Zoekresultaten 1221-1230 van de 3036 resultaten

  • ECLI:NL:TNORARL:2017:50 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/321411 KL RK 17-66

    Klagers verwijten de notaris dat zij geen bezwaar heeft gemaakt tegen de WOZ-beschikking van 2011 van het huis van moeder, terwijl de notaris dit wel had toegezegd. Nu de notaris dit heeft nagelaten, hebben klagers over een te hoge waarde van de woning successierechten betaald. Tijdens de procedure is vast komen te staan dat klagers in ieder geval in 2013 bekend waren met het feit dat de notaris geen bezwaar had ingediend tegen de WOZ-beschikking 2011. Nu klagers hierover pas in 2017 hebben geklaagd, is de termijn van drie jaar genoemd in artikel 99 lid 15 Wna verstreken. De kamer verklaart klagers op dit klachtonderdeel niet ontvankelijk. Daarnaast stellen klagers dat door nalatigheid van de notaris, zij niet de gewenste informatie van ING hebben gekregen. Klagers hebben hier eerder over geklaagd bij de kamer. Deze klacht is behandeld door de kamer voor het notariaat in het ressort Amsterdam en heeft ertoe geleid dat tussen de notaris en klagers is afgesproken dat de notaris aan klagers een machtiging zou verstrekken om informatie op te vragen bij ING. Klagers zouden hun klacht intrekken, nadat de notaris de gevraagde machtiging zou hebben verstrekt. De gevraagde machtiging is door de notaris opgesteld en aan klagers toegezonden. Gelet op het voorgaande constateert de kamer dat al eerder is geoordeeld over dit klachtonderdeel. Derhalve verklaart de kamer klagers op grond van het ne-bis-in-idem- beginsel niet ontvankelijk met betrekking tot dit klachtonderdeel. Voorts verzoeken klagers de kamer om een overgelegde specificatie van de declaratie van de notaris te bekijken. Klagers wijzen op het feit dat er meerdere handschriften op de specificatie staan, er veranderingen zijn aangebracht en er stukken zijn gewist. Daarnaast wijzen zij op het honorarium van een gedefungeerd notaris. Met betrekking tot de door klagers gedane constateringen dat er meerdere handschriften op de specificatie staan, er veranderingen zijn aangebracht en er stukken zijn gewist, is naar het oordeel van de kamer niet gebleken dat de notaris klachtwaardig heeft gehandeld, omdat met de genoemde constateringen door de notaris geen afbreuk wordt gedaan aan de in artikel 55, lid 1 Wna opgenomen verplichting. De klacht wordt op dit punt ongegrond verklaard. Ingevolgde artikel 55, lid 2 Wna is de geschillencommissie Notariaat ingesteld. Deze commissie behandelt klachten over de hoogte van een rekening van een notaris. Voor zover de klacht ziet op het honorarium van een gedefungeerd notaris, verklaart de kamer klagers derhalve niet-ontvankelijk in hun klacht. Tot slot vragen klagers zich af waarom de notaris lange tijd nodig heeft om te antwoorden op vragen van klagers. Met betrekking tot de uitbetaling van het saldo bij ING heeft de notaris naar het oordeel van de kamer voldoende voortvarend en daarom niet klachtwaardig gehandeld. Dit klachtonderdeel wordt derhalve ongegrond verklaard. Daarnaast merkt de kamer op dat uit de stukken niet is gebleken dat de notaris met betrekking tot andere kwesties niet of te traag met klagers heeft gecommuniceerd.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2017:35 Kamer voor het notariaat Amsterdam 629993/NT 17-49 O

    De notaris mocht terecht veronderstellen dat werd geleverd hetgeen was overeengekomen en dat klager zelf, al dan niet met behulp van de makelaar (die tevens administratief beheerder was van de VvE), ervoor diende te zorgen dat het feitelijk gebruik van zijn tuin in overeenstemming zou worden gebracht met de juridische situatie, hetgeen zou betekenen dat de overige bewoners niet meer via zijn tuin de bestaande in- en uitgang naar de openbare weg konden gebruiken. Geen sprake van belangenverstrengeling: dat de notaris projectnotaris was wil nog niet zeggen dat hij geen oog heeft gehad voor de belangen van klager. Bij een project als het onderhavige is het nu eenmaal (uit oogpunt van efficiëntie) gebruikelijk om alle leveringen van de woningen bij één notaris onder te brengen. Wel acht de kamer klachtwaardig dat de notaris niet tijdig heeft gereageerd op telefonische en digitale vragen van klager, hetgeen hij ook heeft erkend. De kamer legt de notaris daarvoor geen maatregel op, omdat klager het (eerdere) aanbod van de notaris heeft afgeslagen om aan de verkoper, dan wel aan de leden van de VvE de juridische situatie toe te lichten.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2017:36 Kamer voor het notariaat Amsterdam 628151/NT 17-41 P

    Het feit dat de notaris is vergeten om de vorderingen van de kinderen van klager op grond van het testament van erflaatster te vermelden, is op zich geen reden om van tuchtrechtelijk nalaten te spreken. Echter, toen klager na ontvangst van die brief vroeg om uitleg van de desbetreffende bepaling van het testament van erflaatster, had de notaris zowel klager als zijn broers en zusters de gevraagde duidelijkheid dienen te verschaffen en haar standpunt over die bepaling duidelijk moeten maken, zeker nadat de notaris nog eens op die bepaling werd gewezen door een vakgenoot. Waarschuwing.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2017:37 Kamer voor het notariaat Amsterdam 628848/NT 17-45 P

    Klacht over declaratie. Ex-echtgenote van klager werkt bij de notaris en heeft minder notariskosten betaald dan klager. Klager meent dat zij gelijk moeten delen in die kosten. Ook vindt klager het oneerlijk dat zijn ex-echtgenote, die na de scheiding bij hem in de gemeenschappelijke woning is blijven wonen, niet deelt in de woonkosten. De kamer verklaart de klacht ongegrond. Klager moet via de mediator afspraken maken over de woonlasten. Het stond de kandidaat-notaris vrij om aan de ex-echtgenote korting te geven, ook al was het niet handig om bij de declaratie aan klager geen uitleg te geven over de extra korting die aan zijn ex-echtgenote was gegeven.

  • ECLI:NL:TNORARL:2017:45 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden 2017/61

    Door het handelen van de notaris zijn de belangen van derden en het vertrouwen van de maatschappij, dat aan het notariaat toevertrouwde gelden in veilige handen zijn, in ernstige mate geschaad. Daarnaast is sprake geweest van het door de notaris onjuist weergeven van de financiële posities in DiginBFT en van een negatieve bewaringspositie. Met zijn handelen heeft de notaris er blijk van gegeven dat hij niet heeft begrepen wat er van een goed notaris wordt verwacht en is sprake geweest van een opeenstapeling van ernstig verwijtbaar handelen van de notaris. Ontzetting uit het ambt van notaris.

  • ECLI:NL:TNORAMS:2017:34 Kamer voor het notariaat Amsterdam 624818 / NT 17-20 B en 624819 / NT 17-21 B

    Indien de klacht wordt ingediend na verloop van drie jaren na de dag waarop de klager kennis heeft kunnen nemen of redelijkerwijs kennis heeft kunnen nemen van het handelen of nalaten van de notaris waarop de klacht betrekking heeft, wordt de klacht door de voorzitter niet-ontvankelijk verklaard. De beslissing tot niet-ontvankelijkverklaring blijft achterwege indien de gevolgen van het handelen of nalaten redelijkerwijs pas nadien bekend zijn geworden. In dat geval verloopt de termijn voor het indienen van een klacht een jaar na de datum waarop de gevolgen redelijkerwijs als bekend geworden zijn aan te merken. Klaagster was bij het passeren van de akte van levering van 2 oktober 2007 aanwezig en heeft de akte van 2 oktober 2007 zelf ondertekend. De notaris heeft onweersproken gesteld dat hij deze akte vervolgens aan klaagster heeft toegestuurd. In het slot van deze akte is vermeld dat klaagster en de verkoper hebben verklaard van de inhoud van de akte te hebben kennisgenomen en met de beperkte voorlezing van de akte in te stemmen. In de leveringsakte van 2 oktober 2007 zelf wordt verwezen naar de akte wijziging splitsing in appartementsrechten van 30 september 2005 (pag. 7) en de akte tot levering houdende kwijting voor de betaling van de koopprijs van 5 april 2007 (pag. 2). Feiten of omstandigheden waaruit zou volgen dat klaagster niet redelijkerwijs kennis heeft kunnen nemen van de inhoud van deze akte(n) zijn niet aannemelijk geworden. Onder deze omstandigheden komt klaagster derhalve geen beroep toe op de uitzonderingsclausule van artikel 99 lid 15 Wna en heeft de voorzitter terecht overwogen dat klaagster niet-ontvankelijk is.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2017:25 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-67

    Wraking plaatsvervangend voorzitter van de Kamer.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2017:26 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-28 en 17-30

    Klaagster verwijt de kandidaat-notarissen dat zij te traag hebben gehandeld in de afwikkeling van de nalatenschap van erflater. Zij hebben als vereffenaar te weinig zelf de regie in het dossier gehouden. Er is te weinig gecommuniceerd naar klaagster. De kandidaat-notarissen hebben niet zorgvuldig gehandeld als vereffenaar c.q. feitelijk uitvoerder en hebben de belangen van de erfgenamen niet afdoende behartigd.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2017:27 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-29

    De Kamer vat de klachtonderdelen samen dat de kandidaat-notaris niet de eindverantwoordelijkheid op zich heeft genomen die van hem als leidinggevende van een notariskantoor mag worden verwacht.

  • ECLI:NL:TNORDHA:2017:23 Kamer voor het notariaat Den Haag 17-37

    Partijen hadden zich tot de kandidaat-notaris gewend, vanwege de aan het notariaat toegedichte degelijkheid. De kandidaat-notaris wist, dan wel behoorde te weten, dat het ging om een ingewikkeld ontwikkeltraject met onzekere uitgangspunten. De kandidaat-notaris heeft echter verzuimd de meer reguliere en daartoe gebruikelijke ontwikkelovereenkomst te gebruiken, dan wel de kandidaat-notaris heeft nagelaten om partijen te informeren dat het traject wellicht een verdergaande juridische vastlegging behoefde door een specialist op dit gebied. In plaats daarvan heeft de kandidaat-notaris de belangrijke projectafspraken in de akte van levering vastgelegd. De onduidelijkheden en interpretatiegeschillen die daarmee zijn ontstaan met betrekking tot de intenties van partijen, hadden voorkomen kunnen worden indien de kandidaat-notaris zijn notariële taak goed had uitgevoerd.