Zoekresultaten 21381-21390 van de 48280 resultaten

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:144 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-163

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt alle klachtonderdelen van klager tegen verweerster kennelijk ongegrond. Verweerster heeft op zorgvuldige wijze gehandeld in het alimentatiegeschil tussen klager en zijn ex-partner en heeft daarbij de grenzen van de haar, als advocaat van de wederpartij, toekomende vrijheid niet overschreden.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:70 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2018/099

    Klaagster is door verweerder (orthopeed) geopereerd, waarbij een nieuwe techniek is gebruikt. Klaagster verwijt verweerder dat hij niet voldoende kennis en kunde had om deze techniek bij haar toe te passen, waardoor zij blijvend letsel heeft opgelopen. Tevens verwijt zij hem dat hij zonder duidelijk behandelplan aan de operatie is begonnen en haar niet voldoende heeft ingelicht. Ook is verweerder tekortgeschoten in de nazorg. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:132 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-637/DH/DH

    Klager verwijt verweerder dat hij de werkgever van klager – een universiteit – bij brief van 8 september 2016 heeft aangeschreven om zich te beklagen over het optreden van klager als gemachtigde in een kantonprocedure. Volgens klager is verweerder met die brief over de schreef gegaan door daarin evident valse beschuldigingen aan het adres van klager op te nemen, namelijk: dat klager zich voordeed als advocaat, die bovendien mogelijk handelde uit naam van de universiteit. De raad is van oordeel dat er onvoldoende grond was voor de beschuldiging dat klager zich (ten onrechte) zou voordoen als advocaat. Uit de toon en inhoud van de brief van 8 september 2016 leidt de raad af dat het voornaamste doel van verweerder kennelijk was om (de reputatie van) klager te schaden. Berisping.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:91 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2017-276

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts valt niet te verwijten dat de poh in de huisartsenpraktijk de uitslag van de allergietest niet correct aan klaagster heeft doorgegeven. Er is geen aanwijzing dat deze fout de huisarts is aan te rekenen, bijvoorbeeld wegens onvoldoende instructie van de poh. Het was voorts wel beter geweest wanneer de huisarts aan klaagster had laten weten wat de vertraging was van een gesprek tussen klaagster en de huisarts, maar dit is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. Klacht afgewezen.

  • ECLI:NL:TADRARL:2018:145 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 18-192

    Voorzittersbeslissing: de voorzitter oordeelt de klacht van klager tegen advocaat wederpartij in geschil over een maatschap deels kennelijk niet-ontvankelijk, deels kennelijk ongegrond. Verweerder heeft zich aan de gemaakte afspraken over de marsroute gehouden.

  • ECLI:NL:TADRARL:2017:233 Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden 17-546

    Voorzittersbeslissing: klacht tegen eigen advocaat kennelijk ongegrond. Niet gebleken van een ongeoorloofde samenwerking tussen verweerder en de (namens klager) ingeschakelde deurwaarder. Evenmin aannemelijk dat sprake is geweest van uitbuiting van klager door verweerder door ontvangen gelden te verrekenen zoals met klager was afgesproken.

  • ECLI:NL:TAHVD:2018:121 Hof van Discipline 's-Hertogenbosch 180008

    Herstelbeslissing. In het dictum staat abusievelijk dat de beslissing van de raad van discipline in het ressort Amsterdam is bekrachtigd. Dit had het ressort 's-Hertogenbosch moeten zijn.

  • ECLI:NL:TGZRAMS:2018:71 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2017/448VP

    Klacht over behandeling door genderteam. Ongegrond.

  • ECLI:NL:TADRSGR:2018:133 Raad van Discipline 's-Gravenhage 17-657/DH/RO

    Beslissing op verzet. Verzet ongegrond.

  • ECLI:NL:TGZRSGR:2018:92 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag 2018-025a

    Ongegronde klacht tegen een huisarts. De huisarts heeft de juiste procedure ingezet omtrent het trombosebeen van klaagster. Dat de huisarts niet meteen met medicatie startte bij een licht verhoogde D-Dimeer is verdedigbaar. Nadat bleek van een trombosebeen heeft de huisarts de gebruikelijke medicatie voorgeschreven en klaagster overgedragen aan de trombosedienst. Klacht afgewezen.