Zoekresultaten 10051-10060 van de 48158 resultaten
-
ECLI:NL:TADRSGR:2022:155 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-714/DH/A/W
- Datum publicatie: 26-09-2022
- Datum uitspraak: 26-09-2022
- ECLI:NL:TADRSGR:2022:155
Wrakingsverzoek kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:200 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 22-493/AL/NN
- Datum publicatie: 26-09-2022
- Datum uitspraak: 26-09-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:200
Dekenbezwaar. Verweerder heeft als voormalige strafrechtadvocaat in de krant en in een documentaire gesteld dat zijn voormalige cliënt tegen verweerder gezegd zou hebben dat hij betrokken was bij de moord op een zevenjarig meisje. Verweerder heeft daarmee zijn geheimhoudingsplicht - één van de belangrijkste kernwaarden van de advocatuur - op een zeer ernstige wijze geschonden. Verweerder heeft jaren geleden, na overleg met de deken, deze kennis gedeeld met een officier van justitie. De recente schendingen dienden geen enkel gerechtvaardigd belang meer. De aard en de ernst van dit handelen van verweerder rechtvaardigen zonder meer de oplegging van een zware maatregel. Voorts acht de raad - mede gelet op het artikel in NRC waarin verweerder (ten onrechte) de indruk heeft gewekt dat hij niet meer op zijn handelen kan worden aangesproken omdat hij geen advocaat meer is - van belang dat de op te leggen maatregel in de richting van de beroepsgroep en de maatschappij ook een normbevestigend effect zal hebben. Gelet op het voorgaande is de raad van oordeel dat schrapping van het tableau de enige passende maatregel is.
-
ECLI:NL:TADRARL:2022:201 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 21-917/AL/MN
- Datum publicatie: 26-09-2022
- Datum uitspraak: 26-09-2022
- ECLI:NL:TADRARL:2022:201
Raadsbeslissing. Klacht tegen advocaat wederpartij. In een echtscheidingszaak heeft verweerster in een verweerschrift geschreven dat de man een gokverslaving heeft. Verweerster had zich kunnen beperken tot de mededeling dat klager volgens haar cliënte veel gokt, zonder daaraan een kwalificatie of een conclusie, inhoudende een diagnose, te verbinden. De opmerking is onnodig grievend. Klacht deels gegrond. Waarschuwing.
-
ECLI:NL:TAHVD:2022:139 Hof van Discipline 's Gravenhage 220237
- Datum publicatie: 23-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TAHVD:2022:139
Beklag ex art. 13 Aw. Naar het oordeel van het hof blijkt uit de overgelegde stukken niet dat klaagster geen advocaat bereid heeft gevonden om te beoordelen of er juridische mogelijkheden bestaan om met enige kans op succes cassatie in te stellen. Beklag ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2022:152 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-613/DH/RO
- Datum publicatie: 23-09-2022
- Datum uitspraak: 21-09-2022
- ECLI:NL:TADRSGR:2022:152
Voorzittersbeslissing. Klacht tegen de advocaat van de wederpartij kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TADRSGR:2022:153 Raad van Discipline 's-Gravenhage 22-616/DH/RO
- Datum publicatie: 23-09-2022
- Datum uitspraak: 21-09-2022
- ECLI:NL:TADRSGR:2022:153
Voorzittersbeslissing. Klacht over belangenverstrengeling kennelijk ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:29 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/10
- Datum publicatie: 22-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:29
Het BFT verwijt mr. X (een voormalig toegevoegd notaris) dat hij op grote schaal onrechtmatige kadastrale inzages heeft gedaan en als gevolg daarvan de (financiële) belangen van een oud-werkgever en van derden heeft geschaad. Volgens het BFT heeft mr. X in strijd gehandeld met artikel 17 Wna en artikel 2 Verordening beroeps- en gedragsregels 2011 en daarmee het vertrouwen in het notariaat en zijn eigen beroepsuitoefening geschaad.De kamer heeft de klacht gegrond verklaard. Een notaris, kandidaat-notaris of toegevoegd notaris mag de registers van het kadaster via een zakelijk portaal alleen raadplegen, indien dit noodzakelijk is voor de uitoefening van het notarisambt. Het feit dat mr. [X] op grote schaal ten onrechte de inloggegevens van oud-collega’s heeft gebruikt om het online zakelijk portaal van het kadaster te raadplegen voor niet-zakelijke doeleinden op kosten van een oud-werkgever, raakt in ernstige mate het vertrouwen dat de maatschappij in een notaris moet kunnen stellen. Daarbij neemt de kamer in aanmerking dat het gaat om langdurig tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen (bijna zes jaar lang), waardoor mr. [X] niet alleen het aanzien van het ambt heeft geschaad, maar ook financiële schade heeft toegebracht aan zijn oud-werkgever én de privacy van derden heeft geschaad.In alle in de beslissing genoemde omstandigheden ziet de kamer aanleiding om niet de zwaarste maatregelen op te leggen (een ontzegging van de bevoegdheid om waar te nemen voor onbepaalde duur en een ontzegging van de bevoegdheid om als toegevoegd notaris op te treden voor onbepaalde duur), maar te volstaan met een ontzegging van de bevoegdheid om waar te nemen voor de duur van vijf jaar en een ontzegging van de bevoegdheid om als toegevoegd notaris op te treden voor de duur van vijf jaar.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:30 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/4
- Datum publicatie: 22-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:30
Niet tijdige afgifte van het legaat van een geldsom aan klager. De notaris, die door erflaatster als executeur was benoemd, heeft het legaat pas bijna een jaar na het overlijden van erflaatster uitgekeerd, terwijl erflaatster had bepaald dat dit binnen 6 maanden moest gebeuren. Hoewel er door omstandigheden die buiten de invloedssfeer van een executeur liggen vertraging kan ontstaan bij de afgifte van een legaat, is de kamer van oordeel dat de vertraging in deze zaak in belangrijke mate samenhangt met het handelen/nalaten van de notaris, waarbij de kamer mede in aanmerking neemt dat zij klager in het ongewisse heeft gelaten over de stand van zaken. Daardoor heeft de notaris het vertrouwen van klager in het notariaat geschonden. Klacht gedeeltelijk gegrond, waarschuwing met openbaarheid van de opgelegde maatregel en proceskostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:31 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/5 en 6
- Datum publicatie: 22-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:31
Poortwachtersfunctie notaris en kandidaat-notaris bij aandelenoverdrachten in 2017, 2018 en 2019. BFT heeft klachten ingediend n.a.v. mededelingen van de Belastingdienst: beroep op niet-ontvankelijkheid verworpen. Klachten over schending onderzoeksplicht, overtreding verplichting tot (verscherpt) cliëntenonderzoek, schending plicht tot dienstweigering en overtreding meldingsplicht gegrond. In 2019 is een akte van aandelenoverdracht gepasseerd voor een koopsom van € 1,00, terwijl zulke overdrachten voor een symbolisch bedrag van € 1,00 al vanaf 2014 met zoveel woorden werden genoemd als praktijkvoorbeeld van een ongebruikelijke transactie. Bovendien had de betrokken onderneming een negatief eigen vermogen, was sprake van spoed bij het passeren van de akte, kwamen de aandelen met terugwerkende kracht voor rekening en risico van een Bulgaarse koper, die werd bijgestaan door een tolk omdat hij de Nederlandse taal (waarin de akte was opgesteld) niet beheerste, terwijl voorafgaand aan het passeren van de akte niet deze koper maar een derde als bestuurder stond ingeschreven bij het Handelsregister. Dat zelfs die transactie geen aanleiding heeft gevormd om “de alarmbellen te doen afgaan”, nader onderzoek te verrichten, dienst op te schorten/te weigeren en melding te maken van een voorgenomen ongebruikelijke transactie bevestigt de kamer in haar oordeel dat de notarissen – niettegenstaande het feit dat zij nog geen twee weken daarvoor hun werkzaamheden ten behoeve van twee tussenpersonen hadden beëindigd omdat naar hun zeggen notariskantoren in verband met verscherpte regelgeving meer inhoudelijk moesten rechercheren en zij in verband met die werkzaamheden al een melding hadden gedaan bij FIU-Nederland – zich destijds onvoldoende bewust waren van de (zorgvuldigheids)eisen die op grond van de Wna en de Wwft aan hen werden gesteld. Waarschuwing en kostenveroordeling.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2022:28 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2022/27
- Datum publicatie: 22-09-2022
- Datum uitspraak: 19-09-2022
- ECLI:NL:TNORSHE:2022:28
De klacht gaat - samengevat - over de wijze waarop de notaris zijn werkzaamheden als executeur van de nalatenschap van de heer [A] heeft verricht. De voorzitter van de kamer heeft geoordeeld dat deze klacht, met precies dezelfde verwijten als een voorgaande klacht (waarop al onherroepelijk is beslist) kennelijk niet-ontvankelijk is. De kamer volgt de voorzitter in zijn oordeel dat het ne-bis-in-idem-beginsel ertoe leidt dat deze klacht kennelijk niet-ontvankelijk is en heeft het verzet van klager tegen de beslissing van de voorzitter daarom ongegrond verklaard.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 1005
- Pagina: 1006
- Pagina: 1007
- ...
- Pagina: 4816
- Volgende pagina zoekresultaten