Zoekresultaten 1401-1410 van de 3038 resultaten

  • ECLI:NL:TNORARL:2015:98 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden AL/2014/68

    De akten zijn gepasseerd op 9 februari 2012. Op dat moment was het Reglement Royementen reeds enige tijd in werking getreden. Op het moment van indiening van de klacht was de termijn van drie maanden als bedoeld in artikel 2 van het reglement – waarin is bepaald dat royement dient plaats te vinden binnen drie maanden na het passeren van de akte waarvoor het royement was vereist - verstreken. De kamer is daarom van oordeel dat het verwijt van klager dat de kandidaat-notaris heeft nagelaten het royement van de oorspronkelijke hypotheek te bewerkstelligen, terecht is te achten. De kandidaat-notaris had, gelet op de hierboven aangehaalde bepaling van het reglement dienen zorg te dragen dat bedoelde onherroepelijke volmacht voorhanden was. Feiten of omstandigheden op grond waarvan de kandidaat-notaris in dit geval genoegen mocht nemen met de toezegging van de bank tot doorhaling als gegeven bij de brief van 9 februari 2012, zijn niet gesteld en niet gebleken.

  • ECLI:NL:TNORARL:2015:99 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden AL/2014/86

    Het had op de weg van de notaris gelegen om klager te wijzen op het bestaan van een kettingbeding en te onderzoeken of daaruit voor klager een verplichting tot betaling van parklasten voortvloeide. Het feit dat klager ook actie had kunnen ondernemen, ontslaat de notaris derhalve niet van zijn verplichting in dezen. Indien tijdens de passeerafspraak nog geen duidelijkheid blijkt te bestaan over het al dan niet verschuldigd zijn van parklasten, dient de notaris voor te stellen de levering uit te stellen om alsnog helderheid te verkrijgen.

  • ECLI:NL:TNORARL:2015:100 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden AL/2014/91

    Van de notaris mocht verwacht worden dat hij aan klaagster duidelijk kenbaar zou maken dat bij de laatste transactie afgeweken zou worden van de eerder overeengekomen en telkens gehanteerde verdeelsleutel van de opbrengst en dat hij zich er zorgvuldig van zou vergewissen dat klaagster akkoord ging met die afwijkende verdeelsleutel.

  • ECLI:NL:TNORARL:2015:97 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden AL/2014/96

    De Kamer acht het klachtwaardig dat de notaris er geen blijk van heeft gegeven met klagers zorgvuldig te hebben besproken dat de cessie van de huurpenningen zou vervallen, indien juist is dat de akte zo moet worden opgevat dat geen cessie van huurpenningen heeft plaatsgevonden. De notaris heeft dit echter nagelaten en om deze reden dienen de werkzaamheden van de notaris ter voorbereiding van de akte, afgezien van de vraag of bedoelde cessie hiermee nu wel of niet rechtsgeldig is overgedragen, aangemerkt te worden als onvoldoende zorgvuldig. De gemachtigde van [A] heeft concrete vragen gesteld over de akte op het punt van de cessie van de huurpenningen. Indien de notaris zich na de e-mail van de gemachtigde van [A] had verdiept in de akte had hij wellicht op dat moment de onduidelijkheid gezien. Op dat tijdstip waren er herstelmogelijkheden. Een dergelijk overleg en/of, als mogelijke uitkomst daarvan, het passeren van een nieuwe akte van cessie of een herstel akte die kan worden opgemaakt wanneer de oorspronkelijke akte niet blijkt overeen te stemmen met de bedoeling van betrokkenen, maakt naar het oordeel van de kamer in dit geval deel uit van de zorg die een goed notaris heeft te betrachten ten opzichte van degenen waarvoor hij optreedt.

  • ECLI:NL:TNORARL:2016:53 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/301003 / KL RK 16/39

    Er is geen regel waaruit blijkt dat de waarneming door de notaris slechts ziet op het passeren van akten ten kantore van de waargenomen notaris. De zware waarneming ziet op het geheel van werkzaamheden ten kantore van de notaris. De stelling van klager, met verwijzing naar de uitspraak van het gerechtshof van 19 maart 2013, dat ten onrechte tot declaratie is overgegaan omdat het geen ten kantore van klager verrichte werkzaamheden betreft, leidt niet tot het oordeel dat sprake is van klachtwaardig handelen. Het door klager geciteerde deel uit de door hem genoemde uitspraak ziet met name op de vraag hoe in dat geval moet worden omgegaan met reisuren. Een strikte regel dat alleen ten kantore van de waargenomen notaris gewerkte uren kunnen worden gedeclareerd kan daar niet in worden gelezen. Dat zou ook in strijd zijn met het gegeven dat van een notaris in bepaalde situaties gevraagd kan worden op andere plaatsen dan op zijn kantoor zijn werkzaamheden te verrichten.

  • ECLI:NL:TNORARL:2016:52 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden KL RK 16 - 56

    De kamer constateert dat klaagster door de toepasselijkheid van de wettelijke verdeling in een sterke en zekere positie was geraakt, die zij vrijwel geheel zou verliezen bij ongedaanmaking daarvan. Gelet hierop, had de notaris naar het oordeel van de kamer niet zonder meer mee mogen gaan met de wens van klaagster om de wettelijke verdeling ongedaan te maken. Het had op de weg van de notaris gelegen om klaagster nadrukkelijk te wijzen op de mogelijk zeer nadelige consequenties van een dergelijke beslissing voor haar algehele juridische en financiële positie en vervolgens te controleren of zij dit had begrepen.

  • ECLI:NL:TNORARL:2015:96 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden AL/2014/164

    Uit de Memorie van Toelichting op artikel 99 lid 1 Wna volgt dat de indiening van een klacht hetzij direct, hetzij indirect, verband dient te houden met het eigen belang van degene die de klacht indient. De kamer is van oordeel dat een dergelijk verband hier ontbreekt. Klaagster, als nicht van haar tante en als haar mantelzorgster, komt op voor de belangen van haar tante. Klaagster is geen mentor en/of bewindvoerder over haar tante en is ook geen gevolmachtigde. Dit brengt mee dat klaagster hier niet namens haar tante voor de belangen van haar tante kan opkomen. Klaagster heeft toegelicht dat er een onderbewindstelling is aangevraagd. De mogelijk toekomstige positie van klaagster vormt echter geen grond haar thans in haar klacht te ontvangen. Klaagster niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2016:29 Kamer voor het notariaat Amsterdam 602201/NT 16-17 B

    Volgens klager had de notaris zelfstandig onderzoek moeten verrichten naar aanleiding van de door klager en diens advocaat aan hem verstrekte informatie dat sprake was van een vermoeden van misleiding van de hypotheeknemer door zijn ex-echtgenote. Gelet op het feit dat de notaris beschikte over een rechterlijke beschikking, een door klager ondertekende volmacht en een hypotheekopdracht van de bank, is de kamer van oordeel dat tot het passeren van de akten mocht worden overgegaan. Klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2016:30 Kamer voor het notariaat Amsterdam 607594/NT 16-32 B

    Klager verwijt de notaris onvoldoende onderzoek te hebben gedaan naar zijn wilsbekwaamheid tot het sluiten van een koopovereenkomst voor een woning. Verder zou de notaris geen acht hebben geslagen op de door klager met de verkoper gesloten overeenkomst over door verkoper achter te laten roerende zaken in de woning en heeft de notaris de leveringsakte gepasseerd terwijl klager hem erop zou hebben gewezen dat bijna al deze roerende zaken uit de woning waren verdwenen. De kamer verklaart de klacht ongegrond.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2016:31 Kamer voor het notariaat Amsterdam 604630/NT 16-26 OJ

    De notaris had in het belang van klaagster een actievere houding aan dienen te nemen in plaats van de indruk te wekken dat het betalingsprobleem van klaagster door betrokken partijen bij de koopovereenkomsten zelf diende te worden opgelost. Klacht gegrond, waarschuwing.