Zoekresultaten 2621-2630 van de 4328 resultaten

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:92 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/758258 / DW RK 24/365 EdV/WdJ

    Niet inhoudelijk op brieven van klaagster gereageerd. Klacht gegrond, maatregel van waarschuwing opgelegd.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:208 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-063/AL/NH

    Raadsbeslissing. De raad verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:93 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/765658 / DW RK 25/68 EdV/WdJ

    Beslissing op verzet ongegrond. De gerechtsdeurwaarder heeft niet tuchtrechtelijk laakbaar gehandeld door het ten laste van klager uitgevaardigde dwangbevel te executeren.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:209 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-465/AL/MN

    Voorzittersbeslissing. Alleen de persoon of de rechtspersoon die door het handelen of nalaten van een advocaat direct in zijn belang wordt of kan worden getroffen, heeft het recht om hierover een klacht in te dienen. Dit staat in de Advocatenwet. Als het in het algemeen belang is dat er een tuchtprocedure komt, dan heeft de deken het recht om te klagen. Uit de stukken in het klachtdossier is niet gebleken dat klaagster de cliënte van verweerder is geweest en ook niet dat zij de wederpartij van een cliënt van verweerder is geweest. Ook verder is niet gebleken dat klaagster een eigen rechtstreeks belang heeft bij deze klacht. Op grond van het vorenstaande zal de voorzitter de klacht dan ook kennelijk niet-ontvankelijk verklaren. Aan een inhoudelijke beoordeling van de klacht komt de voorzitter dan ook niet toe.

  • ECLI:NL:TGDKG:2025:94 kamer voor gerechtsdeurwaarders Amsterdam C/13/768475 / DW RK 25/142 EdV/WdJ

    Beslissing op verzet ongegrond. De klachten van klager zien op een periode van langer dan drie jaar geleden, dan wel zijn in een eerdere klachtprocedure behandeld.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:210 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-513/AL/OV

    Voorzittersbeslissing. Vanuit haar taak als klachtonderzoeker kon en mocht verweerster als deken na bestudering van de stukken aan klager informatie opvragen en hem ook vragen of hij de juiste advocaat had beklaagd. Na de bevestiging van klager dat hij mr. H wilde beklagen, heeft verweerster het onderzoek naar de klacht van klager over mr. H volgens de geldende dekenale richtlijnen in behandeling genomen. Van partijdigheid, sturing of beïnvloeding van deze klachtprocedure van klager door verweerster is de voorzitter uit de stukken ook verder niet gebleken. Nu verweerster tuchtrechtelijk geen verwijt treft, zal de voorzitter de klacht van klager kennelijk ongegrond verklaren.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:211 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 25-515/AL/OV

    voorzittersbeslissing met klacht tegen een deken. Klager heeft de deken erop gewezen dat een geschrapte advocaat zich online nog als advocaat presenteerde. De deken heeft daar op zorgvuldige wijze op gereageerd en, onverplicht, actie in ondernomen en klager op de hoogte gesteld. Na uitblijven van reactie van die advocaat heeft de deken de kwestie bij de Nederlandse Orde van Advocaten neergelegd, die die taak ook diende uit te voeren. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:180 Hof van Discipline 's Gravenhage 250236

    Beklag artikel 13 ongegrond. Onvoldoende kans van slagen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2025:206 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 24-953/AL/OV

    Verzetbeslissing. De raad verklaart het verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TAHVD:2025:181 Hof van Discipline 's Gravenhage 230206

    Klager verwijt verweerder dat hij in zijn hoedanigheid van deken heeft geweigerd onderzoek te doen naar door klager tegen drie advocaten en hun kantoor ingediende klachten. Deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond. Artikel 46g lid 1 sub a Advocatenwet is geen verjaringstermijn, maar een vervaltermijn, die ambtshalve door de tuchtrechter wordt toegepast. Alleen onder (zeer) bijzondere omstandigheden kan een overschrijding van de klachttermijn verschoonbaar zijn.