Zoekresultaten 1991-2000 van de 3040 resultaten
-
ECLI:NL:TNOKAMS:2013:11 Kamer van toezicht Amsterdam 527768 / NT 12-54 J
- Datum publicatie: 16-10-2013
- Datum uitspraak: 16-07-2013
- ECLI:NL:TNOKAMS:2013:11
Niet gebleken is dat de notaris met deze mogelijke aanspraken rekening heeft gehouden bij de afwikkeling van de nalatenschap. De door klager gestelde feiten en omstandigheden vormden immers een voldoende grond voor de notaris om zijn ministerie op te schorten in die zin dat hij alvorens tot uitbetaling over te gaan zich in ieder geval van de stand van zaken inzake mogelijke vaststelling van vaderschap zou hebben vergewist. Hij had daartoe met de raadsman die zich namens klager bij hem gemeld had contact op kunnen nemen. Zou hij dat hebben gedaan, dan zou hem zijn gebleken dat een actie inzake vaststelling van vaderschap aanhangig was. Dat zou reden moeten zijn om het bij hem aanwezige saldo op de derdengeldrekening van het kantoor onder zich te houden tot in de vaderschapsactie bij in kracht van gewijsde gegane uitspraak zou zijn beslist (vgl. art. 6:37 Burgerlijk Wetboek). Nu de notaris de erfenis heeft uitbetaald terwijl hij wist dat er vermoedelijk een biologische zoon was, zonder zich ervan te vergewissen dat geen vaststelling vaderschap te verwachten was, oordeelt de kamer dat de notaris hierin onvoldoende zorgvuldig heeft gehandeld.
-
ECLI:NL:TNOKAMS:2013:12 Kamer van toezicht Amsterdam 532465 / NT 12-73 J
- Datum publicatie: 16-10-2013
- Datum uitspraak: 05-09-2013
- ECLI:NL:TNOKAMS:2013:12
Echter, ten aanzien van het gedeelte van de declaratie dat betrekking heeft op de in rekening gebrachte uren voor de klachtafhandeling van onderhavige procedure oordeelt de kamer dat het de notaris niet past om de kosten van onderhavige tuchtprocedure in rekening te brengen bij klaagster. Mitsdien is de notaris onvoldoende zorgvuldig geweest jegens klaagster en oordeelt de kamer dit klachtonderdeel gegrond.
-
ECLI:NL:TNOKAMS:2013:8 Kamer van toezicht Amsterdam 531786 / NT 12-71 Pee 531789 / NT 12-72 Pee
- Datum publicatie: 15-10-2013
- Datum uitspraak: 17-01-2013
- ECLI:NL:TNOKAMS:2013:8
Hoewel vanaf de toezending van de conceptakte in oktober 2008 de strekking van de akte van verdeling kenbaar was voor klager, kan niet worden uitgesloten dat hij op grond van feiten of omstandigheden die zich hebben voorgedaan vanaf 5 januari 2009 – drie jaar vóór de indiening van de klacht – tot de overtuiging is gekomen dat hij zonder enig nadeel voor hemzelf de akte van verdeling op 2 juli 2009 kon ondertekenen en de verplichtingen die daaruit voor hem voortvloeiden op zich kon nemen. Hoewel klager naar het oordeel van de voorzitter thans niet meer kan klagen over bepalingen in die akte van verdeling die hem al uit de conceptakte bekend waren omdat de termijn waarbinnen dat kon is overschreden, kan hij nog wel klagen over feiten die aan verweersters zouden kunnen worden verweten die dateren vanaf 5 januari 2009 en waardoor hij ertoe is gebracht tot ondertekening van de akte van verdeling over te gaan terwijl die akte nadelig voor hem uitpakte.
-
ECLI:NL:TNOKAMS:2013:9 Kamer van toezicht Amsterdam 535019/ NT 13-5 B 535021/ NT 13-6 B
- Datum publicatie: 15-10-2013
- Datum uitspraak: 05-04-2013
- ECLI:NL:TNOKAMS:2013:9
Anders dan klager veronderstelt, begint – volgens geldende jurisprudentie - de vervaltermijn van drie jaren voor het indienen van een klacht bij de kamer te lopen vanaf het moment dat klager kennisneemt van het klachtwaardig handelen (of nalaten) van de notaris. Vast staat dat klager al sinds 29 maart 2008 bekend is met het handelen van de notaris en de kandidaat-notaris. Vanaf dat moment is de vervaltermijn ingegaan. Dat klager later, - naar zijn zeggen - in maart 2011, tot de opvatting kwam dat voornoemd handelen klachtwaardig was, doet daar niet aan af.
-
ECLI:NL:TNOKAMS:2013:10 Kamer van toezicht Amsterdam 536412/ NT 13-11 536417/ NT 13-12
- Datum publicatie: 15-10-2013
- Datum uitspraak: 25-10-2013
- ECLI:NL:TNOKAMS:2013:10
Ingevolge artikel 43 Wna jo. artikel 5 Verordening Beroeps- en gedragsregels 2011 is de notaris verplicht om voorafgaand aan het verlijden van een akte partijen zo nodig te wijzen op de gevolgen die voor een of meer van hen uit de inhoud van de akte voortvloeien. Verweerders hebben weliswaar uitgelegd aan klager dat hij door ondertekening van de akte van verdeling een renteloze geldvordering op [A] verkreeg ter hoogte van zijn erfdeel. Maar uit de onder 5.2 van onderhavige beslissing genoemde bescheiden noch uit de overige stukken van het dossier blijkt dat verweerders in de periode vóór ondertekening op 27 juli 2009 klager daadwerkelijk hebben gewezen op het feit dat hij daarmee zijn eigendomsrecht op een deel van de woning prijs gaf voor een niet door zekerheid gedekte geldvordering op [A]. Verweersters stellen dat zij klager voldoende hebben voorgelicht omtrent de consequenties van ondertekening van de akte van verdeling en dan met name omtrent de zekerheidsstelling van zijn vorderingsrecht en verwijzen daartoe naar een e-mail van 8 maart 2011 aan klager, waarin onder meer het volgende vermeld staat: Verder was in [erflaatster’s] testament geregeld dat [A] geen zekerheid hoeft te stellen. Dit betekent dat u niet van [A] kunt eisen dat zij garandeert dat uw erfdeel in tact blijft. Dit schrijven is echter gedateerd ruim 1,5 jaar na ondertekening van de akte van verdeling. Maar bovendien gaat dit verweer voorbij aan het klachtwaardige van het advies van verweerders, te weten dat zij nagelaten hebben klager erop te wijzen dat hij zekerheid had kunnen bedingen bij toedeling van zijn deel van de woning aan [A] tegen verkrijging van een renteloze geldvordering op [A]. Dat in het testament was geregeld dat [A] geen zekerheid hoefde te stellen, is in dit verband niet relevant, aangezien er nu juist een regeling werd getroffen die afweek van het de in het testament geregelde.
-
ECLI:NL:TNOKAMS:2013:7 Kamer van toezicht Amsterdam 523460/NT 12-40 B
- Datum publicatie: 15-10-2013
- Datum uitspraak: 28-05-2013
- ECLI:NL:TNOKAMS:2013:7
Een notaris die tot executeur in een nalatenschap is benoemd, dient bij de afwikkeling van deze nalatenschap in het geval van een mogelijke aanspraak van een legitimaris op deze nalatenschap voldoende inlichtingen aan hem of haar te geven en hem of haar bij te staan bij diens mogelijke aanspraken op genoemde nalatenschap. Uit de stukken van het dossier blijkt dat de notaris zelf en zijn boekhouder de heer [naam] regelmatig hebben geantwoord op de brieven van klagers en van hun adviseur mr. [naam] en hen verscheidene gegevens hebben verstrekt. Vast staat voorts dat de notaris op 24 juni 2011 een bespreking heeft gevoerd met klagers en op 8 augustus 2011 het testament van de overleden echtgenoot van erflaatster (vader van klager sub 1) aan klagers heeft toegezonden. Na een uitvoerige briefwisseling tussen de notaris dan wel zijn boekhouder enerzijds en klagers dan wel hun adviseur anderzijds, is uiteindelijk op 8 en 10 juni 2012 overeenstemming bereikt ten aanzien van de - door klagers inmiddels ontvangen - legitieme portie, onder voorbehoud van definitieve vaststelling van de omvang van de nalatenschap van erflaatster door de Belastingdienst. De kamer oordeelt dat op grond van de stukken uit het dossier in onderhavig geding niet blijkt dat de notaris niet alle bescheiden welke hij tot zijn beschikking had, heeft toegezonden.
-
ECLI:NL:TNOKAMS:2013:6 Kamer van toezicht Amsterdam 530965 / NT 12-65 J 530968 / NT 12-66 J 530969 / NT 12-67 J
- Datum publicatie: 27-09-2013
- Datum uitspraak: 17-09-2013
- ECLI:NL:TNOKAMS:2013:6
Klagers is geen belanghebbende bij de klacht. Klacht niet-ontvankelijk.
-
ECLI:NL:TNOKSHE:2013:10 Kamer van toezicht 's-Hertogenbosch SHE/2013/23
- Datum publicatie: 16-09-2013
- Datum uitspraak: 16-09-2013
- ECLI:NL:TNOKSHE:2013:10
Deels niet-ontvankelijk en voor het overig ongegronde klacht. Ten aanzien van de hoogte van de declaratie van de notaris tot een bedrag van € 10.000,00 kan de kamer niet oordelen. Dit deel van de klacht is niet-ontvankelijk. De notaris heeft zijn werkzaamheden als vereffenaar serieus genomen. Hij mocht van de eveneens benoemde rechter-commissaris geen stukken aan partijen versturen en heeft dat ook niet gedaan. Schending van geheimhoudingsplicht door ter onderbouwing toevoegen van een stuk van klagers aan de boedelbeschrijving voor de rechter-commissaris is niet aan de orde. De notaris valt geen tuchtrechtelijk verwijt te maken.
-
ECLI:NL:TNOKSHE:2013:9 Kamer van toezicht 's-Hertogenbosch SHE/2013/3
- Datum publicatie: 16-09-2013
- Datum uitspraak: 16-09-2013
- ECLI:NL:TNOKSHE:2013:9
Ongegronde klacht. De notaris B heeft zich laten waarnemen door notaris A. Handelingen van notaris A kunnen notaris B niet worden verweten. Notaris A wordt verweten onvoldoende onderzoek te hebben verricht bij het passeren van de akte van levering van een pand. Notaris A heeft de gebruikelijke recherche verricht en is niet gestuit op een niet in de openbare registers van het Kadaster ingeschreven koopovereenkomst tussen klaagster en een eerdere verkoper van het pand. De notaris A valt geen tuchtrechtelijk verwijt te maken.
-
ECLI:NL:TNOKSHE:2013:11 Kamer van toezicht 's-Hertogenbosch SHE/2013/10
- Datum publicatie: 16-09-2013
- Datum uitspraak: 16-09-2013
- ECLI:NL:TNOKSHE:2013:11
Gedeeltelijk gegronde klacht. De notaris wordt geen tuchtrechtelijke maatregel opgelegd. Gebrekkige communicatie tussen notaris en degene die opdracht heeft gekregen tot de verkoop van een woning, behorende tot de boedel in een nalatenschap. De notaris heeft opdracht gegeven tot het opmaken van een koopovereenkomst en heeft deze werkzaamheden vervolgens gefrustreerd door hiervoor niet de benodigde gegevens aan klager te verstrekken.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 199
- Pagina: 200
- Pagina: 201
- ...
- Pagina: 304
- Volgende pagina zoekresultaten