Zoekresultaten 1211-1220 van de 3036 resultaten
-
ECLI:NL:TNORARL:2017:48 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/322950 / KL RK 17-86 C/05/322924 / KL RK 17-85
- Datum publicatie: 21-12-2017
- Datum uitspraak: 22-11-2017
- ECLI:NL:TNORARL:2017:48
Nu geen enkele twijfel was ontstaan over het vermogen van moeder om haar wil te bepalen, was er ook geen aanleiding voor toepassing van het Stappenplan Beoordeling Wilsbekwaamheid. Niet is komen vast te staan dat er ten tijde van de wijziging van het testament aanwijzingen waren op grond waarvan de kandidaat-notaris had moeten twijfelen aan de wilsbekwaamheid van moeder, waardoor hij nader onderzoek had moeten verrichten. De notaris heeft tijdens de zitting desgevraagd verklaard dat hij zelf de e-mails heeft beantwoord, in plaats van de kandidaat-notaris, om de enkele reden dat deze aan hem gericht waren. De notaris heeft de vragen doorgeleid naar de kandidaat-notaris en vervolgens, na overleg met de kandidaat-notaris, namens hem geantwoord. De kamer acht deze handelwijze niet onzorgvuldig.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2017:25 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/63
- Datum publicatie: 15-12-2017
- Datum uitspraak: 20-11-2017
- ECLI:NL:TNORSHE:2017:25
Overdracht appartementsrecht in serviceflat, waar discussie bestaat over (verplicht) lidmaatschap van dienstenvereniging (VvD). Op nota van afrekening staat post “servicekosten” vermeld. Klaagster verwijt KN dat hij de omschrijving van deze post niet vervangt door “Bijdrage VvE en stookkosten”. Omdat niet deze nota maar de akte van levering, waarin melding is gemaakt van de bestaande problematiek rond VvD, bepalend is voor de beoordeling van de verschuldigdheid van kosten aan VvD, heeft KN in gegeven omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door de nota niet aan te passen
-
ECLI:NL:TNORSHE:2017:26 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/55
- Datum publicatie: 15-12-2017
- Datum uitspraak: 04-12-2017
- ECLI:NL:TNORSHE:2017:26
Bij testament van moeder is N als executeur benoemd. Over haar uitvaart heeft moeder bij testament bepaald dat zij haar erfgenamen de last oplegt haar crematie te regelen, haar as op een bepaalde plaats te doen uitstrooien en dat zij wenst dat er geen dienst wordt gehouden. N heeft erfgenamen pas na de crematie van moeder over haar overlijden geïnformeerd; zij is van mening dat het testament anders moet worden uitgelegd dan uit de bewoordingen daarvan blijkt. Naar oordeel van kamer is het echter niet aan de executeur, die zich in beginsel dient te houden aan de bewoordingen van het testament, noch aan de tuchtrechter, om te oordelen over de vraag of de wil van moeder al dan niet juist in het testament is weergegeven. Beoordeling van deze vraag is voorbehouden aan de civiele rechter. Opmerking verdient daarbij dat daden of verklaringen van een erflater buiten de uiterste wil slechts dan voor uitlegging van een uiterste wilsbeschikking kunnen worden gebruikt, indien die wilsbeschikking zonder die daden of verklaringen geen duidelijke zin heeft (artikel 4:46 lid 2 Burgerlijk Wetboek). De passage met betrekking tot de uitvaart is niet voor meerdere uitleg vatbaar en daaruit volgt duidelijk dat de erfgenamen zo spoedig mogelijk van het overlijden van moeder op de hoogte zouden moeten worden gesteld, opdat zij uitvoering zouden kunnen geven aan de last om de crematie regelen. Nu vast staat dat de erfgenamen pas ná de crematie over het overlijden van moeder zijn geïnformeerd, is de kamer van oordeel dat de notaris tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Berisping. Overige klachtonderdelen m.b.t. beschrijving (in)boedel, niet aantreffen van (afscheids)brieven en onderzoek naar pinopname ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORAMS:2017:38 Kamer voor het notariaat Amsterdam 598716/NT15-91 O
- Datum publicatie: 15-12-2017
- Datum uitspraak: 14-12-2017
- ECLI:NL:TNORAMS:2017:38
Klager niet-ontvankelijk in vier klachtonderdelen, voornamelijk wegens overschrijding vervaltermijn artikel 99 lid 15 Wna (oud). Het vijfde klachtonderdeel is ongegrond wegens onvoldoende onderbouwing.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2017:20 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/20
- Datum publicatie: 14-12-2017
- Datum uitspraak: 20-11-2017
- ECLI:NL:TNORSHE:2017:20
Bungalowpark geeft notaris opdracht om opzegging van recht van erfpacht en opstal in te schrijven in de registers. Nu de notaris niet bij de opzegging door het bungalowpark betrokken is geweest, was het niet aan hem om de gronden van de opzegging te toetsen en behoefde niet van hem te worden verwacht dat hij klagers zou informeren over de financiële gevolgen en de verdere afwikkeling van de opzegging. Wel diende de notaris na te gaan of het bungalowpark de formaliteiten m.b.t. de opzegging in acht had genomen, aan welke verplichting hij heeft voldaan. Nu de notaris onweersproken heeft gesteld dat het deurwaardersexploit aan klagers is betekend op het adres waar zij op dat moment volgens de BRP stonden ingeschreven, is de kamer van oordeel dat hij er inderdaad van uit mocht gaan dat klagers op de hoogte waren van de opzegging. Van de notaris behoefde daarom niet te worden verlangd dat hij klagers voorafgaand aan de in opdracht van het bungalowpark uit te voeren inschrijving van de opzegging hierover zelf zou informeren. Dat klagers, zoals zij stellen, niet op de hoogte waren van de opzegging komt voor hun risico. Gelet op de verstrekkende nadelige gevolgen van de opzegging en het feit dat klagers niet op de eerste brief van de notaris hadden gereageerd, is de kamer wel van oordeel dat het wellicht beter was geweest als de notaris zijn volgende brief per aangetekende post aan klagers had toegezonden om zich ervan te vergewissen dat deze hen had bereikt. Dat hij dat in deze situatie niet heeft gedaan, acht de kamer echter niet klachtwaardig. Klacht ongegrond.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2017:21 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/59 en 67
- Datum publicatie: 14-12-2017
- Datum uitspraak: 20-11-2017
- ECLI:NL:TNORSHE:2017:21
Klachten over onjuistheden in akte van boedelbeschrijving niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijding klachttermijn (overweging ten overvloede: ook ne bis in idem)
-
ECLI:NL:TNORSHE:2017:22 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/53
- Datum publicatie: 14-12-2017
- Datum uitspraak: 20-11-2017
- ECLI:NL:TNORSHE:2017:22
Beoordeling wilsbekwaamheid 97-jarige erflaatster (tante). Nadat N testament in lijn met eerder testament op klein onderdeel had gewijzigd (in bijzijn van begunstigde neef en zonder tante onder vier ogen te spreken), heeft hij haar enkele dagen later op eigen initiatief onaangekondigd ’s-morgens thuis bezocht om na te vragen of het inderdaad haar bedoeling was dat het grootste deel van haar nalatenschap naar de neef zou gaan. Vervolgens heeft N tante aan het einde van de middag opnieuw thuis bezocht en heeft hij een akte gepasseerd waarbij zij de erfstelling ingrijpend heeft gewijzigd. Naar oordeel van kamer past het een N niet om enkele dagen na het wijzigen van een testament alleen en onaangekondigd een huisbezoek te brengen aan een hoogbejaarde testateur/testatrice om na te vragen of het testament wel juist is. N had erop bedacht moeten zijn dat tante zich door een dergelijk bezoek van een notaris overvallen zou voelen. Mede gezien de hoge leeftijd van tante, haar door N kennelijk eerder bespeurde aarzeling en het feit dat hij ermee bekend was dat zij haar financiële belangen niet meer zelf kon behartigen, acht de kamer het tuchtrechtelijk ernstig verwijtbaar dat hij vervolgens nog diezelfde middag, zonder medisch advies in te winnen over de geestesgesteldheid van tante en zonder zich daarbij te laten vergezellen van (een) getuige(n), een akte heeft gepasseerd als gevolg waarvan het testament van tante zeer ingrijpend werd gewijzigd. Berisping, waarbij kamer mede in aanmerking heeft genomen dat het gerechtshof Amsterdam aan N eerder (maar na het passeren van de testamenten van tante) de maatregel van een berisping heeft opgelegd omdat hij, hoewel daarvoor meer dan voldoende indicatoren aanwezig waren, had nagelaten zich op toereikende wijze te overtuigen van de wilsbekwaamheid van een (andere) cliënt. Dit betreft een wezenlijk onderdeel van zijn taak als notaris en raakt de kern van zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid, aldus het gerechtshof. Dat de notaris er ter zitting van de kamer geen blijk van heeft gegeven dat hij zijn handelwijze als gevolg van die beslissing inmiddels daadwerkelijk heeft aangepast, rekent de kamer hem mede aan.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2017:23 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/54
- Datum publicatie: 14-12-2017
- Datum uitspraak: 20-11-2017
- ECLI:NL:TNORSHE:2017:23
Klagers hebben eerder klacht tegen deze N ingediend. Zij hebben geen hoger beroep ingesteld tegen beslissing kamer n.a.v. die klacht (niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijding klachttermijn). In deze nieuwe klacht verwijten zij N onder meer dat hij in zijn verweerschrift in de eerdere procedure een feitelijk onjuiste mededeling heeft gedaan, waardoor hij de kamer onjuist heeft voorgelicht. In tweede klachtprocedure erkent N dat deze mededeling niet juist was, maar volgens hem berustte deze mededeling op een onjuiste lezing/interpretatie van zijn gemachtigde van de gegevens die hij n.a.v. eerste klacht aan zijn gemachtigde had verstrekt. N is niet “aangeslagen” op onjuiste formulering in concept-verweerschrift, waardoor deze is blijven staan in verweerschrift dat aan kamer is toegezonden. Gelet op die toelichting gaat de kamer ervan uit dat de mededeling inderdaad berust op een misinterpretatie van de gemachtigde en dat het niet de bedoeling was om de kamer op dat punt onjuist voor te lichten. Het had weliswaar op de weg van N gelegen om gemachtigde op onjuistheid te wijzen, maar in de gegeven omstandigheden acht de kamer het niet tuchtrechtelijk verwijtbaar dat N dat heeft nagelaten. Klacht verder niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijden klachttermijn.
-
ECLI:NL:TNORSHE:2017:24 Kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch SHE/2017/52
- Datum publicatie: 14-12-2017
- Datum uitspraak: 20-11-2017
- ECLI:NL:TNORSHE:2017:24
Inschrijving registerverklaring als bedoeld in art. 3:17 lid 1 sub a BW jo. art. 26 Kadasterwet na buitengerechtelijke vernietiging van koopovereenkomst m.b.t. onroerende zaken wegens bedrog, althans dwaling. Klacht deels niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijding klachttermijn. Overigens ongegrond omdat N, mede gelet op advies van Notarieel Bureau, in gegeven omstandigheden niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld door (nog) niet over te gaan tot wijziging van de wijze waarop de betreffende onroerende zaken in de openbare registers zijn ingeschreven.
-
ECLI:NL:TNORARL:2017:46 Kamer voor het notariaat Arnhem-Leeuwarden C/05/19030 KL RK 17-45 C/05/19032 KL RK 17-46
- Datum publicatie: 01-12-2017
- Datum uitspraak: 13-10-2017
- ECLI:NL:TNORARL:2017:46
Klager verwijt de notarissen dat zij hebben meegewerkt aan een schenking van vader aan zijn kinderen, terwijl de notarissen wisten dat na de schenking vader onvoldoende vermogen overhield om een vordering op hem die opeisbaar zou worden na zijn overlijden te voldoen. De werkzaamheden en de advisering ten aanzien van de schenking zijn verricht door de kandidaat-notaris, terwijl de klacht zich richt tegen de notarissen. De notarissen zijn niet betrokken geweest bij het handelen waarover klager zich beklaagt. Het handelen van de kandidaat-notaris is zelfstandig aan het tuchtrecht onderworpen. De kamer komt tot het oordeel dat ten aanzien van de notarissen geen sprake is van verwijtbare gedragingen. De klacht wordt derhalve ongegrond verklaard.
- Vorige pagina zoekresultaten
- Pagina: 1
- ...
- Pagina: 121
- Pagina: 122
- Pagina: 123
- ...
- Pagina: 304
- Volgende pagina zoekresultaten