Zoekresultaten 22931-22940 van de 48142 resultaten

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:270 Raad van Discipline Amsterdam 17-485/A/NN

    Ongegrond verzet.

  • ECLI:NL:TGZRGRO:2017:36 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Groningen G2017/79

    Klacht tegen huisarts. Verweerder heeft geweigerd het medisch dossier van klager op diens verzoek te vernietigen en heeft een verzoek tot ondercuratelestelling jegens klager ondersteund, zonder met klager hierover gesproken te hebben. Klacht gegrond, berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:246 Raad van Discipline 's-Gravenhage 16-1047/DH/DH

    Schrapping naar aanleiding van dekenbezwaar. Eindbeslissing na tussenbeslissing d.d. 13 februari 2017. De raad is van oordeel dat verweerder met het grote aantal verzoeken om een LAT-vergoeding dat hij in de onderzochte periode heeft ingediend en in welke zaken door hem niet of nauwelijks juridische werkzaamheden zijn verricht, heeft gehandeld in strijd met de op hem rustende verplichting tot financiële integriteit en misbruik heeft gemaakt van overheidsgelden. De aan dit oordeel ten grondslag liggende feiten en omstandigheden acht de raad zodanig ernstig dat zij reeds op zichzelf een schrapping rechtvaardigen.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2017:169 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-086a

    Ongegronde klacht tegen een arts. De arts heeft na onderzoek – in overleg met haar supervisor – vastgesteld welke oorzaak voor de benauwdheid het meest waarschijnlijk leek en voor het beleid gekozen, nadat andere mogelijke oorzaken zijn overwogen en gemotiveerd zijn verworpen. Niet vast komen te staan dat er op dat moment aanleiding was de situatie anders te beoordelen, de keuze om patiënte niet naar het ziekenhuis te verwijzen is verdedigbaar. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:137 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/262

    De klacht betreft de behandeling van klagers destijds twee maanden oude zoon, die na een val van de trap (in de kinderwagen) kort in het ziekenhuis wegens een commotio cerebri opgenomen is geweest. Na 10 maanden werd klagers zoontje wegens een verminderd gebruik van zijn linkerarm na een osteopatische behandeling opnieuw gepresenteerd op de afdeling SEH. Klagers verwijten de kinderarts/supervisor (tevens opgeleid in de kinderneurologie) onder andere -kort samengevat- dat klagers zoontje ten onrechte niet is opgenomen in het ziekenhuis en/of is door verwezen naar een ander ziekenhuis. Klagers zoontje is overleden. Gegrond, berisping.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:247 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-044/DH/DH

    Klagers verwijten verweerder betrokkenheid bij oplichting. Klagers hebben verweerder opdracht gegeven om werkzaamheden te verrichten en hebben hem daarvoor ook betaald. Omdat een en ander plaatsvond in een periode dat verweerder niet als advocaat op het tableau stond ingeschreven is de klacht in zoverre niet-ontvankelijk. Klagers hebben een fors bedrag betaald aan een vennootschap. De vennootschap heeft geen tegenprestatie geleverd en heeft het bedrag evenmin terugbetaald. De door klagers gestelde betrokkenheid van verweerder bij de vennootschap kan niet worden vastgesteld. De klacht is in zoverre ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2017:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2016/260

    De klacht betreft de behandeling van klagers destijds twee maanden oude zoon, die na een val van de trap (in de kinderwagen) kort in het ziekenhuis wegens een commotio cerebri opgenomen is geweest. Na 10 maanden werd klagers zoontje wegens een verminderd gebruik van zijn linkerarm na een osteopatische behandeling opnieuw gepresenteerd op de afdeling SEH. Klagers verwijten de arts (destijds huisarts in opleiding) onder andere -kort samengevat- dat klagers zoontje ten onrechte niet is opgenomen in het ziekenhuis en dat de afwijkende bevindingen van de linkerarm ten onrechte als niet-neurologisch zijn beoordeeld. Klagers zoontje is overleden. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRAMS:2017:266 Raad van Discipline Amsterdam 17-835/A/A

    Voorzittersbeslissing. Klacht over advocaat in hoedanigheid vereffenaar. Het behoort tot de taak van de vereffenaar om de nalatenschap te gelde te maken en als onderdeel daarvan de ingediende vorderingen op de nalatenschap te beoordelen en te erkennen, dan wel te betwisten. In het laatste geval dient de vereffenaar daarvan onverwijld kennis te geven aan degene die de vordering heeft ingediend, onder opgave van redenen. Om die reden heeft verweerder een e-mail aan de bewindvoerder gestuurd. Met de inhoud van die e-mail heeft verweerder het vertrouwen in de advocatuur niet geschaad. Evenmin sprake van intimidatie van de bewindvoerder. Klacht kennelijk ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2017:170 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-086b

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. Voor de overwogen differentiaal diagnoses longembolie, decompensatio cordis en exacerbatie COPD waren voor de huisarts onvoldoende aanwijzingen. Niet vast komen te staan dat er op dat moment aanleiding was de situatie anders te beoordelen dan de huisarts heeft gedaan, gelet op de informatie waarover zij kon beschikken. De keuze om patiënte niet naar het ziekenhuis te verwijzen is verdedigbaar. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2017:248 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-362/DH/DH

    Een voormalig cliënte van verweerder klaagt over hem bij de deken. Nadat de deken zijn visie op de klacht heeft gegeven, bericht de cliënte dat ze de kwestie met verweerder heeft geschikt. De deken ziet grond om de klacht niettemin als dekenbezwaar aan de raad voor te leggen. De raad stelt bij de beoordeling van het bezwaar voorop dat het aan de klager is om de (bij de deken ingediende) klacht feitelijk te onderbouwen. Nu de deken de klacht van de cliënte ambtshalve aan de raad heeft voorgelegd, is de plicht om de klacht voldoende feitelijk te onderbouwen bij hem komen te liggen. Dit brengt met zich dat, voor zover de aanvankelijke klacht onvoldoende is onderbouwd, het op de weg van de deken ligt om nader onderzoek te verrichten en zijn ambtshalve bezwaar aan de hand daarvan te onderbouwen. De deken heeft dit naar de raad onvoldoende gedaan en de raad verklaart het bezwaar ongegrond.