Zoekresultaten 2561-2570 van de 5622 resultaten

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:224 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2024/7797

    Klacht tegen anesthesioloog over eenmalig contact tijdens afwezigheid van behandelend collega (zaaknummer A2024/7796). Klaagster stelt in dat gesprek niet ingestemd te hebben met Pulsed Radio Frequency behandeling, die later heeft plaatsgevonden, maar inhoud dossier wijst op het tegendeel. Onjuistheid in verslag over meegeven folder niet verwijtbaar, omdat klaagster de folder al eerder had ontvangen. Het (aanzienlijk) later toezenden van verslag aan huisarts van klager is onwenselijk, maar niet verwijtbaar. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:169 Raad van Discipline Amsterdam 25-516/A/A

    Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over verweerder in zijn hoedanigheid van partij-deskundige. Er zijn duidelijke aanknopingspunten tussen het beroep van advocaat en verweerders werkzaamheden als partij-deskundige. Verweerder heeft zijn advies afgegeven op briefpapier van het advocatenkantoor waaraan hij is verbonden met een briefhoofd waarop hij als ‘advocaat/partner’ wordt aangeduid. Bovendien heeft verweerder zijn brief geopend met de opmerking dat hij advocaat is. Gelet hierop is het advocatentuchtrecht volledig van toepassing. Inhoudelijk is niet gebleken dat verweerder gedragsregel 8 heeft geschonden.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:62 Accountantskamer Zwolle 25/2135 Wtra AK

    Klacht is kennelijk niet-ontvankelijk, omdat betrokkene ten tijde van de verweten gedragingen niet als registeraccountant of accountant-administratieconsulent in het NBA-register stond ingeschreven.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2025:225 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8077

    Klacht tegen anesthesioloog die op de intensive care in de dagen voor het overlijden van de echtgenote van klager bij de behandeling betrokken was. Niet gebleken dat anesthesioloog zich daags voor het overlijden te positief heeft uitgelaten over herstelmogelijkheden. Niet ingegaan op vraag naar euthanasie, omdat dat geen optie was. Kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TACAKN:2025:63 Accountantskamer Zwolle 25/2325 Wtra AK

    Klacht is kennelijk niet-ontvankelijk, omdat de klachtonderdelen in de onderhavige procedure zien op klachtonderdelen die reeds onderwerp van geschil zijn geweest in de eerdere procedure bij de Accountantskamer of zodanig onderling zijn verweven met de klachten en feiten die in die eerdere procedure aan de Accountantskamer zijn voorgelegd dat deze klachten, gelet op het ne bis in idem beginsel, niet nogmaals het voorwerp van berechting kunnen vormen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:170 Raad van Discipline Amsterdam 25-496/A/NH

    Voorzittersbeslissing; kennelijk ongegronde klacht over de advocaat wederpartij. Verweerder mocht afgaan op de juistheid van de mededelingen van zijn cliënt en hoefde de juistheid ervan niet te verifiëren.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:171 Raad van Discipline Amsterdam 25-494/A/A

    Voorzittersbeslissing; klacht over de advocaat wederpartij gedeeltelijk kennelijk ongegrond en gedeeltelijk kennelijk niet-ontvankelijk. Niet gebleken is dat verweerder zich schuldig heeft gemaakt aan smaad en laster. Evenmin heeft verweerder verwijtbaar gehandeld door aangifte te doen tegen klager. Dat staat eenieder vrij. Het is vervolgens - uitsluitend - aan het openbaar ministerie om aan de hand van de aangifte verder onderzoek te doen. Voor de tuchtrechter is daarin geen taak weggelegd. De tuchtrechter beperkt zijn oordeel tot de vraag of (evident) gebleken is dat door verweerder valse aangifte is gedaan of dat de aangifte als ongeoorloofd pressiemiddel zonder functioneel verband tussen het doel en het middel is gedaan (RvD Den Haag 5 augustus 2024, ECLI:NL:TADRSGR:2024:137). Daarvan is geen sprake. Voor zover de klacht gaat over de dienstverlening van verweerder aan zijn cliënt, geldt dat klager hierdoor niet rechtstreeks in zijn belang wordt getroffen.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:165 Raad van Discipline Amsterdam 23-870/A/NH

    Klacht tegen advocaat wederpartij. Hernieuwde behandeling na terugwijzing door het Hof van Discipline (ECLI:NL:TAHVD:2024:292). Na zijn echtscheiding hebben klager en zijn ex-vrouw verschillende juridische procedures tegen elkaar gevoerd. De vrouw werd daarbij bijgestaan door verweerder. Klager heeft een klacht tegen verweerder ingediend, bestaande uit negen klachtonderdelen. Twee klachtonderdelen worden deels gegrond, deels ongegrond verklaard, twee klachtonderdelen zijn gegrond en vijf klachtonderdelen ongegrond. De (deels) gegronde klachtonderdelen zien op het gebruik van stukken uit mediation zonder overleg met de wederpartij, het willens en wetens onjuist voorlichten van de rechtbank, het in de weg staan van een minnelijke oplossing en het onvoldoende in het oog houden van de belangen van klager en deze op ontoelaatbare wijze schenden. Berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2025:185 Raad van Discipline 's-Gravenhage 25-487/DH/DH

    Voorzittersbeslissing. Klacht kennelijk ongegrond omdat klager zijn vergaande, complotachtige verwijten niet concretiseert of met stukken onderbouwt.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2025:172 Raad van Discipline Amsterdam 25-497/A/NH

    Voorzittersbeslissing; klacht is kennelijk niet-ontvankelijk vanwege het ontbreken van een rechtstreeks eigen belang.