waren. Naar het oordeel van het hof is verweerders optreden in strijd met artikel 46 Advocatenwet en de kernwaarden integriteit en partijdigheid. Dit optreden van verweerder en de daarbij door hemzelf gecreëerde mist rondom de rol die hij aannam tegenover klaagster (huisvriend, juridisch adviseur of advocaat van de ex-echtgenoot) heeft zich bovendien over een lange periode uitgestrekt. Verweerder had professionele distantie moeten betrachten en zich als advocaat moeten onttrekken in genoemde kwesties. Dat verweerder dit heeft nagelaten acht het hof tuchtrechtelijk ernstig verwijtbaar. Het hof bekrachtigt de door de raad opgelegde maatregel van (onvoorwaardelijke) schorsing in de praktijkuitoefening voor de duur van vier weken met veroordeling van verweerder in de kosten.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2023:45 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2022/3913

    Ongegronde klacht tegen een dermatoloog. Klaagster is de moeder van patiënt. Patiënt is minderjarig. Klaagster en de vader van patiënt zijn gescheiden. Patiënt heeft sinds jonge leeftijd last van recidiverende herpes in het gezicht. Verweerster is de zus van de vader van patiënt. Verweerster heeft herhaalrecepten valaciclovir voor patiënt uitgeschreven. Verweerster is niet de behandelend dermatoloog van patiënt. De klacht houdt met name in dat de herhaalrecepten tegen de wil en achter de rug van klaagster om zijn uitgeschreven. Verweerster heeft aangevoerd dat klaagster wel kan klagen over punten waarbij zij een eigen rechtstreeks belang heeft, maar niet kan optreden als wettelijk vertegenwoordiger van haar zoon en derhalve niet namens hem kan klagen. Het college verklaart klaagster niet-ontvankelijk voor zover zij namens patiënt klaagt. Het college is evenwel van oordeel dat klaagster, als moeder van patiënt, een eigen rechtstreeks belang heeft bij de klachtonderdelen en om die reden in alle klachtonderdelen kan worden ontvangen. Gelet op alle omstandigheden is het college van oordeel dat verweerster, hoewel zij had moeten verifiëren of ook de moeder als gezag dragende ouder instemde met de herhaalrecepten, tuchtrechtelijk binnen de grenzen van het toelaatbare is gebleven. Het college acht daarbij doorslaggevend dat valaciclovir een voor de aandoening (herpes) gebruikelijk middel is, waaraan weinig risico’s zijn verbonden. Voorts heeft het college de overtuiging gekregen dat verweerster bij haar beslissing om herhaalrecepten te verstrekken het belang van patiënt voorop heeft gesteld. Het college heeft niet kunnen vaststellen dat de relatie tussen klaagster en de vader van patiënt en/of de gezondheid van patiënt door het handelen van verweerster is verslechterd respectievelijk in gevaar is gebracht of geschaad. Het college verklaart de klacht in alle onderdelen ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2023:12 Accountantskamer Zwolle 22/1427 Wtra AK

    Klacht gedeeltelijk gegrond, waarschuwing. Betrokkene is de accountant van de broer en vader van klaagster 1 en is daarnaast de accountant van klaagsters geweest. De vader heeft in 2016 zijn aandelen in het familiebedrijf geschonken aan klaagster 1 en haar broer, waarbij een call-optie voor de broer is vastgelegd. In maart 2021 heeft de broer klaagsters verzocht om mee te werken aan het overzetten van deze call-optie naar zijn nieuwe vennootschap. Klaagsters hebben, nadat zij betrokkene om uitleg hadden gevraagd, daaraan meegewerkt. Daarna is er een geschil gerezen tussen klaagsters en de broer over de uitoefening van de call-optie, wat heeft geleid tot een civiele procedure. Betrokkene heeft ten behoeve van deze procedure in een brief aan de broer vragen van zijn advocaat beantwoord. Klaagsters verwijten betrokkene dat zij heeft gehandeld in strijd met de fundamentele beginselen van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid, objectiviteit, vertrouwelijkheid en integriteit. Volgens klaagsters heeft betrokkene hen (onder meer) onjuist voorgelicht over het overzetten van de call-optie, heeft zij het belang van de broer en vader vooropgesteld en heeft zij klantenkennis over klaagsters opgenomen in de brief. De Accountantskamer is van oordeel dat betrokkene heeft gehandeld in strijd met het fundamentele beginsel van vertrouwelijkheid, omdat zij zonder toestemming van klaagsters informatie over hen heeft gedeeld met de broer. De klacht is in zoverre gegrond. Van schending van de overige fundamentele beginselen is geen sprake. Daarom is de klacht voor het overige ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2023:22 Hof van Discipline 's Gravenhage 220052

    Bekrachtiging beslissing raad. Advocaat van de wederpartij heeft met klager een afspraak gemaakt over uitbetaling van de overwaarde van woning, terwijl zij op dat moment wist dat deze afspraak niet nagekomen zou worden. Een paar uur na het maken van de afspraak heeft zij verlof gevraagd voor het leggen van conservatoir beslag op het deel van de overwaarde dat volgens die afspraak aan klager zou worden uitgekeerd. Verweerster heeft erkend dat het nooit de bedoeling is geweest dat klager het geld zou krijgen. Misleiding, in strijd met kernwaarde integriteit. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2023:23 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 22-424/DB/OB 22-426/DB/OB

    Verzet. De voorzitter heeft bij de beoordeling van de klachten de juiste maatstaf toegepast en voorts rekening gehouden met alle relevante feiten en omstandigheden van het geval. Klachten die voor het eerst in het kader van de behandeling door de voorzitter naar voren zijn gebracht zijn terecht buiten de beoordeling gelaten omdat nieuwe klachten eerst aan de deken dienen te worden voorgelegd. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2023:27 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-689/AL/NN/D

    Dekenbezwaar. De raad stelt vast dat verweerder blijkens twee uitspraken van het Hof van Discipline al eerder toezichtondermijnend heeft gehandeld jegens de deken door opgevraagde dossiers niet tijdig af te geven. Verweerder is met zijn toezichtondermijnende gedrag, weliswaar op een andere manier, doorgegaan. Hij heeft op drie momenten aan de deken gerichte e-mails met zeer grievende bewoordingen en aantijgingen (o.a. fraude, bedrog, manipulatie) over de (persoon van de) deken in steeds bredere kring verspreid en gedreigd met verdere verspreiding ook naar de pers. Naar het oordeel van de raad is dit een opstelling en wijze van handelen van verweerder zoals een behoorlijk advocaat absoluut niet betaamt. Met de door hem gekozen bewoordingen in bedoelde drie e-mails is hij naar het oordeel van de raad de grenzen van de hem toekomende vrijheid van meningsuiting ver te buiten gegaan, temeer daar de deken zich tegenover deze personen over de genoemde kwesties niet kon verdedigen vanwege haar geheimhoudingsplicht. Daarnaast heeft verweerder zich welbewust op de persoon van de deken gericht en heeft er, net als tegen de vorige deken, een persoonlijke vete van gemaakt met de intentie om haar te schaden. Zoals het hof al heeft overwogen in de beslissing van 7 november 2022 getuigt de houding van verweerder niet alleen van een gebrek van respect voor de onherroepelijke beslissingen van het hof, maar bovenal van gebrek aan respect voor het volstrekt gelegitimeerde toezicht van de deken waaraan ook verweerder zich dient te onderwerpen. Verweerder heeft in strijd met artikel 46 Aw en artikel 10a lid 1 sub d Aw volstrekt niet integer gehandeld. Gezien de uitlatingen van verweerder tijdens de zitting, dat hij zichzelf als klokkenluider ziet en niet zal stoppen tot de deken zijn waarheid zal vertellen, het niet inzien van het laakbare van zijn handelen, het niet willen toepassen van de regels die voor alle advocaten gelden en gezien zijn aanzienlijke tuchtrechtelijke verleden van recent een onvoorwaardelijke schorsing, is schrapping van verweerder noodzakelijk.