Zoekresultaten 2681-2690 van de 4328 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:153 Raad van Discipline Amsterdam 25-447/A/A

    Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ne bis in idem beginsel en het ontbreken van een rechtstreeks eigen belang en voor het overige kennelijk ongegrond omdat niet gebleken is dat verweerder in zijn bijstand aan zijn cliënt de grenzen van het betamelijke heeft overschreden.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:154 Raad van Discipline Amsterdam 25-424/A/A 25-425/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de advocaat van de wederpartij is kennelijk ongegrond. Voor zover klagers hebben aangevoerd dat de betekening door hen als intimiderend is ervaren, stelt de voorzitter vast dat deze vermeende intimidatie niet nader door hen is geconcretiseerd. Het is de voorzitter op grond van de inhoud van de stukken ook overigens niet gebleken dat de belangen van klagers als gevolg van het handelen door verweersters onredelijk of onevenredig zouden zijn geschaad. Daarnaast hebben verweersters naar het oordeel van de voorzitter gemotiveerd aangevoerd dat er gegronde redenen voor hen bestonden om het vonnis (ook) aan klagers te betekenen. De voorzitter is van oordeel dat verweersters hebben gehandeld binnen de aan hen toekomende vrijheid als advocaat van de wederpartij. Van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen is geen sprake.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:155 Raad van Discipline Amsterdam 25-003/A/A/D

    Raadsbeslissing. De raad verklaart het dekenbezwaar gegrond. Verweerder heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld door de kernwaardes kwaliteit/deskundigheid en (financiële) integriteit te schenden. Bij het bepalen van de hoogte van de maatregel neemt de raad ook in aanmerking wat is overwogen en beslist in de klachtzaken die tegelijk met het onderhavige dekenbezwaar bij de raad aanhangig waren. Gezien de aard, de ernst en de omvang van dit dekenbezwaar en van de (gegrond bevonden) klachten, in samenhang met eerdere tuchtrechtelijke veroordelingen, en gelet op het vertrouwen dat in de advocatuur moet kunnen worden gesteld, is de raad van oordeel dat schrapping van het tableau van verweerder dient te volgen.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:174 Hof van Discipline 's Gravenhage 250294

    Beklag artikel 13 ongegrond. De advocaat die klaagster bijstond, moet wegens ziekte terugtreden en heeft een opvolger gezocht en gevonden. Het staat klaagster vrij om niet met die opvolger akkoord te gaan, maar dat betekent nog niet dat de deken nu een advocaat moet aanwijzen die aan de wensen van klaagster moet voldoen. Daarbij is ook niet gebleken dat klaagster zelf heeft geprobeerd een advocaat te vinden.

  • ECLI:NL:TGZCTG:2025:150 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2024/2513

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De zoon van klagers is begin 2021 door suïcide overleden. Hij was bekend met depressieve klachten. Klagers stellen dat de huisarts hun zoon in de periode voorafgaand aan de suïcide adequate hulp en medische behandeling heeft onthouden en hem ten onrechte niet naar de specialistische GGZ heeft verwezen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klagers tegen deze beslissing.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:183 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-123/DH/RO

    Raadsbeslissing. Verweerster is tekortgeschoten in haar communicatie met en bijstand aan klager. Zij heeft klager, zelfs na uitdrukkelijk verzoek daartoe, niet op de hoogte gebracht c.q. gehouden van de stand van zaken in de procedure. Hierdoor was klager er niet van op de hoogte dat en wanneer het hof arrest zou wijzen en dat er geen mondelinge behandeling plaatsvond. Ook kan niet worden vastgesteld dat verweerster het arrest van het hof aan klager heeft verzonden. Voorwaardelijke schorsing van twee weken.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:184 Raad van Discipline 's-Gravenhage 24-954/DH/DH 24-955/DH/DH

    Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSHE:2025:127 Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 25-502/DB/OB 25-503/DB/OB

    Voorzittersbeslissing. Klacht over de eigen advocaten in een familierechtelijk geschil. Verweerders hebben klager voldoende geïnformeerd over de risico’s van problemen binnen de familie op de benoeming van een bewindvoerder en mentor uit familiale kring en hebben het standpunt van klager op adequate wijzen aar voren gebracht. Dat de rechter hen daarin niet is gevolgd, is iets wat verweerders niet kan worden aangerekend. Niet gebleken dat verweerders zich onvoldoende voor klagers belangen heeft ingezet. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:200 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-464/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. Klaagster/ Stichting is kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een eigen belang bij de klacht. Klager heeft gesteld dat hij als natuurlijk persoon over verweerder klaagt, niet in enige hoedanigheid, maar dat hij door verweerder als bestuurslid/voorzitter van het bestuur van klaagster op negatieve wijze in de schijnwerpers is gezet door uitlatingen van verweerder in een artikel. Naar het oordeel van de voorzitter heeft klager een evident eigen belang bij de klacht over verweerder zodat hij daarin wordt ontvangen. Naar het verdere oordeel van de voorzitter kunnen de door verweerder over klager gedane uitlatingen in het FD artikel objectief bezien niet als onnodig grievend worden gekwalificeerd. Klager is in het artikel aangesproken op zijn hoedanigheid van advocaat in het dagelijks leven, maar heeft uitdrukkelijk niet als advocaat over verweerder geklaagd. Na plaatsing van het artikel heeft de gemachtigde van klagers de feitelijke gang van zaken uitgelegd en verweerder verzocht om tot rectificatie over te gaan. Verweerder heeft hierop gereageerd en uitgelegd dat en waarom de krant en hijzelf niet bereid zijn om aan een rectificatie mee te werken. Verweerder heeft de gemachtigde voorgesteld om zelf een interview aan de krant te geven. Dat klager dit heeft gedaan, is uit de stukken niet gebleken. Evenmin is gebleken dat verweerder met zijn optreden de belangen van klager onnodig of onevenredig zonder doel heeft geschaad. Verweerder heeft als partijdige advocaat de belangen van zijn cliënt voorop gesteld maar heeft daarbij voldoende oog gehad voor de gerechtvaardigde belangen van klager. Klacht van klager kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:201 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-456/AL/NN

    Voorzittersbeslissing. Klaagster beklaagt zich over een belangenconflict door verweerder. De klacht is te laat door klaagster ingediend. Het beroep op een verschoonbare termijnoverschrijding faalt. Niet-ontvankelijk.